Preek/Lezing

Overzicht | Zoeken | Reeksen || Vorige | Volgende
Type Datum Spreker Thema opm
preek 2010-01-03 10:00:00 prof. dr. A. de Reuver (Delft)

Tekst: Schriftlezing: Geluid: Reeks:
Open 22:16 Open 22 2010-01-03.1013.mp3 (Preek, 16kPro, 5.4Mb)
2010-01-03C.105.mp3 (Hele dienst CD kwaliteit, 48kPro, 27.3Mb)
2010-01-03T.101.mp3 (Hele dienst, 16kPro, 10.1Mb)

Edit| EditReeks
Samenvatting:
Een christen-gevangene van het naziregime die vanwege het verzet tot de kogel was veroordeeld zei tegen zijn aanklagers: uw heren gaan, en onze Koning komt! Dat maakt nogal wat uit. De heren in de wereld gaan, de Heer van de wereld komt. De wereldbol en de wereldgeschiedenis is in Zijn hand, evenals de toekomst, Niet in jouw en mijn handen. Ook 2010 is van Hem. Er is eigenlijk maar 1 toekomst. Toekomst, daarbij moet u denken aan het feit dat Hij op ons toekomt. De toekomst hangt samen met zijn toekomen. Hij komt. Zou het wel waar zijn, zegt ons twijfelende hart als we maar weinig van Zijn overmacht zien..... Zou Hij echt orde op zaken komen stellen? Komt daar wat van terecht? Dat tranen worden gedroogd en alle kwaad en zonde uitgezuiverd wordt en de geschonden Schepping herschapen zal worden in een paradijs van vrede recht en heelheid? Zou ik antwoord krijgen op de vraag: ik ellendig mens, wie zal mij verlossen van dit ellendige bestaan? Ja, zowaar Ik leef. Dat zegt Jezus. Hij is de allerbetrouwbaarste. Het is Jezus die deze dingen getuigt. De Getrouwe Getuige, de eerstgeborene uit de doden. Getuigen heeft iets van juridische kracht, “martyria” in het Grieks, verwant aan ons woordje martelaar. Mensen die hun geloofsgetuigenis bezegelden met hun bloed. Als er 1 geweest is die zijn getuigenis heeft verzegeld met Zijn bloed, dan is het de Heere Jezus. Hij legt een getuigenis af dat Hij met Zijn bloed heeft bezegeld, Hij bezweert iets. Waar? In de gemeente, toen en nu. Onder de druk van Godsontkenning en ontkerstening. Hij betuigt: Ik kom. Niet: Ik zal wel een keer komen......maar: Ik kom. Ik ben onderweg, Ik kom uit mijn verborgenheid te voorschijn. Dat zet Hij kracht bij, door zich onder drieërlei naam te kennen te geven. Drie namen: de wortel van David, het (na)geslacht van David, de Morgenster. Boordevol bemoediging. Geadresseerd aan moedeloze mensen, die het zelf niet redden, die aangewezen zijn op hulp, op Hem, op Zijn komst. Die zich vanmorgen aangesproken weten. Die mogen hun hart ophalen.
Ik ben...............als had Hij alleen maar dit gezegd. Dan zou het uit Zijn mond toch een complete zin op leveren. Want de Godsnaam flonkert daar doorheen. Ik ben, die Ik ben. Jahweh. De Zoon van God mag deze naam met eer en recht dragen. Ik ben het licht der wereld, de ware wijnstok, de weg de waarheid, de eerste en de laatste, de Alfa en de Omega, Ik ben de wortel van David.

Ik ben de wortel van David. Wat betekent deze beeldende naam? Dat moeten we zoeken in de Schriften, niet in boekjes of hoekjes. Het Evangelie van Johannes werd in de Griekse taal gelezen. Wortel is “riza” in het Grieks (terug te vinden in de Septuaginta). We vinden het dan als benaming van de komende Messias. Jesaja 11: 1 Want er zal een rijsje voortkomen uit de afgehouwen tronk van Isaï. “Riza” betekent wortel, niet boom. Niks anders dan een boomstronk, een armzalige rest van een afgehouwen boom. Dat afgestorven koningshuis van David..... Koning David met zijn dynastie was toch eigenlijk meer een boom dan een stronk? Ja, zo was het geweest. Gekrenkt in Zijn trouw reageert God met het oordeel van de ballingschap. De laatste telgen van het koningshuis, waarop de Messiaanse beloften rusten, komen smadelijk aan hun eind. Geveld tot aan de wortel. Alleen een afgehouwen tronk rest. Lees psalm 89 maar eens. Een wonderbaarlijke psalm. Eerst die uitbundig hoge tonen, waarin Gods macht en verbondstrouw wordt uitgejubeld. Zijn nageslacht blijft tot in eeuwigheid. En dan zakt de melodie een vol octaaf. Maar O God, Gij hebt Hem verstoten en verworpen, verbolgen op Uw gezalfde, U hebt Uw verbond teniet gedaan! Ongehoorde woorden voor het Oude Testament. Zijn schoonheid is vergaan, zijn troon met de grond gelijk gemaakt. Het is met Davids dynastie gedaan. Hoe lang zult Gij U verbergen? Waar zijn Uw verbondsbewijzen die u David heeft gezworen? Wat is er nog over van die machtige eik, alleen een knoest is er nog over. Maar het meest opzienbarende is dat Jezus zegt: dat ben Ik. Ik ben de wortel van David, de afgehouwen tronk. Dat wilde Ik worden, in Gods opdracht. Tot heil van een verloren volk. Ik ben de stronk. Ik die door David zijn Heere wordt genoemd, Ik was verre zijn meerdere dan hij. Nochtans werd ik de minste, de geringste. Als een riza, een wortel uit een dorre aarde.
Niks van te verwachten, op sterven na dood. Tot schande van de volkeren. Die schande van het Davidshuis nam Ik nu op me, zegt de Heere Jezus. In die hoedanigheid nam Ik het nageslacht van David op Me. Een koningstelg in een armzalige knechtsgestalte. Schuldovernemend verruilde Hij zijn hemelse residentie voor een arme tierige stal. Het is al ongelooflijk om te horen dat Hij de afgehouwen tronk wilde worden. Maar dit slaat alles: vanuit Zijn hemelse heerlijkheid afgedaald naar een armzalige stal. Zijn wieg een voerbak en 33 jaar later Zijn diadeem een doornenkroon en Zijn troon een kruis. Zo droeg Hij nu de smaad en zonde van Zijn voorgeslacht door zelf alle schuld op zich te nemen. Om de doodschuld van Zijn volk op zich te nemen. Ben je daar blij mee geworden? Moet je het daar van hebben? Dat Hij zich zo vernederde voor mij? Ik voor jou omdat jij anders de eeuwige dood moet sterven? Als je van het een iets ziet, dan zie je ook iets van het ander. O God wat een wonder dat U Uw eniggeboren Zoon in dat oordeel wilde overgeven. Heere Jezus dat U zo grenzeloos ver ging om mijn schuld te vereffenen...... Gij zult Zijn naam heten Jezus, Zaligmaker. Daartoe riep Hij uit: het is volbracht; toen zette God het zegel op Zijn werk. Toen zat Zijn eerste komst er op, Zijn eerste komst volbracht. Maar Hij blijft de komende, nog eens, Hij komt gefaseerd. Om te beginnen in ons vlees en bloed, zoals David. Hij kwam en ging, maar niet zoals de heren in de wereld. Die gaan om te vergaan. Maar Jezus ging om heen te gaan naar Zijn hemelse Vader. Daarheen reisde Hij af. Om Zijn werk daar af te leveren. Hij ging als de Davidszoon, wiens rijk geen einde neemt. Als Koning die dood geweest is. Wie kan dàt zeggen, in de voltooid verleden tijd, achter de rug.....Mij is gegeven alle macht in hemel en op aarde....Hij ging, maar Hij zei: Ik ben......Hij ging en bleef tegelijk. De zaak van de verzoening, de boodschap van Zijn eerste advent gaat door de hele wereld heen. Gekomen om zondaren zalig te maken, waarvan ik de voornaamste ben. Iemand zei ooit: er staat 1 fout in de Bijbel. Paulus zegt dat hij de voornaamste der zondaren is, maar hij vergist zich, dat ben ik. Geen praatje, maar als je jezelf leert kennen in het licht van Zijn heilige geboden en liefde, dan zeg je: ik ben de grootste der zondaren.........Ik ben met u alle dagen, zegt de Heere Jezus. Zo is Hij met u, ook de nachten inbegrepen, ook die nachten van rouw, van ziekte en eenzaamheid. Zo is Hij met ons. Naar Zijn lichamelijke zichtbaarheid ging Hij heen. Als een interim tussen de tijden. Twijfelt u aan de voltooiing van Zijn komst? Moet je eens horen hoe helder Hij zijn heengaan begeleidde met een stellige belofte! Toen Hij heenging waren de discipelen ontroerd. Maar Hij zei: laat je hart nu niet ontsteld worden. Ik ga heen om een plaats voor je te bereiden, Ik komt terug om je te halen. Ik haal het nooit, zegt je misschien. Dat klopt, daarom kom Ik je halen, zegt de Heere Jezus . Hij maakt alles in orde voor Zijn paroussia, Zijn intocht. Al zie je het niet, Hij volvoert Zijn plan. Het boek Openbaring gunt ons een geloofsblik, door de schermen van de geschiedenis heen. Al kun je daar in de wirwar van de wereld geen touw aan vastknopen. Knoop dat touw eens aan Zijn belofte. Daar zit het stevig. Daar heb je houvast aan Zijn belofte. Samengebald in 2 luttele woordjes IK KOM. In het Grieks maar 1 woord. Ik ben in aantocht om straks Mijn intocht te houden. En welke rampen er ook over de aarde gaan en welke aanvechtingen je ook te verduren krijgt. Ik zeg u: Heb goede moed. Niet: maak er wat van, zie je maar te redden. Maar heb goede moed, in de wereld zul je verdrukking hebben, maar in Mij mag je vrede hebben. Denk erom, Ik heb die wereld overwonnen, Ik verlies je geen fractie uit het oog. Geen vlam zal je verteren, als je door het vuur moet, ik ben je God, Ik sterk je, Ik help je. Als je door het water moet, Ik zal je niet overstromen. Als je je zo verlaten mag op die wortel en telg van David.........in Hem zijn we overwinnaars, niet “worden we nog eens een keer overwinnaars”, maar in Hem zìjn we meer dan overwinnaars. Maar het is wel een tussentijd, gebroken, ten dele. Waarin het zoete van de lofzang wordt afgewisseld door het bittere van de klacht. Tot de dag aanlicht en de schaduw vliede......................

Jezus geeft zich nog een 3e naam : de blinkende morgenster. In het Grieks staan er 3 woordjes: de ster, de stralende, de morgenlijke. In helder Nederlands: de stralende morgenster.
De grootste leek op dit gebied moet wel onder de indruk komen van de lichtglans van de morgenster. De morgenster is eigenlijk geen ster maar een planeet Venus, kort te zien voor de zonsopgang. Die morgenster die fonkelt aan de oostelijke hemel. In een prachtig kleurenpalet dat ook de regenboog vertoont. Wij hebben het 1 keer meegemaakt, in Zwitserland, 's morgens heel vroeg hoog in de bergen. Het loonde zich op een onbeschrijfelijke manier. Het licht spetterde op de breuklijn van nacht en dag. Die morgenster die kondigt de geboorte van de dag aan en het sterven van de nacht. Een stralende troubadour die de intocht van het licht bezingt. Dat ben ik, zegt Jezus.
Dat is hij dus ook. Zojuist in die diepe vernedering, maar nu in stralende blinkende heerlijkheid. Dat is dezelfde wonderlijke eenheid. De lampen in de tempel en de vuurkolom wezen er naar heen. De heerlijkheid in de velden van Efratha is er ook een afschijnsel van. Maar Hij is het zelf. Een voorbode van Zijn heerlijkheid. God, in wie gans geen duisternis is, die God zal zijn alles en in alles. Hij zelf zal onze zon zijn en het Lam onze kaars. Wat een stralende ster. Waar krijg je die? Je hoeft er niet vroeg voor op te staan, je hoeft er niet naar te turen naar de oosterzon. Tuur maar naar het Woord van Zijn belofte. Daar staat Hij te prijken. Te preken, te profiteren. We hebben het profetische Woord dat zeer vast is. Sla er acht op, als een licht dat schijnt in de duisternis totdat de morgenster op gaat in uw harten. Hij wordt ons voor ogen geschilderd in de luister van Zijn lijden en van Zijn kruis. Ja, ook op Golgotha verkeerde hij in drie-urige duisternis, Hij ging ons duister binnen en schreeuwde: mijn God, mijn God waarom hebt gij mij verlaten? Zo verzoende hij ons, waardoor Zijn vriendelijk aangezicht ons weer kon bestralen. Dat licht is op kosten van Zijn sterven. Daar straalt Hij ons toe in het evangelie. In het kruis-evangelie, ook in het Paasevangelie. Hij is in beide Dezelfde. De bewijzen van Zijn zondaarsliefde staat in Zijn handen. Johannes zag de verheerlijkte als een vlam van vuur met een gelaat dat straalt als de zon. Vrees niet. Er hoeven er geen twee dood te zijn, Ik ben een dode geweest, en Ik leef! De tronk van David, de Gekruisigde. Ik ben dood geweest en Ik ben de blinkende morgenster. In alle heerlijkheid. Wanneer schijnt de Morgenster? Als de nacht nog niet voorbij is en het donker om je heen hangt....als je af en toe geen hand voor ogen ziet omdat de waarom-vragen je verwarren en de raadsels je soms verlammen........als je hart je aanklaagt......heb je dat wel eens.......als het nacht is in je ziel........wel geliefde, herinner je ziel er dan aan, dat onze morgenster door Gods barmhartigheid aan de kim van je bestaan verschenen is om te schijnen over hen die gezeten zijn in duisternis van schaduw en dood. Hoeveel bitterheid en pijn ons deel nog zal zijn in de dagen die ons nog resten op aarde..... Verblijd u, ik zeg het nog eens een keer, verblijd u. Want als schuurt het kruis je schouders en al dooft het laatste licht......blinkend van de morgenglans. Ook 2010 is een anno domini, een jaar van onze Heere. Ondanks alle geruchten van het tegendeel. Hij leeft en regeert in eeuwigheid. De schittering die van Hem uitgaat is een lokroep. Zoals de morgenster de komst van de zon aankondigt, zo roept Jezus ons toe: Ik kom, je heilzon is an het dagen. Tot dat de dag aanlicht en zal het duister zwicht. Op die lokroep roep ik terug als een soort weerklank: Ja kom, Heere Jezus, amen.

Edit