Preek/Lezing

Overzicht | Zoeken | Reeksen || Vorige | Volgende
Type Datum Spreker Thema opm
preek 2002-12-29 17:00:00 ds. P. v.d. Kraan (Bleskensgraaf)

Tekst: Schriftlezing: Geluid: Reeks:
luc 2:49 luc 2:41-52 2002-12-29.1711.mp3 (Schriftlezing, 16kPro, 0.2Mb)
2002-12-29.1713.mp3 (Preek, 16kPro, 4.9Mb)

Edit| EditReeks
Samenvatting:
In het eerste woord van de Here Jezus openbaart Hij zich (1), ontdekt Hij ons aan onszelf (2) en verklaart Hij zichzelf als middelaar (3).

Het eerste woord dat ons van de Here Jezus is overgeleverd.

1. Zelfopenbaring.
's Zomers staan er op het strand bij de strandbrigade allerlei vlaggen, bijv. dat er geen gevaar is, zodat u kunt zwemmen, of dat er een gevaarlijke onderstroom staat. Soms een vlag met een vraagteken, wat betekent 'Kind vermist'. Kunnen wij die vlag ook hijsen? Het kind Jezus is vermist, en wordt na drie dagen angstig zoeken toch nog gevonden. 'Waren ze maar linea recta naar de tempel gegaan'. Zou het verwijt van Jezus zijn geweest, dat ze hem drie dagen niet vonden en verkeerd zochten? Is dat zo?
Heel de heilsgeschiedenis door is de Schrift zelfopenbaring van de Vader, de Zoon en de Heilige Geest. Vaak via mensen, soms van God zelf vandaan. Dit is niet het eerste woord wat Jezus gesproken heeft uiteraard, maar wat ons is overgeleverd. Dat vond de Heilige Geest kennelijk nodig en belangrijk. Zijn Woord is leven. Het is geen 'weetje'.
Godskennis gaat vooraf aan zelfkennis. Je leert jezelf dan pas goed kennen. 'Kind waarom heb je ons dit aangedaan?' vraagt Maria. En de wedervraag van Jezus is 'wat is het dat gij Mij zocht?', uit verwondering. Ze weet toch dat Hij de Zoon van God is. Jezus verwijt het hun niet dat ze Hem niet direct gevonden hebben, hun domheid gedurende drie dagen, maar dat ze Hem überhaupt zoeken. Begrijpen ze niet dat het moment van scheiden zachtjes aan gekomen is. Jozef en Maria moeten steeds meer leren terugtreden.
Het is menselijk dat Maria uitvalt naar Jezus. Maar is het juist? Is er hier sprake van zonde? Hij is niet als ondeugend kind in de tempel achter gebleven, maar als ambtsdrager. In Kana zegt Jezus, 'vrouw wat heb ik met u van doen', of later in Capernaüm, 'deze zijn Mijn moeder en mijn familie, die Mijn wil doen'. Maria had beter kunnen weten, uit de mond van Gabriël.
Er is nu een mens op aarde die recht tegenover God staat.

2. Ontdekking
Jezus ontheiligt het vijfde gebod niet, maar hij geeft Zijn hemelse Vader juist alle eer. Hij speurt naar zaken waar Hij Zijn Vader mee kan eren. Alles in de tempel wees naar Christus. Daar is Hij dan ook thuis. Vandaar ook de toorn, wanneer de tempel tot een rovershol gemaakt was. Als Jezus zich openbaart als de tweede Adam, ontmaskert hij mij als de eerste Adam. In mijn zonde als nalatigheid, waar ik toe bestemd was, toe geroepen was, doe ik niet. Ik ben dienstweigeraar. Godsdienst heeft mijn hart niet. De ene keer ben ik te moe, te druk, u kent het hele scala van excuses wel. Op de catechisatie van 14 jarigen komt 95% omdat ze moeten, maar hoe is het als we ouder zijn? Gauw even bidden, 's zondags mijn tijd uitzitten in de kerk, maar doordeweeks niet gezien. Daardoor mis ik mijn bestemming, en daarmee mijn diepste vreugde.

Maar dit alles wordt niet geopenbaard om mij tot wanhoop te brengen:

3) Middelaar
'Wist gij niet dat ik moest zijn...' Moest. De drijfveer, de bron van dat moeten is de eer van Zijn Vader waardoor mensen gered moet worden. Daarvoor kwam Hij op aarde. Hij gaat in mijn plaats borgtochtelijk op. Zo ver ben ik van huis. Verloren voor het leven dat God met mij heeft bedoeld. En daar kom ik Christus tegen, in dat oordeel. Neem mijn leven, laat het, Heer, toegewijd zijn aan Uw eer. Alles voor U. Het gewillig hart.
Satan probeert mij af te vangen, door valkuilen te graven, stenen van ergernis. Maria onderkent het. Door het woord van God wordt me dat steeds duidelijker.

Waar zoeken wij de Here Jezus? In de dingen van Gods koninkrijk, bij de orde van de dingen van God. OK, onze handen staan er verkeerd voor, maar doe het toch maar.

Je hebt knieën om te buigen, ogen om te sluiten, een mond om God te roepen. Wie Hem zoekt zal Hem, naar Zijn eigen Woord, ook vinden.

Edit