Preek/Lezing

Overzicht | Zoeken | Reeksen || Vorige | Volgende
Type Datum Spreker Thema opm
preek 2010-09-12 17:00:00
ds. M.M. van Campen (Rotterdam-Zuid)
Het brandoffer Nabetrachting Heilig Avondmaal..

Tekst: Schriftlezing: Geluid: Reeks:
Lev 1: 3,4,6 Lev 6: 8-13 2010-09-12.1713.mp3 (Preek, 16kPro, 5.7Mb)
2010-09-12C.175.mp3 (Hele dienst CD kwaliteit, 48kPro, 27.1Mb)
2010-09-12T.171.mp3 (Hele dienst, 16kPro, 10.0Mb)
De offers uit Leviticus

Edit| EditReeks
Samenvatting:
Wij hebben vanmorgen gezien dat er in Leviticus sprake is van 4 bloedige offers. Het brandoffer, het vrede-offer, het zondoffer en schuldoffer. Van die 4 bloedige offers zijn het brandoffer en zondoffer het meest belangrijke. Van die 2 is het brandoffer het meest kostbare. Die wordt ook het eerst genoemd. Je ziet dan het koperen altaar het eerst als je de tabernakel inkomt. Ik ga het nu uitleggen aan de hand van het Johannes-evangelie. Het brandoffer komt overeen met het Johannes Evangelie (zie ook de preek van vanmorgen).

Het brandoffer
1.de bedoeling
2. de begunstiging
3.de bekleding

Het brandoffer

1. De bedoeling
Het is een vrijwillig offer. De NBV zegt: als hij een brandoffer wil aanbieden.....Het zondoffer is verplicht. Als je gezondigd hebt, moet je een offer brengen. Het brandoffer is echter vrijwillig. In gedachten gaat daar een Israëliet door de woestijn de voorhof binnen. Uit behoefte neemt hij een offerdier mee, een schaap of rund. De priester legt dan uit wat hij moet doen.

Het is ook een volkomen offer. Het moet in zijn geheel in rook opgaan. Helemaal alleen voor God bestemd. Het wordt helemaal verteerd, je mocht er niet van eten. Met uitzondering van de huid; die werd er van tevoren afgehaald. Hoofd, schenkel, poten, ingewand; alles ging in het vuur op. Het Franse woord voor brandoffer is “une holocaust”. Iets dat geheel verbrand wordt. De Joden werden als heel volk verbrand in de verbrandingsoven. Genocide met een offerkarakter. Iets dat helemaal voor God in vlammen opgaat.

Het derde specifieke is dat het tot een lieflijke reuk voor de Heere is. Een geurige gave die God behaagt. Dat offer verheerlijkt Hem. Een zondoffer is voor God nooit behaaglijk, al lost dat het zondenprobleem wel op...


Ten vierde: het is tot zijn welgevallen. De offeraar is welgevallig voor God omdat hij dat offer brengt. Dat is de bedoeling. Wat is daar nu de betekenis van? Zo rijk, zo heerlijk.
Er is een groot verschil tussen brand en zondoffer. Bij een zondoffer gaat het om het zondenprobleem dat opgelost wordt. Negatief dus. Gods oordeel over de zonde. Het brandoffer is positief. Alles wat de Heere Jezus op het kruis nog méér heeft gedaan. Het heeft te maken met de verheerlijking van de Vader.

Vrijwillig: we komen de Heere Jezus in het Johannes-Evangelie tegen als de Zoon van God die zich vrijwillig overgeeft aan God de Vader. Niemand neemt het leven van mij af maar Ik leg het uit mijzelf af. Zie Ik kom om Uw wil te doen. De Heere Jezus diende God vrijwillig. We moeten het niet voorstellen alsof God de Vader Zijn Zoon tegen Zijn zin in gedwongen heeft uit de hemel te gaan en te lijden en sterven. Hij daalde vrijwillig af en was daar volkomen toe bereid.
Johannes 18: de Heere Jezus staat aan de ingang van Gethsémané. Hij ging uit zichzelf het lijden tegemoet.

Volkomen: de Heere Jezus was in volkomen zelfovergave; Hij gaf alles, Hij gaf zich helemaal. De huid werd er afgetrokken om inwendig te kijken of alles rein was van binnen. Het dier werd geopend om te kijken of het rein was van binnen, of er geen tumoren of abcessen waren. Het werd eerst met water gewassen en als het geschikt was, werd het op het vuur gelegd. De kop, de poten en de ingewanden. Het hoofd, het hart en de gevoelens, en de poten, dat is je levenswandel. De Heere Jezus heeft geen zonde gekend. Hij was volkomen rein. Hij heeft geen zonde gekend, geen zonde gedaan, noch met Zijn hoofd, noch met Zijn handen noch met Zijn voeten.

Een lieflijke reuk voor de Heere. Dat was ook een aspect van het offer van de Heere Jezus. Hij is gekomen om de Vader te verheerlijken. Juist in het hogepriesterlijk gebed lezen wij: Vader, Ik heb U verheerlijkt. Dat voorop en dat vooral. Zijn bloed, Zijn tranen en Zijn lijden zijn dierbaar in Zijn oog.
In het hele Johannes-Evangelie wordt niet gesproken over de vergeving van zonden. Het gaat vooral over de glorie van de Vader , over de bereidwilligheid van de Zoon. Er zijn zoveel christenen die niet verder komen dan de Heere Jezus als het zondoffer. Dat is mooi, maar er is meer. Voor de vakantie hebben we gesproken over meer van Gods Geest, meer van de kennis van Christus. Niet alleen dat Hij voor mijn zonden gestorven is, hoe heerlijk ook, maar ook dat Hij zo de Vader heeft groot gemaakt.


En: opdat ik welgevallig zou zijn. De lieflijke reuk als een wolkje omhoog stijgend. God ziet in welgevallen op mij neer door dat brandoffer. Aangenaam gemaakt in Hem. Niet alleen dat ik van de zonde vrij ben, maar ook dat ik Zijn geliefde zoon en dochter geworden ben. Dat je een koninklijk kind geworden bent, door de Vader bemind. Het zondoffer is het vuur van Gods toorn. Maar het brandoffer is het vuur van de toewijding. De ijver van Gods huis heeft mij verteerd.


2.De begunstiging

Brandoffer is het evangelie op zijn rijkst. Het zondoffer is negatief; je wordt ergens van bevrijd. Het brandoffer is positief. Oud-Testamentische zegen, het offer is tot heil, tot zegen, Hij wil me ook van alle goeds geven. Dat is meer. Bij het zondoffer ligt het accent op de walgelijkheid, omdat God Zijn aangezicht moet afwenden omdat dat lam met zonde beladen is. Dat lam moet verbrand worden buiten de legerplaats. Maar het brandoffer is niet afschuwelijk voor God, maar is lieflijk voor God. Het zondoffer heeft te maken met Gods toorn. Brandoffer heeft te maken met Gods welgevallen.
In vers 9 staat het woord vernietigd. Maar bij het brandoffer staat er niet “vernietigd”, maar “in rook opgaan”. Het vuur komt niet neer als een oordeel, maar het licht op als een aangenaam, lieflijk gebeuren.

Mozes heeft Leviticus mogen opschrijven. Als ik het verschil tussen het zondoffer en brandoffer uit moet leggen met het leven van Mozes: hij is als kindje uit het water gehaald, gered. Maar hij werd niet alleen gered, maar hij werd ook kroonprins!

In Efeze 1 wordt gesproken over de heerlijkheid van Gods genade en over de rijkdom van Gods genade. Die wordt verbonden met de verzoening van de zonde. Maar er gaat nog iets bovenop: dat is aangenaam geworden voor God. Dat ik nu van tevoren al uitverkoren mag zijn om Zijn zoon en Zijn dochter te mogen zijn. Dat gaat veel verder. Twee aspecten van dat wonderbare werk van de Heere Jezus. In het Nieuwe Testament wordt gesproken van het lijden van de verloren Zoon. De Vader rent zijn zoon tegemoet. Hij slaat zijn armen om hem heen en kust hem ter verzoening. De zonden worden weggedaan. Verzoend. Maar vervolgens mag hij ook mee naar binnen, aan tafel, hij krijgt een ring, kleren, etc. Het gemeste kalf komt op tafel, het is feest in het huis van de vader. Een koninklijk kind door de Vader bemind. Aangename liefde, welgevallig in het brandoffer. Dat God als het ware tegen mij zegt: jij bent mijn geliefde zoon in wie ik al mijn welbehagen gevonden heb. Dat is niet door mijn goede gedrag, maar door die welriekende reuk van het offer van zijn zoon. De Vader zelf heeft je lief, zegt de Heere Jezus in Johannes 16. Op grond van het Christus-offer is dat Vaderhart helemaal opengegaan. Hij zal zijn hand op dat brandoffer leggen. Vanmorgen heb ik uitgelegd wat dat betekent. Er vindt identificatie plaats. Door die handoplegging. Bij het brandoffer is ook sprake van handoplegging. Bij het zondoffer, dan is dat handoplegging nodig om iets kwijt te raken. Mijn onwaardigheid en zonden, gaan over op het offerdier, dat mijn zonden op zich neemt en wegdraagt. Maar als er een handoplegging plaats vindt bij het brandoffer, gaat het andersom. Dan doe je dat om iets te krijgen. Dan gaat de waardigheid van dat dier over op mij. De waardigheid van de Heere Jezus gaat over op mij! Zodat ik in het welgevallen van God val. Er vindt overdracht plaats: ik word aangenaam gemaakt in de Geliefde, naar de heerlijkheid van Zijn genade.
Allen die Hem aangenomen hebben, die in Hem geloven, heeft Hij macht gegeven om kinderen van God te worden. Geen rechter en schuldenaar meer, maar kind en Vader.

Ik stel me zo voor en ik ga terug naar die offeraar. Hij heeft zijn brandoffer meegebracht en staat samen met de priester te kijken hoe dat offer opgaat. Het kan niet anders of die offeraar aanbidt God! God te bewonderen, Heere, dat U mij niet wegvaagt, dat ik voor U nu aangenaam ben door dit offer! Dat is aanbiddelijk , vol verwondering! Het zou al zo geweldig zijn, al zou de Heere al mijn schuld hebben vergeven. Maar dat is nog maar het begin! Je bent Mijn geliefde zoon, mijn geliefde dochter! Je bent geliefd, je bent kostbaar voor mij, in Hem.

Praktisch betekent dat dat ik niet alleen mag weten in Christus te zijn en bemind te worden door de Vader, maar dat ik ook wens om Vader welgevallig te leven. Als u nou zichzelf geheel gaf aan God, dan is het uit dankbaarheid ook mijn wens om mij geheel aan U te geven. Dan wens ik dat mijn leven een lof-offer zal zijn voor U.

De kop, de poten, ingewanden: het hoofd, de innerlijke gevoelens, genegenheden en de wandel van de Heere Jezus, maar ook aan die van ons. Ik vraag, wens, bid: laat mijn hoofd en denken gevuld worden met U. Laat mijn innerlijk, mijn gevoelens naar U uitgaan. Laat me met alle kracht in mijn handen en benen naar U uitgaan. Het is zo apart dat de Heere begint met het brandoffer. Deze zegen is zo bedekt in de christenheid. Wij zetten het brandoffer vaak op een laatste plaats. Niet alleen je zonden vergeven. Het eerste wat ik nodig heb, is een zondoffer. Dat is waar. We komen vaak niet verder dan Heere en God. Ze hebben nog nooit Vader gezegd. Abba, lieve Vader. Je kunt het zondoffer en brandoffer niet scheiden. Al die cadeautjes die je van de Heere krijgt, moeten uitgepakt worden. Geef me meer kennis, geef me meer liefde, dat ik U mag gaan genieten en aanbidden. Het gaat nu niet in de eerste plaats om de behoefte van de zondaar. De Heere zegt als het ware: Ik verlang ernaar dat er niet alleen aanbidders zullen zijn die met hun hakken over de sloot in de hemel komen, maar dat er mensen zijn die Mij aanbidden omdat Ik ze niet alleen A heb gegeven maar ook B t/m Z.
Dat hele Vaderhart van mij, kijk er maar in. Niet je hele leven een arme bedelaar blijven. Je doet te kort aan het heerlijke werk van de Heere Jezus. Je denkt zo arm en min over de Heere Jezus. Je gaat zo uit van je eigen beleving. Je moet niet naar je beleving kijken, maar naar wat de Heere Jezus gedaan heeft!

Wat een zegen als je nu zo ver mag komen dat je niet alleen de Heere Jezus mag danken aan het eind van de avondmaalszondag dat Hij je zonden vergeven heeft, maar ook: jezelf vergeten en staren in liefde en verwondering naar de Heere Jezus. O God, dat U nou in dat offer mij hebt gered, maar dat U nu ook de Vader zo volkomen hebt groot gemaakt. Dat je dankt voor wie de Heere Jezus voor jou geweest is en voor wie Hij voor God is geweest. Niet meer ik, maar Hij. Dat je op mag gaan in de Vader, de Zoon en de Heilige Geest. God zal niet òns van een brandoffer voorzien. Maar God zal zichzèlf van een brandoffer voorzien.


3.De bekleding

De huid werd er afgetrokken. Alles gaat op in rook, behalve die huid. (Lev.7 vers 8) . De huid is als een kleed bestemd voor de priester. Hij wordt als het ware bekleed met de huid van het brandoffer. God geeft dat zomaar weg. In de heerlijkheid van Zijn genade kreeg Hij het beste kleed.
In zijn mantel gehuld, wat ziet de Vader dan? De priester gehuld in de mantel van het brandoffer. De nieuwe mens aandoen als een jas, als een kleed over je heen. De priesters met uw heil bekleed. Nu weet je ook waar Adam en Eva mee bedekt zijn. Met rokken van vellen, dierenhuiden van het brandoffer, geen zondoffer. Alleen die huid van het brandoffer was als een bekleding. Dat gaf God zomaar weg. Hij heeft me bekleed met de klederen van de gerechtigheid, klederen van het heil, daar heeft Hij mij mee vervuld. Omdat de Heere Jezus aan het kruis al lang “gevild” is. Mag ik het zo eens zeggen? Hij heeft daar naakt gehangen, opdat ik bekleed zou worden met Zijn gerechtigheid. Het avondmaalsformulier spreekt erover dat de Heere ons wil aanzien als Zijn geliefde kinderen en erfgenamen. Vader, de liefde waarmee U mij hebt liefgehad.....Dat God nou blij met mij is...

Nooit zomaar zeggen: God is blij met jou, je bent een parel in Gods hand.....dat is een halve waarheid, God is blij met jou àls jij je handen persoonlijk hebt gelegd op dat offer. Anders is God niet blij met jou, dan ben je een stank in Zijn neusgaten. Je hoeft jezelf niet op te krikken, niet te ploeteren om jezelf aangenaam te maken. Je hoeft geen bange slaaf meer te zijn die moet en die moet, maar je mag een blij kind zijn die màg.
Hoe meer ik de Vader ga aanbidden, hoe meer ook ik persoonlijk verlang om mijn leven geheel aan God toe te wijden.

Tim Keller zegt: jij bent zondiger en slechter voor God dan je ooit kunt geloven. Daarom heb je een zondoffer nodig. Maar ook: Jij bent meer aangenaam en geliefd voor God dan je ooit hebt durven hopen.

Edit