Preek/Lezing

Overzicht | Zoeken | Reeksen || Vorige | Volgende
Type Datum Spreker Thema opm
preek 2011-11-02 19:30:00
ds. M.M. van Campen (Rotterdam-Zuid)
Alhoewel..... de vijgenboom niet bloeien zal.......nochtans! dankdag-avonddienst

Tekst: Schriftlezing: Geluid: Reeks:
Hab 3: 17-19 Hab 1: 1- 2:4 Hab 3:1-2, 16-19 2011-11-02_1900.mp3 (Hele dienst CD kwaliteit, 48kPro, 16.8Mb)

Edit| EditReeks
Samenvatting:
Alhoewel..... de vijgenboom niet bloeien zal.......nochtans!
1. De levensnood (vers 17)
2.de levensvreugde (vers 18)
3. de levenskracht (vers 19)

Habbakuk is een klein en onbekend boekje. Toch bevat het belangrijke uitspraken. H2: 4: de rechtvaardige zal door zijn geloof leven. Die uitspraak komt drie maal terug in het Nieuwe Testament. Luther heeft daar veel aan gehad. De goddeloze wordt gerechtvaardigd door het geloof. Habbakuk zegt dat je niet alleen gerechtvaardigd wordt door het geloof, maar ook dat de rechtvaardige leeft uit God, dwars door alles heen. Al is Hij niet te vatten, al kan ik het niet verklaren, toch blijf ik op Hem vertrouwen. Onverkort vertrouwen op de Heere, al heb je nog zo veel vraagtekens.

Dankdag houden als het goed met je gaat, is niet zo moeilijk. Maar als het nu eens niet goed gaat? Als je failliet bent gegaan, je baan kwijt bent geraakt, een depressie hebt gekregen, een geliefde hebt verloren.....als je partner niet meer van je houdt, of als je een ziekte hebt gekregen, als je een kinderwens hebt en de wieg blijft leeg, als je voortdurend in het rood staat.....Zou je dan nog naar de kerk gaan??

Habbakuk zat zelf in zo'n situatie. Hij zingt zijn lied niet in de lente en de bloeitijd, maar op een kale tak in de sneeuw. Met zijn benen in de bagger. In hoofdstuk 1 staat er: de last van Habbakuk. Hij begint dus niet met zingen. Het begint met zuchten en het eindigt als een zanger. Daar zitten wel de nodige vraagtekens tussen, kijk maar in Hoofdstuk 2. “From fear to faith”, schreef Lloyd Jones.
Habbakuk betekent zoiets als “iemand die je handen vasthoudt”, het kan ook “worstelen” betekenen. Habbakuk discussieert met God.
Hij leefde ten tijde van de laatste koningen van Juda. Er gebeuren daar vreselijke dingen, een jaar of 20 à 30 voor de ballingschap. Godsdienstig en sociaal was het een puinhoop. Armen werden uitgebuit, er was veel goddeloosheid en geen recht. Habbakuk zegt: waarom grijpt U niet in?

De kerk is niet Israël en Nederland is niet Kanaän, maar we kunnen er wel van leren. In ons land is ook veel geweld en veel goddeloosheid. Waarom grijpt God niet in? Er zijn in onze PKN predikanten die niet in God geloven. Heere, kan dat nou allemaal over U gezegd worden? Waarom grijpt U niet in?
De Heere antwoordt dat Hij wel ingrijpt, door de Chaldeeën op hen af te sturen. Hij kondigt de ballingschap aan. Er komt een dag dat Ik ga afbreken. Dan komt Habbakuk met een tweede waarom. Hoofdstuk 1: 3 zegt: Heere, Uw volk is ontzettend goddeloos, en nu gaat U het straffen met de Babyloniërs... Maar die zijn nog veel goddelozer en onheiliger! De Heere geeft dan niet meteen antwoord. Habbakuk stond op een wachttoren, misschien wel letterlijk want hij was een Leviet. Hij ging wachten op Gods antwoord. In hoofdstuk 2 staat dat de Heere antwoord ging geven. Hij zegt dat de Babyloniërs zelf ook weer worden gestraft door de Meden en de Perzen. Maar dat gebeurt op Zijn tijd. Dat kan lang duren, maar het komt gewis.

De Heere zegt: schrijf dat wat Ik ga doen duidelijk op, zodat iedereen het kan lezen. Dat er echt een dag van afrekening komt op Gods tijd. In tussentijd zal de rechtvaardige door het geloofsvertrouwen leven. Dat heeft 70 jaar geduurd, toen werden de Babyloniërs verslagen. De rechtvaardige zal in tussentijd door het geloofsvertrouwen leven. Heere als ik Uw tijdig gehoord heb, heb ik gevreesd. O Heere houd Uw werk in het leven. Laat er toch een overblijfsel mogen worden gespaard, denk toch in Uw toorn aan Uw ontferming, Houd Uw werk in stand.
Habbakuk is zo onder de indruk van dat komende gericht van God dat hij zich er ziek van voelt. Wat gaat er de komende jaren nog over Nederland komen....
Het rode paard van de oorlog...het zwarte paard van de honger..... En toch zal ik het rustig afwachten, zegt Habbakuk.

En dan komt onze tekst. Als de basisbehoeften niet meer kunnen worden bevredigd. Al zou de vijgenboom niet meer bloeien. Israël moest leven van de landbouw, van hun eigen akkertjes. Dan wordt de boer in het hart van zijn bestaan getroffen. Het zitten onder de vijgenboom is een teken van rust. Maar als je vijgenboom nou is omgehakt? Als de vreugdewijn niet meer vloeit, er is kommer en kwel? De perskuip druipt niet meer, de olijfboom brengt zijn opbrengst niet meer op, de velden geven geen voedsel meer....wee kunnen geen brood meer bakken. De schapen en de geiten zijn geroofd uit hun kooien....hoe kan de boer zijn gezin dan onderhouden?
Als de vijgenboom niet zal bloeien....”Zal”. Niet “zou”. Geen vage veronderstelling, maar een zekerheid dat dat gaat gebeuren.

Levensnood. Voelt u de last van Habbakuk? Dat weegt zwaar op zijn ziel. Delf vrouw en kinderen het graf.....zongen we met Hervormingsdag. Dat kan ik niet zo hard meezingen...Of toch wel? Om dan nog te danken, heb je dubbele genade nodig. Achter de crisis ziet de Jood nog meer, namelijk de oordelende hand van God. God had beloofd dat Hij zou zegenen als ze Zijn wetten zouden onderhouden. Maar als jullie Mijn wet verlaten, zal de vloek komen.....De ontrouw van het volk roept Gods oordeel op.

Hoe vertaal je dat naar onze tijd? Ik denk aan de crisis die in 2008 begon. Elke burger gaat daar wat van merken in zijn portemonnee. Ik denk aan Japan, waar die kernramp is gebeurd en al het eten besmet is. Ik denk aan de vele natuurrampen, de overstromingen. Ik denk aan de crisis in de kerk, waar kerkverlating al maar voortgaat. We zitten in het oordeel van God, ook met onze kerk. We hebben een kerk, maar we zouden 'm zo graag vol willen hebben. We hebben Licht op Zuid, maar het lijkt wel of er een rem op zit, je zou zo graag een turbo motor erachter willen hebben. Dwars door dat oordeel heen, als een geheimenis, kan een gelovige toch zingen. Hoe kan dat? Habbakuk weet dat de oordelende hand van God erachter zit, maar toch vlucht hij naar diezelfde God toe.


Levenslied.
Hoe is dat nou toch mogelijk? Ik zal zingen in de God van mijn heil...Je bent toch alles kwijt? De vijgenboom omgehakt, de stallen leeg. Wat heb je nu nog over? Ik heb God nog! Dat is geen treurig restant, maar dat overstijgt alles. God is meer waard dan dit tijdelijke leven. Zingen op de puinhopen. U bent mij meer waard Heere dan het fijnste goud op aard...Als de gaven weg zijn, blijft de Gever nog over. Habbakuk zegt niet alleen dat hij God nog over heeft en Hem vertrouwt, maar hij heeft er ook vreugde in. Heeft hij vreugde in al die oordelen? Een soort leedvermaak? Nee, hij gaat er juist onder gebukt. Een echte profeet beeft voor het leed van iemand anders. En toch en toch, nochtans, evenwel, toch. Dat heeft een kind van God nu voor op een wereldling. Die ziet ook zijn euro's verdampen en raakt ook alles kwijt. Maar hij heeft God nog!

Satan zegt nooit: en toch. Satan wil dat je “nee” zegt tegen het leven en “nee” tegen God. Hij wil je in de wanhoop brengen. Maar het geloof leert je zeggen: nochtans.
Het ongeloof zegt: en dus. Er is zoveel ellende in de wereld....en dus bestaat Hij niet.....Ik stapel de ene zonde op de ander...en dus is er voor mij geen vergeving...Of: ik doe goed mijn best....en dus gooit God mij vast niet in de hel..... etc. God is niet de God van de logica maar de God van Golgotha! Hij is niet de God van “en dus” maar de God van “en toch”! Daar voltrekt zich het wonder! Daar gedenkt Hij in Zijn ontfermen...
Habbakuk heeft vrede in zijn hart gekregen. God verandert niet altijd de omstandigheden, maar dan verandert Hij jou! Dat is de radar van het geloof. Dwars door de mist heen, kun je toch varen op die radar. Door een nacht hoe zwart hoe dik, voert Hij mij naar 't eeuwig licht.
Al zie ik niks, al begrijpt mijn ziel U niet, ik vertrouw U toch. Al raak je nou alles kwijt, dan is het toch zingen tegen de klippen op.
Kohlbrugge heeft gezegd: als je geen één kenmerk genade kan vinden in jezelf, dan heb je je te houden aan het woordje “nochtans”. Ik geloof in de zon, al schijnt hij niet. Al gebeurt het ergste in het leven van een kind van God, dan blijft God er. Als je alles kwijt raakt, hou je Hem over, zelfs na je laatste ademhaling.
Al zou de vijgenboom niet bloeien...
David had dat ook, Paulus en Silas in de gevangenis ook. Jeremia ook, Klaagliederen 3. Paulus ook. Hij heeft het over het zuchten van de Schepping, hij had daar oog voor. En toch: niets kan ons scheiden van de liefde van Christus. Mijn God is niet weg, mijn genade is niet weg, mijn Jezus is niet weg. Dat kapitaal ligt vast in Zijn handen. Als aardse troost mij ontbreekt, is er nog steeds die hemelse troost. De God van mijn heil, de God van mijn Heiland is mijn enige troost.

Voor de Heere Jezus was er geen God, geen Heiland toen Hij op Golgotha hing...en daarom voor mij wel!
Deze teksten zijn heel persoonlijk. Heel vaak komt het woordje “mijn” voor. De God die sterkte geeft en die mij vreugde geeft. Hij zal mijn voeten maken als die van een hinde. Heb je wel eens een hert zien lopen? Ze rennen lichtvoetig en raken nauwelijks de grond. Ze springen over van alles heen. Niet met gebogen hoofd en schouders. Je mag blijmoedig voortgaan. Niet geremd in je gang, maar op de vleugels van het geloof. Hij doet mij treden op een hoogte.

Mooi als je denkt aan die Joodse landbouwer. Zijn akker kaal en de stal leeg. Maar die Joodse man heeft ook een hoogte, of een binnenkamer. En daar ontvangt hij kracht om toch verder te kunnen. En plek waar hij Gods stem kan horen en waar dat geloof wordt gevoed. Waar hij zijn sterkte en vreugde vandaan haalt. De Heere Jezus beklom ook Zijn hoogte om kracht ontvangen van de Vader.
Daar wordt mijn geloof gevoed. Hij tilt me op. Hij neemt me mee, dicht bij Hem. Hij tilt me er boven uit. Habbakuk zegt: ik wil dit geloofslied nu niet alleen voor mezelf houden, maar hij draagt het over aan de koorleider. Hij wil de hele kerk ervan deelgenoot maken. Kom, wie zingt er mee met dit geloofslied?
Al ben je een geknakte man, al bezwijk je er bijna onder. Al kun je misschien niet zingen, zet dan maar een bandje aan. Het is een vreemde vreugde. Het is een geheim. Tegen de tijdelijke duisternis van het “alhoewel” staat het hemelse lichtpunt van het “nochtans”.

Waar zit jij nou? Op de hoogte, of in de diepte? Ik hoop dat je vanavond meegenomen bent door de Heere. Dat je ondanks de puinhopen in je leven mag eindigen met Habbakuk 3. Wat voor financiële malaise er ook komt, en wat voor bom er ook komt uit terroristische hoek.
Habbakuk pakt zijn harp. Zet maar weer eens een cd'tje op, of pak de piano of de gitaar en ga zingen. De Heere is mij tot hulp en sterkte.

Voor de troon van het Lam staan 24 ouderlingen. Elk met een eigen harp. Ze zingen niet alleen een massaal lied, maar ook een individueel danklied.
In de hemel wordt gedankt. In de hel wordt alleen maar geklaagd en je gaat naar één van beide. Maar zover is het nog niet.
En in die tussentijd: de rechtvaardige zal door het geloof leven!

Edit