Preek/Lezing

Overzicht | Zoeken | Reeksen || Vorige | Volgende
Type Datum Spreker Thema opm
preek 2002-11-24 17:00:00 ds K. ten Klooster (Ridderkerk)

Tekst: Schriftlezing: Geluid: Reeks:
luc 15:7 luc 15:1-10 18:9-14 2002-11-24.1711a.mp3 (Schriftlezing, 16kPro, 0.2Mb)
2002-11-24.1711b.mp3 (Schriftlezing, 16kPro, 0.1Mb)
2002-11-24.1713.mp3 (Preek, 16kPro, 4.7Mb)

Edit| EditReeks
Samenvatting:
Het woord wat centraal staat in de gelijkenis va het verloren schaap is `blijdschap`. Op aarde bij de herder die z'n schaap terugvindt. Het beheerst hem geheel. De Here Jezus heeft geleden Zijn tijd op aarde. Maar om de voorgestelde vreugde heeft Hij het kruis verdragen. Hij was er blij over dat Hij Zijn schapen van hun verloren toestand kon redden. De plaatsbekleder, die de rechtvaardige toorn van de Vader droeg. De liefde voor de schapen gaf Hem vreugde. Hij was van eeuwigheid in heerlijkheid en werd mens om te lijden, te sterven om velen tot de heerlijkheid te leiden. Hij legt hen op de schouder, verblijd zijnde.
Thuis is er weer blijdschap. Alles wordt bij elkaar geroepen, gedeelde vreugde is dubbele vreugde. Alzo zal er blijdschap zijn in de hemel. 'Daar is toch altijd vreugde?' Bij wie is er blijdschap in de hemel? Onder de engelen staat er in vers 10. Vers 7 heeft 'in de hemel', God heeft er innerlijk genoegen over als een zondaar zich tot Hem (be)keert. In eerbied gesproken: u kunt God geen groter genoegen doen, dan u tot Hem te bekeren. God heeft oog voor een enkel mens. De vreugde valt de engelen op. God is geen kille koude dictator, niet van hout of steen; de levende God is een bewogen God. Een hart voor al het geschapene en vooral die ene zondaar die zich bekeert. De engelen verheugen zich over het uitbreiden van het Koninkrijk.

Het is niet aan ons overgelaten om ons te bekeren en terug te keren. De herder komt het schaap achterna. Dat doet het schaap niet zelf. Misschien zit het wel vast. De mens raakt bewust bij God weg, door zijn zondigheid. Wie gaat daar achteraan? Jezus.
Het schaap keert terug als het op de schouder van de herder gedragen wordt. De bekering van een mens gaat echter niet buiten een mens om. We staan allemaal onder de schuldige verplichting om ons te bekeren. Genade is het, voor 100% en als we ons niet bekeren is dat onze eigen schuld. Dat geldt ook de dagelijkse bekering. De praktijk van het christenleven, je afwenden van het zondige, onzuivere, en van harte vroom leven, vruchtdragende ranken zijn. God verheugt zich daarover, met de engelen.

Is er ook om jou, om u vreugde geweest in de hemel?

Wie zijn de 99 rechtvaardigen? Zijn zij degene die niet afweken? Of diegenen die zichzelf wijsmaken dat zij rechtvaardig zijn en dus geen bekering nodig hebben? Wellicht wordt bedoeld de quasi-vromen, de Farizeeën zoals ze aan het begin van dit hoofdstuk aan de orde komen. 'Bekering is voor zondaren en tollenaren', zij hadden die niet nodig.
'Ik ben toch betrokken? Ik ga toch aan het Avondmaal, waarom zouden wij ons moeten bekeren? Ik dank dat ik niet ben zoals die anderen, ik ben toch geen rover geen overspeler?' Als de bekering ook naar ons toekomt komt ook het verzet op. Waar komt dat toch vandaan? De Farizeeën zijn niet anders. Wij mogen danken dat openbrekende zonden in ons leven niet tot uiting zijn gekomen, maar in de kiem hebben we alles in ons tot moord en doodslag toe.
Nergens kwam de vijandschap sterker aan het licht dan bij de 'kerkmensen', die de Schrift bestudeerden. 'Kruis Hem!' Ambtsdragers en dominees. Vroom in eigen gedachte.

De zonde van de geldzucht (van de tollenaars) is niet erger dan die van de onbekeerlijkheid. Zullen wij dan niet heel ootmoedig aan Hem vragen, ben ik dat, Heere? Is bij mij een schadelijke weg? Doe de Farizeeër in mij sterven, aan mijn hoogmoed, mijn eigen gerechtigheid. In het hart van God is plaats voor zondaars, voor Farizeeën en Schriftgeleerden; wat dacht u van Paulus? En voor tollenaars, wat dacht u van Levi? 'Volg Mij.' Wat hebben zij veel mogen betekenen in de dienst van het evangelie.
De blijdschap is groot over een zondaar die zich bekeert. Het geduld van de Heere is onuitsprekelijk, Zijn trouw oneindig.
Eens zal de verloste kerk zich verheugen als ze met Hem mogen aanzitten aan Zijn tafel.

Edit