Preek/Lezing

Overzicht | Zoeken | Reeksen || Vorige | Volgende
Type Datum Spreker Thema opm
preek 2002-06-09 17:00:00 ds. A.P. Voets (Middelharnis) Nabetrachting H.A.

Tekst: Schriftlezing: Geluid: Reeks:
mat 5:8 1joh 3:1-9 2002-06-09.1711.mp3 (Schriftlezing, 16kPro, 0.2Mb)
2002-06-09.1713.mp3 (Preek, 16kPro, 4.5Mb)

Edit| EditReeks
Samenvatting:
Zalig zijn de reinen van hart want zij zullen God zien. Het klinkt nogal anders dan: 'zachtmoedigen', of 'zij die treuren', ed. dat heeft iets vertoostends. Maar ligt deze lat niet te hoog? Zijn we dan terecht aan het Avondmaal gegaan? Wie zijn de reinen van hart en waarom zijn ze dat?

Niemand is rein van hart van zichzelf. De Here Jezus moest het werk doen, niemand was er, die rein was van hart. 'Ik heb mijn hart rein bewaard, ik ben vrij van zonden' (Spreuken), dat geldt toch voor niemand? We zijn melaats, 'onrein! onrein!...'
Jesaja's lippen waren verzoend door de kool van het altaar. De melaatse zegt tegen de Here Jezus, indien Gij wilt kunt gij mij reinigen. Ik wil, wordt reinig, zegt de Here. Dat is de kern van het evangelie. Wie door het bloed van de Here is gereinigd.
God rechtvaardigt om Christus' wil. God ziet mij, wanneer ik in Christus geborgen ben, zoals Hij Christus ziet, een reine van hart.

Niet: zalig zijn die gereinigd zijn, maar de reinen van hart. Het is een kenmerk geworden, kennelijk.
Daniël zegt, wij hebben gezondigd. Wij. Mozes mocht God zien, maar is in de woestijn gestorven vanwege de zonde, Ook Job ziet God, maar kruipt in het stof om wat hij zei.
Rein van hart, waar onze gevoelens huizen. Het hart is ons een vuile bron van wanbedrijf. Voor de reinen van hart is er iets radicaal veranderd. De Here zet zich tegenover de Farizeeën, die veel aan de buitenkant deden. Reinigings- en spijswetten, maar ze zijn wit gepleisterde graven. Het gaat om je hart. Wij zeggen dan wel eens: de buitenkant is niet van belang, het gaat om het hart. Maar als het hart gereinigd is, wordt het ook aan de buitenkant zichtbaar!

Gaat een mens dan zonder zonde leven? 'Gij zijt rein door het woord dat Ik tot u gesprken heb', zegt de Here. Waar moeten we anders naartoe? U heeft de woorden van het eeuwige leven.
Oprechtheid, daar gaat het om. Het verlangen naar God; Heere als het niet goed is met mij, laat me dat weten.

Jakob was oprecht toen hij God ontmoette in Pniël, ik laat U niet los tot Gij mij zegent. Ik kan niet meer zonder U.
Het levert allemaal en geweldige strijd op, de strijd van Romeinen 7 (##rom.7##). Elk gebied van mijn leven, Heere, daar moet U regeren. Geen gemakkelijk maar wel een rijk leven. Heere ik wil U zo graag toebehoren, U welbehagelijk zijn.

Wat een belofte, in de climax van deze zaligspreking - zij zullen God zien. Gods aangezicht in gunst tot mij gewend. Het gaat in dit leven al in vervulling, als we de Zoon mogen zien. 'Wie mij gezien heeft, heeft de Vader gezien'.

Als u God niet kent en nog niet rein van hart bent: de rechter staat voor de deur. Vannacht kan uw ziel van u afgeëist worden.
Vreest u, of kunt u er ook naar uitzien? Straks Hem te zien? Maar een zegt: dat sterven zit er nog tussen in. We zien nu nog in raadselen, maar dan van aangezicht tot aangezicht.
Voor de oprechte mens geldt, ik laat U niet los, tenzij Gij mij zegent. Zij zullen God zien, zullen thuis komen. Christus zien en de Heilige Geest. Dan zal de heerlijkheid der vromen op 't luisterrijkst te voorschijn komen.

Edit