Preek/Lezing

Overzicht | Zoeken | Reeksen || Vorige | Volgende
Type Datum Spreker Thema opm
preek 2010-01-24 17:00:00
ds. M.M. van Campen (Rotterdam-Zuid)
de diepte van het zesde gebod

Tekst: Schriftlezing: Geluid: Reeks:
Zondag 40 :106 1Joh 3 2010-01-24.1713.mp3 (Preek, 16kPro, 5.9Mb)
2010-01-24C.175.mp3 (Hele dienst CD kwaliteit, 48kPro, 26.8Mb)
2010-01-24T.171.mp3 (Hele dienst, 16kPro, 9.9Mb)
Catechismus

Edit| EditReeks
Samenvatting:
Vorige keer de eis van het gebod. Vanavond
de diepte van het 6e gebod

1.de wortel van de doodslag
2.de stengel; van de doodslag
3.de vrucht van de doodslag

We zijn bezig met de wet van Mozes op de Sinaï gegeven. De meeste geboden zijn negatief: gij zult niet, gij zult niet.....in het Nieuwe Testament haalt Jezus deze geboden ook aan, maar hij verscherpt en verdiept ze. Als je tegen je broer ten onrechte zegt: je bent een dwaas, dan ben je al schuldig. De Heere Jezus verrijkt het ook, door een positief gebod er tegenover te stellen. Dat ik mijn leven voor een ander ga opofferen. Niet alleen afwijzen, maar ook aanwijzen hoe het dan wèl moet. Zo heeft de Heere Jezus het bedoeld, die wet geldt voor elke christen. Niet alleen geen haat, maar positief namelijk liefde. Dat je bereid bent je tijd, aandacht en energie voor je medebroeder te geven. Wij refo's zijn vaak negativo's: we benaderen de dingen negatief. Op zondag mag je niet.....en dan komt er een hele waslijst. Je mag geen wereldse kleding aan, je niet laten inenten, geen tv, geen gezangen zingen, geen vrouw in het ambt, etc. In het Nieuwe Testament wordt de nadruk gelegd op wat je wel mag. Hoe wil de Heere dat zijn kinderen gaan leven? de Heere wil ons maken tot weldoeners die het beeld van Zijn Zoon gaan vertonen. Nee tegen de dood, maar ook ja tegen het leven. De Heere Jezus heeft zelf het voorbeeld gegeven. Hij gaf zichzelf als een goede Herder Die zijn leven aflegt voor Zijn schapen om ze te redden. Nu vraagt onze Meester niets wat hij zelf niet voorgedaan heeft. Zoals Hij zijn leven voor ons heeft afgelegd, zo behoren wij ons leven voor de broeders in te zetten, lazen we in 1 Johannes 3. Een christen is een kleine christus; we gaan op Hem lijken en Hij geeft ons daarvoor de kracht. Dat zit niet in onze aard. Toch maakt de Heere ons leven zo dat we ons voor anderen gaan inzetten. Hij legt zijn Geest in onze harten. Ik zal Mijn wet in uw binnenste leggen, Ik zal Mijn wet in uw hart schrijven. Dan gaat het van binnenuit omdat het in mijn hart gelegd is. Ik zal maken dat u in Mijn inzettingen zult wandelen. Dat komt door die nieuwe mens, waar Gods wet in het hart geschreven is. Als ik tegen een vlieg zeg: vlieg, dan doet hij dat met gemak omdat het in zijn aard ligt. Als God dat zegt tegen een nieuw mens, dan sluit dat aan bij de nieuwe natuur van de mens. Zeg ik tegen een vis: vlieg, dan kan hij dat niet omdat het niet in zijn natuur zit. Niemand kan het uit zichzelf, maar het is de Geest die dit in ons hart bewerkt.

Wat doet de Heidelberger Catechismus? Hij brengt een verscherping en een verdieping aan. Het gaat niet alleen om de daad zelf, maar ook om je gedachten. Met je hart kan je iemand vermoorden. Het gaat om je gezindheid. God spreekt al over heimelijke moord als wij nijd, haat, toorn of wraak in ons hart hebben. Dat is de wortel, de kiem van de doodslag. Die kiem is er en rijpt en kan naar buiten komen. Als je ten onrechte te keer gaat tegen je broeder, hem een dwaas noemt, dan heb je al doodslag gepleegd. Wie heeft er nog nooit iemand dood gewenst? U zegt het met weinig woorden, maar ik denk dat er weinig mensen zijn die dat kunnen zeggen. Ik betreur de dag dat ik jou ooit heb leren kennen en ik wens dat hoofd van jou nooit meer te zien......je wenst iemand dan dood. Je kunt mensen doden met je hand, maar ook met je woorden, maar ook met je gedachten. Dat zie je wel eens in een stripverhaal. Een wolkje met een doodshoofd, botten schedels, allemaal gedachten van iemand die een ander dood wenst.
Vier moordwapens worden genoemd.

Nijd: afgunst, dat is jaloezie; je kunt het eigenlijk niet hebben. Er komt afgunst dat het een ander net iets beter gaat dan jou. De Heere Jezus werd overgeleverd door de farizeeërs omdat ze jaloers waren op de aandacht die Hij trok. Je gunt een ander zijn geluk niet.

Het tweede wapen is haat; dat wil zeggen dat je die ander zelf niet verdraagt, niet duldt. Wij zijn geneigd om God en de naaste te haten, ook al komt het er niet altijd uit. Als je je broeder haat, stelt het liefhebben van God geen fluit voor, zegt Johannes. Je kunt niet God liefhebben en een broeder haten...Ik kan hem wel schieten, zeggen we dan. Wie zijn broeder haat, heeft al doodslag in zijn hart gepleegd. Elk stukje liefdeloosheid is een stukje broedermoord of zustermoord. Bijbels voorbeeld: Haman. Haman was een Jodenhater. Absalom was ook een hater; zijn zus werd verkracht door zijn halfbroer Amnon. Haat wacht op het ogenblik dat het eruit spuit. Denk ook aan de broers van Jozef; ze haatten hem. Ze konden geen vriendelijk woord tegen hem spreken. Hoe ligt dat bij jou en je broers en zussen? Als je altijd maar van je broer een snauw en een grauw krijgt.....ze konden geen normaal woord met elkaar spreken of ze zaten elkaar wel dwars. Ook in het taalgebruik valt het mij op hoe vaak het woordje haat gebruikt wordt. Ik haat school...............ik haat die regen.............ik haat wakker worden..........Is dat nu alleen maar pubertaal? Ik geloof dat je dat niet zo moet zeggen. Ook tienerchristenen moeten hun hart niet vol hebben van haat, maar van liefde. Als je een echte christenjongere wilt zijn, moet je hart niet vol zijn van haat maar van liefde.
Er wordt ook gesproken over toorn; een vlaag van woede. En er wordt ook gesproken over wraak. Toorn dat is iets dat kan zomaar opeens er uit komen in een driftuitbarsting. Wraak is iets dat je langzaam koestert en dat er een keer uit komt. Wraak is eigenlijk dat je het kleinste onrecht dat je aangedaan wordt vergeldt en straft. Wraak is veel meer dan je ontvangt. Het geringste met het maximale vergelden.
Aan het gas met die gasten....dat moet je niet zeggen. Kanker en tering liggen voor in de mond van jongeren. Dat moet je niet zeggen, omdat je iemand dan een langzame vreselijke dood toewenst. Ik denk ook aan eerwraak bij moslimmeisjes. Bij slecht gedrag wordt zo'n meisje neergestoken. Of een afvallige van het moslimgeloof die in Jezus gaat geloven. Eerwraak. Ook dat is in het 6e gebod de wortel van de doodslag.

In vraag 105 staat dat ik mijn naaste in gedachten ( dat is de wortel ), woorden en gebaren (stengel ) noch met de daad (vrucht) gen kwaad doe. De vuile bron is van binnen, in ons hart. Het broeit van binnen en het slaat soms ook naar buiten, dat boze hart. Het begint met de gedachte, dan komen de woorden en tenslotte de daad. Niet alles komt naar buiten. David bidt: reinig mij van mijn verborgen zonden. Zaadjes van haat. Het is net onkruid. Er zit een beest in ieder mens. Bent u het daar mee eens? Er zit een beest in mij met mijn zwarte pak, en ook in u met uw zondagse kleren. Moordenaars zijn vaak niet als zodanig te herkennen aan de buitenkant. Je leest van een docent die zijn buurjongen om zeep helpt. Als onze motieven maar sterk genoeg zijn, als onze gelegenheden zich maar genoeg voordoen, als onze remmingen maar genoeg afgebroken worden, dan zit het in ieder mens.
Denk aan Mozes, de prins van Egypte. Geen straatjochie. Goed opgevoed, volgens de code van het Egyptische hof. En dan ziet hij een Egyptenaar en een Jood ruzie maken en hij kijkt rond of iemand het ziet, slaat hem dood en moffelt hem weg in het zand. Denk aan David de man naar Gods hart....toen hij gelegenheid had om koning Saul te doden deed hij het niet, want het was de gezalfde des Heeren. Maar een paar hoofdstukken verder komt David bij Nabal en Abigaïl en vraagt om iets te eten. Nabal wil hem geen eten geven en David ging helemaal uit zijn dak van kwaadheid. Hij pakt zijn zwaard en legt bijna de hele familie van Nabal plat. Gelukkig kan een wijze Abigaïl dat nog net voorkomen.....
Boerhaave was een godvrezende man die elke dag eerst met Bijbelstudie en gebed begon voor hij met zijn drukke werkzaamheden verder ging. Als er iemand ter dood werd gebracht, dankte hij dat hij voor zo'n misdaad was bewaard, want dezelfde kiem van zonde zit ook in mijn hart, zo wist hij. Hij voelde dat de kiem van doodslag ook in zijn hart zat.


De stengel: woorden en gebaren. Ook met je ogen kun je zoveel laten merken. Ogen zijn de spiegel van de ziel. Als blikken konden doden......hebt u dat wel eens meegemaakt? Aardige mensen in de gemeente, maar het slaat opeens om. Denk aan Jakob en Laban. Jaren lang gaat het goed, maar dan opeens ziet Jakob aan Labans gezicht dat die een hekel aan hem krijgt. Het wordt niet uitgesproken, maar het is er wel. De ene keer kijken mensen je vriendelijk aan en dan opeens keuren ze je geen blik meer waardig. Je zit in de kerk , zelfs aan het avondmaal, maar “naast hem ga ik niet zitten hoor”. Dat is triest. Praat het uit! Ga het gesprek aan! Maar mijd elkaar niet!
Ik denk ook aan wat onze ogen zien. Een wijze raad: het bloed is voor God, zeggen de Joden. Dus kijk er niet te veel naar, want dan ga je eraan wennen en het wordt gewoon en je gaat het wellicht een keer nadoen. Kijk niet te veel naar beelden waarin bloed voorkomt, want je went er aan en je belandt op een glijdende schaal.
Wat kunnen mensen ook met woorden kwetsen. Woorden die gesproken worden, gemaild worden. Geschreven worden. De pen die gedoopt is niet in liefde maar in gal. Ik moet het even van mij afschrijven....ja, maar je kunt mensen er mee steken. Verbaal geweld, waarmee je de ziel van een ander verwondt. Of je geeft iemand geen woorden meer. Die? Die bestaat voor mij niet meer.......voor mij is het over en voorgoed voorbij......Zie je hoe wijd Gods gebod is? Iedereen staat schuldig. Ruzie komt in de beste families voor. Het begint bij het kind. Ik haat jou en je steekt je tong nog uit ook......kwaadaardigheid. De ergste moordenaars zijn de zielenmoordenaars. Vals predikanten, valse leraren. Als je een goddeloze ziet in je gemeente en je waarschuwt hem niet, en dat geldt zeker voor mij als predikant, dan kleeft dat bloed van u aan mijn handen. Je moet altijd daar kerken waar je waarschuwen hoort. Anders wordt je dood geknuffeld, gepamperd en dat is zielsverwoestend. Als je een rechtvaardige ziet die een kromme weg gaat, en je ziet hem een verkeerde weg gaan, en je waarschuwt hem niet, dan kleeft zijn bloed aan jouw handen.
Als predikant kun je schuldig staan als je de kudde laat omkomen van de honger; als je de kudde vergiftigt met dwaalleer. Waarmee moet ik u voeden? Met dat wat u nodig heeft, niet met dat wat u lekker vindt. Dat geldt ook voor ouders. Als je het slechte voorbeeld meegeeft aan je kinderen dan kun je hun zielen vermoorden.

De bittere vrucht. Kwaad denken, kwaad spreken, en tenslotte de daad zelf. Zo ver komt het natuurlijk lang niet altijd. Die gedachten, woorden, gebaren, etc. Gods weerhoudende genade zorgt dat het lang niet altijd zo ver komt. Je kunt er last van hebben als je tot bekering komt. Je probeert het ook weer goed te maken; dat is echte bekering. Een vrachtwagenchauffeur veroorzaakte een dodelijk ongeval door onoplettendheid. Heel zijn leven heeft hij daar last van gehouden. De straf op de zonde is zwaar. Inwendig (je gedachten) en uitwendig en soms ook straf door de overheid.

Vanavond een dieptepeiling. Als je nu goed geluisterd hebt en je hebt gekeken in de spiegel van de wet, dan zegt vanavond ook dit 6e gebod tegen u: gij zijt die man. Mijn woorden zijn wel eens geweest aks scherpe dolken en mijn gedachten al helemaal. Heere, er lopen er meer buiten de gevangenis dan erin die schuldig staat aan doodslag voor Uw heilig oog. Als ik zo aan dit gebod denk, sta ik voor God vervloekt en veroordelingswaardig. Ik ben van hetzelfde hout gesneden als die moordenaar aan het kruis. Ik lig op dezelfde hoop als de straatschoffies en de moordenaars in de cel. Er leeft een beest in ieder mens. Ik hoop dat je weet of er achter komt dat het waar is. Ik ben een groot beest, een Behemot voor u...zegt Asaf in een psalm. Als de tralies van weerhoudende genade eraf gaan.........dan ben ik een beest bij uitstek. Geschapen een weinig minder dan de engelen en nu een groot beest bij U.

Maar ik mag u ook het Evangelie voorhouden. Daar hangt een Middelaar tussen 2 moordenaars, tussen zulk slecht gezelschap. De Heere Jezus bewijst Zijn genade o zo rijk aan die 2 moordenaars. Kohlbrugge zegt: het ware geloof is een moordenaarsgeloof. Net zoals die moordenaar aan het kruis die berouw had en de straf billijkte, en aan de andere kant een beroep deed op de genade van de Heere Jezus. Ik kende ooit eens een mens die zijn geestelijk leven verklaard zag in 2 Bijbelteksten: De ene tekst was Genesis 6:5 Al het gedichtsel van het hart van een mens is te allen dage alleenlijk boos. Met smart moet ik dat beamen. De andere tekst was: “Zie het Lam Gods dat de zonde der wereld wegdraagt”. Daar viel hij met zijn boze hart bovenop. Een beest bij U, maar om Christus wil een beminde bij God. Zwart in mijzelf maar toch liefelijk in de Zaligmaker. De Heere Jezus nam mijn leven niet maar gaf het Zijne. Zijn bloed heeft gevloeid en spreekt van betere dingen dan het bloed van Abel. Abels bloed spreekt van wraak; Zijn bloed spreekt van genade. Van verzoening. Heere Jezus, Uw bloed kome over mij en over mijn kinderen......wij hebben de grenspaal van het 6e gebod overtreden, als is het alleen maar met gedachten, gebaren en woorden. Daarom heb ik de kruispaal nodig. Het is nodig dat ik daarheen vlucht. Toen ik gevoelde wat eisen Gods heiligheid deed,werden al mijn deugden een wegwerpelijk kleed. Achter dat vrome reformatorische sausje zit dat beest in mij....Maar toen vluchtte ik tot Jezus Hij heeft mij gered! Hij heeft me verlost van het vonnis der wet.
Volgende week gaan we zien dat de Heere Jezus niet alleen het voorbeeld is, maar dat Hij zich dood geliefd heeft. We gaan dan zien dat hij ook zijn Geest geeft en mij een nieuwe natuur geeft. Dat ik een ander oprecht ga liefhebben, zoals dat in vraag 107 staat. Daar zullen we de volgende keer bij stilstaan.

Edit