Preek/Lezing

Overzicht | Zoeken | Reeksen || Vorige | Volgende
Type Datum Spreker Thema opm
preek 2010-07-18 17:00:00 dr. P.H. van Harten (em. te Ridderkerk) Topsport van een christen

Tekst: Schriftlezing: Geluid: Reeks:
Phip 3:12,14 Phip 3:1-16 2010-07-18.1713.mp3 (Preek, 16kPro, 5.1Mb)
2010-07-18C.175.mp3 (Hele dienst CD kwaliteit, 48kPro, 27.3Mb)
2010-07-18T.171.mp3 (Hele dienst, 16kPro, 9.1Mb)

Edit| EditReeks
Samenvatting:
Sport houdt veel mensen bezig. Het gaat om conditie, trainen, wedstrijden, als eerste over de streep komen. Scoren op de borden met de meeste punten. In de achterliggende periode waren velen in de ban van het sportgebeuren (wk voetbal). In onze tekst gaat het ook over iemand die aan sport doet. Eén ding doe ik......je ziet de atleet voortgaan....vergeten wat achter is, mij uitstrekken tot dat wat voor is....enz. Deze tak van sport kom je niet zo vaak tegen, maar toch wordt deze topsport wereldwijd beoefend. De prijs van de roeping Gods: je gaat voor goud als je deze sport doet. Paulus heeft hier de vrijmoedigheid om zichzelf hier ten voorbeeld te stellen en anderen aan te moedigen om mee te doen.

Topsport van een christen
1.de constatering die hij doet (vers 12)
2.de gang die hij gaat
3.de prijs waar hij naar uitziet


Paulus heeft de behoefte voort te spurten....laat er geen misverstand zijn: ik ben nog niet volmaakt, ik heb het nog niet, ik ben er nog niet, ik ben nog steeds onderweg! De man die dat zegt is een echte christen, iemand die veel geleerd heeft op de leerschool van het geloof en als geen ander roemen kan in de genade van God. Geen groot christen, maar zeker wel een gevorderd een geoefend christen. Maar als we hem dan horen zeggen: niet dat ik het al verkregen heb....dan merken we dat het geen gearriveerd christen is. Niet alleen maar halleluja in zijn leven. Er zijn mensen die denken dat je altijd boven in de boom zit als christen. Anders is het niet echt in je leven, denken zij. Natuurlijk, het halleluja mag niet ontbreken,de blijdschap mag niet ontbreken, anders zou het een slecht teken zijn. Het geloof zou dan alleen een zaak zijn van moeten en ernst, van gedruktheid, waarin de blijdschap ontbreekt. Maar het is niet alleen maar blijdschap. Ik heb het nog niet gekregen...wat dan? Het volmaakte. De volkomen kennis van Christus! Het volkomen te boven zijn wat de zonde is in een mensenleven. Ik ben nog in deze wereld, ik sta nog in het strijdperk, de wapenrusting van het geloof kan ik niet afleggen, dat is de werkelijkheid van mijn leven. Ik ben wel zalig, niet de minste twijfel daarover, maar zalig in hope: het volmaakte moet nog komen. Als het erop aankomt ben ik een man met lege handen, een man die alleen de belofte heeft. Hij wordt nog persoonlijker: Niet dat ik volmaakt ben. Mensen gebruiken dat soms als excuus, zo van; dat moet mijn omgeving dan maar accepteren. Maar als Paulus het zegt hoor ik een zucht, een snik: er is nog zoveel verkeerdheid in mijn leven, ik draag de mens der zonde nog mee. Het nieuwe leven dat is er, maar het is nog zo pril, zo klein, zo beginnend. Volmaakt in delen, niet volmaakt in trappen, werd er vroeger gezegd. Mijn verstand is verlicht van boven, mijn genegenheden gericht op de dingen van God (wie heeft lust om de Heere te vrezen? Ik, Heere!) mijn wil is veranderd, in alle opzichten ben ik vernieuwd; volmaakt in dele. Maar niet volmaakt in trappen: mijn verstand is wel verlicht, maar er is nog zoveel duisternis in mij. Mijn wil is omgebogen, maar ik lig nog zo vaak dwars Alles is nog zo gebrekkig in mijn leven. Er is zo'n overvloed van genade. Ik moest er veel meer uit leven. Mijn ijver om de Heere te dienen is nog zo gebrekkig. Ik ben niet volmaakt...
Als we op de leerschool van het geloof zitten en zelfkennis en Godskennis hebben opgedaan, vallen we Paulus bij. U, Paulus, niet volmaakt? U die zoveel ijver aan de dag hebt gelegd voor het Evangelie? U die verteerd werd in de dienst van God? Dan ik helemaal niet! Naarmate je verder komt op de weg van het geloof, ga je steeds meer met het oude avondmaalsformulier instemmen: dat we geen volkomen geloof hebben, dat we God niet dienen met de ijver die we schuldig zijn. Etc. Als je pas op de geloofsweg bent en je bent vol van de liefde van Christus, dan kun je je dat haast niet voorstellen. Een beginnend christen doet je vaak denken aan een bergbeek. Een klaterende beek die je in de verte al hoort. Maar als je dichtbij komt dan is hij smal en ondiep. In het dal stroomt een rivier, breed en diep. Je hoort hem niet, maar hij heeft wel diepte! Gods kinderen krijgen kennis van God en van zichzelf. Al Gods kinderen gaan naar de hemel, maar hoe verder je komt, hoe minder tamtam. Vanwege dat niet volmaakt zijn. Ik ben dat niet, ik heb het nog niet. Als je dat zo beleeft, dan sta je niet boven een ander. Dan kun je een ander uitnemender achten dan jezelf. Je weet iets van wat er in jouw hart kan opkomen. Je weet dat je er nog niet bent, dat je nog in beweging bent! Om het te mogen grijpen, om die eindstreep te mogen halen, om ernaar te jagen. Christus heeft mij gegrepen met Zijn liefdesgreep, om mij de zaligheid te doen ontvangen, en omdat Hij dat gedaan heeft, jaag ik er naar.


2.De gang die hij gaat

Eén ding doe ik: ik jaag naar de prijs. Denk aan sporten: altijd trainen, altijd ermee bezig, altijd wedstrijden etc. Paulus zegt het zo simpel: mijn leven is onder 1 noemer te brengen. Deze sport, heel eenvoudig. We kunnen druk zijn met veel dingen, met kinderen, cursus dit en dat, ontspanning dat, vrienden. Etc. Met het voortgaan van de jaren wordt het niet beter. Je holt van het een naar het ander. Een wonder dat de tijd voor de kerkdienst er nog af kan! Wij zitten vaak in de vangarmen van het vele. Misschien moet ons hele leven wel eens op de schop, moet God in ons leven orde op zaken stellen. Zodat ons leven gericht wordt op dat ene grote doel. Net als bij Martha: één ding is nodig!

Eén ding doe ik, niet zien op dat wat achter is, maar mij uitstrekkend naar wat vóór is....in gedachten zie je de renner gaan. Stil staan, achterom kijken is er niet bij, want dan loop je de prijs mis. Zo zie ik ook niet om, zegt Paulus. Je moet vergeten wat achter je is, niet leven in de ban van je verleden. Er zijn natuurlijk dingen die je niet mag vergeten, de gunstbewijzen van God, Zijn uitreddingen...'k zal gedenken hoe voor dezen ons de Heer heeft gunst bewezen...dat prikkelt juist om voort te gaan en je vertrouwen op God te stellen.
Dat leven van vroeger, dat je zonder God leefde...dwalend, menigerlei begeerlijkheden dienend...dat je het wonder eens beseft dat je eruitgehaald bent! Dat stemt ootmoedig en kan een prikkel zijn om des te ijveriger God te dienen. Vergeten wat achter is, je niet blind staren op het verleden. Niet gaan piekeren wat je geweest bent, over de verkeerde keuzes en fouten die je gemaakt hebt...dat de verkeerde keuzes die je gemaakt hebt je niet terneer gaan drukken en je gaan verhinderen tot God te gaan. Dan kun je er door achtervolgd worden...dat kan, mag en hoeft niet als je het gebracht hebt aan de voet van het kruis. Als de Heere Jezus ook tegen jou gezegd heeft: Kind, wees welgemoed, uw zonden zijn vergeven... Als je dan denkt aan de zonden en fouten van vroeger, denk er dan aan als vergeven fouten en zonden en vergeven ontsporingen. Dat zondige verleden hoeft je in geen enkel opzicht te hinderen. Petrus houdt op de 2e Pinksterdag een toespraak, een boetepreek, een scherpe preek! Jullie hebben Jezus aan het kruis geslagen, zegt hij!
Een beetje dimmen Petrus, zouden wij zeggen. Je hebt zelf zoveel boter op je hoofd, je hebt je Meester 3 keer verloochend! Maar Petrus, vervuld van de Heilige Geest is vergeten, het is verzoend, bedekt, hij vergeet wat achter hem is en strekt zich uit naar wat voor hem is. Hij vergeet ook de goede dingen die er in zijn leven waren voor zijn bekering, waar hij prat op kon gaan. Paulus had een heleboel goede dingen: een ijver voor God (maar zonder verstand!) Hij zegt: ik heb God bedoeld te dienen op mijn eigen manier, maar het doet nu niet meer mee als pluspunt. De pluspunten voor je bekering moet je vergeten, ook al was het nog zo goed. Je hebt misschien jaren in het ambt gediend, was avond aan avond op pad, maar: laat het los. Matthew Henry viel van zijn paard en moest de dood onder ogen zien. Zeg maar tegen de mensen dat mijn leven in de dienst van God het best bestede leven is dat er is, zei hij. Dat is misschien goed om mee te nemen als ze je ergens voor vragen. Je hebt niks voor op een ander. Je bekering: vergeet het! Daar gaat het niet om. Mensen worden soms als kind getrokken tot het geloof. Je hebt het misschien als kind meegekregen en het niet uitgespuwd als zovelen, maar van jongs af aan de Heere liefgehad. Misschien heb je in de goot gelegen, heeft God je eruit gehaald. Het kan 30 jaar geleden zijn, je vertelt het, en je vertelt het weer, en het verhaal wordt steeds mooier. Ergens bèn je iets met je bekering, je bekeringsverhaal maakt dat je vergeet dat je elke dag bekeerd moet worden. Vergeet het! zegt Paulus.

Vergeet wat achter is en strek je uit tot hetgeen voor is. Je ziet de renner gaan; alle overtollige kleding kwijt, elke spier gespannen, voorover gebogen, geconcentreerd op het doel. Dat is nu mijn leven, zegt Paulus. Gericht op de grote toekomst. Hoe groot is het goed dat Gij zult geven...wanneer zal ik ingaan om voor Gods aangezicht te verschijnen.....? Wanneer zal ik verzadigd zijn met Gods beeld?
Ik leef er naar toe, ik spurt er naar toe. Laat ons leven daarop gericht zijn.
Wat is het doel van ons leven? Rijk worden, beroemd worden, gelukkig worden, genieten, realiseert u zich dat u met dit alles binnen de grenzen van het aardse bestaan blijft? U blijft dan binnen de grenzen van deze wereld, ten diepste is het doel niet hoog maar beperkt, armoe troef. Dat vooruit streven naar stempelt toch een mensenleven?

Maar... begin je nu al meer en meer de Heere Jezus te leren kennen? Meer op Hem te gaan lijken? Opwassen? Veranderd worden naar Zijn beeld? Meer en meer de wil van God doende?
We zijn zeer begerig, de zonde kan en mag niet in mijn leven... Laten we ons zelf reinigen van alle besmetting des vleses en des geestes. Ik jaag naar de prijs...dan leven we op voet van oorlog met de zonde. Maar daar kom je toch nooit mee klaar? Daar heb je dus heel je leven handen vol werk aan.

Het past misschien niet in het beeld van de tekst, maar ik noem het toch: Achteruit gaan naar de hemel, zei men vroeger, Steeds minder worden in eigen oog. Dat kun je zelf niet, je hebt kracht van boven nodig. Het geheim van mijn leven is: niet hij die loopt, niet hij die wil, maar des ontfermenden Gods. Dat is jagen naar de prijs. Gericht zijn op de grote toekomst. Dat ene ding betekent natuurlijk niet dat je je dagelijkse taken gaat verwaarlozen. Wees zo getrouw als de engelen in de hemel, doe altijd wat meer dan er van je gevraagd wordt. Als een bruid die uitziet naar de trouwdag. Ze doet haar dingen natuurlijk, maar door alles heen ziet ze uit naar de dag van haar huwelijk. Eén ding doe ik.....Kijk om je heen, kijk naar het stadion. Ze trainen hun conditie. Ze doen oefeningen. Dat moet u ook doen. Ik moet die Bijbel open doen in mijn leven. De kerk, als er gepreekt wordt kan ik niet missen. Elk gelegenheid om op te gaan met de gemeente, waarnemen dat God met Zijn Geest en Woord in mijn hart werkt, de Bijbel open doen in je gezin en leven. Je hebt ook een binnenkamer nodig. Dat God mijn nood bekend maakt... Soms ben ik vreselijk biddeloos, maar toch ga ik de binnenkamer binnen. Daniël deed het 3 maal per dag. Een mens eet ook 3 keer per dag. Sommigen mensen snoepen te veel. Tussendoor mag je best schietgebedjes opzenden tot God, maar laat er ook zelfdiscipline zijn. Dat je elkaar bemoedigt en versterkt onderweg. Laat de onderlinge bijeenkomsten niet na. Tot de dag van de grote wk, de wederkomst van de Heere Jezus Christus komt.

Spoor elkaar in liefde aan om de loopbaan het geloof te lopen. Ziende op de overste Leidsman, die het kruis heeft gedragen en de schande veracht en Die gezeten is aan de rechterhand van de troon van God. Jagend naar de prijs, naar de eindstreep, de prijs der roeping van God.


3.De prijs

Er is een prijs te behalen! Met de lauwerkrans getooid komen onze helden huiswaarts. De gele trui is fel begeerd. Als helden bejubeld worden. Dat gebeurt in onze tijd. Maar die lauwerkrans verwelkt toch weer? Maar de prijs die God geeft, de kroon des levens , verwelkt niet. De zaligheid die een onverderfelijke, onverwelkelijke, onvergankelijke erfenis is. Eeuwig bij de Heere te zijn, om bij Hem geweid te worden bij de levende fonteinen der wateren. Als je daar iets van proeft... Laat het dan wat kosten. Je hebt een heerlijke toekomst voor ogen. Het is de prijs der roeping Gods die van boven is. Het heeft te maken met de roeping die God laat uitgaan, Hij roept mensen. Als de Bijbel opengaat, klinkt de roep van God. Die roeping heeft mijn hart geraakt...dat is een wonder der genade. Als je niet door glipt onder de reddende hand van God, om je eigen leven vast te houden. Als God Zijn ontdekkende en vertroostende werk doet.

Kuijtert zegt: alles van God is van beneden. Er is veel van beneden, maar uiteindelijk is het van God, door Jezus Christus. Hij heeft het verdiend. Hij zorgt dat je op de loopbaan komt, Hij houdt je vast, en straks geeft Hij je de prijs. Geen eigen verdienste, maar Hij heeft betaald met Zijn bloed. Dat is de christelijke wedloop. Waar staan wij?
Zijn we toeschouwer? Aan de kant? Of draven we voort op ons eigen pad? Of draven we voort op de brede weg die tot het verderf leidt? Of lopen we op de loopbaan zoals Paulus hier beschrijft? Wat een wonder dat we hier in de kerk zitten. Hij roept, een stem van boven: Heden, zo gij Mijn stem hoort: Mijn zoon, Mijn dochter, geeft Mij je hart! Kom tot Mij! Niet zoals je behoort te zijn, maar zoals je bent! Die stem te horen; Heere haalt U de propjes uit mijn oren. Geef dat ik gegrepen door U een mens mag zijn die jaagt naar de prijs. Bewaar mij ervoor dat ik een en al opga in het aardse, en straks naast de prijs zal grijpen. Heere, Heere, doe ons open... Als de Heere ons in beweging heeft gezet, maar als er niet veel gang bij me inzit: versterk die slappe handen, ga voort, ook als je helemaal achteraan komt, wie volharden zal tot het einde zal zalig worden. Om straks de eerkroon te mogen ontvangen en neer te leggen aan de voeten van de Heere Jezus. Nu al te mogen zeggen: ik zet mijn treden in Uw spoor... Wil mij voor struikelen bevrijden en ga mij met Uw heillicht voor. Amen

Edit