Preek/Lezing

Overzicht | Zoeken | Reeksen || Vorige | Volgende
Type Datum Spreker Thema opm
preek 2010-12-05 10:00:00
ds. M.M. van Campen (Rotterdam-Zuid)
Tot zonde voor ons gemaakt Voorbereiding Heilig Avondmaal

Tekst: Schriftlezing: Geluid: Reeks:
Lev 4:27-31 Lev 4:1-12 Lev 4:27-31 2010-12-05.1013.mp3 (Preek, 16kPro, 5.9Mb)
2010-12-05_1000.mp3 (Hele dienst CD kwaliteit, 48kPro, 48.5Mb)
2010-12-05T.101.mp3 (Hele dienst, 16kPro, 11.0Mb)
De offers uit Leviticus

Edit| EditReeks
Samenvatting:
In het huis van God in het Oude Testament, de tabernakel, was heel wat te horen en te zien. Ogen en oren te kort. Alleen al de kleding van de hogepriester. De offerhandelingen, de voorwerpen, de inrichting van het heiligdom. De kleuren en materialen, de hele tabernakeldienst was eigenlijk één grote leer dienst, die ons één ding verkondigde: verzoening door voldoening. Verzoening was mogelijk door middel van de offerdienst. Een prekenserie over de 4 bloedige offers in Leviticus. Het brandoffer, het vrede-offer en dan nu vanmorgen het zondoffer.

Als een Israëliet gezondigd had, moest hij een zondoffer brengen. Een zoenoffer, nodig om je te ontzondigen.

Tot zonde voor ons gemaakt (,Denk aan het HA tijdens het luisteren).

1. De instelling van het zondoffer
2. de aanleiding tot dat zondoffer
3. de handeling bij het zondoffer
4. de vergeving door het zondoffer

1
Wanneer wordt voor het eerst gesproken over een offer in de Bijbel? Het is begonnen bij de zondeval in het paradijs. Adam en Eva hadden gezondigd en zij werden verdreven uit het paradijs. Hij gaf ze twee dingen mee: de moederbelofte (Gen 3: 15) en een kleed, een mantel waar in de naakte Adam en Eva zich konden bedekken. Die kleren had God gemaakt. Van de huid van die offerdieren heeft God kleding gemaakt. Er is dus een offer gebracht, Hij doodde dus dieren om die huid te kunnen nemen en mensen te kunnen bekleden. God stelde de offerdienst in.

De Heere heeft gezegd in Leviticus 17: Ik heb u het bloed gegeven om voor uw zielen verzoening te doen. Dat bloed is nodig om zonden te verzoenen. Hebreeën: Het bloed van stieren en bokken kan eigenlijk helemaal geen zonden wegnemen. Wat dan wel? Eigenlijk zou uw en mijn bloed moeten vloeien. Als je daar over nadenkt, loop je muurvast; dan is er dus geen weg meer om die straf te ontgaan. De ziel die zondigt zal sterven.
Nu maakt God van die punt een komma. Wat een wonder dat God nu zelf Zich een Lam ten brandoffer gaat voorzien, met behoud van zijn recht. Hij geeft een Plaatsvervanger. Alzo lief heeft God de wereld gehad dat Hij Zijn Zoon gegeven heeft in plaats van mij.

Die mijn zonden gedragen heeft in Zijn lichaam op het hout. Hij is vrijwillig de zondendrager geworden voor een ieder die zijn hand gelovig op het “offerdier” legt. Die hele offerdienst bij dat altaar spreekt mij ervan dat wij Gods oordeel hebben verdiend (vuur, dood van onschuldig beest), maar ook van Gods genade, dat een ander die straf mag ondergaan. God heeft het dus bedacht en ingesteld, zodat ik toch kan blijven leven als schuldenaar omdat een ander voor mij sterft.

2. De aanleiding
Indien iemand zondigt ... dat is de aanleiding. Stel je voor dat een ambtsdrager gezondigd heeft. Indien de hele gemeente gezondigd heeft....het gaat hier niet over een zondaar die tot bekering komt.....mijn eerste behoefte als zondaar is dat mijn zonden worden weggedaan.....maar hier gaat het over een gelovige die zondigt en daardoor de gemeenschap met God niet meer ervaart. De verbinding is stuk. Het gaat hier dus zowel over een zondaar en als ook over een heilige. Iedereen in de kerk heeft het nodig. Het Heilig Avondmaal herinnert mij er telkens weer aan dat dat bloed nodig is tot verzoening voor mijn zonden. Het is met name een zondoffer. Als iemand gezondigd heeft, als een priester gezondigd heeft,als de gemeente gezondigd heeft, als een gemeentelid gezondigd heeft, etc. Als een ambtsdrager ambtelijk gezondigd heeft....dan klinkt er hier vergeving voor ambtsdragers. Wat zijn dat dan voor zonden? Zonden door afdwaling,zonde door opzet, een onbedachtzaamheid etc. Geen bewuste rebellie, maar gewoon sleur. Zwakheid na zoveel jaar in het ambt, maar toch zonde voor God. Als je er met je hart niet helemaal bij bent, als je Bijbel leest of bidt bij mensen thuis en je bent er zelf niet echt bij...

Vers 7 is opvallend: het bloed moest aan de horens van het reukaltaar gesmeerd worden. De priesters zijn daar bezig met gebed. Het reukaltaar staat voor loven, aanbidding en gebed. Dat heeft dus eveneens verzoening nodig. Buiten dat bloed zegt God met al dat loven en prijzen: doe dat getier van voor Mijn aangezicht weg! Als God het bloed van Zijn eigen Zoon ziet, dan aanvaardt Hij ons eerbetoon. Heer Uw bloed dat reinigt mij....dat is de basis. Vers 27: als een gewone Israëliet gezondigd zal hebben, een gewoon mens, een kerkganger, een tiener, een kind, een vader, een moeder...De zonde die ik, mijn zonde, gezondigd heb. Als iemand iets gedaan heeft tegen de geboden van de Heere, iets wat tegen Zijn wil in gaat,zodat hij schuldig is. Het hoeft niets iets heel groots te zijn, maar je staat toch schuldig voor God. Misschien heb je de dienst van God verwaarloost. Misschien heb je moeite met het 6e gebod, die is ten onrechte boos op iemand. Of het 7e gebod: die begerige gedachten, dan is er nog geen daad geschied, geen woord gezegd, maar alleen maar gedacht....toch zonde. Mijn woorden, mijn taal, daar waar ik heb gezwegen waar ik had moeten spreken...
Dat wat ik gedaan heb met mijn hoofd,(de kop), met mijn voeten (schenkel, achterpoten) mijn mentaliteit (ingewanden), mijn houding naar anderen toe. Wie zal dan zeggen: ik ben onschuldig?
Heeft u er wel eens aan gedacht dat er zonden zijn waar je nooit bij stil hebt gestaan dat het zonde is? Je wordt ergens bij bepaald, dat kan heel rechtstreeks door de Heilige Geest die jou dat voor ogen stelt, of iemand anders wijst je erop. Of een kind dat dat tegen zijn ouders zegt. Je geweten gaat spreken. De verbinding met God is geknakt, je hebt weinig opening, weinig vreugde. Er is dan zonde, en daar word je je van bewust van.
De aanleiding is dus dat er concrete zonde is, of je nu wel of geen kind van God bent. Het roept de toorn van God op. Het verstoort de gemeenschap met God. Ik heb er ook last van. Het doet smart, ik wil er van af!
Dat kan. Daarvoor hebben we het zondoffer. In psalm 51gaat het niet over iemand die net bekeerd wordt, maar dat gaat over iemand die een kind van God is en die zijn schuld bekend gemaakt wordt. Denk nooit dat psalm 51gepasseerd is als je tot bekering gekomen bent. Dat is een leugen.. Verzoening begint bij het bewust worden van je zonden en het besluit ermee naar de Heere te gaan. Er staat in vers 28: er moest een slachtoffer zijn, een dier, en de dader moest zijn handen leggen tussen de horens van dat beest. Substitutie en identificatie, plaatsvervanging en handoplegging.
Dat een ander gaat sterven voor de dader. Ik voor u, daar gij anders de eeuwige dood had moeten sterven, Ik in plaats van u. Dan vindt er overdracht plaats.
Hoe krijg je nou vergeving? Dat is zo belangrijk. Ik zie een Israëliet, een lid van Gods gemeente. Hij wordt zich bewust van zonde, het doet hem verdriet. Hij gaat dan op reis naar de tempel,hij moest een beestje nemen uit zijn eigen kudde. Hij moest het wel voelen, dat dat beestje voor jou gaat sterven. Hij loopt met zijn zondenpak op zijn ziel en dat beestje aan een touw. Zo gaat hij naar Jeruzalem. Met een bezwaard geweten, met een bedrukt gemoed. Hij komt bij de priester in het huis van God. Hij ziet daar één en al blinkend wit, de priesters dragen witte linnen kleding. Hij komt eerst een gigantische omheining tegen, allemaal wit, wit, wit. En maar één poort. Hij werd als het ware verblind door de reinheid en heiligheid van God die daar woont, in dat huis van God. Dan gaat hij naar de priester. Hij komt daar voor het aangezicht van de Heere, hij gaat zijn zonden belijden. Heel concreet. Niet alleen maar sorry zeggen, maar concreet benoemen. Ik heb gedaan wat kwaad was in uw oog. Het wordt concreet benoemd, ik heb dat en dat gedaan.....ik heb er berouw over want ik kom tot U, Heere. Dan komt psalm 32 langs: 'k Bekende aan U o Heer' oprecht mijn zonden,etc.

Je legt je handen op de kop van dat offerdier en je leunt er op met de volle zwaarte van je gewicht, je erkent dat dat dier gaat sterven omdat jij dat eigenlijk hebt verdiend. Zo vindt er overdracht plaats van zonden. Dat beestje wordt ermee beladen. Dat lam neemt die zonden op zich door middel van die overdracht. Ik heb de Heere Jezus wel met mijn zonden beladen, en Hij heeft het nog van mij overgenomen ook. Ik belaad dat dier met mijn schuld. Dan gaat dat over van de overtreder naar dat slachtoffer.
Als je dan denkt aan de Heere Jezus.....de Heere heeft ons aller ongerechtigheden op hem doen aanlopen...zegt Jesaja. Paulus zegt: Hij die geen zonde heeft gekend, is voor ons tot zonde gemaakt. Petrus: opdat Hij mijn zonden in Zijn lichaam gedragen heeft op het hout.

Dit is de kern van het Evangelie. Als de overdracht had plaatsgevonden, als die belijdenis was uitgesproken etc.....
Je zou maar een konijn hebben en met Kerst opeten....oei! Een dier uit jouw kudde moest je zelf slachten. Je moest zelf dat mes op de keel van dat dier zetten, het bloed gutste eruit, dat dier stierf letterlijk onder jouw handen. Door jouw schuld. Heeft u zo wel eens dat stukje brood genomen? Als je dat stukje brood neemt, dat gebroken wordt onder je ogen. Het gaat dood onder je handen.

Je moest dat dier helemaal zelf slachten, zelf de ingewanden wassen etc. Vervolgens kwam de priester; hij nam dat bekken, de schaal, hij sprenkelde dat 7 maal. Het werd gesprenkeld naar God toe. Maar ook werd het uitgegoten tot een volkomen verzoening van al onze zonden. Het bloed van het nieuwe verbond dat vergoten wordt tot vergeving van u, van mijn zonden.

Het gaat erom dat je je bewust wordt dat de Heere Jezus voor jouw zonden voor en na je bekering aan het kruis moest hangen, dat hij daardoor zoveel pijn heeft geleden. Dat Hij daarvoor Zijn lichaam heeft laten verbreken. Dat bloed predikt mij: kom, o kom! Het kan weer rein, recht, goed worden. Het kan weer open worden tussen God en jou. Komt tot Mijn altaar, kom tot het kruis, leg je handen op de Heere Jezus, in de weg van schuldbelijdenis is er schuldvergiffenis.

De vergeving door dat zondoffer:
Het zal hem vergeven worden, staat er. Dat beestje is gedood, dat bloed is vergoten en gesmeerd. Dat beestje zelf werd verbrand. Het was tot zonde gemaakt, de zonden waren daarop over gegaan. De restanten werden buiten de legerplaats weggedaan. Jezus heeft geleden buiten de poort, als zondoffer, dan begrijp je hoe ernstig het was. Mijn God waarom verlaat Gij mij? Ik weet waarom God hem verliet. Omdat God de Heilige is en geen gemeenschap kan hebben met een tot zonde gemaakte Zaligmaker en een tot zonde gemaakte Zoon. Daarom moest Hij buiten de legerplaats hangen. Daar wordt dat beestje buiten de legerplaats verbrand. Zijn ingewanden, daar ging de speer doorheen. Weet u wat het resultaat is? Het zal hem vergeven worden. Dat is de gewisse belofte van God. Dat mag je geloven. Ik sta nog te schudden en te sidderen. Wat heeft dit beestje veel gekost, wat ontzettend erg. Ik sta er met mijn neus bovenop. Nu mag ik die gewisse belofte van God geloven, ook al voel ik er niks van. Als je het niet gelooft, maak je God tot een leugenaar. Ik geloof de schuldvergeving, ik voel er niets van. Maar ik geloof de gewisse belofte van God. Ik beleed na ernstig overleg mijn boze daân. Gij naamt die gunstig weg.

Op dat Godslam rust mijn ziele. Weet je wat daarop volgt? De man gaat naar huis; hij is een offerdier armer. Maar weet u hoe hij naar huis gaat? Gerechtvaardigd. Hij kwam met lood in zijn schoenen, maar hij gaat juichend terug naar huis. Denkt u niet? De terugtocht naar huis werd voor hem een feest. Zijn zonden zijn weggedaan. Zo ver het westen verwijderd is van het oosten. Met vrolijk gezangen van bevrijding zegt Psalm 32. De Heere ging hem weer omringen met vrolijke gezangen van bevrijding. Nu weet je weer waarom je bidt, ik weet waarom. De basis is dat vergoten bloed. Zo wordt het verbrijzeld hart weer verheugd. Zo mogen we naar huis. Dat is de bedoeling. En het zal hem vergeven worden.
Hoe krijg je deel? Door de handoplegging. De grond is de Heere Jezus, niet het geloof. Ik vertrouw niet op het geloof, dat is slechts de hand. Mijn zonden liggen niet meer op mij, maar op Hem.

Ik denk dat er Israëlieten waren die nog nooit een zondoffer hebben gebracht. Waarom niet? Omdat ze zich niet schuldig voelden. 'Ik zie niet in wat ik verkeerd heb gedaan...dan ben je lid van de gemeente, van het volk Israël. Heb je nooit zonde gedaan? Nooit last van gehad? Nooit pijn in je hart? Vanwege je houding. Het is allemaal zo vlak. Misschien waren er ook Israëlieten die het van kinds af aan geleerd hebben en het ook steeds deden omdat ze dat zo geleerd hadden. Maar niet met hun hele hart erbij.

Weet u er iets van? Nee, niet over vroeger. Maar nu. Maar misschien heeft u al vijftien keer hetzelfde verhaal verteld, maar hoe is uw relatie met God nu? Stop met verhalen over vroeger. Hij doet ons hoe met schuld belaân, verzoend voor het oog des Vaders treden.

Edit