Preek/Lezing

Overzicht | Zoeken | Reeksen || Vorige | Volgende
Type Datum Spreker Thema opm
preek 2012-02-12 10:00:00
ds. E.F. Vergunst (em. te Ridderkerk)
Drinken uit de Levensbron

Tekst: Schriftlezing: Geluid: Reeks:
Joh 7:37 Jes 12:1-6 Joh 7:37-53 Open 22:12-21 2012-02-12T.101.mp3 (Hele dienst, 16kPro, 15.3Mb)

Edit| EditReeks
Samenvatting:
Een machtig woord, ons tekstvers – eenvoudig,eigenlijk: als je dorst hebt ga je drinken. Daar zit heel het evangelie in. Het geldt nog. Een van de drie grote feesten in Israël, elke man moest daarop naar Jeruzalem. Dit was het Loofhuttenfeest. Het wordt tot de huidige dag door alle orthodoxe Joden uitbundig gevierd, misschien hebt u het wel eens gezien in Israël.7 dagen verblijven mensen in hutten, eten en slapen. Het is een gedachtenis aan de woestijntocht, de uittocht uit Egypte. – De doortocht door de woestijn. De bewarende en verzorgende hand van God wordt in gedachtenis gehouden. Hij gaf te eten en te drinken. Hij zorgde voor water uit de rotssteen – dat was Christus zegt Paulus. Dat heeft te maken met onze tekst. Juist op dat feest zegt Hij dat – als je dorst hebt moet je bij Mij zijn. Wat is het Nieuwtestamentisch equivalent van het Loofhuttenfeest? Sommige christenen doen het in Jeruzalem. Maar de Bijbelse gedachte is dat het in Kanaän, in de hemel gevierd wordt. De intocht in Kanaän, een uitbundig feest - 7 dagen. Er werd later een 8e dag aan toe gevoegd, de Grote Dag, zoals Johannes zegt. De dag van de Simchat Tora, de Vreugde van de Wet.

Daar doelt Johannes op – Jezus vierde dat feest dus ook. Johannes laat voelen waarom Hij dat deed, als de Messias van Israël. Er gebeurde nogal wat op dat feest. Elke dag maakte de priesters een rondgang rondom het brandofferaltaar. Het altaar van de verzoening. Op de zevende dag gebeurde dat zeven keer. Een herinnering aan Jericho uiteraard. Na het morgenoffer werd een plengoffer gebracht van water. De tempelberg af naar het Kedron dal met een gouden kruik, daar schepte de priester uit de bron van Siloam. Hij klom weer terug , daar werd dit water met de offerwijn gemengd. En het werd uitgegooid op het altaar en zo stroomde het weg naar het Kedron dal. Een herinnering aan het water uit de Steenrots. De priester sprak de woorden van Jesaja die ik u voorgelezen hebt, een herinnering en een gebed om water, als levensbron. En een belofte. Gij zult met vreugde water scheppen uit de bron van het heil.

Dan kwam de laatste dag. De Grote Dag. De blijdschap steeg ten top. Men luisterde naar de tempelzangers – Zij zongen het grote Haleel. Psalm 113-118. Psalm 118 een messiaanse Psalm vol van Christus. De lofzang. Dit is de dag, die de Heere gemaakt heeft. Geef toch heil. Hoseana. Gezegend is Hij die komt in Naam des Heeren. Water was onmisbaar. Dan gooide het priester het water uit. Die machtige symboliek. Herinner aan wat God doet. Zijn trouw en verzorgende hand, die Zijn volk in Kanaän brengt. U ziet toch de lijn lopen van dit feest naar het feest van de toekomst? Dat wordt niet meer op aarde gevierd. Maar in de feestzaal van het koninkrijk van God. Dan is de woestijntocht ten einde. De blijdschap over Gods verlossing zal tot het hoogste toppunt stijgen.
Rabbijnen: wie dit niet heeft meegemaakt weet niet wat vreugde is. De zuivere rivier van het levenswater, dat voortkomt uit de troon van het Lam. Die het hart vrolijk maakt.

De profetie ook van de dienst der verzoening, als een oase in de woestijn – ik denk aan het Avondmaal. Momenten van rust. Van nieuwe kracht ontvangen. Waar gegeten en gedronken wordt. Gesterkt om de reis voort te zetten. Daar wordt het water gedronken uit de bron van het heil. Hebt u dorst? Tot dat water wordt u genodigd gemeente, ook vandaag. Niemand uitgezonderd. Corinthe: zij drinken allen uit de steenrots en dat was Christus. God slaat geen kind in de kerk over en geen oud mens. Jezus nodigt u. Zo staat Hij daar. Zegt Johannes. Indien iemand dorst heeft, laat Hij tot mij komen en drinken. De profetie van het water uit de steenrots wordt getoond en Jezus verheft zijn stem. Hij staat daar profetie. Niet alleen maar zittend onderwijs geven. Een profeet spreekt, staat. Hij wijst naar die grote toekomst. Hij betrekt het hele feest op Zichzelf.

Mensen zien wel de uiterlijke tekenen, maar ze kennen het geheim niet. Ze blijven hangen op de uiterlijke dingen of stellen op die tekenen hun vertrouwen. Nee, je moet bij Mij zijn. Hij staat midden onder u.

Als u Hem niet kent, ligt dat niet aan Hem. Hij maakt zich bekend. Ik wil u het levende water geven. Hij wil niet dat iemand van u van dorst sterft. Van dorst ga je sterven. Ja toch? Als je niet drinkt.
Op die laatste grote dag schreeuwt Hij het uit. Als een oosterse water verkoper, je ziet ze nog in het Midden-Oosten. Woorden geladen met liefde, om zondaren te redden. Ook vol dodelijke ernst. Je kunt het niet naast je neerleggen. Die je aansporen om gelaafd te worden tot het eeuwige leven.

Wie doet dat niet? Een baby moet al drinken. Een mens heeft dorst, maar ook geestelijk. Mensen proberen die op allerlei manieren te lessen, naar macht, maar rijkdom, naar kennis, naar aanzien, eer. Of naar liefde, naar geborgenheid. Er is allerlei dorst in het leven van mensen. Ten koste van anderen ook. Maar je dorst wordt nooit gelest, je komt niet tot rust. Dorst kan je verteren. Als je drinkt uit de verkeerde bron. Zout water. Wie van het water van de wereld drinkt (tegen de Samaritaanse vrouw) krijgt weer dorst. Maar als je drinkt van het water dat Ik hem geven zal, zal eeuwig leven. Als je goed leest ontdek je hoe Jezus mensen te drinken geeft. Hij wekt Dorst op naar Hemzelf... hoe doet ie dat? Door u in uw eigen leven te laten kijken. Alle foto's, als je goed kijkt dan schrik je. Maar Hij doet het om je tot rust te brengen, niet alleen, dat wij er armzalig aan toe zijn, Hij opent tegelijk de bron der genade. Het water dat Ik u geven zal. Dat reikt tot in het eeuwige leven. Hij maakt begerig om het geheim te kennen, dat in Hem verscholen ligt. Springader van het eeuwige leven.

De wereld weet niets van de Dorst waar de Bijbel vol van is. En het leven van de oprechte christen. Dorsten naar U in een land dat dor en mat van droogte brandt. Hoort u de dichter roepen en schreeuwen, als een hert naar de waterstromen? Niet mijn ziel dorst naar de hemel, maar naar God. De levende God. Levend in dat land – In de woestijn van Juda zong David die Psalm. De verloren zoon kwam er terecht, waar de dood op hem af kwam. Waar God de ogen opent en de oorzaak doet zien. Ik heb gezondigd tegen de hemel en voor u.


Ja die dorst naar God is ons niet aangeboren. Die dorst hou je niet vol. Hij wordt gelest of je sterft. Als ze niet gelest wordt gaat het knagen. Je moet eens verdwaalt zijn in de woestijn en geen water hebben of vinden. Hagar met haar kind. Je ziet ze ronddolen. Wat kon je doen? Huilen is het enige wat overblijft, huilen tot God – Hij opende haar ogen zodat ze een waterput zag. Het is vlakbij maar je moet het wel zien.

Aan vele mensen ook in de kerk wordt het levende water onthouden en ze sterven in de dorst. Maar God wijst ons het water vanmorgen aan en reikt het aan. Hij heeft voor het water gezorgd, toen op Golgotha die stem weerklonk – Mij dorst... Hij heeft voor het water gezorgd, toen Hij Zijn Zoon niet spaarde maar Hem overgaf tot in de diepste nood en dood. Wat heeft het God en Christus gekost! Zijn bloed liet vergeten tot een volkomen verzoening van al onze zonden. Dorstige zielen te laven tot het Eeuwige leven.

Daar bij het altaar ontspringt het levende water. Levend water zou vloeien uit Jeruzalem. Ezechiël heeft het ook gezien en het is ook naar ons toegestroomd. Als u goed kijkt, ziet u het stromen en u hoort - als iemand dorst heeft, laat Hij dan tot mij komen en drinken. Het is ook een bevel. De dorstigen moeten komen.

Wie zijn dat? Je weet wel of je dorst hebt. Dat is geestelijk ook zo. U weet heel goed of u dorst hebt of niet. Zo nee, dan hoeft u geen water. Dan denk je er ook niet aan. Zit u zo in de kerk, met water vlakbij? Zonder water kunt u niet leven. God passeert u niet, Hij heeft niets liever dan dat de geroepenen tot Hem komen. Wie dorsten naar de gerechtigheid – alle gij dorstigen, komt. U ziel zal leven. De Heere Jezus neemt die woorden van Jesaja als het ware over. Als iemand dorst heeft – u bent toch iemand. Niet: je moet eerst hele erge dorst hebben, of u moet versmachten van dorst. Nee. Ook niet: mondjesmaat hoor, we distribueren, want er is niet zoveel. Als iemand dorst – hoe groot zondaar in eigen oog, wat u ook weerhoudt om tot Hem te vluchten, de bron van eeuwig leven staat vandaag open.

Er is een ontelbare schare die uit die levenbron gedronken hebben en het water is nog even veel en fris. Zolang er nog één zondaar is, die genade zoekt. Of hebt u het niet nodig, blijft u nog op afstand staan? Dan kiest u voor de dood. Of lest u het met,... ja waarmee –
er ontstond tweedracht op het Loofhuttenfeest. Hij komt uit Galilea en ze passeren Hem.

Een hoofdstuk terug: als je het vlees van het Zoon des mensen niet eet, heb je geen leven in je zelf. Dorst wordt niet altijd gelest. Sommigen komen heel hun leven in de kerk en ze komen in de Woestijn om. Christus reikt het wel aan, hij wil en kan u voor de dood behouden en doet het dolgraag.

Het liefste werk van Jezus is om dorstige mensen te drinken te geven. Die oosterse waterverkoper verkoopt het, maar Jezus geeft het om U rijker te maken. Alles is verdiend, u kunt bij Hem terecht zonder prijs en zonder geld.

Om niet. Voor niets.

Wat staat u in de weg om tot Jezus te gaan. Ga niet redenen. Ik was ooit in Zwitserland bij Lauterbrunnen, enorme watervallen. Drie stromen naar beneden. Mensen staan er te kijken en te filmen, maar niet te drinken. Begrijpt u? Je moet niet komen kijken, maar drinken. Ik moet eerst eens weten wat voor water het is. Waar komt het eigenlijk vandaan? Je zou die rotswand op kunnen klimmen – als je dorst hebt ga je drinken, en als je fris bent – dan wil je meer weten over de Herkomst van dat water. Mijn ziel zal nieuwe kracht ontvangen.

Jezus buigt zich en dat éne woord van een bijkans stervend mens dat klinkt Hem als muziek in de oren. Mijn ziel versmacht naar God. Ik blijf mijn leven lang patiënt. Telkens weer heb ik het water nodig om in alle zwakheden gelaafd te worden.

Als ik drink, stroomt het door mijn lijf heen en het leven wordt herboren. Het zal een bron in jou worden, de overvloed van de Geest die de dorstigen bij de bron brengt, ze gaan tezamen roepen, de Geest en de bruid, Kom. Heere Jezus,

Hij die de armen kleedt en voedt
en een zondaar leven doet,
bron van vreugde, levend water,
wellend in de wildernis,

laat ons drinken nu en later
tot de dorst vergeten is
laat ons drinken in de felle zon
drinken, drinken, pure vreugde
putten uit uw levensbron.

Edit