Edit|
EditReeks Samenvatting:
1.Zijn dood
2.Zijn leven
3.Zijn vruchten
Vanmorgen twee dingen die ik u graag wil duidelijk maken. Als de eerste wat de inhoud is van de dood van de Heere Jezus. En ten tweede wat de betekenis is van de wet.
In Nederland lijkt heel weinig kennis te zijn van de plaats van de wet. Als er weinig kennis is, is er ook weinig troost. Als de leer niet helder is in het hoofd, is ook het geestelijk leven in het hart niet helder. Misschien is dat ook wel de reden dat een kind van God vaak ongetroost zijn weg gaat. De Bijbel blijft zo vaak gesloten; mensen teren op hun bevinding, gevoel en ervaring. Gelukkig gaat het werk van de Heere niet buiten bevinding en ervaring om. Maar het ware geloof steunt niet op ervaring, bevinding en gevoel. Dat steunt onvoorwaardelijk op het Woord van God.
Misschien staat jouw gevoel, bevinding, ervaring haaks op wat Romeinen 7 leert. Men wil tegenwoordig vaak veel voelen en ervaren en een fijn gevoel hebben. Dat gevoel moet vooral bevestigd worden. Maar pas op voor jouw gevoel, voor het emotionele dat vaak gebaseerd is op ervaring. Het ware geloof kent ook ervaring en bevinding, maar steunt daar niet op.
Weet je door de Heilige Geest dat de Heere Jezus je dierbaar is geworden? Mag je persoonlijk weten dat Hij ook Zijn bloed voor u gestort heeft? Dan krijg je ook met bepaalde vragen te maken. Bijvoorbeeld: Hoe zit het nu eigenlijk met de zonde; hoe zit het dan met de Wet? Is die nu afgedaan? Maar God kan daar toch geen afstand van doen? Het is goed om te luisteren naar wat het Woord daarvan zegt. Romeinen 7. Waar heeft Paulus het over? Het gaat in dat hoofdstuk over de wet. Hij heeft in hoofdstuk 6 uitgelegd hoe het zit met de zonde. Hoe meer zonden er zijn, hoe overvloediger de genade van God is. Maar als er toch meer genade is dan zonde, dan kun je toch wel in de zonde blijven leven? Paulus zegt dat dat onmogelijk is. Omdat de zonde mij de dood is geworden. Omdat Christus mij dierbaar is geworden, is de zonde je de dood geworden. Naamchristenen blijven vaak in de zonde. Maar bij het ware geloof kan dat niet. Maar hoe zit het dan met die wet van God?
Paulus vergelijkt het met het beeld van het huwelijk. Je bent aan elkaar verbonden zo lang als je leeft. Als je sterft, dan heeft die wet over de nog levende partner niets meer te zeggen. Een man is getrouwd met een vrouw. Die man zegt telkens tegen zijn vrouw: doe dat. Die vrouw wil dat opvolgen, maar het lukt steeds maar niet. Iedere keer weer. Die man is de wet; die vrouw zijn jullie, zegt de apostel. Die wet zegt telkens: doe dat, doe dat. Op een dag hoor je van een andere man. Die zegt niet: doe dat, maar: Ik zal het voor jou doen. Die man is Christus.
Er zijn vrouwen die er 2 mannen op na houden. Zowel Mozes als Christus. Dat zijn overspeelsters, zegt Paulus. Maar hoe kom je dan van die ene man af die telkens maar zegt: doe dat, doe dat. Door te sterven. Hoe gaat dat dan? Sterven aan die wet? Dat zegt Paulus in Romeinen 7.
Als Christus in jouw leven dierbaar is geworden, dan is Hij niet alleen aan het kruis gestorven voor de zonde, maar ben jij ook gestorven. Zijn dood is ook jouw dood geworden. Daarmee ben je ontbonden van die eerste man, van de wet. Daarom heeft Gods kind niets meer met de wet te doen. Want van een dode kun je niets meer vragen. Die oude man heeft geen macht meer over je. Hij kan immers wel tegen een dode zeggen: doe dat, maar hij hoort het niet. Kind van de Heere, u bent een dode voor de wet. De wet kan van u wel van alles eisen, maar u bent een lijk. Dat bent u geworden door de dood van Christus. Heeft de wet dan niets meer te eisen van mij? Nee.
Tegenwoordig maken mensen van het evangelie een nieuwe wet. Ze moeten zo veel. Maar je moet niets meer. De wet heeft niets meer te eisen. Zo wordt de dood van Christus je dierbaarder dan ooit te voren. Christus is ook gestorven om Gods kind te doen sterven aan die eerste man, aan de wet.
Kun je er dan op los leven? Nee, dat horen we straks.
Doordat ik gestorven ben aan de wet, kan de wet mij ook niet meer aanzetten tot zonde. Lees maar na in vers 5 en 6. De wet die zette mij aan tot het zondigen. Met als gevolg dode, wrange vruchten. Misschien herken je dat wel. Toen je hoorde dat iets niet mocht, ging je het juist doen. Het lijkt wel alsof die wet niet goed is. Als de wet komt, gaat de zonde meerder worden.... Nee zegt Paulus, die wet is wel goed, maar jij deugt niet. Als je nog steeds met die eerste man leeft, dan zet die eerste man jouw telkens aan om te zondigen. Dat komt niet door die wet, maar omdat jij een zondaar bent.
Dit is heel moeilijk voor godsdienstige mensen. Zij denken dat als je de wet houdt, je dan leeft tot Gods eer. De Farizeeƫrs zeiden dat ook. Weliswaar met Gods hulp. Maar toch is het mis. Heere, Heere doe mij open......Ik heb u nooit gekend. Wanneer leef je tot eer van God? Als je dood bent. Natuurlijk niet letterlijk. Zij die niets meer kunnen doen, zij leven tot eer van God.
Als je vanmorgen moet belijden dat je zo biddeloos bent, dat je zo ellendig bent in je zelf....Wat een wonder: Zijn dood, mijn dood. Ik hoef niets meer. Zo lang als ik denk dat ik zo veel moet doen om voor God aangenaam te kunnen zijn, heb ik nog nooit het Evangelie verstaan. De wet eist van mij niet alleen niet meer van alles. Maar Gods kind kan door de wet ook niet meer aangezet worden tot zonde. Zodat de zonde ook niet meer over hem heerst. Omdat de macht van die wet gebroken is. Dat nieuwe dat uit God geboren is, dat zondigt niet meer. Door Zijn sterven ben ik met Hem begraven. Door de dood van Jezus Christus heen is Gods kind getrouwd met een andere man, namelijk met Christus. Opdat gij zoudt worden van een Ander...........een nieuw huwelijk. Zijn dood, Zijn leven.
Hij is niet in het graf gebleven. Wij zijn met een nieuwe man getrouwd. Wat doe ik dan? Niets, Die man doet alles. Hoe kan ik voor God leven? Christus, Christus, Christus. U leeft niet meer, maar Christus leeft in u. En wat u nu leeft, leeft u door de Zoon van God. Kind des Heeren, u bent een nieuwe schepsel geworden. Een nieuwe naam, een nieuwe gemeenschap. Niet met de wet, waar je zo doodmoe van wordt. Een nieuwe man, die het voor jou doet. Uw leven is mijn leven. Uw opstanding is mijn opstanding.
Hoe voelt u zich vanmorgen? Op grond van wat u voelt maakt u de balans op. Paulus gaat daar tegen in. Mijn vlees en verstand staat er haaks op. Maar het is toch waar, omdat God waar is.
Misschien is het mis gegaan, was u niet wie u zijn moest deze week. Maar het geloof klampt zich vast aan Gods woord. Maar als die wet komt? Stuur hem weg, naar het kruis. Want die Man doet het voor mij. Klamp je als een arme zondaar vast aan die Man, aan Christus Jezus. Dan leef je niet uit het vlees, niet uit je ervaring, maar uit Christus. Vestig uw oog op de dierbare belofte van het Evangelie. Ik ben voor jou gestorven en jij bent samen met Mij gestorven. We gaan luisteren naar het Evangelie van het kruis. Dat is bevrijding, dat die lieve Heere Jezus alles voor mij doet wat ik niet meer doen kan. Dat ik gebruik mag maken van Zijn lijden, sterven en opstanding. Wandelen met die getrouwde man op een rechtmatige manier.
Met het doel om vrucht te dragen. Want daarin wordt mijn Vader verheerlijkt. Als jij veel vrucht draagt. Blijf in Mij en Ik in u en gij zult veel vrucht dragen. Dus niet: je best doen, maar blijven in de gemeenschap met Hem. Gemeenschap geeft vrucht. Het kan niet achterblijven of er komt vrucht. Niet door de wet, maar door het geloof in Christus mag Gods kind sappen trekken uit de Heere Jezus. En komt door Hem heen dat nieuwe leven openbaar. De vruchten van de Heere Jezus gaan schitteren in het leven van een dode. En de Heere zegt in de hemel: Mijn kind, je leeft Gode, omdat je leeft uit een nieuwe man. Dat is een leven uit het Woord, een meer kennis ontvangen van Zijn persoon, en meer en meer de verborgen omgang met Christus. Waarom heul je zo met de wet? Waarom verwacht je telkens zo veel van jezelf? Stop er mee. Ik ben door de wet aan de wet gestorven opdat ik Gode leven zou. Is dan de wet afgedaan? Als je een goed huwelijk hebt, ga je niet naar prostituees. Als je dichtbij de Heere Jezus leeft, hoe meer dat de zonde je de dood is geworden.
Kon ik maar volmaakt geloven, dan was ik volmaakt bevrijd. Gods kind heeft vaak nog zoveel te strijden met dat vlees. Dat vlees dat telkens weer de toevlucht zoekt tot de wet. We lezen de wet voor elke dienst om te laten zien dat je die wet niet kunt houden naar het vlees. Maar ook om je te laten zien dat je bevrijd bent van die slavendrijver van de wet. Zoek je toevlucht bij de Heere Jezus, daarmee draag je Gode vruchten. Je mag vandaag je armen over elkaar doen. Als je doodmoe bent van jezelf, en als je verlangt om te rusten in het werk van de Heere Jezus. Terwijl je niets meer doen kan, Gode lof te zingen. Omdat het huwelijk met die andere man mij vruchtbaar maakt en mij doet leven tot eer van Hem. Door u door u alleen om het eeuwig welbehagen. Van begin tot eind was het Uw werk. Wij roemen in de Heere Jezus alleen. Maak in afhankelijkheid gebruik van die dierbare Bruidegom. U bent toch wel met Hem getrouwd? Je moet wel wettig getrouwd zijn met die ene Man en gestorven zijn aan die andere man. Hoe kom ik getrouwd met die andere Man? Hoe kan ik sterven aan die ene man? Geloof alleen.