Preek/Lezing

Overzicht | Zoeken | Reeksen || Vorige | Volgende
Type Datum Spreker Thema opm
preek 2002-09-29 17:00:00 ds. H. Visser (em. te Barneveld)

Tekst: Schriftlezing: Geluid: Reeks:
pre 1:2 pre 1:1-11 phip 2:5-11 2002-09-29.1711a.mp3 (Schriftlezing, 16kPro, 0.2Mb)
2002-09-29.1711b.mp3 (Schriftlezing, 16kPro, 0.1Mb)
2002-09-29.1713.mp3 (Preek, 16kPro, 5.1Mb)

Edit| EditReeks
Samenvatting:
Het hooglied der godsvrucht

Eerlijk is eerlijk, het thema van de preek is van elders aangereikt, uit een Duits commentaar op het boek Prediker. Een trefzekere peiling van dit boek.
Hooglied? Eerder treurmuziek, toch? De inzet alleen al: ijdelheid der ijdelheden. 35x komt het voor. Prediker, of 'wijsheidsleraar' heeft het leven doorzocht. En dat niet oppervlakkig, maar tot op de bodem: een en ander is vruchteloos. Najagen van wind. Een doemscenario. Wie wordt daar vrolijk van? Was het postmoderne de prediker op het lijf geschreven? Geen geloof meer in de grote verhalen...?
Hooglied, dat bestaat niet. hij zegt het zelf: altijd hetzelfde liedje, dezelfde vragen: waar zul je je druk voor maken.
Van de prediker zijn verschillende `foto's` in omloop, veel etiketten opgeplakt.. Van vele kanten belicht.
Levensgenieter. Hij hield van het leven, zegt hijzelf. Huizen, boomgaarden, goud en zilver. Wat mijn ogen begeerden onthield ik ze niet. Hij zei kennelijk niet altijd ijdelheid der ijdelheden.
Ook opportunist: niet al te rechtvaardig zijn, niet al te goddeloos.
Nihilist, pessimist. Alles is een eeuwige, dodelijk vervelende kringloop.

De prediker zal zich echter in geen enkel van deze kwalificaties herkennen. Geen levensgenieter: niet de bloemetjes buiten zetten: God zal ieder werk brengen in het gericht.
Geen pessimist: ga heen en drink uw brood in vreugde, etc, geen vertwijfeld mens: ik zeg niet het hoeft voor mij niet meer, voor mij hoeft God niet meer: Vrees God en houdt zijn geboden, wat dat betaamt alle mensen.

We moeten Prediker zien als realist in Bijbels licht. Die verstand heeft van Goddelijke zaken. Gerekend onder heilige mannen Gods, zoals Petrus zegt, niet voortgebracht door een mens. Wat hij zegt komt voort uit de Heilige Geest. Met die intentie moeten we luisteren.

Het is geen filosofische levensbeschouwing, van een afstand om er vervolgens zijn neus voor op te halen. Hij heeft geleden onder de zinloosheid van het leven. Het leven buiten God is lucht. Hij typeert zichzelf er ook mee.
Hebreeuws: Habel habelim, Abel, Adam's zoon. Nietigheid!
Hij tekent een zelfportret. Ik val ook onder de categorie. Ik ben Abel. Niet van een afstand. Hij heeft geleden, aan de wereld, de politiek, aan de kerk en aan God. Hij is onzer een. Heel onze problematiek, alle onrecht is door hem heen gegaan. Tot op het bot geraakt. Ik en u zijn het.

Dat weten we: dat het niets is, niets was of worden zal, vanuit ons. Dat aanvaarden we niet uit onszelf. Dat is het werk van de Geest des oordeels. Dan houd je niets over voor God.
Het woord van Gods genade ligt echter als een glanzende parel in de tekst. Het is Gods woord, en laat zien, hoe God mede benauwd is. Het is het profetisch woord, in de slagschaduw van het Kruis, dat deze wereld veroordeeld, en tegelijk redt.
De prediker, een vooruitgezonden kruisgetuige.

Hij heeft zich zelf ontledigd tot in de dood des kruises, zoals de philipenzenbrief zegt. Abel, dat Adams kind, wordt de Here Jezus, die met mij lijdt en de schuld van de wereld overneemt. Niemand dan Hij heeft de ijdelheid van deze wereld geproefd dan in de godverlatenheid van Golgotha.

Ziet u zelf de zin van het leven niet of niet meer, dan mag u zich aan Hem toevertrouwen, hoe schuldig u bent. God staat in Christus naast de mens in de goot waar wij soms met een boog omheen lopen.
Prediker heeft zijn geloof behouden.
Er heeft een kruis in de wereld gestaan: Mijn God, Mijn God waarom hebt Gij Mij verlaten, kan het leger? Dat Kruis is uw enige hoop. Zolang de Here Jezus nog wegblijft is de ganse schepping de ijdelheid
onderworpen, maar op hoop dat de schepping vrij gemaakt zal worden. Geen ijdele hoop. Geloofd zij de Heere, de God van Israƫl, in onze lege ijdelheid, en de ganse aarde worde met Zijn heerlijkheid vervuld.

Edit