Edit|
EditReeks Samenvatting:
Er is een vergadering in Jeruzalem. Niet zo maar een stad, de Heere deed er Zijn naam wonen; en niet zo maar een vergadering, het Sanhedrin. Dat bestond uit de overpriesters, Farizeeën, strengen en de Sadduceeërs; de liberalen. De toleranten, dwz zolang het in hun straatje van pas kwam. En de oudsten van het volk, de adel. Eén agendapunt: 'wat moeten wij met deze mens doen, die rabbi, die in Jeruzalem al meer op stelten heeft gezet. Waarom moest die zieke die al 32 jaar ziek nu juist op de Sabbat genezen worden, kon dat niet een dag wachten! En nu loopt het de spuigaten uit. Hij heeft Lazarus uit de dood teruggeroepen!' Zo iemand moet toch van God komen? De beloofde aan de vaderen. Er waren inderdaad mensen die op grond van dit gebeuren in Hem gingen geloven. Misschien heel aarzelend en pril. Anderen hadden een ongeloof dat niet zwichtte voor wonderen. Alleen de Heilige Geest kan het ongeloof overwinnen.
Kajafas, de hogepriester, was voorzitter. Ook van dat jaar was hij de hogepriester, de geestelijke leider. (Hij was het een kleine 20 jaar - het is meer een soort tijdtelling). Aäron, de eerste hogepriester - zij hadden een grote invloed op het volksleven. Als de voorzitter eenmaal het woord neemt snauwt hij ze af: jullie snappen er helemaal niets van; je komt er niet vanaf met halve maatregelen. De naam van de Heere Jezus wordt niet een keer genoemd in de vergadering. Verachtelijk spreken ze over `deze mens`. Een moet sterven voor allen. Anders zal het onze plaats kosten. Dwz: de tempel, de stad, het land, inclusief hun eigen positie. Als het hele volk in Hem ging geloven.
Het is een zaak van *nut* (niet zo zeer *recht*), wanneer één sterft voor allen. Het is onrechtvaardig wanneer een minderheid verdrukt wordt ter 'bescherming' van een meerderheid. Nuttig: nuttig voor hen zelf. Het recht dient gehandhaafd te worden. Maar zegt Johannes: hij sprak hier als een profeet tegen wil en dank. Er is een meer waarde die Kajafas zelf niet beseft. Hij lijkt daarin op Bileam.
De Heere staat op het punt een nieuwe Uittocht te bereiden uit de macht van de schuld, de dood en de hel; door Hem die bereid is Paaslam te zijn.
Kajafas sprak als een profeet. Paulus nam het motief later op in 2Cor 5: wanneer één voor allen gestorven is, zo zijn zij allen gestorven. Zo heeft God het gewild. Een keer is aan God gehoorzaamheid gegeven, de wet is vervuld. En de Heere Jezus moest klagen: Mijn God waarom hebt Gij Mij verlaten. Hij van God verlaten, opdat wij nooit van God verlaten zouden worden. Eén keer de gapende kloof tussen de heilige God en ons overbrugd. En aan Zijn hand mogen wij die weg gaan.
Johannes heeft het later gehoord, en misschien gezegd: hoe is het mogelijk dat deze sluwe kerkvorst een waarheid uitsprak die hij niet beleed of geloofde. Niet alleen voor dat volk, maar voor alle kinderen van God, die verstrooid waren. God schaart ze rondom Hem.
Ik hoop dat deze woorden uw hart hebben geraakt. Ik zat in het verkeer vast op weg naar de kerk, in alle stadiongangers: wat is het toch arm als je alleen maar de vergankelijke dingen hebt, terwijl daar die onmetelijke rijkdom is, van de liefde van God in de Heere Jezus Christus. U kunt niet zo ver weg, zo onder kritische vragen bedolven zijn of dat woord van de Geest komt er dwars door heen. Komt en laat u leiden door deze Herder, die alle verstrooide kinderen van God vergaart. Opdat zij leven uit deze springader van levend heil en Hem volgen en Hem belijden tot het eeuwige leven. Geloofd zij Jezus Christus.