Preek/Lezing

Overzicht | Zoeken | Reeksen || Vorige | Volgende
Type Datum Spreker Thema opm
preek 2011-04-25 10:00:00
ds. M.M. van Campen (Rotterdam-Zuid)
Laten wij feestvieren! Belijdenis van: Klaas Bos, Maaike Elisabeth Clazine Bos-Vink, Albert Abraham Bertus Broer, Mieke Broer-van Gelder, Daniëlle Buijtendijk, Yelizaveta Ge

Tekst: Schriftlezing: Geluid: Reeks:
1Cor 5:8 Exo 12:15-20 Lev 23:6-8 1Cor 5:8 2011-04-25T.101.mp3 (Hele dienst, 16kPro, 16.6Mb)
De feesten van de Heere uit Lev 23
Belijdenisdienst

Edit| EditReeks
Samenvatting:
“Laten wij feestvieren!”
Er is een uitdrukking: “Op zijn Paasbest”. Herinnering aan de gewoonte je beste kleren aan te trekken. Iets nieuws. Met Pasen gaat het leven als het ware opnieuw beginnen. Het kleed van een vrijgekochte. Dat wordt nu afgebeeld in het feest van de ongezuurde broden, oftewel het Chag haMatsot.
We lezen in het NT: 1Cor. 5: Laten wij dus feestvieren, niet met oud zuurdeeg, ook niet met zuurdeeg van slechtheid en boosaardigheid, maar met ongezuurde broden van oprechtheid en waarheid.

1- Vier feest
2- Verwijder het zuurdeeg
3- Voed je met het matse.

Laat de eerste woorden van de tekst op je inwerken: aantrekkelijke gedachte. Dit staat ook in de bijbel. Vanmorgen is er alle aanleiding toe. Paulus verwijst naar het Pascha. Ons Paaslam is voor ons geslacht. Christenen: feestvieren, met de Heere Jezus in het midden. Christenen zijn immers bruiloftgangers.
Goede Vrijdag was het eerste feest: Het Pascha. Nu het Chag haMatsot: het feest van de ongezuurde broden.
Het feest omvat één grote les: de levensheiliging. Als je eenmaal bent verlost van Satans macht, dan mag je voortaan leven toegewijd aan de Heere. Als gevolg van de verlossing!
Het nieuwe leven is een heilig leven, een feestleven. Het is een foute gedachte om te denken dat het leven buiten God vreugdevoller is dan het leven met de Heere. Integendeel. Holiness is happiness.
Het positieve staat (hier) voorop. Heiliging is niet gefixeerd op vermijden van zonden, maar één dag er mee bezig zijn en daarna positief.
Leef in het licht van Pasen. Toegewijd aan Hem. We kunnen hier veel leren van het joodse volk. Ze maken veel werk van het verwijderen van het oude zuurdesem. Alle oude brood etc. moet weg. Eén dag er aan gewijd.
(Weiger je: je zou uit het volk uitgeroeid worden!)
Dan een week matse. Het nieuwe leven moet koosjer, rein zijn. Wij kennen hier vandaan de voorjaarsschoonmaak. De buitenkant, maar ook de binnenkant. Ook alles wat buiten het zicht is. Het oude deeg, het oude leven moet radicaal weg.
Wie moet dit doen? Dat moet je zelf doen. Dat doet God niet, dat doe je zelf. Bij de lamp van het Woord. Heilige Geest ontdek me aan die dingen die voor U niet kunnen bestaan. Frustaties, liefdeloosheid, ruzies, oud zeer, alle zuurdeeg moet weg. Zie bijv. ook het NT, in 1 Cor. Een gemeentelid leeft in ontucht. Als je dat laat voortwoekeren, binnen de kortste keren heb je geen vreugde meer.
Ook het zuurdeeg van de Farizeeën: huichelarij, een mooie buitenkant. Strenge uiterlijke godsdienst. De Heere Jezus waarschuwt ook tegen het zuurdesem van de Sadduceeën: Bijbelkritiek. Kijk uit voor deze ‘wijsheid’ waardoor je terecht komt in het ongeloof, je verstand boven de bijbel zettend. En de vreugde is weg!
Ook het zuurdeeg van de Herodianen: Een beetje godsdienst en veel wereld. Dat het je zo min mogelijk kost. Van twee walletjes etend, een deeltijdgelovige.
Ook het zuurdeeg van de valse leer, het wetticisme (Gal. 5). Paulus had betoogd dat de behoudenis door het geloof alleen is. Maar deze mensen zeiden: geloof, jawel, maar er komt wat bij: Besnijden, gebod op gebod. En het gevolg is dat de vreugde is weg.
Dan nog het zuurdesem uit Mt. 13. Dat betreft alles waarin je compleet opgaat. Als dat belangrijker wordt dan het leven met de Heere, dan is dat afgoderij. En de vreugde is weg.

Nu het positieve:
De oproep is: doe het zuurdeeg weg, en eet de matses. Voed je met ongezuurde broden.
Naar het beeld van de Heere Jezus zoals hij was toen Hij op aarde wandelde. Paulus leert ons: Je mag je leven van de eerste dag af tot de laatste dag van je leven richten op Christus. Hij was zonder zonde. Voed je met het ongezuurde brood van oprechtheid en waarheid. Je hoeft geen geestelijke hoogspringer te zijn maar wandel maar stilletjes achter Hem aan.
Dat je mag gaan lijken op Hem! Eten: je maakt je iets innerlijk eigen.
De Heere Jezus was moreel zuiver in Zijn gedrag.
Hij was oprecht;
Hij was Schriftgetrouw;
Hij was gericht op Zijn hemelse Vader;
Hij wees verkeerde leer af;
Hij bedreef geen afgoderij;
etc.

U bent immers ongezuurd! (1 Cor. 5: 7) U bent het! De gelovige is in Christus een nieuw schepsel. In Hem ben je zonder zonde. Ik ben vrijgekocht door het bloed van het Lam. Dat is mijn positie.
En omdat je in die positie bent, mag je ook worden die je bent. Gedraag je dus als bruiloftskinderen.

Sommige mensen zijn zeer ijverig om alle zonden uit hun leven weg te doen. Maar als je geen Paaslam hebt? Geen bloed om achter te schuilen? Wat is dat arm, en dwaas.
De andere kant is ook dwaas: als je het zuurdeeg in huis houdt. Het kan niet allebei bestaan. Daar is God heel streng op.
Als je tot bekering kwam, dan moet de zonde eruit.
En als we ons dagelijks voeden met de Heere Jezus, dan mag ieder dag een feestdag zijn.

Niet door dat je het verkeerde wegdoet wordt je gered.
Maar door het Paaslam, het bloed, wordt je gered. Christus voor mij.
Het Chag haMatsot: Christus in mij. Mijn leven voor Hem

Zoals Luther het dichtte in zijn bekende Paaslied: Christ lag in Todesbanden.

1 Die in de dood gebonden lag
om ons en onze zonden,
is opgestaan met groot gezag:
Christus heeft overwonnen!
Hij bracht ons het leven weer,
laat ons nu loven God en Heer
en zingen: halleluja!
Halleluja!

2 Geen die de dood bedwingen kon,
geen enkel mens op aarde;
dat kwam doordat wij man voor man
verstrikt in zonden waren.
Zo kreeg hij ons in zijn macht
en heeft ons in zijn rijk gebracht
en hield ons daar gevangen.
Halleluja!

3 Toen heeft Gods Zoon ons hulp verschaft.
Hij, als een mens gekomen,
wees zonde en verzoeking af
en heeft de dood ontnomen
als zijn rechtsmacht en geweld;
hij moest de sleutels van de hel
in Christus' handen laten.
Halleluja!

4 Het was een strijd sinds lang voorzegd,
die dood en leven streden.
Nu is, Godlof, het pleit beslecht:
Christus is onze vrede.
Hij die onze bondgenoot
geworden is, heeft in zijn dood
de dood voor ons verslagen.
Halleluja!

5 Ziet nu die 't ware Paaslam is,
waarvan wij moeten leven,
die aan het kruis in duisternis
zichzelf heeft prijsgegeven.
Zijn bloed is aan onze deur;
niet langer oefent zijn terreur
de dood, die mensenmoorder.
Halleluja!

6 Laat ons dan vieren 't hoge feest
dat Christus heeft gegeven,
verheugd van hart en blij van geest,
Hij immers is ons leven.
Hij is onze zon, ons licht,
op Hem is ons bestaan gericht,
't is dag voor ons geworden.
Halleluja!

7 Dit is het maal, hebt Gij gezegd,
der ongezuurde broden.
Wij doen het oude zuurdeeg weg,
gelijk Gij hebt geboden.
Gij zelf wilt tot lafenis
en spijze ons zijn, o Heer, dat is
genoeg voor dood en leven.
Halleluja!
(Lied 203 LvK)

Edit