Preek/Lezing

Overzicht | Zoeken | Reeksen || Vorige | Volgende
Type Datum Spreker Thema opm
preek 2012-07-08 17:00:00 nnb () Vreemdelingschap

Tekst: Schriftlezing: Geluid: Reeks:
1Pet 1:1 Jer 29:1-7 1Pet 1:1-7 1Pet 2:11-12

Edit| EditReeks
Samenvatting:
Vreemdelingschap

We staan aan het begin van de vakantieperiode. Velen van ons gaan er binnenkort op uit om een paar weken in het buitenland door te brengen. Als je daar bent, merk je dat je niet thuis bent. Je kunt het gevoel krijgen een vreemdeling te zijn. De mensen, de omgeving, het eten is anders, aan alles is te merken dat je te gast bent. Een vreemdeling. Als christen ben je ten diepste elke dag overal op deze aarde een vreemdeling. Daarom heeft de apostel Petrus deze eerste brief geschreven. Een brief met veel thema's door elkaar heen; Petrus schrijft een heleboel tegelijk en op het eerste gezicht is het een wirwar van woorden en thema's . Maar je merkt wel een stuk gedrevenheid. Petrus heeft wat te zeggen. We zetten Petrus even een versnelling lager en luisteren vanuit het begin van zijn brief wat hij ons te zeggen heeft. Er licht dan een rode draad op door de hele brief heen.

In het eerste vers stelt hij zich allereerst voor, waarna hij een heleboel plaatsen noemt. Opvallend is de manier van aanspreken. Aan de vreemdelingen in de verstrooiing. Hij schrijft aan de christenen die in Klein-Azië woonden, het huidige Turkije. Ze woonden in groepen bij elkaar. Naast Joodse groeperingen waren er ook christelijke groeperingen ontstaan. Dat is niet gek, want de plaatsen waar een synagoge ontstond waren de plaatsen waar de apostelen het eerst het evangelie brachten. Christenen in het buitenland, christenen in de verstrooiing. Maar Petrus noemt hen geen vreemdeling omdat ze buiten Israël woonden. Er waren ook heidenen die niet uit Israël kwamen die tot geloof kwamen, en ook zij worden vreemdelingen genoemde. Ten diepste zijn wij vreemdelingen op aarde. Daarover gaat deze hele brief eigenlijk. Dat christenen door het geloof vreemd zijn geworden, apart, anders. Dat ze voor de consequenties daarvan niet moeten terugschrikken. Christen zijn heeft gevolgen.


Het is goed daar ook nu bij stil te staan. Wij zijn ten diepste vreemdelingen. Een vreemdeling is iemand die wel hier woont, maar die hier niet thuis hoort. Denk aan een gastarbeider; hij woont tijdelijk hier, maar zijn thuis ligt in zijn vaderland. Een asielzoeker is weer heel iets anders. Iemand die asiel zoekt, zoekt een nieuw thuis. Een christen is meer te vergelijken met een gastarbeider dan een asielzoeker. Petrus noemt ons hier gastarbeiders naar deze wereld toe. Maar vaak voelen wij ons prima thuis in deze wereld. Denk aan Abraham die met niets anders dan met Gods belofte op reis ging. Wij hebben ook alleen het Woord van God, waarmee we als pelgrims over de aarde reizen. Niet omdat we daar in de eerste plaats zelf voor gekozen hebben en dat zo leuk vinden, maar dat heeft alles met Pasen te maken. Tussen ons en deze wereld staat het kruis en ligt het open graf. Daar staat Christus zelf tussen. Door onze verbondenheid aan de Heere Jezus staan wij vreemd in deze wereld. Met Hem begraven in de dood, zijn wij opgestaan in een nieuw leven. Met Zijn opstanding zijn ook wij in een ander nieuw leven terecht gekomen, met Hem verbonden door het geloof.

Hoe ziet dat nieuwe leven eruit? Anders dan het oude. In je oude leven gaat het om jou en hoe jij het meest kunt genieten; ego-centrisch. Dat leven hebben wij achter ons gelaten; we staan niet langer zelf centraal, maar zijn op Hem gericht. Wij hopen op Hem en zijn op alles op Hem afgestemd. Dat leven met God maakt ons tot vreemdelingen in deze wereld. Die werelden botsen op elkaar.

Misschien durft iemand heel eerlijk te zeggen: daar ervaar ik weinig van. Ik voel me best wel thuis in deze wereld. Herkenbaar aan de ene kant. Maar zegt het ook niet iets over hoe wij in de wereld staan? Is dat platte bestaan ook niet een heel eind tot ons doorgedrongen?

Welke keuzes maakt een pelgrim dan?

We hoeven niet anders te doen dan bijvoorbeeld iemand met platte woorden en een platte levensstijl. Maar aan de andere kant doet leven met God wel iets met je. Je komt er soms door in de verdrukking; je zwemt tegen de stroom in. Je wilt je keuzes afstemmen op de wil van God. Als je dat echt doet, voel je weer iets van dat vreemdelingschap. Ik denk dat we daar in Nederland steeds meer naar toe gaan. Het gaat steeds meer in een stroomversnelling. Is dat erg? In zekere zin wel. Maar het is ook niet meer dan logisch. Jezus heeft zelf gezegd: in de wereld zult u verdrukking lijden. Wij zijn daar vaak huiverig voor. Maar Petrus zegt dat de beproeving van ons geloof heel nuttig is. Zodat je gelouterd wordt als goud; zo word je geloof beproefd, zodat het nog zuiverder gaat worden.
Dat brengt niet alleen maar angst, maar ook zuivering. Maar dat is wel makkelijker gezegd dan gedaan. Je zult maar de enige zijn die niet mee doet...
Jezus heeft gezegd: ze hebben Mij gehaat en ze zullen ook u haten. Het is niet meer dan een logisch gevolg van het volgen van Jezus. Zo worden wij teruggeworpen op ons enige houvast en op Zijn Zoon Jezus Christus. Een vreemdeling heeft alles achter moeten laten en dat wàt hij nog heeft, daar is hij heel zuinig op. Ons enige houvast is God. Op die weg worden wij meer en meer vreemdeling. Dan botsen bepaalde praktijken met ons leven. Soms levert dat ook strijd op, inwendige strijd op. Soms wil je liever gewoon mee doen. Maar je weet dat het niet kan. Het wringt dan van binnen. Wat moet je dan doen als anderen je buitensluiten? Zo drijft ons geloof ons steeds weer naar God toe. Er is wel eens gezegd dat christenen in Europa maar slappe christenen zijn geworden. Eens stevige uitspraak, met een kern van waarheid. We je hebben zoveel dat ons schijnbare zekerheid geeft. Allemaal poten waarop je denkt te kunnen staan. Vervolgde christenen zijn vaak veel vuriger. Omdat ze niks hebben en het geloof in de Heere Jezus hun enige houvast is.

Tenslotte nog 1andere vraag: hoe geef je nu vorm aan dat vreemdelingschap? Er is de eeuwen door altijd 1 grote verleiding geweest voor christenen. Het loslaten van de wereld en het afschrijven ervan. De valkuil van de wereldmijding. We hebben het wel gedaan; we hebben kloosters gebouwd, en later onze eigen zuilen en clubjes op gericht van waaruit we keken naar de grote boze buitenwereld. Maar als God in Zijn grote barmhartigheid Zijn Zoon geeft en die wereld niet afschrijft, mogen wij ons dan wel zo van die wereld afkeren?
Het gaat er juist om dat we vanuit toewijding God dienen en meedoen in allerlei organisaties en activiteiten en daarin ons eigen geluid laten horen. Niet veilig wegkruipen in onze eigen bolwerken, maar de geur van Christus verspreiden. Laat de wereld je goede daden maar zien; wie weet wat het op een dag uitwerkt in hun leven. Dat zal voor ons steeds meer de uitdaging gaan worden. De tijd dat christelijke organisaties vanzelfsprekend waren is weg. Is dat is erg, enerzijds wel, anderzijds ook niet.
Ook dat kun je zien als een vorm van loutering. Het is onze roeping midden in die wereld te staan. Als vreemdeling. In Jeremia roept God zelf de ballingen op om midden in de maatschappij te gaan staan. Juist als vreemdelingen moeten ze volop medoen in het cultureel en maatschappelijk leven van dat land. Trouwen, eten, drinken en de zegen zoeken voor de stad.
Daarom hebben we Jeremia gelezen.
Het licht van Gods genade laten schijnen door je daden heen.
Door de secularisatie krijgen we steeds meer een neiging tot somberen. Jeremia 29 stimuleert ons ook in de kansen te benutten die God geeft. Dan moet je wel stevig in je geloofsschoenen staan. Wij moeten meedoen zonder onze eigen identiteit op te geven. Dat kan alleen als je vast staat op het het werk van de Heere Jezus . Alleen zo kunnen wij een zegen zijn voor de mensen om ons heen. Dat vraagt van ons een dagelijkse geloofsoefening. D.m.v. gebed, Bijbellezen, samen komen als gemeente, dagelijks het aangezicht van God zoeken. In het besef dat wij door Hem geroepen zijn en dat Hij ons wil vasthouden. God heeft ons geroepen om Hem te gehoorzamen. Daarom dompelt Petrus ons als het ware weer eens helemaal onder in de drie-enige God. Zodat we weer eens helemaal ondergaan. De heiliging van ons leven kan alleen maar door de kracht van de Heilige Geest. Die ons laat zien dat onze kracht klein is, maar dat de kracht van Christus groot is. Zijn opstandingskracht heeft ons leven vernieuwd; totdat de toekomst van Jezus Christus voor ons is aangebroken. Dan zullen wij geen vreemdeling meer zijn; dan zullen we voor eens en voorgoed thuiskomen bij de Vader.

Neem uw tent op, ga op reis
naar het land dat Ik u wijs
Heere God, wij zijn vervreemden
door te luisteren naar Uw stem
Breng ons saâm met Uw ontheemden
naar het nieuw Jeruzalem.

Edit