We hebben gezien dat Nahum een van de 12 Kleine profeten is. Troost heet hij, hij profeteert over de val van Nineve, 612 v Chr zal die stad vallen.
Assyrië was een wereld rijk, Assur Banipal heette de koning. Manasse was een goddeloze koning, over Juda, we leven een tijd na Jona. U kent Assyrie van koning Sanherib. Assur in zijn bloei.; hij viel Jeruzalem aan, in 705 v. Chr ten tijde van koning Hizkia. Sanheribs leger is echter verslagen. we zijn nu 5 jaar verder.
Eerst drie dingen:
1. Nahum is een kleine profeet, maar hij had de gave van het Woord. Een hele schilderende poëtische stijl heeft hij. Zijn dichterlijke gave gebruikt God.
2. Hij is een profeet die midden in zijn tijd staat. Geen dromer, hij stond er midden in: v8 Een doorgaande vloed, een overstromende vloed. Via opgravingen weten we dat Assurbanipal Thebe veroverde 636 v Chr. Als een overstromende vloed nam hij Egypte in. Maar jij Assurbanipal, jij zult worden weggevaagd op de zelfde manier. Nahum spreekt hierin de taal van zijn tijd. Hij spreekt geen woord Frans. Midden in, maar niet van de wereld. Geen geheim taal.
Van uw naam zal niemand meer gezaaid worden. Overwonnen staten moesten trouw beloven, of je naam zal worden uitgeroeid, een frase uit de Assyrische terminologie. De taal van zijn tijd. Een les voor predikanten. De wereld begrijpen en die taal spreken.
Bij een begrafenis zijn mensen die misschien nooit meer het Woord van God horen. Ze moeten in elk geval niet zeggen: ik begrijp niet waar die man het over heeft gehad - je bent het er mee eens of niet. Buigen of doorleven.
Daar mag geen woord Grieks of Frans of Assyrisch bijzitten.
3. De indeling van H1, 2-8 is een acrostichon, met beginletters. De Psalm van Nahum heet het. 9-15 is de toepassing, of de Preek van Nahum.
De boodschap in die Psalm is: wie is God? Een wreker tegen de vijand (v2) Toorn gaat naar de vijand, de zonde. En Hij is goed voor Zijn volk. Wie is dat volk? Voorts gaat Nahum het concretiseren.
1:7-8: het slotakkoord van die “Psalm” van Nahum. Prachtig is Nahum 1:7 De Heere is goed, Tov Adonai. Nahum zegt wie God is. In 2 lezen we: de Heere is een wreker, aan Zijn vijanden nl. Nahum spreekt met twee woorden. Geen van beide laten overheersen. Goed, maar niet zoetsappig, en geen Wreker alleen. Licht en Liefde, Gericht en Genade. Dit vers is als een eilandje te midden van een stormachtige zee.
Eigenlijk is alles ermee gezegd: de Heere is Goed. Kun je er van spreken? Of meer er van zingen....
De goedheid van Heere. Hoe hoog is het? Hemelhoog. Het stapelt zich op tot aan de hemel. Hoe breed? Op al uw werken, zegt de Psalm. De Heere is goed voor degene die Hem, zoekt. Dan al! Niet pas als Hij gevonden is. Hoe diep is hij: uit goedheid zonder peil (Psalm 68).
Zijn goedheid eindigt nimmer meer. Hoe ver strekt het (Psalm 25), geen grenzen, geen palen.
Een Sterkte in de dag der benauwdheid - dwz wie Hij is voor wie op Hem vertrouwen. De godvrezenden werden vervolgd onder Manasse. Nahum bemoedigt als het ware die verdrukten.
Hij kent hen die op Hem betrouwen, of: bij Hem schuilen, die de toevlucht tot Hem nemen. We moeten er wel achter komen dat we in gevaar zijn! Dat we een schuilplaats nodig hebben voor de toekomende toorn. Hij kent je, erkent je. Wil liefdevolle omgang met je hebben.
De Ninevieten deden dat niet (3:11) - ze zochten de bescherming niet bij de Heere.
Er staat niet: de Heer is toornig op de wereld en goed voor de kerkmens. Niet: Hij kent die in Juda woont. Nahum preekt “onderscheidelijk” - die in Juda persoonlijk bij Hem schuilen. Ik ben een Judeër en ga naar de tempel - dat is niet voldoende.
Er waren er ook die grijs waren, uiteraard. Tussen Assur en de schuilers bij God. Maar zij heulden feitelijk ook met de vijand. Wees koud of warm, maar lauwe mensen....
De schuilplaats voor ons is op Golgotha, en daar openbaarde God juist Zijn liefde. Heil voor zondaars die het niet meer bij zich zelf zoeken.
Je kunt een lijn trekken naar de eindtijd, dan zal er ook een wereldrijk zijn met een afvallige koning in Israël, ook dan zal er een overblijfsel zijn
1:8 Het springt naar de vijand.
1:9 - de 'toepassing'. Wat bedenkt u allemaal tegen de Heere? Let op: het zou nog 40 jaar duren. De Heere hoeft geen twee keer te slaan, het zal in één klap vernietigd worden.
Deze tekst is wel eens prachtig toegepast, dat een benauwdheid die je overkomt, niet nog een keer zal gebeuren; maar dat staat er niet. Het is een oordeelswoord voor de vijand!
1:10 - Een druk leger, als vervlochten takken. Beelden van water en vuur. Je kunt nog zo machtig zijn, maar voor God is het net zo min als een bos doornen voor een boer.
11-15. Een uitwerking. Een kwaadspreker, een belialsraadsman; een woordvoerder van de duivel. Nietswaardige mannen zegt een andere vertaling.
12b is een tussenzin: Ik heb u wel gedrukt, dat wordt tot de gelovigen gesproken.
Er is een grens aan de roede, een grens aan de nacht, de wolken die God zendt. De Heere belooft vrijheid. Niet alleen het juk afnemen, maar verbreken. De touwen niet alleen van je af, maar ook verscheurt. De Zoon maakt waarlijk vrij. Nu.
15. Op de bergen - Nineve is gevallen! Hij zal niet meer door u doorgaan - dat nooit meer, zo'n bezetting. Het wereldrijk is gevallen. Geen Jobstijdingen meer. Laten we dankdag gaan houden. De tempel was gesloten en verontreinigd, maar nu kan het weer... Er wordt verwezen naar Rom 10:15. Paulus past dat toe op de verkondigers van het woord. De vrede, de vrijheid die er is in Christus. Het evangelie, goede nieuws van de verlossing in Christus.
Mag het ons gebed zijn dat ook wij van die voeten mogen krijgen. De wapenrusting: het schoeisel: de bereidheid van het evangelie. Om zo vredesbode te mogen zijn, bij hen die we ontmoeten en spreken, rijkdom!