Edit|
EditReeks Samenvatting:
Als je het niet aangaat dan lig je er niet wakker van. Vanmorgen 7 mensen gedood bij een zelfmoordactie in Jeruzalem: als je daar niet bij was, lig je er niet wakker van. Als een kind voor de ogen van ouders wordt overreden, en je hoort daarvan, vind je dat erg, maar je ligt er niet wakker van. Behalve wanneer het je persoonlijk aangaat. Gaat het ons dan wel aan, dat we eens de slaap des doods zullen slapen? Wie ligt daar wakker van? Ik gun u echt wel een goede nachtrust, maar toch…
In de nacht van Gethsemané is Jezus klaarwakker. Ik lees aangrijpende woorden: verbaasd en zeer beangst. Niet in staat om dit te verwoorden. Jezus is zeer angstig! De kinderen denken misschien: maar Hij was toch de Zoon van God? Ja, maar toch. Er was reden voor. En Hij was voor geen kleintje vervaard. Die storm op zee; de discipelen waren heel erg bang, en Jezus sliep! Wat is het dan nu, dat Hem zo verbaasd en angstig maakt?
We kunnen de catechismus citeren: van hem werd verlangd: betaal Mij wat Gij Mij schuldig zijt: grote woorden van de dogmatiek; je hoort ze maar je hoort ze niet meer.
Er was een discussie in de 12e eeuw: Anselmus van Canterburry, de grondlegger van de theologie van de verzoening, de plaatsvervanging; en tegenoverhem stond Bozo, die vooral betoogde dat God liefde is maar er was geen plaatsvervanging, dat was te bloederig. Anselmus zei: Gij beseft niet hoe zwaar het gewicht der zonde is.
Dat moet het zijn. God gaat verloren zondaren opwekken uit de slaap van de dood. Dan komt Hij met Zijn majesteit en vreselijke heerlijkheid - doe daar niets van af. Het zwaard boven Gethsemané. Vier jaar gelden logeerden wij in het Huis op de Berg, en vanaf het terras zag je de hof van Gethsemané. Alle toeristen spraken zachtjes, niemand lachte. Olijfbomen van 2000 jaar oud. Het gewicht van de zonde drukt op Jezus.
Maar het gaat ook om hen die de slaap van de dood ooit zullen slapen, de discipelen en allen daarachter. Zij moeten nu ook wakker zijn. Drie van de meest intiemen neemt Jezus mee. Vertegenwoordigers van de kerk der eeuwen. Als iemand sterven gaat dan waak je daar toch bij? Dat weet u misschien wel van uw vader of moeder, misschien zelfs een kind? Ook Jezus heeft mensen om zich heen nodig, nu de hel op Hem af komt. Waak met Mij; zo gewoon eigenlijk. Mijn ziel is geheel bedroefd, tot de dood toe. Je blijft toch wel bij me vannacht?
Dan liggen we wel een nachtje wakker, als de majesteit en de vreselijkheid van de dood op ons af komen. Het moest maar eens heel dicht bij gaan komen… in je familie, of je moest zelf maar eens een slecht bericht krijgen van de dokter. Dan lig je wel een nachtje wakker. Het gaat de discipelen aan: het is hun dood, die Jezus gaat sterven. En onze dood. Maar daar is de Geest voor nodig, geen dooddoener, maar een levend maker. Pasen en Pinksteren vallen kennelijk niet samen. Een mens moet wakker gemaakt worden. Denk aan Jona: `Wat is er mij jou aan de hand, slaapkop? Nu nog slapen?` We slapen voort in het schip van de kerk. En juist als we denken dat we wakker zijn. Ook of juist in de lijdenstijd.
En Hij kwam en vond hen slapende. Dat doe je toch niet? Lucas zegt: vond hen slapende van droefheid; dat klinkt nog wat sympathieker. En dat terwijl de dood zo dicht bij was. Als je een onbekeerd hart hebt kun je van het een op het andere moment in de hel belanden, daar zit maar één adem tussen.
Hij spreekt Petrus aan: Hij zou vooral de wakkere zijn. Als ze u wat aandoen, ik zal met u sterven! Kun je één uur wakker blijven, Petrus?
`We moeten wakker zijn, gemeente! Ogen open!` Maar wat stellen we voor? Hooguit stellen we ons aan. Op het meest kritieke moment laten we het afweten. Dan zijn we niet thuis, dan slapen we.
Ik dacht van morgen: eerste Lijdenszondag? Het grootste lijden kon vandaag wel eens zijn, bot- en beenbreuken van de wintersport.
Als kindje dacht ik: ik ga niet slapen voor ik een nieuw hartje heb; maar ik viel in slaap. En later: de discipelen staan met de mond vol tanden. Wie echt wakker gemaakt wordt, valt in slaap. Die krijgt te maken met die diepe geestelijke slaap van de dood. En daar sta je dan met een mond vol tanden. En ze wisten niet wat ze Hem antwoorden zouden. Mondige mensen in Gethsemané, een mondige gemeente,....
Maar God dank, Israëls wachter slaapt en sluimert niet. Abba, Vader, alle dingen zijn U mogelijk. Als het kan wil deze drinkbeker.. maar niet wat Ik wil, maar wat Gij wilt… Dit is na het paradijs nooit meer gezegd. Niet wat Ik wil, maar wat Gij wilt… Hier gaat een wissel om. Je zult maar te maken krijgen met de wil van God, in Zijn heilig gebod, dan lig je wel een nachtje wakker.
De discipelen slapen al weer. `Gelukkig dat wij wijzer zijn…` 5 dwaze en 5 wijze maagden, maar als de bruidegom komt slapen ze allemaal.
Jezus komt dan nogmaals en zegt: slaap nu voort en rust. Sommige commentatoren zeggen dat het ironisch bedoeld is. Dat ligt niet voor de hand, want Hij zegt erachter aan: het is genoeg. Hij weet dat Hij de overwinning zal behalen. Ik denk aan iemand die het bericht krijgt dat hij niet beter zal worden, en dan krijg je opstand/ontkenning, `het is niet waar` (dat moet je mee gemaakt hebben). Totdat er acceptatie komt, en dan is er rust en die fases kunnen achter elkaar herhaald worden. Er is een eerste aanvaarding: niet Mijn wil, maar Uw wil geschiede. Acceptatie. "Het is genoeg" zegt dan: ik heb uw wake niet meer nodig. De Zoon des mensen wordt overgeleverd in de handen der zondaren. In beginsel is de strijd gestreden, maar het herhaald zich, en op Golgotha komt de climax: Mijn God, Mijn God..! Dit is de menselijke kant van Jezus.
Wat moeten we nu doen? Waken of slapen? `Je moet wel waken bij zo'n stervende en we doen wat we kunnen in de lijdenstijd. En we gaan naar de Mattheus Passion, om zoveel mogelijk mee te maken wat Jezus heeft doorgemaakt, want we willen zo wakker mogelijk zijn. Ik lees Psalm 127:3 het is alzo dat Hij het Zijn beminden geeft als in de slaap. Of uit het Hebreeuws: Het is nu zo dat Hij Zijn beminden slaap geeft. Slaap nu voort en rust, het is genoeg. Voorspel op: het is volbracht.
Wij worden slapende zalig en een goed verstaander heeft hier het hele woord nodig: Wij worden slapende zalig of wij worden het nooit. Weet u wie er hier wakker is? Judas!
Slapende zalig worden. God formeert zich een nieuwe schepping in Christus Jezus en Hij doet dat alleen. Uit genade zijt Gij zalig geworden.
God liet een diepe slaap op Adam vallen, en hij bouwde Eva uit een van zijn ribben. Als straks de tweede Adam slaapt, vloeit er uit zijn zijde bloed en water, en daaruit nam God voor Hem Zijn bruidsgemeente; terwijl Hij sliep.
Maria slaapwandelt in de tuin; tot Jezus ons uit de droom helpt, slapen we allemaal. De wachters slapen niet, maar die werden als doden. Ook de wachters die precies weten hoe de kerk eruit moet zien en hoe je zalig moet worden maar er intussen voor waken dat de levende opstaan uit de doden; ook die worden als doden, en intussen slapen ze.
Is het dan goed om slapen? Nee: waakt en bid, ontwaakt gij de slaapt en staat op uit de doden. Maar als je erachter komt dat je slaperig bent en niet zalig kunt worden: je mag slapende zalig worden! Slaap nu voort en rust, het is genoeg. Jezus is wakker, en blijft wakker.
Jezus zegt er onmiddellijk na: sta op, laat ons gaan. Zij die permissie krijgen om zo te slapen mogen opstaan en gaan achter Jezus aan. Niet te begrijpen, alleen maar te geloven, en zo God te loven. Aan de andere kant van het graf, dan blijf je wel wakker, hoor!