Preek/Lezing

Overzicht | Zoeken | Reeksen || Vorige | Volgende
Type Datum Spreker Thema opm
preek 2011-06-26 10:00:00
ds. M.M. van Campen (Rotterdam-Zuid)
Laat u met God verzoenen

Tekst: Schriftlezing: Geluid: Reeks:
Lev 23:28 Lev 23:27-32 Lev 16:1-10 2011-06-26T.101.mp3 (Hele dienst, 16kPro, 20.2Mb)
De feesten van de Heere uit Lev 23

Edit| EditReeks
Samenvatting:
1 twee bevelen (v27,v28)
2 twee bokken (Lev 16)
3 twee bloed-plaatsen

Avondmaalszondag. Dit is het bloed van de Heere Jezus. Dat gestort is tot een volkomen verzoening van al onze zonden. Daar gaat het om. Hoe krijg ik daar deel aan? Wanneer mag ik weten dat mijn zonden vergeven zijn? Wanneer mag ik uitroepen: ik ben verzoend met God in Christus? Jom Kippoer, Grote Verzoendag. Kippur – bedekken. Bij de ark van Noach lezen we dat woord al. Met pek bedekt, pek is hetzelfde woord bedekking. Zodat voor God die zonden niet meer te zien zijn.
Dit is zo belangrijk.. Lev 16 een heel lang hoofdstuk dat alleen maar gaat over de Grote Verzoendag – het hart van Leviticus en van de Thora. Een heel Bijbelboek gaat erover: Hebreeën. Lev 16 bevat veel evangelie (Matthew Henry).

Het is nog altijd de heiligste dag van de Joden, 8 oktober dit jaar, De Dag. Het doel, dat het volk weer verzoend wordt met God en er verzoening wordt gedaan voor al hun zonden. Eén dag, één persoon. De Hogepriester doet al het werk. Via verzoening alleen kan God met mensen te doen hebben. GV=GV, Grote Verzoendag is als Goede Vrijdag. Door die ene mens, in het Oude Testament elk jaar, in het Nieuwe Testament eenkeer, van morgen doen we het niet over, maar herinneren we ons dat.

1.
Het volk moet zich verootmoedigen en ze mochten geen werk doen. 10e van de 7e maand. Na de tien dagen van inkeer, moeten ze zich verootmoedigen, hun zielen neerbuigen, klein maken voor God. Een ieder bedenke zijn vervloeking. Elke ziel had dan ook vergeving nodig. De dag liep uit op vergeving maar begon met berouw. Een bok geslacht, het werd gedood, dat was nodig en het volk zag hoe het andere stierf in de woestijn. Als wij kijken naar de Man van Smarten – hoe zekerder je weet dat jouw zonden vergeven zijn, hoe meer dat je smart....
Als de zonden je nog een lust is, heb je geen behoefte aan vergeving. Ps 51, 130, de boetpsalmen. Tien dagen om daarover na te denken. Ik ben een viespeuk. Een lanterfanter, komt er misschien niet uit, maar het zit er wel in. Een doorbrenger.
We beginnen niet met Psalm 150. Het begint met de diepte. De Joden doen dat letterlijk, geen sieraden, niet wassen, niet scheren, geen luxe. Alles gaat naar de synagoge. Ze lezen het boek Jona. Een koning komt van zijn troontje af. Op dat berouw verandert God Zijn plannen. Hij vergeeft Nineve.
Heere, wat hebt U over gehad voor zo iemand als ik ben, dan smaakt het brood het zoetst.
Tweede bevel: geen enkel werk, onwezenlijk stil is het in heel Jeruzalem – Israel op zijn zwakst. Als je wel werkt zal Ik je persoonlijk doden. Volkomen rust – wat een les – ik mag niets toevoegen aan mijn verzoening. Het wordt voor jou gedaan. Er is er maar een die werkt, de Hogepriester. De drukste dag van het jaar.
Niet uit de werken der wet. Het hele verzoeningswerk hangt aan één Persoon, Het gebeurt buiten mij om, voor mij, door een Ander. U die alles hebt volbracht, geen peperkorrel van mij. Ik mag rusten. Op het volbrachte werk van de Redder. Er blijft een rust over voor het volk. Daarom zitten we aan tafel. Rusten in wat Hij gedaan heeft. Voor het volk en zelfs voor de vreemdeling...

2
Twee bokken, vanmorgen de eerste bok. Lev 16:4. De Hogepriester heeft prachtige kleren aan 359 dagen in het jaar. Tulband, gouden plaat, edelstenen, goud overal. Maar op de Grote Verzoendag een eenvoudig linnen kleed. Dan was hij als de andere priesters. De Heere Jezus is ons in alles gelijk geworden, behalve de zonde. Zijn goddelijke heerlijkheid heeft Hij afgelegd. Hij kwam hier om een verzoeningswerk te volbrengen. Wel wit, onschuldig, rein. De Hogepriester moest ook voor zichzelf verzoening doen, dat hoefde de Heere Jezus niet.
V7 beide bokken voor de tent der samenkomst. Een voor de Heere en een voor het volk. Die voor de Heere werd geslacht en het bloed kwam in het Heilige der Heilige. Twee bokken staan met hun achterste naar het volk, het zondebok draait men om – hij wordt getoond. Dit gaat hem worden die plaatsvervangend jullie zonden wegdraagt (zegt de Joodse traditie). Op de morgen van de Goede vrijdag bij Pontius Pilatus. Joh 19. Hij wordt door Pilatus aan het volk getoond – zie de mens. Dat is het ogenblik dat het Lam van God getoond wordt aan het volk. Deze Man Gods gaat jullie zonden vandaag dragen. Eerst wordt de bok voor de Heere geslacht, de andere bok staat te wachten.

Een keer per jaar gaat de Hogepriester in het Heilige der Heilige, een keer sprenkelde hij op het verzoendeksel. En zevenmaal vóór het verzoendeksel. Achterwaarts, zevenmaal. Hoeveel spanning moet dat hebben gegeven! Stel je voor dat er iets mis zou gaan, Hij zou getroffen worden en niemand kon hem weghalen – hij liep met een touwtje aan zijn voet.... wat een ontzag voor de heilige tegenwoordigheid van God; nu is het of verzoening of het gaat mis.... door de bloedstorting is er vergeving.
De levende bok- al de zonden van het volk worden op hem geladen en dan wordt ie weggestuurd. Vanmiddag meer.

De twee bokken vormen twee kanten aan het werk van het verzoeningswerk van de Heere Jezus. Dat is de basis van het hele evangelie.
De bok die geslacht wordt – de waarheid van de genoegdoening. God wordt voldaan. Er moet voldoening worden gegeven aan God, de tweede duidt de waarheid aan van de plaatsvervanging. Genoegdoening en plaatsvervanging. Een bok voor de Heere bestemd allereerst, en een voor het volk. Wat God nodig heeft en wat wij nodig hebben. Het Lam dat voor mij geslacht wordt, dat Lam dat de zonden der wereld wegneemt. Dat laatste ligt voor ons het makkelijkste. De eerste bok is echter nog veel belangrijker. Dat wordt minder begrepen, de Heere Jezus is ten eerste gekomen om Gods eer te herstellen. De verzoening van mensen staat niet voorop. Zijn Naam is door ons geschonden, Zijn gezag geminacht, Zijn wet overtreden. Voor genade gegeven wordt, moet God eerst recht worden gedaan. Dat heeft de Heere Jezus gedaan, Hij heeft de Vader volkomen verheerlijkt. Doordat Hij stierf. Het oordeel werd aan Hem voltrokken, Gods waarheid niet gekrenkt, maar genoegdoening gevonden.
“Is dat bloed voor ook voor mij gevloeid” – eigenlijk is dat in dit opzicht geen juiste vraag. Dàt bloed is voor God gebracht.

3
Lev 16:14, 15 twee bloed-plaatsen. Zeven maal gesprengd ervoor en ook erop, een keer. We gaan dat Heilige der Heilige in, daar staat de Hogepriester in een wierrookwolk gehuld. Daar staat Gods troon. De engeleen kijken vol eerbied naar beneden, ze kijken op de wet die mensen geschonden hebben. En daar wordt zoenbloed OP gelegd. Dan zie ze niet meer de wet, maar het bloed dat de wet voldoet. Dat maakt de troon van God tussen de Cherubs, eigenlijk een oordeelstroon, nu tot een genadetroon... Door het geloof in Zijn bloed mag je het weten.

En zeven ervoor. Niet alleen zijn de zonden weg, maar er is ook een toegang ontstaan tot God. Hij heeft ook een bloedbaan gemaakt. De toegang tot God is open. Het heiligdom is ontsloten. Het voorhangsel scheurde op Goede Vrijdag van boven naar beneden. Laten wij daarom met vrijmoedigheid toegaan. Een bloedtapijt.
Onder elke stap zit dat bloed, daarom mag ik met vrijmoedigheid naderen. Ik mag knielen op het bloedkussen. Voor God is een druppel genoeg maar voor ons – voor die bange mensen, zeven keer... er is een weg. En die weg open, zeven maal.
En dan het verschil met het Nieuwe Testament. Ik mag toenaderen, met vrijmoedigheid. Er zijn zoveel lieve christenen die niet verder komen dan de voorhof. We deinzen terug. Dan heb je de betekenis van dat bok niet goed begrepen, het lijkt of Paulus het aanvoelt - laten we met vrijmoedigheid aangaan. Er hoeft geen touwtje aan je voet. Niet een keer in een jaar, maar elke dag, continu. Kom maar verder – op grond van het bloed. Ik kniel voor de troon.. Dat is de waarde van het bloed van de Heere Jezus. Zo verborgen als Hij was in het Oude Testament, zo geopenbaard is God in de Heere Jezus.

Dankzij het bloed dat ons vrijkocht, komen wij voor Uw troon.

Edit