Preek/Lezing

Overzicht | Zoeken | Reeksen || Vorige | Volgende
Type Datum Spreker Thema opm
preek 2008-11-09 10:00:00 dr. P.H. van Harten (em. te Ridderkerk)

Tekst: Schriftlezing: Geluid: Reeks:
psa 84:6-10 psa 84 2008-11-09.1013.mp3 (Preek, 16kPro, 4.0Mb)
2008-11-09C.105.mp3 (Hele dienst CD kwaliteit, 48kPro, 26.6Mb)
2008-11-09T.101.mp3 (Hele dienst, 16kPro, 8.9Mb)

Edit| EditReeks
Samenvatting:
Op een drukke weg kijk je eens naar het verkeer – waar moeten al die mensen toch naartoe? Maar het laat iets zien van ons eigen leven. De mens gaat naar zijn eeuwig huis. Het gaat naar het grote einddoel. De mensen in onze tekst zijn ook op reis. Het gaat de goede kant uit: elk hunner zal in Sion verschijnen. We weten ook gelijk wat voor reizigers het zijn: pelgrims naar Sion. Een beeld voor een reis van een christen achter Jezus aan. We worden aangemoedigd om de reis voort te zetten.
Kom ga met ons en doe als wij. Ons is geen kalme reis beloofd wel een behouden aankomst.

De reiziger naar Sion
1 Het kenmerk van, 2 de bijstand voor en 3 de aankomst van die reiziger.

Vlak voor onze tekst staat een zaligspreking. Welgelukzalig, niet ‘zalig’ en zelfs niet ‘gelukzalig’, allemaal te kort! Om te wonen in de tempel in Jeruzalem. Daar is God, verzoend in Christus. Een God, een Zoon en een schild. Maar ook het Jeruzalem hierboven waar Gods lof voorturend klinkt uit reine kelen. Die daar wonen: welgelukzalig!
Dan spreekt de dichter over de Pelgrim, en weer: welgelukzalig …. Dus zowel die er zijn als die onderweg zijn naar Jeruzalem. Aan het sterfbed van uw moeder; soms is een sterven in duister gehuld, laat het dan rusten. Maar moeder getuigde er van… ik zal eeuwig zingen. En nu ze weg is – ik mis haar zo ontzettend. Elke dag die lege plaats, maar ze heeft een goede ruil gedaan! Zelf zit je misschien tot in je nek in de problemen… Maar zijn onze schreden gericht op het Jeruzalem hierboven? Nieuw-Testamentisch gezegd: volgen wij de Heere Jezus? Met vallen en opstaan. Dan mag u het zeggen: welgelukzalig bent u, moeder boven en u ook.

Wij zijn zalig in hope, zegt Paulus. We hebben het in de belofte, het komt. Een Tegoed, een uitzicht. Om u te verblijden in de hoop, en niet zeggen: ‘dat is toekomstmuziek, waarmee ze je in de kerk blij maken’; nee je mag drinken uit de fontein; nu al proeven dat God goed is.

1
Kenmerken voor de pelgrim nu en toen. Hun sterkte is in God, ze zeggen niet: ik sla me er wel even doorheen. Ik kan geen zonde overwinnen, geen goede keuze maken: niet ‘Yes we can!” - ik kan niets – ‘dat is zielig. Dat kom je niet ver’; nee hun sterk te is van God, zelfs: in God. Al mijn heil en mijn eer. In de Heere Jezus is het allemaal, in Hem heb ik vergeving. Hij is de kracht van mijn kracht, mijn licht, mijn heil, mijn levenskracht. Met mijn God spring ik over een muur.
Van binnen gebaande wegen - wat betekent dat? Van binnen vlakke banen voor Christus. Wie zichzelf kent weet, van binnen zijn er zoveel obstakels. Toen de Heere Jezus op aarde was heeft Hij tegensprekers verdragen. Stel je voor, een reddingsboot vaart, en hij wordt afgehouden, de redders tegengewerkt en uitgescholden. Liefde tot een bepaalde zonde – wat heerlijk als dat opgeruimd wordt , hoogten die zich verheffen tegen de kennis van Christus.
Rondom Jeruzalem werden de wegen in orde gemaakt, rotsblokken en puin weg, gaten gedicht, alles moest gereed gemaakt dat de pelgrims de stad konden bereiken. De wegen in je hart – een hartelijke begeerte om de wegen te gaan naar de tabernakel. (KT). Om de Godsstad binnen te treden.

Een verlangen om zondags naar de kerk te gaan. Het verlangen naar de Stad van God. Om bij de Heere God en de Heere Jezus te zijn. In de tenten der goddeloosheid voel ik mij niet thuis. Ik ben een vreemdeling hier beneden. Geen blijvende stad. Wij zoeken de toekomende.
Welgelukzalig ben je dan als je zo’n mens bent. Dat verlangen wordt vervuld. Zij die heimwee hebben komen thuis.

2
De bijstand onderweg (v7). Een moeilijk stuk weg, door de woestijn, kennelijk, het dal van de moerbeibomen. Je moet er soms doorheen in je leven. Misschien zit er midden in, droefenis, lege plek, relatieproblemen. Nooit gedacht dat het jou zou overkomen. Opeens zat je er midden in. Iemand deed belijdenis. Er kwam achter zo veel tegenin, en vielen slagen, van een kant waarvan ik het niet had veracht. De nabijheid van God eerst ervaren maar nu…? Het is niet vreemd, als je je Bijbel opslaat. Al de reizigers in de Bijbel wisten van tegenslagen en moeite. Van de aartsvaders to de apostelen. Wij moeten door veel verdrukkingen ingaan in het koninkrijk Gods.
Geloof – is het een beproefd geloof? Geleerd wat je aan God hebt in moeite?

Een fontein, daar is verkwikkend water. God je fontein, een wonder. Stromen in de woestijn. De Schepper lijdt brandende dorst aan het kruis,… Dat God het geeft in de woestijn, dat kun je soms zo maar meemaken. Neergeslagen naar de kerk, in eens was er die preek- eten en drinken voor je . God was je eten en drinken. Je mag weten wie Hij voor je is, in de Heere Jezus Christus. Tegen alle kleingeloven in – we hebben zulke kleine gedachten van God. Het is geen druppeltje en een droog korstje. Gans rijkelijk zal de regen hen overdekken! De geest van God werkt zo. Stromen van God om te verlichten, om te troosten, in je hart te wonen en te werken. Moeilijke tijden worden soms de beste tijden. De woestijn een lusthof. Meevallers - - God is de grote meevaller.

3
Ze gaan van kracht tot kracht voort. Steeds word je op de knieën gedrongen. Dan heb je God nodig en je ervaart wie Hij voor je is.
Zou God niet moe van mij worden? Ik kom steeds met mijn gebed bij hem. Hij wordt moe van onze zonden, maar niet van mensen die steeds hun toevlucht bij Hem zoeken. Geen aftakeling, geen slijtage, maar de kracht van de belofte, dat mag ik ervaren.
Een ieder van hen zal verschijnen voor God in Sion. Een ieder van hen! Geen uitvallers. Kom ik er wel? Het hangt niet van mijn doorzettingsvermogen af, al worden we opgeroepen te volharden. Hij is de getrouwe, Hij zal niet laten varen de werken van Zijn handen. Ik bid voor u dat uw geloof niet ophoude…. Die bede blijft.
En zo wordt het einddoel bereikt, het hemels Jeruzalem. De heerlijke toekomst voor allen die de verschijning van de Heere Jezus hebben lief gekregen. Straks van geloven naar aanschouwen, onderweg al die voorsmaak. Zo genoten zo vervloten. Maar daar is de volle heerlijkheid. Verzadiging van vreugde in het blij Jeruzalem.
Het einde maakt het goed. Het lijden van deze wereld weegt niet tegen die heerlijkheid op.

Zijn we al op weg gegaan, of leven we zonder God op eigen rekening? Dan is het leven ook een reis, een zwerftocht. Een tocht in de duisternis. Je weet niet waar je uitkomt. De Heere Jezus heeft er vaak van gesproken.
We worden nog opgeroepen om na te denken en te vragen naar de goede weg. Ik heb die weg voor je gebaand. Die Mij volgt zal in de duisternis niet wandelen. Op die paden zullen we ons nimmer vergissen.
Laat ons voortgaan, met blijdschap. Met zo’n einddoel, de aarde onder de voet, Jezus in het hart en de hemel in het oog.

Jeruzalem dat ik bemin
wij treden uwe poorten in

Edit