Preek/Lezing

Overzicht | Zoeken | Reeksen || Vorige | Volgende
Type Datum Spreker Thema opm
preek 2003-07-13 17:00:00 ds. M.A. van de Berg (Zoetermeer)

Tekst: Schriftlezing: Geluid: Reeks:
2Cor 4:6 Gen 1:1-5 2Cor 4:1-6 2003-07-13.1710.mp3 (Votum en Groet, 16kPro, 0.1Mb)
2003-07-13.1711a.mp3 (Schriftlezing, 16kPro, 0.1Mb)
2003-07-13.1711b.mp3 (Schriftlezing, 16kPro, 0.2Mb)
2003-07-13.1713.mp3 (Preek, 16kPro, 5.4Mb)
2003-07-13.1719.mp3 (Zegen, 16kPro, 0.1Mb)

Edit| EditReeks
Samenvatting:
Stel je voor dat de zon uit zou gaan. Volgens geleerden en hun eigen manier van kijken zou dat over 5 miljard jaar gaan gebeuren. Dat laten we voor hun rekening, maar de Bijbel zegt ook dat deze zon niet zo blijven. Het einde van het leven. Licht is leven.
Er zijn mensen die de boodschap van Paulus tussen haakjes willen zetten. Daar verweert hij zich tegen. `Ik heb dat licht niet gemaakt`, het gaat om het heerlijke licht van God, en dat mag hij uitdragen. Een licht dat schijnt in een duistere plaats. Wie heeft er echter oog voor? Wie wandelt er in? Zovelen kunnen het missen zonder enig probleem. Maar laat dat je niet in de war brengen, zet Paulus - het doet niets af aan de heerlijkheid van het licht, en is niet de schuld van het evangelie. Wat erg is het dat men een `eigen` verlichting heeft. Onbegrijpelijk.

Het heerlijke licht, dat overwint. Het licht uit de duisternis(1), schijnt in onze harten(2) tot verlichting der kennis(3).

1. God heeft gezegd dat het licht uit de duisternis zou schijnen. Paulus verwijst naar de Schepping. De duisternis was op de afgrond. `Er zij licht`, zo klonk het. Komt het licht `uit` de duisternis vandaan? Nee, God schept uit niets. Het heelal is groot en ontzeggelijk. Er zijn zgn. zwarte gaten, daar is de massa zo dicht en de zwaartekracht zo groot, dat daar niets meer los komt, zelfs het licht kan niet ontsnappen. Maar Gods macht is groter dan welke macht van de duisternis ook: er zij licht.

Er is nog een duisternis: die gekomen is na het goede begin van Gods schepping. Die van `de god dezer eeuw`, de boze die zijn zwarte gat van de zonde in deze wereld gegeven heeft. Een na-aper van God. De Diabolos, door de war gooier. De geest van de Verlichting: wij hebben zelf ons licht. Zinsbegoocheling. We zien alles in ons eigen licht. Het ongeloof dat zich tegen het Licht verzet. De overmoedige mens, het evangelie is bedekt, duisternis, voor diegenen die verloren gaan. Maar er kan nog een keer komen, zie het leven van Paulus zelf.
Het licht heeft kracht. God laat het schijnen, in de duisternis,

2. in onze harten. Van allen die door een waar geloof tot dat licht zijn geroepen. Buiten God was er duisternis in ons hart. Hij komt niet in ons eigen licht, "Hij komt met Zijn woord en dan zullen wij eens zien wat we ermee doen…". Wat een list van de god dezer eeuw! Onze gedachten zijn duisternis als God daarin geen licht geeft. Dat zal altijd botsen. Op de weg naar Damascus werd zijn eigen licht duisternis. Wij zijn een duister fenomeen, zolang niet in ons rijst het licht van de Heilige Geest, dicht G. Achterberg. Het licht is niet zo maar iets vàn God, Hij zèlf heeft geschenen in onze harten. Hij geeft niet alleen licht, Hij is licht. Heere uw licht en uw liefde schijnen.
Die in de Hemel woont, daalt in Zijn licht neer. En dan gaan we dingen zien. Je weet niet meer wat je meemaakt, wat je zeggen moet. Het aangezicht van Jezus Christus. `Ik ben het, die gij vervolgt`. Mozes had nog een sluier voor, maar Jezus mag je vol in het gezicht kijken. Het licht des levens, Ik voor u, daar gij anders voor eeuwig in de duisternis had moeten blijven. Zie het Lam Gods.
Als je vuil bent ga je niet in het volle licht staan, maar dit Licht is een zoeklicht, een aangezicht in gunst naar ons gewend. God is mijn licht,

3.tot verlichting der kennis. Bij Paulus als een blikseminslag. Het overwint de duisternis. Wat een wonder als u dat mag weten, niet dat u niet meer schrikt van u zelf, maar ik mag weten dat Jezus uw licht en leven is. Anderen moeten het leren zien. We worden geen lichtbron, maar wel lichtdragers. Kinderen van het licht. Niet iets wat je moet,maar iets dat je doet. Een lamp hoeft niet te zeggen dat hij brandt. Vraagt u de Heere jou dat te maken? Als je die glans mist zal het `een eeuwige nacht baren`. Je kunt het kennen, zonder het te begrijpen. Als je ontdekt mag worden aan je duisternis. Je mag de Heere zeggen: bij mij binnen is het nog niet Licht, en zonder licht ga ik verloren… dacht u dat de Heere ook maar iemand die dat vraagt in het donker willen laten? Dat zou Zijn naam en ZIjn eer te na zijn, "Ik ben het licht der wereld". Ga daar nou maar achterna. Hier ben ik Heere, bedel er maar om, Hij wil het geven. Laten we het gaan zingen:
O grote Christus, eeuwig licht.
niets is bedekt voor Uw gezicht;
Die ons bestraalt, waar wij ook gaan,
al schijnt geen zon, al licht geen maan.

Edit