Preek/Lezing

Overzicht | Zoeken | Reeksen || Vorige | Volgende
Type Datum Spreker Thema opm
preek 2012-01-08 17:00:00
ds. M.M. van Campen (Rotterdam-Zuid)
God leren kennen

Tekst: Schriftlezing: Geluid: Reeks:
NGB 2 Rom 1:18-32 2012-01-08_1700.mp3 (Hele dienst CD kwaliteit, 48kPro, 63.5Mb)
Nederlandse Geloofsbelijdenis

Edit| EditReeks
Samenvatting:
Onze koningin kwam eens in een bejaardentehuis, de oudste bood een bloemetje aan. Die vrouw kende de Heere ook. Was u niet een beetje zenuwachtig? Ik ken Iemand die nog hoger is, dan onze vorstin. God de aller hoogste koning. Want een wonder is dat, dat je God als je aller hoogste koning mag kennen. Vertrouwelijk omgang dus. Dat is het eeuwige leven, dat ze U kennen en Jezus Christus die Gij gezonden hebt als God de Zoon. Hem niet te kennen is de eeuwige dood.
Hoe kan het nu, dat die grote eeuwige God te kennen is door nietige mensenkinderen. Hij neemt het initiatief. Wat een zegen.. Hij laat zich kennen en blijft niet de Onbekende. Al die altaren in Griekenland – “aan de onbekende God”. Wij hoeven niet op zoek naar God. Hij openbaart zich aan ons. Hij laat zich kennen. Artikel 1: wie God is. Artikel 2: hoe Hij zich bekend maakt 1) door de schepping, 2) en door het woord.

God leren kennen
1) het boek van de schepping
2) het boek van de Schrift

Twee boekbesprekingen. Een puntje vooraf, een ding zou ik anders doen. Guido de Brès begint met de Schepping. Ik zou het andersom doen: het Woord, openbaring van God – dat voorop. Zo leren we Hem echt kennen, daarvanuit zie ik in de schepping de Heere terug, door het geloof verstaan wij dat God de hemel en aarde gemaakt heeft. Zo kijk in naar de natuur om me heen.

“Wij kennen Hem”. Stoere taal. Van de Reformatie: niet wij mochten hem eens leren kennen – niet zelfverzekerd maar wel vrijmoedig. Wij – gelovigen in de Nederlanden. Niet wij agnosten, wij atheïsten. De gemeente, de kerk. Wij kennen Hem. Door het geloof kijken we naar de schepping. De psalmen die we gezongen hebben zijn natuur-psalmen. Daar zijn geen heidenen aan het woord. Een heiden ziet niet – o kijk eens, ja, God bestaat. Taal van het geloof.
Kennen – omgaan, een teer woord. Niet zoals wij Mark Rutte kennen. Veel info over iemand, maar zonder persoonlijke band. In een liefdesrelatie met Hem staan. Zoals een kind Zijn vader kent. God de Schepper – ja, maar God is mijn Vader! Daar geloof ik in. Hij is ook de Schepper van hemel en aarde.

Een geweldig wonder dat wij Hem kennen, in Gen 3 ging dat mis. Verbinding verbroken, alsof je ingesneeuwd bent. God neemt het initiatief om de mens uit zijn val te redden. Openbaren gaat Hij Zich, Hij verlangt om in contact te komen, zodat ze van Hem houden.

1
Door de schepping, onderhouding en regering van de wereld. Het is als een boek, alles als kleine letters. Het onmetelijke heelal. We gaan er in lezen. Het is een leesbaar boek. Grote en kleine schepselen zijn als letters, er zit een boodschap in dat boek van de Schepping. Dat er een God is – “Intelligent design”. Er moet een hogere macht zijn, even los van de Schrift. Alle mensen kunnen dat boek lezen. Waar je ook leeft, je ademt Gods schepping. Daar zien we de sporen van God.
Als op een schilderij, staan rechts onderin de initialen van de maker. Gods platenboek. Foto's die God naar ons toestuurt. Jesaja 40: kijk eens op naar omhoog en zie wie al die dingen geschapen heeft.

Zijn er hoofdstukken in dat boek? Zeker. Als je niet reist, lees je slechts één bladzijde, zegt Augustinus. Een hoofdstuk zijn de hemellichamen, die ontelbare sterren. André Kuipers in het ruimte station: De aarde als een doperwt, hangend ergens in dat hemel ruim. Zo'n klein planeetje in zo'n groot zonnestelsel. Met honderden miljarden sterren in de Melkweg en honderden miljard sterrenstelsels. De planeet Mars, totaal dood. Levenloos, woest. Geen spotje leven en dan dat doperwtje van de aarde, die bruist van leven. Kuipers werd gevraagd: kijk je anders naar deze aarde? – je kunt het eigenlijk niet geloven, land en zee, dat daar zoveel mensen op wonen, de dampkring is als een vlies zo kwetsbaar, zo klein word je dan. Dan zeg ik: als je dan zo klein bent, hoe groot is dan die Maker daarvan!

Foto's van het Noorderlicht, vanuit Sala in Finland doorgeseind naar de Boergoense vliet – sneeuw die uit Gods voorraadschuren komt – de structuur daarvan – hoe mooi is dat hoofdstuk.

Ander hoofdstuk – het geweld van de zee. God stelt hem palen. Over de bergen, je hoeft Europa niet uit. Rotsmassieven. Drakensberg in ZuidAfrika, geweldig. Een ander hoofdstuk over die variatie in flora en fauna. “Frozen planet”, kijkt u daar wel eens naar? Het groeit en bloeit, een bloesem in de lente. Geen natuurvereerder, maar wel een natuurliefhebber is een kind van God. Je kijkt naar een spar met die ontelbare naalden. Net gesneeuwd, zon schijnt er op, dan krijg je zo'n idee van een Narnia landschap.
Een hoofdstuk over de dieren, Job 12: ga naar de dieren, die zullen jullie onderwijzen, tot de vissen in de zee - dat er een Schepper is en dat je aan Hem moet denken!

Nog een hoofdstuk – de mens. Psalm 139. Zo'n prachtig kunstwerk van Gods vingers. Elk orgaan in het menselijk lichaam. Ongeboren leven in de moederschoot. Dan word je voor het eerst vader en moeder, ik weet zeker dat je nooit het moment van de geboorte van je kinderen vergeet. Daar hoef je geen gelovige voor te zijn. Diep ingrijpend.

Geen twee van de zeven miljard mensen is identiek; ieder zijn eigen DNA en vingerafdruk. Deze week was er een predikantencontio van de Gereformeerde Bond. Prof Aleman sprak daar (neuroloog). We kennen nog geen 10% van hoe het daar werkt. Het menselijk brein is het meest complexe object dat ons bekend is in het heelal. Ik twijfel nooit of er een Schepper is. Hoe groot zijt Gij! Vanuit het schepsel de Schepper bewonderen. Dirk Zwaaf: “Wij zijn ons brein”, die gelooft niet in een Schepper. Een mens is een brein op benen en dat is het is. Als je niet met de bril van de Schrift en de oog van het geloof kijkt, kom je niet verder dan het denkvermogen van de mens. Maar met die bril zie je een demonstratie van de intelligentie van Zijn Maker.

Mag ik eens vragen: Noem eens een moment dat u Gods stem in de schepping hebt gehoord. Toen verstilde ik – niet romantisch bedoeld. Hoe groot zijt gij. De hemelen vertellen Gods eer zeggen de Psalmen. Het uitspansel verkondigen, zonder woorden, dat het het werk is van Gods hand.
Ik denk aan hoe ik naar deze gemeente beroepen ben. Je bent daar dan mee bezig. Wat is Gods wil, wil ik het wel. Je vrouw kan wat zeggen, maar je moet het persoonlijk met God uitvechten. Heere wilt u nog een bevestiging geven. De zon kwam door met een prachtige regenboog. Ik zag daarin niet alleen een natuurverschijnsel, maar een sprake van God. Ik kreeg toen veel kaarten met een regenboog erop, terwijl de mensen dat niet wisten.

Bent u wel eens geweest in de Grand Canyon? Ik kan me zo voorstellen dat je je zo ontzettend klein voelt, geweldige dieptes, overweldigend. Of een zonsopgang in de Rhoonse grienden. In de storm – als je graag vist, met windkracht 8 op de Noordzee, dan voel je je nietig. Storm op het IJsselmeer – dat is pas echt. Dan voel je je klein in de macht van de schepping en de Schepper.
Psalm 29 de stem des Heeren is vol macht - onweer. We kunnen er natuurkundig wat over zeggen, maar er zit een diepere laag in. Spreekt God altijd door elk onweer – nee, soms in een zachte suizende stilte.

Ik zie Gods trouw ook in de schepping – alleen al de seizoenen. Jer 33:20-21 “Zo zegt de HEERE: Als u Mijn verbond met de dag en Mijn verbond met de nacht kunt verbreken, zodat dag en nacht er niet [meer] op hun tijd zullen zijn, 21 dan zal ook Mijn verbond met Mijn dienaar David verbroken kunnen worden.”
Gods verbond met David wordt gekoppeld aan het opgaan van de zon en de maan. Natuurwetten? Het is Gods verbond, Gods trouw in de schepping. Over honderd jaar kunnen we exact berekenen wanneer de zon opkomt, zonsverduistering. God noemt het Mijn Verbond. Gods trouw aan Zijn eigen schepping. Gekoppeld aan Zijn verbond met David.

Wat leren we eruit? Als sneeuw vers valt denk ik aan de bedekkende gerechtigheid van God. De dauw doet denken aan de Heilige Geest, de zon: de Zonne der gerechtigheid. Als ik kijk naar de konijntjes die vluchten naar de steenrots, zo wij naar Christus, de musjes en zwaluwen – een nest bij Uw altaren. Elk jaargetijde – Herfst – vallend blad herinnert aan mijn dood. Maar dan maakt God het ook zacht. In de Herfst zie ik de prachtige kleuren. Als een laatste troost voor de dood van de winter, maar het eindigt niet in de winter, de lente – beeld van de opstandig.

-- = --

Na alle lyrische worden, nog een groot “maar”: de schepping is ook verschrikkelijk. Er zitten krassen in dat boek, het is beschadigd. Met de zondvloed is het nog gewassen, maar de krassen en scheuren bleven. De natuur is geschonden. Geen sproetjes en jeugdpuistjes. Maar gehandicapt, niet gaaf, niet gezond. In Hedel heb ik zo'n kindje een keer mogen dopen.
Sneeuw die een dodelijk lawine wordt, dieren die elkaar afmaken, gifplanten, spinnen waarvan het vrouwtje het mannetje opeet. Maarten t Hart zegt als bioloog: die schepping is afschuwelijk. Hoe kan die Schepper in elkaar zitten? Heeft hij een punt? Dat ligt aan de bril die je op hebt, met de bil van de Schrift en de ogen van het geloof zie ik een geschonden schepping en ik weet ook waarom, de hele schepping zucht en is in barensnood - treffend woord. Geboorte – heftige pijn, maar niet eeuwig. Of de dood, dat is het meest verschrikkelijke. Het is een wonder dat de aarde nog bestaat. Maar de christen zegt nee: de weeën gaan over de aarde, maar het eindigt in het nieuwe leven.
Het geweldig grote aantal parasieten – waarom? Ik weet het niet. 26 dec 2004, wij zingen over God die de wereld liefhad – en een tsunami die 230.000 mensen dood. Er zitten scheuren in de schepping. – bovendien lezen wij niet goed. We zijn verduisterd in ons verstand. Hij laat zich zien, maar we hebben slechte ogen. Je leest niet precies wat er staat.

2
Er moet dus een tweede boek komen. Een ander middel, een beter middel. Dat is nog beter. Daarin staat hoe wij tot bekering komen. Daarin laat God ten diepste in zijn hart kijken. In schepping zie ik zijn hand en vingers. Ik zie daar Iets, een goede hoge macht, maar in de Bijbel zie ik WIE die God is. Dat de Zoon gezonden is, tot zaligheid van de Zijnen, dat lees ik niet in de natuur.
De schepping is Gods plaatjesboek, de Schrift Gods liefdesbrief.
Daarin wordt God zichtbaar in Christus, tot aan het kruis van Golgotha en het open graf – nooit los te zien van een open hemel. God Vader, Verlosser en Trooster.
Ik heb beide boeken nodig, vooral de Schrift.

Een jongen brak met de kerk. Liep op een strand en ontmoete een ouderling van zijn oude kerk – ga je nog naar de kerk. “Nee. We hebben toch Psalm 19 geleerd? Het ruime hemelrond vertelt met blijde mond “ – ik kan Hem ook in de Schepping tegenkomen – daar hoef ik niet voor naar de kerk. De ouderling zei toen: je hebt die Psalm maar half gekeerd: Des Heeren wet nochtans verspreid volmaakter glans. Door te fietsen in een bos worden mensen niet bekeerd, maar door de verkondiging van het woord in Zijn huis.
Van de bomen in het bos moet ik naar de preekstoel. Niet alleen geraakt door een bloem, maar door de geboorte van de Heere Jezus en Zijn kruis en opstanding.
Daarom moeten we twee boeken lezen, niet kritisch, niet oppervlakkig, wetenschappelijk dan? Ach wat vandaag nieuw is, is morgen weer oud. Maar in geloof, van harte instemmend, onderzoekend. Spel de woorden maar, want die zijn het die van Mij getuigen.

Bent U God wel eens in dat woord tegengekomen, niet als informatie, maar dat Hij je ontmoette, kennis aan je zelf gekregen. Dat je las hoe het er met jou voor stond, dat het niet goed met je gaat, als je zo doorgaat? Dat je je rechter om genade ging bidden, en een blik te werpen op de Heere Jezus. Zaligmaker van zondaars, wat wordt Hij je dan dierbaar.

De Bijbel is niet voor nieuwsgierige mensen, wel voor heilsbegerige mensen. Hoe je tot Gods eer kunt leven. Elke dag een stukje. Klaarder en volkomener, we kennen maar ten dele. Als we straks Hem zullen zien van aangezicht tot aangezicht – lees de Bijbel nu.

Timotheus kreeg te horen – je kent de schrift van jongs af – door het geloof in Christus Jezus. In de natuur kom ik de Heere Jezus niet tegen, de Bijbel is er vol van.


O God, als oog en oor 't aanbiddelijk wonder
vernemen van Uw werken zonder tal;
der sterren pracht, het dreunen van de donder,
Uw kracht en heerlijkheid in gans 't heelal:
 

Als ik bedenk, hoe God Zijn Zoon niet spaarde,
maar Hem deed sterven, dan is 't mij te groot!
hoe 's hemels Koning stierf voor mij op aarde.
mijn zonde boette door Zijn bitt're dood:
 

dan ben ik bij de kern van het evangelie:

Dan zingt mijn ziel tot U mijn Heer, mijn Heil:
Hoe groot zijt Gij, Hoe groot zijt Gij!
[Joh d Heer 886, fragm]

Edit