Edit|
EditReeks Samenvatting:
Kerstfeest ligt 10 dagen achter ons. De sfeer was er naar. Maar de kerstsfeer is weg uit de kamer, uit de ziekenhuizen, uit de kerken. Is het weer grauw en grijs, is er niets veranderd? Toch wel, het is niet voor niets Kerst geweest. Nooit kan meer ongedaan gemaakt worden, dat de zaligmakende genade Gods is verschenen aan alle mensen.
Titus is een medewerker van Paulus van het eerste uur. Hij was Griek, heiden, maar gewonnen voor de Here Jezus en Zijn dienst. Met name in Corinthe. Hij was ook vaak boodschapper geweest. Had inzamelingen gehouden. Een vroeg oog voor het diaconaat.
Paulus drukt Titus op het hart dat geloof en belijdenis op de juiste wijze moet functioneren. Hij richt zich op oude mannen, jonge mannen, vrouwen, werknemers... Zodat zij de leer van God in alles versieren. Niet optuigen aan de buitenkant, en ondertussen elkaar aftuigen. Maar een zachtmoedige en stille geest die ootmoedig is voor God. Een heilige levenswandel. Want: de genade is verschenen aan alle mensen. (Met de nadruk op verschenen). Een term die ook voor een statiebezoek van de keizer bijv. wordt gebruikt. Maar die verschenen is, is de Heer, Kurios. De heidense wereld kent de zaligmakende genade niet, Plato niet, Zeno ook niet, om er twee te noemen.
Ook het jodendom van die dagen was in duisternis, van eigen vroomheid. En vandaag de dag dan... De duisternis van de honger in Afrika, de dreigende tweede Golfoorlog, de terreur, niet alleen in Israel maar ook elders. De jobstijding die je van de dokter krijgt. Onze geliefden missen door de dood en er is zoveel meer aan leed; niet uit te spreken.
Maar de redder van de wereld komt niet uit Rome, zegt Paulus, net zo min als die nu uit Washington of Moskou zou komen. Maar uit den hoge. Zijn liefde tot de mensen is verschenen, dat is het helemaal en dat is ook alles. Van verhoging tot vernedering: zaligmakende genade.
Heb ik daar mee te maken dan? Ja, want het is verschenen aan *alle* mensen. De heidenen en Israel. 'Maar dat gaat zo maar niet', nou laat het Woord toch maar gewoon staan zoals het er staat. Niet alle mensen zullen zalig worden, maar alleen die Christus 'door en waar geloof zijn ingelijfd'.
Gods genade is afgezonken tot de slavenstand. Verschenen in de komst van het Kind. Met de handjes en voetjes die later aan het ruwhouten kruis gespijkerd zouden worden. U bent de bron van mijn heil. Hoe? In de afbraak van mijn eigen (on-)gerechtigheden.
We worden beschenen door een licht, opdat wij Hem zouden dienen in heiligheid, gerechtigheid al de dagen van ons leven.
Dit kerstlied van Paulus rukt de blinddoek van onze ogen weg. Sta af van alle ongerechtigheid. Goddeloosheid raakt aan het zonder God zijn, hulpeloos, radeloos.
`Verzakende`, dwz gij hebt gebroken met, maar het moet wel een vervolg krijgen, tegen de zonde `nee` te zeggen in alle variaties. Op seksueel gebied, weelde, rijkdom. We worden er zo in meegezogen. Hoever heeft het als te pakken. Er zijn ook verfijnde wereldse begeerlijkheden. Als ons leven alleen maar gericht is op de dingen hier beneden. Beursberichten, beleggingen; In het nette, ja, maar net zo gierig;
Nee tegen de zonde, ja tegen het leven in de heiligmaking. De vrucht van dat leven komt tot uiting in matigheid, rechtvaardigheid en godzaligheid.
1. Matigheid: in eten en drinken, in kleding, versiering, in arbeid, in bezit. Een mens van deze wereld heeft niet anders, maar verzadiging vindt hij niet en nooit.
2. Rechtvaardigheid: laat een ander delen in wat we bezitten, barmhartigheid, lenigen van nood. Wegnemen van onrecht op grote en kleine schaal.
3. Godzalig, het tegenovergestelde van godloosheid. Dat moet tot jaloezie opwekken.
Dat betekent Kerstfeest na dato. Dat gold toen, maar ook nu. Hoe staan wij daar in? Als het goed is kan de wereld niet zeggen: `ze hebben het er altijd over, maar ze leven er niet naar`. Maar we zullen hoe langer hoe meer vreemdeling worden op aarde.
Niet alleen de hemel in je hart, maar het doet ons de dag van Christus zien. Als Zijn licht schijnt in onze duisternis. Hij zal opnieuw verschijnen en wel als de koning der koningen. In de huizen en op de akkers, bij de VN, op de synodes, en de bode zal uitbazuinen; Nu is het geschied, punt uit. Het teken van de Zoon des mensen zal gezien worden.
Hebt u Zijn verschijning lief gekregen? Dan wordt een bruidsgemeente ook een adventsgemeente. De strijd is zwaar, de lucht bewolkt, maar het uitzicht verhelderd en het licht schijnt overal.