Preek/Lezing

Overzicht | Zoeken | Reeksen || Vorige | Volgende
Type Datum Spreker Thema opm
preek 2003-09-21 10:00:00 ds. J. Prins (Randwijk)

Tekst: Schriftlezing: Geluid: Reeks:
Gen 3:1-15 (m.n. 9) Gen 3:1-15 2003-09-21.1010.mp3 (Votum en Groet, 16kPro, 0.1Mb)
2003-09-21.1011.mp3 (Schriftlezing, 16kPro, 0.4Mb)
2003-09-21.1013.mp3 (Preek, 16kPro, 5.1Mb)
2003-09-21.1019.mp3 (Zegen, 16kPro, 0.0Mb)
2003-09-21.1710.mp3 (Votum en Groet, 16kPro, 0.0Mb)

Edit| EditReeks
Samenvatting:
Mens, waar ben je?

De slang bedriegt, de mens zondigt, maar de Heere God zoekt op.

Jongens en meisjes, er kan een groot verschil zijn tussen de ene en de andere dag, de ene dag gaat het goed op school, speel je nog buiten, de andere dag heb je pijn je buik en het lukt niet.
Het is licht of donker zeggen we dan, gemeente. Hier zien we dat ook. Aan het eind van Genesis 1, God zag dat het goed was, en Genesis 2: ze waren naakt, maar schaamden zich niet. Maar lang is dit niet gebleven. Er is in de hemel iets rampzaligs gebeurd. Een engel is opgestaan en velen hebben hem gevolgd. 'Ze hebben hun beginsel niet bewaard'. De hemel uitgeworpen, de duivel zint op wraak. Hoe beter dan door de Gods kroon van de schepping, u en ik, van Gods hart af te breken. Hij gebruikte het slimste dier op aarde, de slang, Openb 20:2 zegt, de oude slang welke is satan. Hij opent de aanval op Eva, niet op Adam die eerst-verantwoordelijk is. Heel subtiel en gemeen komt hij tot Eva. `Heeft God eigenlijk wel gezegd`, je mag van alle bomen in de hof niet eten. Zo brengt hij haar aan het twijfelen. Haar eerste antwoord is minder royaal, en het niet mogen aanraken: dat is een verscherping van Zijn gebod, alleen niet eten. En ook opdat gij niet sterve is een verzwakking van de straf; gij zult de dood sterven, zei God. Haal niets van het woord af, en doe er niets bij.
De duivel belooft aan Eva: je zult niet steven, maar gijlieden (hij spreekt Adam ook aan dus) zult als God zijn…
De vrucht ziet er goed uit, je moet er wel wijs en verstandig van worden. De duivel vergroot de zonde uit, `wat ziet dat er lekker uit`, vooraf. Maar o wee wat een bittere nasmaak. Je neemt en kijkt en ondergaat de slechte invloed. De duivel verzoekt, maar u en ik, we zijn er zelf verantwoordelijk voor.
En ze geeft ook aan Adam. Adam is zelf verantwoordelijk, maar verleid door Eva. Komen satans beloften uit? Hij geeft helemaal geen belofte. Hun ogen worden geopend, maar ze worden niet als God, maar ze verliezen alle goed en ontvangen alle kwaad.
De eenheid is verbroken; door het elkaar aanzien? Het komt van binnen uit, overtuigt dat ze Gods verbod hebben verbroken.
Zo volmaakt als ze waren zo gebroken zijn ze nu. Vijgenbladeren gorden ze aan om hun schaamte te bedekken. Helpt het? Darmee verdwijnen angst en schuld en een kwaad geweten niet. Doen wij dat ook? Zo'n gordel om je middel doen? Als je schuld ontdekt voor God, je gaat bidden, naar de kerk, stille tijd, proberen te breken met de zonde; dat is goed. Maar daarmee gaat de vrees niet weg.
God komt tot Adam en Eva - Hij wandelt op hen af. God is traag tot toorn. Maar Adam en Eva vluchten weg voor God. Ze vluchten weg van de boom des levens. Weg van het licht, naar het donker. Daarom is er ongerechtigheid, daarom zijn er bomaanslagen in Israël. Wij hebben een verbond met de dood gemaakt. Een mens wil van nature uit Gods handen blijven. De schotelantenne van de mens is niet meer gericht op God, maar op de vorst van de duisternis.
Adam's zonde is ook mijn zonde. In zonde ontvangen.

Maar de Heere God zoekt op. Mens waar ben je? Wat een wonder. Waarom vlucht je, vrees je? Je hebt Mijn stem al zo vaak gehoord? Ik ben naakt en kan niet staande blijven. Hij staat voor God als zondaar.
Als de Heere vraagt of hij van de verboden boom heeft gegeten, hoor je de stijgende verontwaardiging. Adam geeft feitelijk God de schuld. De vrouw die Gij mij gegeven hebt. En dan vraagt God aan Eva, hoe kon je dat doen? Dan wijst Eva de slang aan, die God geschapen heeft, dus ook eerst heeft God de schuld.
De Heere veroordeelt de slang. Uit het zadel gewipt moet hij nu op z'n buik door het stof kruipen. En wordt de mens ook door God veroordeeld? Stof uit stof ben je. Maar zijn veroordeling heeft niet het laatste woord en ook vanmorgen niet. Want de Heere is rechtvaardig en genadig. Wij trekken ons niet uit het moeras. Vers 15 is u misschien al vroeg bij gebleven, het kerstfeest van de zondagsschool; Ik zal, zegt de Heere. De moeder-belofte, dat wil zeggen de moeder van alle beloften. Ik zal vijandschap zetten. Tussen al de demonen, het rijk van de boze en het zaad van de vrouw. Als je per ongeluk op een slang trapt bijt het je in de hielen, maar je pakt een stok en vermorzelt het de kop. Maar de satan is er nog altijd op uit om Gods volk te verleiden. C.S. Lewis schrijft in "Brieven uit de Hel" hoe een oudere duivel jongere opleidt om mensen te verleiden; bepaalt geen flauwe kul. Wij zijn zo zwak. Maar *het* zaad, Jezus Christus, Hij is gekomen. Zijn naam wordt verkondigd in allerlei toonaard. Hij is gekomen om de werken van de duivel te verbreken.
De Heere Jezus heeft de duivel o.a. overwonnen door het Woord, `er staat geschreven`. Houd je aan het Woord! Ook heeft Hij dat gedaan door de liefde-geboden te vervulen en tenslotte aan het kruis, met Zijn eigen kostbaar bloed.

Met die boodschap mogen we het nieuwe seizoen weer in. En het klinkt steeds: jongen, meisje, waar ben je. Dat je die ene Naam mag leren kennen, gegeven tot zaligheid, en daar mag van gehoord worden in de prediking, en de gemeente zingt ervan.
Op zondagschool moet het klinken, op huisbezoek bij ouderen, steeds in 'hun taal'. Leer overeenkomstig leeftijd opleiding en achtergrond, "op oudere leeftijd zal hij daarvan niet afwijken". Mag u al leven van Zijn liefde, met het verlangen om God te behagen naar Zijn gebod? Hij blijft ons roepen al de dagen van ons leven. Al bij de doop: toen al klonk het: Mens waar ben je? Als er gevaar dreigt roept een moeder naar haar kind "kijk uit!" Heeft u zo Gods roep al gehoord in uw leven? Heft u zo uw doop al beantwoord? Zoals de jonge Samuël: spreek Heere, want uw knecht hoort. Dat is het antwoord.

Praat je onder elkaar over de dingen van Gods koninkrijk? Dan leeft het, wat je gelooft. Misschien ziet u wel op tegen het winterwerk, en iemand die leiding geeft zegt misschien, `maar draagt het wel vrucht`? Zie dan niet op de omstandigheden, maar pleit op God. Hij zegt: Ik zal vijandschap zetten. Verwachten we dat? Val de Heere dan ook maar heilig lastig, "Heere U hebt het zelf gezegd"!

Het kan zo maar donker zijn en gisteren licht. Maar dan zie we op de omstandigheden. Hopelijk mag u zeggen: gisteren was het donker, het donker van mijn keuze tegen God, maar vandaag is het licht geworden, zoals God het bedoeld heeft.
Volgt u Hem? Dan hoeft u nooit meer te vluchten voor God, maar mag u eeuwig God groot maken om Zijn genade.

Edit