Preek/Lezing

Overzicht | Zoeken | Reeksen || Vorige | Volgende
Type Datum Spreker Thema opm
preek 2010-07-11 17:00:00
ds. M.M. van Campen (Rotterdam-Zuid)
De rechterstoel van Jezus

Tekst: Schriftlezing: Geluid: Reeks:
2Cor 5:10 1Cor 9:24-27 2Cor 5:10 2010-07-11.1713.mp3 (Preek, 16kPro, 6.0Mb)
2010-07-11C.175.mp3 (Hele dienst CD kwaliteit, 48kPro, 27.3Mb)
2010-07-11T.171.mp3 (Hele dienst, 16kPro, 9.7Mb)

Edit| EditReeks
Samenvatting:
1 het bestaan, 2 de bedoeling 3 de beloning

Nederland staat in het teken van de sport, de Marathon van Rotterdam, het begin van de Tour de France en vanavond de WK finale in Zuid-Afrika; het zit in de lucht. Nederland is in de ban van. Het gaat om die ene gouden wereld beker. Goud, zilver, brons, maar we gaan voor Goud. Lauwerkransen – het neemt afgodische trekken aan. Voetballers worden met goden vergeleken, een doelpunt wordt met lofprijzing gevierd, de vrouwen van de voetballers zijn engelen.
De Bijbel zegt er wat over. De eerste prijs. Prijsuitreiking. We gaan op zoek.

1
Het bestaan van de rechterstoel. Daar gaat het gebeuren. Wij allen moeten verschijnen. Wat een ieder met zijn lichaam heeft gedaan, goed of kwaad. Minacht je broeder niet, je moet allen persoonlijk rekenschap moeten afleggen voor de rechterstoel van God. Het oordeel begint bij het huis Gods. Het doopformulier: zonder verschrikken verschijnen mogen – hoe kan dat, zonder vrees, zonder angst. Weet u het?
In de Bijbel is in deze context sprake van twee tronen. De rechterstoel van Christus en ook de grote witte troon van God. Voor Christus komen alleen gelovigen! Gods kinderen, en de grote witte troon is alleen voor ongeredde zielen, die niet tot bekering gekomen zijn – goddelozen.
Paulus schrijft aan de heiligen in Corinthe, dat *wij allen* gesteld zullen worden voor Christus' rechterstoel . De kinderen van God zullen worden beoordeeld. De goddelozen veroordeeld. Dat is een verschil, goed dan word je beloond, hetzij kwaad, dan geen loon.
De rechterstoel zal plaatsvinden vlak na de opname van de gemeente, die witte troon na het duizendjarig rijk. Een dubbele rechtszitting op twee tijdstippen met twee categorieën van mensen.

2
Wat is de bedoeling - niet om te bepalen of je we wel of niet naar de hemel gaat. Niet waar, niet daar. Dat wordt bepaald hier op aarde, nu zolang het genadetijd is. Als je om bent – als je overboord gegaan bent met jezelf. Als je in geloofovergave geknield bent aan de voet van het kruis. Op dat moment word je verlost en kom je niet meer in het oordeel. Want er is geen verdoemenis voor diegene die in Christus Jezus zijn. Van de dood overgegaan in het leven.

Ik zal me niet meer hoeven verantwoorden voor mijn zonde. Beleden zonden zijn vergeven zonden. Wat een geweldige gedachte! Zonder verschrikking voor die stoel, die Rechter is mijn Redder! Hij heeft zich daarvoor al gesteld in het gericht; ik heb straf verdiend en ik zal loon ontvangen. Omdat de Heere Jezus de straf wilde dragen. Nee Gods kinderen worden niet gestraft voor die rechtstoel. Ik zal daar staan met mijn opstandingslichaam.
Heb je daar wel eens over na gedacht - Ik kom spoedig en mijn loon is met mij. Loon – dat ik de hemel in mag – nee veel rijker. Hij wil Zijn knechten ook belonen in liefde, genadeloon, voor wat ze gedaan hebben voor Hem. Ik zeg u dat geen traan die je om Zijnentwil heb gehuild, geen beker koud water die je een ander hebt gegeven of een gebed dat je voor een ander hebt gebeden, daar onbeloond blijft. Hij zal het schatten naar zijn waarde. Ik word behouden op grond van genade, maar beloond in de hemel op grond van wat ik op aarde heb mogen doen. De heerlijkheid is voor elk van zijn kinderen verschillend.
De rechterstoel: bèma. Men was bekend met de Isthmische en Olympische spelen. Bèma is zoveel als een podium. In de synogage, tussen twee () heb je een bima, daar liggen de torahrollen op. Op de bèma vindt de prijsuitreiking plaats. Op de spelen had je ook van die paviljoenen. Een was speciaal daar zaten de VIPs. De keizer, gouverneur. Koningen, de eregasten. Máxima, WiIlem Alexander. En daar binnen had je een bèma. De sterkste mocht naar dat paviljoen het trapje op. Een hoofd-eregast gaf de lauwerkrans.
Daar moet u aan denken. Tegen nieuw-gelovigen werd vroeger gezegd: welkom in de strijd. De strijd voor de zaak en het koninkrijk van de Heere Jezus. Aan het eind zal Hij me roepen: "Goed gedaan, goede en trouwe slaaf, over weinig bent u trouw geweest, over veel zal ik u aanstellen; ga in, in de vreugde van uw heer." (Mat 25:21)
Daar word ik beloond, voor het lijden , het strijden voor Jezus. Mijn inzet. Hij kijkt naar mijn motieven. Open 22: Mijn loon is met Mij, om een ieder te vergelden naar zijn werken.

Niet het vele wat ik doe. Maar het goede wat ik doe. Dat beloont Hij. 1Cor 3 zie je dat ook. Je kunt bouwen met goud en zilver of hout en hooi. Je hebt meer hout, maar het goud en zilver wordt beloond, het gaat door het vuur heen. Beter weinig goed en grondig i.p.v. veel doen. Als hout hooi en stoppelen. Je wordt gered, maar mist het loon.

3
Waar bestaat de beloning uit? Het verwelkt niet. De beker wordt gekust, als we hem hebben…. Over vier jaar wacht weer een ander. Moet je weer 26 jaar wachten. Maar dit loon wordt niet meer van je afgenomen. Het wordt vergeleken met kronen, in de hemel gemaakt. Dat vergoedt alles. Teken van erkenning en waardering door Hem zelf uitgereikt.

Een handvol kronen heb ik ontdekt in de Bijbel.
1) Open 2:10 "Wees niet bevreesd voor wat u lijden zult. Zie, de duivel zal [sommigen] van u in de gevangenis werpen, opdat u verzocht wordt. En u zult een verdrukking hebben van tien dagen. Wees trouw tot [in] de dood, en Ik zal u de kroon van het leven geven" De martelaarskroon. Corry ten Boom vertelt van een land waar tien christenen zouden worden geëxecuteerd. Voor het vuurpeloton. Ze krijgen nog een keer de gelegenheid om Jezus te verloochenen. Een doet het, maar iemand springt in zijn plaats. Ik zag een kroon vallen en ik raapte hem op. Alle tien werden ze gedood en zijn ontvingen de martelaarskroon… Wat zal het zijn als Jezus die kronen zal uitdelen. Het gebeurt bij Stefanus, kom maar naar voren! Uit die grote schare die niemand tellen kan… Dood gestenigd. Niemand neemt het voor hem op, maar in de hemel is het genoteerd. Zalig zijt gij als ze u vervolgen, want uw loon zal groot zijn in de hemel. Johannes Hus, denk ik aan. Een clownspak deden ze hem aan en een puntmuts met drie duivelen erop. "Aartsketter". Zo is hij op de brandstapel gelegd. Met vurige paard en wagen naar de hemel.

2 1Cor 9:25, de "volhouderskroon". Je loopt in de wedloop. Volhouden tot aan de finish. Er zijn heel wat gelovigen die enthousiast beginnen, eerste jaren zo vol en veel. Jonge honden, ze blaffen voor de zaak van hun Meester. De Heere Jezus kijkt naar hoe je eindigt, niet hoe je begint. Wie volhardt tot het einde. Ik ken mensen die zich jaren hebben ingezet voor het kerkenwerk, 8 jaar 10, 12. Je wordt het een beetje moe. Je raakt je zin kwijt. Er zijn ambtsdragers die hun ambt neerleggen, die zie je niet meer in de kerk. Veel deuken opgelopen, dan ontvang je de volhouderskroon niet. Natuurlijk na twee periodes mag je het ambt uit. Maar jee kunt niet zeggen, ik heb voor mijn leven genoeg gedaan, nu een ander maar. Geef het stokje door, maar blijf wat doen. In grijze ouderdom zullen ze nog gewenst vruchten dragen. Daar ligt mijn hart dominee, natuurlijk loop ik deuken op van mensen, en dingen die niet goed gaan. Met vaste gang volharden tot het einde.

3 1Pet 5:2-4 De herderskroon "Hoed de kudde van God die bij u is en houd daar toezicht op, niet gedwongen, maar vrijwillig; niet uit winstbejag, maar bereidwillig; ook niet als mensen die heerschappij voeren over het erfdeel [van de Heere], maar [als mensen die] voorbeelden voor de kudde geworden zijn. En als de Opperherder verschijnt, dan zult u de onverwelkbare krans van de heerlijkheid verkrijgen"
De overste Herder geeft hen de herderskroon. Voor allen die een voorbeeld moeten zijn voor anderen, die onder hun verantwoording zijn gesteld, ambtsdragers, zendelingen, pa en ma's in een gezin. Juffrouws, meesters op de scholen, chefs met mensen waar ze verantwoordelijk voor zijn. Straks zal de Heere je die kroon geven. Ook moeders die niet hebben kunnen doorleren, geen pensioen, wel veel kindertjes, altijd afgesloofd voor hun gezin, 's nachts bidden, nu moe en grijs en niemand zegt dank je wel. Maar ik ben er van overtuigd dat allen die met zorg hun eigen tuintje gewied en hun kinderen hebben mogen brengen aan de voet van het kruis. De ongelovigen die in de hel zullen komen hebben een worm die nooit meer sterft. Altijd blijft het knagen. Maar de gelovige krijgt een kroon die nooit meer verwelkt.

4 2Tim 4: 7 "Ik heb de goede strijd gestreden. Ik heb de loop tot een einde gebracht. Ik heb het geloof behouden. Verder is voor mij weggelegd de krans van de rechtvaardigheid die de Heere, de rechtvaardige Rechter, mij op die dag geven zal. En niet alleen mij, maar ook allen die Zijn verschijning hebben liefgehad." De Wederkomstkroon. Die zijn verschijning hebben liefgehad. Onder de gelovigen die hebben uitgezien naar Zijn wederkomst. Niet dat ik word opgenomen in de hemel. Nee, Hij van de hemel naar de aarde. Zijn verschijning in glorie en heerlijkheid hier op aarde. Daar naar uitgezien. Ook in de eindtijd, echte Maranatha-christenen. Niet alleen op de kerk, maar op mijn hart. Ik blijf u al den dag verwachten. Hij zal komen, Hij kan komen, ik hoop dat Hij komt! Vanavond? Of liever morgenochtend… Mag Hij vanavond komen??! O, ik kan niet wachten tot die dag, dat Ik U ontmoeten mag. Naar Uw wederkomst!
Het gaan niet om boeken over eindtijdscenario's, maar dat je Hem zelf met je hart gaat verwachten. Dat waardeert de Heere dus zo; dat je lampen branden en niet in slaap gesukkeld bent.
Ik ben gezegend geweest met een grootmoeder die echt zo was. Het maakte veel indruk. Ik hoop dat Hij terugkomt terwijl ik nog leef. Dat ik niet zal hoeven sterven. Ze zag er naar uit. Zo de Heere nog niet teruggekomen is voor die tijd.

5
1Tes 2:19-20 "Want wat is onze hoop of blijdschap of erekroon? Bent ook u dat niet voor [het aangezicht van] onze Heere Jezus Christus bij Zijn komst? U bent immers onze heerlijkheid en blijdschap." De zielenwinnerskroon. Een speciale beloning voor vissers der mensen. Paulus heeft daar gepreekt en na drie sabbatten kwamen er mensen tot geloof in Koning Jezus. Ik zal jullie ontmoeten en wij zullen verenigd staan, ik en de kinderen die Gij mij gegeven heb door mijn bedingen. Jullie zijn de kroon van mijn roem. Niet alleen maar ik mocht hen meenemen, door Uw genade, Vader. Ik mocht het middel zijn in Gods hand. Dat is zo rijk. Een dubbele hemel van al Gods knechten. Ik wil straks niet alleen naar de hemel. Ik wil er zoveel mogelijk meenemen. Mijn kinderen, mijn catechisanten, diegene met wie ik mail, die spreek door de telefoon. Ik weet niet wat voor uitwerking het heeft, hier mag ik zaaien en straks zal de Heere het tonen. Via boekjes, bandjes, internet, gedownloade preken, gebeden voor anderen. Engelen weten niet wat dat is. Een christen mag dat genot smaken, andere te vertellen en een schakel te zijn om anderen te verbinden aan de Zaligmaker.
Wat kan het zijn om een last te hebben om hier evangelisatie te bedrijven of naar het buitenland te gaan, en dan valt het toch tegen, de gevaren van het klimaat, de spot van de buurt, weinig belangstelling, zonder vrucht, zo te zien, en dan sta je voor de bèma. Je dacht wel dat het zonder vruchten was, maar Ik ben er op doorgegaan toen jij al weer weg was. En je mag ze allemaal zien staan.
Nu al zo heerlijk om iemand bij het kruis te brengen.

Moet ik gaan met lege handen
zo mijn Heiland tegemoet?
Zonder één verloste zondaar
mee te brengen aan Zijn voet?
Moet ik gaan met lege handen,
moet ik zo mijn Heiland zien?
En als loon voor al Zijn liefde
Hem geen dank'bre vruchten bien? (Joh de Heer 151:1)

Nee toch, Ik zou willen dat niemand achter bleef.
Als er niemand meer tot bekering komt, dan wil ik hier weg. Ken je dat? Daar hoef je geen dominee voor te zien, alleen christen.

Zoek ik vermaak, een beetje dit en dat, of zoek ik zielen? Heere gebruik mij, ja maar ik spreek niet zo vlot, ik ben een beetje saai. De Heere kijkt niet naar hoe bekwaam je bent, maar stel je je ter beschikking van Hem? Of wilt u hier maar een stil leven lijden en stilletjes de hemel binnen glijden. Ziet toe dat niemand uw kroon ontmeent.

Wat heb je er aan om een geredde ziel te hebben en een verloren leven? Dan ben ik toch behouden? Da's waar, maar God heeft niets aan je gehad. Heel egoïstisch eigenlijk - als ik maar behouden word. En ternauwernood, en dan toch nog tot de ruimte gekomen aan het einde. Ik mag toch naar de Heere toe. Wel rijk, maar ook egoïstisch. Ik wil een geredde ziel en een vruchtbaar leven.


Zult u later zo'n kroon krijgen of heb je nog een ongeredde ziel? Bunyan schreef ook De christinnereis. Uitlegger laat haar een beeld zien, iemand is hard aan het werk. Met een riek in stro en mest aan het wroeten om waardevolle dingen te ontdekken, maar boven zijn hoofd zweeft een prachtige engel met een gouden kroon, kijk nou toch, maar de man kijkt alleen naar beneden, om te zien of er nog wat in die mest ligt. Geen gedachte aan die gouden kroon die de Heer ook jouw wil geven. Je let er niet op want je bent te veel bezig met de dingen van beneden.

De rechtstoel van Christus - als je het begrepen hebt, ga je blij de kerk uit. Hij, die doornenkroon gedragen heeft, zal de kronen uitreiken.
Elly en Rickert zingen: Een mooie kroon, dan lijk je wel een koning!

Gekocht door Uw bloed, als ik dan die kroon krijg, o blij vooruitzicht! Dan kijken ze allemaal op Hem en ze zullen hun kroon neerwerpen rond de troon van het Lam in aanbidding – het is niet mijn werk. Wanneer hebben wij dan dit en dat? De Heere weet het, dan zal ik alle eer aan Hem toeschrijven, en toch zal ik van Hem dat teken van goedkeuring mogen ontvangen, voor eeuwig. Toegewijd en te volharden je arbeid is niet tevergeefs in de Heere.

Gij toch, Gij zijt hun roem, de kracht van hunne kracht;
Uw vrije gunst alleen wordt d' ere toegebracht;
Wij steken 't hoofd omhoog en zullen d' eerkroon dragen
Door U, door U alleen, om 't eeuwig welbehagen,
Want God is ons ten schild in 't strijdperk van dit leven,
En onze Koning is van Isrels God gegeven.
[Ps89:8]

'k Klem mij daarom aan Golgotha's kruis
Tot de Heer komt en met Hem het loon;
Als die grote dag aanbreekt en Hij ons dat kruis
Dan verwisselt voor d' eeuwigheidskroon
[Joh d Heer 836]

Edit