Preek/Lezing

Overzicht | Zoeken | Reeksen || Vorige | Volgende
Type Datum Spreker Thema opm
preek 2002-10-06 17:00:00
dr. C.A. van der Sluijs (em. te Veenendaal)

Tekst: Schriftlezing: Geluid: Reeks:
Zondag 7 Heb 11:1-10 2002-10-06.1711.mp3 (Schriftlezing, 16kPro, 0.3Mb)
2002-10-06.1712.mp3 (Catechismus, 16kPro, 0.2Mb)
2002-10-06.1713.mp3 (Preek, 16kPro, 5.4Mb)
Catechismus

Edit| EditReeks
Samenvatting:
We kunnen niet zonder de leer van de Bijbel. Niet zonder de geest van God, is het toch? Ja, maar de leer van de kerk heeft daar alles mee te maken. Het geloof van nu moet staan in het kader van het geloof van de kerk der eeuwen. In zondag 5 en 6, alhoewel onderdeel van de Verlossing, komt het woord geloof niet voor. Er is buiten het geloof om toch geen verlossing mogelijk? Zonder dat gaat een mens zich niet afvragen, `hoe moet dat goed komen tussen mij en God?` Zonder geloof zoek je niet naar een Middelaar. Dat moet dus in Zondag 5 en 6 toch zitten, maar het is kennelijk niet noemenswaard, d.w.z. onzichtbaar. Dat heeft ons wat te zeggen.

Zondag 7 gaat dan over het geloof, en wel het ware geloof. In het licht van de confrontatie met de Roomse Kerk: Iedere gedoopte was christen en werd zalig. Het duurde alleen langer als je niet best geleefd had. Tenzij je een doodzonde gedaan had. Die Roomse leer is soms ook te zien in de Hervormde kerk. Vandaar dat het minstens zo actueel is als destijds. De Reformatie legt alle nadruk op het persoonlijke element (net als andere ontwikkelingen in die tijd, zoals de Renaissance). Ieder individu geeft zich rekenschap. Uw enige troost, niet “onze”; eigendom van mijn trouwe Zaligmaker.

Er is sprake van verbondsmatige vervaging en vervlakking. We zijn verbondsgemeente, immers. We gaan uit van een verondersteld geloof en we gaan aan het werk.
Onvoorstelbaar wat mogelijk blijkt te zijn ook in een Gereformeerde Bondsgemeente. Ook: evangelische vervloeiing: ellende, verlossing, dankbaarheid lopen door elkaar. Het massale toejuichen, Praise. Maar hoe sta je er zelf in, losgemaakt van de opzwepende elementen om je heen?
Iedereen zalig in de Plaatsvervanger? Zij worden zalig die geloven en Hem aannemen. Niet: allen die geloven, of allen die Hem aannemen, maar beide. Door een waar geloof worden ingelijfd: dat is passief, dat doe je niet zelf. Inlijven staat niet formeel in de Bijbel, materieel wel: Eén “lijf”, lichaam worden met. De persoonsvereniging met Christus. Het ware geloof werkt dat. De wijnstok en de ranken. Eén plant worden met Hem, zegt Paulus.

Er is dus eerst sprake van wat God doet, en dan van wat wij doen. Het aannemen doe je vanuit het een geworden zijn. Verdraagt u dit? De catechismus zegt het. Aannemen: de rechtvaardiging, de heiligmaking, de verheerlijking.

Wat is dan een waar geloof? Stellig weten en een vast vertrouwen; kunnen we dan aan het werk? Het gaat om voor waarachtig houden, dan kun je niet verzamelen, al lerend. Dat past op de eerste tweedeling: ingelijfd en aannemen. Kennen als ervaren, door de omgang met God. Gods werk, dus. Geen prestatie. Verstand en hart.

Er worden twee wegen bewandeld, een brede en een smalle. Een half jaar geen catechismus prediking, is ons geloof ontaard?
Niet alleen anderen, maar ook mij, de verwondering van de genade. Pel het geloof niet los van de genade of de Schrift, want je houdt niets over. Het ware geloof ademt in Christus, een onlesbare dorst naar Hem. Er is een groei in het geloof, maar binnen het ingelijfd worden. Het minste geloof ontstaat daar waar wij ingelijfd worden en daarom kun je niet meer zonder Hem. Wee degene die denkt buiten Christus wat te zijn of te hebben.

Behalve het persoonlijke is er het inhoudelijke element. Wat geloof je? Al wat in het evangelie beloofd wordt. Het geloof is als een klimop langs de wand van het evangelie. De 12 artikelen zijn een samenvatting daarvan. De gemeenschap van de kerk der eeuwen leert ons, adviseert, troost, sterkt, corrigeert. Daarbuiten is niets. Wie weet van het geloof nu, staat op de schouders van het voorgeslacht. Het bewaart ook voor subjectivisme, 'ik vind, ik meen, ik geloof, ik ervaar het zo.' Verstarring en verwarring.
Drie personen in de 12 artikelen zijn een eenheid; ik ga persoonlijk geloven wat zij beloven, in ootmoedige verwondering.

Edit