Preek/Lezing

Overzicht | Zoeken | Reeksen || Vorige | Volgende
Type Datum Spreker Thema opm
preek 2011-09-25 10:00:00
ds. M.M. van Campen (Rotterdam-Zuid)
De geformeerde mens

Tekst: Schriftlezing: Geluid: Reeks:
Gen 1:26 Gen 1:26-31 2:4-8 1Cor 15:45-49 2011-09-25_1000.mp3 (Hele dienst CD kwaliteit, 48kPro, 63.6Mb)
Wie is de mens?

Edit| EditReeks
Samenvatting:
We beginnen vandaag met een nieuwe prekenserie: wie de mens is in zijn viervoudige staat. De geschapen mens (Gen 1,2) de gevallen mens, de geredde mens, de Geestvervulde mens. De mens wordt geformeerd, gedeformeerd gereformeerd en getransformeerd. Vandaag de eerste van de vier:

De geformeerde mens
-Geschapen door Gods hand
-geschapen naar Gods beeld
-geschapen over Gods Schepping


De hoofdstukken 1 en 2 van de Bijbel zijn machtig mooi en diep. Gods grondplan staat er in. Er zijn lijnen te trekken met de hele Bijbel, ook met het eind, met de vernieuwde hemel en aarde. Een paradijs in het begin en op het laatst ook een tuin. Daar tussenin de graftuin. Op de opstandingsdag is Hij in dezelfde tuin opgestaan. Hij was de Opstanding, de levende Heere.
De mens is op de zesde dag geschapen. De bomen met hun prachtige bladeren-kroon, de vogels, de lucht, het licht, de vogels, de vissen etc. En daarna als kroonjuweel de mens. Er verschijnt dan iets heel nieuws, iets unieks ten tonele. Waarom heeft de Heere de mens op het laatst geschapen? Joodse verklaring: om de mens een beetje nederig te houden. Nu kan een mug nog zeggen: ik ben nog eerder geschapen dan jij. Maar ook: God heeft eerst alles klaar gemaakt en op orde gemaakt en toen pas de bewoners van de aarde gemaakt. Gods slooft zich met eerbied gesproken uit om de mens in een zo mooi mogelijke wereld neer te zetten. Zoals een moeder een baby-kamertje klaarmaakt voor haar kindje geboren wordt.
Nog een reden: de zesde dag komt vlak voor de rustdag, De mens mag beginnen vanuit de rust, vanuit de sabbatsrust in aanbidding van Zijn Maker. Een psalm, een lied voor de sabbatdag. U hebt mijn hart verheugd Heere, vooral door de vrouw die Gij mij gegeven hebt...En dan gaat God spreken. Laat Ons mensen maken...en daarna: Weest vruchtbaar. Laat Ons mensen maken. Dan spreekt God tegen zichzelf. God de Vader en de Zoon en de Geest overleggen in zichzelf, wat een wonderlijke diepte. Laten Wij de mens gaan maken. Wij zijn dus gemaakt door alle drie de goddelijke Personen. Alle drie waren ze betrokken bij de schepping van de mens. Hij begint nu niet met spreken maar met een beraad binnen de Godheid.

Op de Bijbelkring behandelen ze het boek Prediker: gedenk dan uw Schepper in uw jongelingsjaren. In het Hebreeuws staat er een meervoudsvorm: Scheppers. Hoe heeft God de mens gemaakt?

Door Zijn hand
Hij heeft de mens geschapen, geboetseerd en toen de levensadem erin geblazen. Wij zijn niet door een woord ten leven geroepen, maar God heeft zich gebogen naar de aarde en van het stof een mens gemaakt. Gods vingers hebben mij gemaakt, hoofd, ledematen, armen, benen,ogen en oren. De Heere haalde stof uit alle vier de windrichtingen opdat de mens zich overal op aarde thuis zou kunnen voelen. Ik mag tegen u zeggen dat wij gemaakt zijn, gewild zijn door God. Geen toevallig product van de evolutie, maar door God gewild, met reden, met zin. U bent mijn machtige Maker. Laat niet varen het werk van Uw handen...
Misschien zeg je: God heeft het niet goed gedaan....Ik denk aan een verhaal van Gladys Aylward. Ze was niet tevreden met haar uiterlijk. Ze vond het jammer dat ze zo klein was en zwart haar had. Toen riep God haar naar China om de zending in te gaan. Toen ze in China aankwam, waren al die Chinese mensen klein en met zwarte haren. Toen heeft ze de Heere God gedankt ter plekke, omdat ze zo makkelijker aansluiting had bij de Chinezen.
Ook als wij Hem pijn doen door de zonde, zijn we toch door Hem gewild. Je bent Zijn gemaakt eigendom. Toen nog geen gekocht eigendom, geen gezocht eigendom. Maar Gods gemaakt eigendom. Uit het stof gemaakt, maar ook heel wonderlijk. Adam met zijn hoofd, hersenen, klieren, spieren, nieren, leden, tong, waarmee hij God kon verhogen, met zijn stem, waarmee hij kon zingen. Met zijn lachspieren en zijn smaakpapillen. Die heeft God ook gemaakt.

Naar Zijn beeld
De mens heeft een aardse kant, maar heeft ook iets van hemelse oorsprong: naar Zijn beeld geschapen. Dat komt omdat de Heere God zelf de levensadem in de neusgaten van Adam heeft geblazen. God blaast iets van zichzelf in de mens. Daardoor is de mens een eeuwigheidswezen. God heeft Zijn eigen adem heel persoonlijk aan die mens meegedeeld. God schiep de mens. Het woord “scheppen” komt in heel Genesis 1 maar 3 keer voor. Telkens als er iets heel nieuws wordt gemaakt. God schiep de hemel en de aarde, de materie. Daarna God schiep de grote walvis: de dieren. En ten derde God schiep de mens; als derde en hoogste fase in Gods scheppingswerk. Ook na de zondeval is dat toch gebleven. Dat beeld van God , er zit iets van pracht in ieder mens.
De mens, er zit iets van ellende in. Dat is waar. Door de zonde bezoedeld en verloren. Maar ook: wat ben jij een prachtig mens door God gemaakt. De mens blijft iets moois over. De mens is nameloos ellendig maar ook groots. Dat iets van de hemel zit er ook in. Dat is de waardigheid van de mens. De beschermwaardigheid ook, van het ongeboren leven. God schiep de dieren naar hun aard, maar de mens naar Zijn aard. Er is een fundamenteel verschil tussen dieren en mensen. Elke soort dier heeft zijn eigen aard en hun eigen gedrag. Als er gevaar is gaat een hond blaffen en een muis is stil. Dat is hun aard. God schiep man en vrouw samen. Man en vrouw is mens. Als God keek naar die ene mens, man en vrouw, dan zag Hij daar iets van zichzelf in terug. Na de zondeval zijn die trekken nauwelijks herkenbaar, maar toch. De mens blijft iets van dat beeld van God houden. God schiep de mens naar Zijn beeld.

Er werd eens gevraagd aan David Ben Goerion wat hij de mooiste Bijbeltekst vond: Genesis 1:27 was zijn antwoord. Voordat er Amerikanen of Russen waren, Israeli's of Egyptenaren, Joden, moslims of christenen, waren er alleen maar mannen en vrouwen geschapen door God. God is de maker van ons allemaal!! Hij is onze Schepper!

Het tweede spreken van God is vers 8: God zegende hen en God zei tot hen. Je ziet dan dat God ook relatie zoekt, band wil met de mens. We zien de relatie van God met Zijn schepsel. De relatie van Adam met met zijn vrouw en met de schepping. God zei tot hen. Bij de dieren sprak Hij over hen. Bij de mensen spreekt Hij tot hen. Hij zoekt dus contact. De mens is afhankelijk van God, maar God zoekt ook band met Zijn schepsel. Opdat de mens zou antwoorden: hier ben ik. Ik denk aan de Sixtijnse kapel waar Michelangelo de schepping heeft verbeeld. Gods uitgestrekte hand naar Adam, en Adam die dat beantwoordt door zijn hand naar de Heere uit te strekken. Hij raakt bijna de Heere aan. Dan zie je dat God afgebeeld wordt als een oude van dagen met wit haar. Met Zijn linkerhand omarmt hij een vrouw, Zijn dochter, die ook naar Adam kijkt. Alsof Michelangelo wil zeggen: die mens is door God met zoveel wijsheid gemaakt.
Hoofdstuk 2 spreekt ook over de HEERE, Jahweh, de HEERE met 5 hoofdletters: HEERE, ik ben er bij. Ik ben er voor jou, Ik ben erbij. Of ik op jou zal kunnen rekenen, dat moet nog blijken, maar Ik ben er altijd bij, Ik wacht tot je terugkomt. Toen Adam wakker werd, werd het eerste lied in het paradijs gezongen: het lied van Adam over zijn vrouw: dit is been van mijn been, vlees van mijn vlees. Hij zag daar een vrouw uit Gods hand en was verrukt van vreugde. Die zesde scheppingsdag. Dat is een gedicht, dus met ingesprongen tekst. Die vrouw was niet uit zijn voeten geschapen, opdat hij haar niet zo vertreden. Niet uit zijn hoofd opdat ze niet boven hem zou staan. Maar uit zijn zij. Als zijn gelijke. Dichtbij zijn arm (bescherming), dichtbij zijn hart (opdat hij haar lief zou hebben).

Een rabbijn stelde een vraag: als er nu staat dat God een rib van Adam toen Hij sliep. Is dat geen diefstal? Stel je voor dat erdiven bij je binnen komen die een zilveren kan meenemen, maar een gouden kruik achter laten...Dan zou je zeggen: laat ze morgen maar terug komen! Hij nam een rib, en gaf een vrouw terug. Typisch Joods....

Over Gods schepping.
Genesis 1. Het doel van de mens is dat hij koning over de schepping is. Die mens God heerst over al het geschapene. Alles is onder hun voeten gelegd. Adam en Eva. Niet dat Adam heerst over zijn vrouw. Adam heerst samen met zijn vrouw over de schepping, hij als koning zij als koningin. Regeerambt.....Scheppingsordening! De vrouw niet als slavin, maar als koningin. En zie het was zeer goed, zegt God dan afloop.Op die zeer goede aarde gaat God dan ook nog eens een keer een hof maken, een tuin, een lusthof met bomen en rivieren waar hij vrij gebruik van mag maken. En daar zet Hij de mens in. De meest ideale omstandigheden. Dan wordt er 1 boom neergezet als test en dan gaat het mis....

Als ik naar 1 Kor 15 de lijn doortrek, dan ziet u de Heere Jezus in de woestijn, onder de meest barre nare omstandigheden, honger, verzocht door de satan. En Hij blijft staan! Daarin zie je dat de Heere Jezus zoveel meer is dan de mens. Wij zijn gewend om de nadruk te leggen op de verlossing. Wij stellen de verzoening en de voldoening centraal, of zonde en genade. Over Gods verlossingsplan dat het zondeprobleem moet worden opgelost. Maar dan vergeten we Gods scheppingsplan! Daar begint het mee! Wat was nu de bedoeling van die schepping? Dat Adam en Eva nakomelingen zou krijgen, een heel groot volk op aarde, die zouden lijken op God, op Christus. Al die mensen zouden heersen en regeren over de dieren. Mensen die een weerspiegeling zijn van God zelf. Dat was Gods doel. Het draait om de verlossing, maar het gaat om dat scheppingsplan dat uitgewerkt moet gaan worden. En dat gaat ook uitgevoerd worden, ondanks de zondeval. Uiteindelijk moet het nog heerlijker worden als bij Adam. Verlossing dat wil niet zeggen dat het weer net als bij Adam in het paradijs wordt. Het is niet zo dat Adam en Eva die 1 seconde onoplettend waren en dat God nu duizenden jaren nodig heeft om weer terug bij af te komen. Dat zou vernederend voor God zijn. God heeft de mens goed gemaakt. God gaat die val gebruiken om Zijn bedoeling, Zijn scheppingsplan op een nog hoger plan te brengen dan het ooit was. Nieuwe hemel en aarde, maar geen boom meer, geen slang meer die verzoekt. Daar zal het Lam centraal staan. Verloste verheerlijkte mensen. Die als gemeente al die verloste mensen naast Christus zal regeren wanneer Hij Zijn koninkrijk op aarde zal vestigen. Als de Heere Jezus terug komt zal Hij regeren over de hele aarde. Maar naast Hem staat de bruid, de gemeente. Als koningen heersen. Adam en Eva, Christus en Zijn kerk. Langs een diepe, lange weg, maar God komt tot Zijn doel, al is het nog zo ontspoord door ons.

Die gemeente dat zijn allemaal beelddragers van Christus. Daar heeft God ons voor uitverkoren, dat we aan Zijn beeld gelijkvormig zouden worden. Dat we zouden gaan lijken op de Heere Jezus. Deze is Mijn geliefde Zoon in wie Ik al Mijn welbehagen heb. Zo wilde God er meer hebben! De Heilige Geest maakt Zijn kinderen gelijkvormig aan Zijn beeld. Zo komt God met Zijn scheppingsdoel met een ieder van ons.
Het verlossingsplan was een middel, waar het om draait. Maar dat scheppingsplan was de bedoeling, daar gaat het om.
Het gaat ook over Christus, de laatste Adam.
Heer onze Heere hoe heerlijk is Uw Naam!

U die mij geschapen hebt
u wil ik aanbidden als mijn God
in voor en tegenspoed
Uw liefde doet mij zingen
U die mij geschapen hebt
U wil 'k danken hoe ik mij voel
en U gehoorzaam zijn
Heer U bent mijn doel...
Amen

Edit