Edit|
EditReeks Samenvatting:
1. de aanstelling in het verleden
2. de beoordeling in het heden
3. de bedreiging voor de toekomst
Het gaat in dit gesprek over de eer van God. Ben Ik dan een Vader, waar is Mijn eer? Het volk bracht gestolen en zieke dieren op het altaar....onwaardige offers. Zijn eer was het doel van de schepping, en ook het doel van de komst van de Heere Jezus. Hij redt zondaren tot Zijn eer, want dan gaat Gods eer weer opklimmen uit het stof.
Hoofdstuk 2:1 Nu dan. Het gesprek wordt voortgezet. De profeet Maleachi spreekt namens God tot de priesters. Jullie zijn priesters in het huis van God. En jullie krijgen een functioneringsgesprek. Dat gesprek is beslissend voor de voortzetting van het werk-contract. We hebben dat woensdag ook met de visitatiecommissie. Eerst met mij als pastor. Dan ook met de gemeente en de kerkenraad. Ook over het beleidsplan. Wat kan er verbeteren, wat gaat goed.....Dat hoort er allemaal bij.
In die tijd was het niet zo best gesteld. Er was sprake van innerlijk verval. Wel vormen-dienst, maar geen eredienst. Hoe moeten we dat vertalen naar nu? Het is eigenlijk een preek voor mij. Maar ook voor u, als kerkenraad en voor alle leidinggevenden in het jeugdwerk. Maar ook voor alle huisvaders. Als priester in het gezin. Hij en zijn broer namen het op voor de eer van zijn zus, maar ze doodden niet alleen de verkrachter maar de hele stad. Jakob sprak op zijn sterfbed nog een vloek uit over de toorn, over de boosheid van Levi.
Jakob sprak nog een vloek uit, maar God gaf een zegen. Onverdiende genade, wonderlijk. Uit die priester-stam zijn vele priesters voortgekomen, waaronder ook Johannes de Doper later.
Priesters waren aangesteld om onderwijs te geven. Misschien zijn er jongens of meisjes die bezig zijn met een roeping in Gods koninkrijk. Misschien be je geroepen om Gods Woord door te geven. Dan wil ik iets tegen je zeggen. God roept niet de bekwamen, maar God bekwaamt de geroepenen. Er zijn heel veel mensen in de Bijbel geroepen, die wij nooit uitgekozen zouden hebben. Mozes, de man Gods was ooit wel een driftkop en hij stotterde. Salomo was een groot prediker maar had vele vrouwen....Hosea was een goed pastor, maar zijn vrouw was prostituee...Elia had last van aanvallen van depressiviteit.....Johannes had rare kleren aan en was een baptist........Wij zouden er moeite mee hebben met al die rare mensen.
God van Zijn kant zei: Ik beloof jou leven en vrede als je Mij vreest. Je mag voor Mij beven, niet in angst, maar in heilig ontzag, de schrik des Heeren. God belooft leven, chaj. En vrede, shalom... wat een mooie cadeau's ...Door dat bloed van het lammetje is er vrede met God. Je bent gelukkig als je weet wat vrede met God is. Dat gaat je verstand te boven, als het weer vlak is tussen God en je ziel. Ik denk aan de Doop. Jij mag leven voor Mijn aangezicht. Je leven in Mijn dienst besteden. Leven dichtbij God. In de vreze des Heeren. Wat is dat? Geloofd zij God, ja, maar wel met diep ontzag. Vrezen. Een kernwoord in de Schrift, dat vaak vergeten wordt. Anders blijft het steken bij emoties. Vreze des Heeren is ook dat je voor de Heere buigt en tot erkentenis komt van Zijn ontzagwekkende genade-naam. Actief, elke dag. Je kunt genade hebben en toch in de zonde vallen. maar als je de vreze des Heeren beoefent dan val je niet in de zonde. Jozef had niet alleen geloof en genade, maar ook iets van de vreze des Heeren. De vreze des Heeren deed wijken van het kwaad.
De Heere Jezus is de leeuw uit Juda's stam. Geen papieren leeuw, geen tamme leeuw, geen leeuw achter tralies. Een levende echte leeuw, maar wel oneindig goed. Hij kan brullen, maar Hij is toch goed. Hij is te vrezen....
Maleachi: eindtijd. God gaat nu terug naar hoe Hij het bedoeld heeft in het begin. Denk aan het beeld van de boom. De wortels betekenen de vreze des Heeren. Als je die wortels niet hebt, dan mis je het begin. Vraag of de Heere die vrede in je hart wil leggen. Hou je van de Heere Jezus? Mooi, maar vrees je Hem ook? Anders moet je vragen om bekering.
De stam: dat heeft te maken met je wandel. Geen bedrog op je lippen. Je lippen in overeenstemming met je daden. Je bent een voorbeeld voor je kinderen. Die takken, wat betekent dat? Het gaat daarbij om de Woord-bediening. Betrouwbaar onderwijs. De vrucht is vers 6: bekering. Er komen mensen tot geloof,via jou als schakeltje. God gebruikt boompjes, die wel een stam hebben, die leven met God. Je spreekt over Hem. Je leeft met Hem.
Als je aan de priester vroeg wat rein en wat onrein was, dan konden ze dat vertellen. De Levieten brachten onderwijs over de verzoening. Ze waren heilsboden. Ze vertelden over vergeving door het bloed van het lam, maar ze brachten ook de wet, het onderwijs. Dit is goed, en dat is slecht. Dit is rein, dat is onrein. Dat verschil moet duidelijk zijn. Ik voel me aangesproken, gemeente....
Er zijn heel wat mensen ambtsdrager (geweest) in onze gemeente. Vroeger zeiden ze niet gemakkelijk ja, tegenwoordig zeggen mensen misschien te gemakkelijk ja. Als er iets tussen zit tussen God en uw ziel, ook als oud- of ex- ambtsdrager dan moet dat uit de weg. Blijf niet lopen met frustraties...
Maleachi gaat hier vier fouten opnoemen van ambtsdragers. De eerste fout is dat ze het verkeerde voorbeeld geven. Jullie woorden zijn wel goed, maar jullie daden deugen niet. Dat heeft zo'n verkeerde invloed op je kinderen. Als je de weg geweten hebt en niet bewandeld, word je met dubbele slagen geslagen....Als een mens niet tot eer van God leeft, is dat erg. Maar als je als ambtsdrager niet tot Gods eer leeft, is dat nog vele erger. Omdat je anderen meesleept in die verkeerde weg. Je bent geen lichtpunt maar struikelblok geweest. Je hecht geen waarde aan Mijn wet.
Als je als dominee niet meer oproept tot bekering, dan neem je het Woord van God niet meer serieus. Daar walgt God van.
Je kunt dingen uit het Woord weglaten. Dan doe je het volk tekort. Ze hechten geen waarde aan Gods wet. Derde misser: ze luisteren niet naar God. De stem van God dreigt op de achtergrond te komen door de veelheid van stemmen. Dan verloochen je je missie om boodschapper te zijn van God. Ik sta hier als dominee en ik ben niet slechts uitlegger van oude teksten. Kijk maar eens in die spiegel. Probeer die schoen vanmorgen nou eens te passen, oud-ambtsdragers. Vierde misser: geef je nou Mijn naam de eer?
Dus één: je voorbeeldfuncie, twee: neem je Mijn wet serieus, ook al krijg je kwade gezichten of boze mailtjes of telefoontjes? Drie: luister je wel naar Mij? En de vierde: Geef je nou Mijn Naam de eer?
Waar strijd je nou voor? Maak je je druk over links of rechts, evangelisch of reformatorisch? Gaat het om mijn visie of om de eer van God?
Er zijn heel wat bestuurders met integriteitsproblemen. Dat zijn dan politici. Belangenverstrengeling, zelfverrijking etc. Dat kan natuurlijk niet, vinden we tegenwoordig. Maar in de kerk kan het nog minder en in het ambt kan het allerminst. Eerlijk voor God.
Wat is nu de bedreiging? Hoe dichter je bij God leeft, hoe groter de verantwoordelijkheid, hoe strenger de straf. Mozes sloeg een keer op de rots in plaats van dat hij er tegen sprak. God laat niet met Zich sollen. Er is een harde lijn tussen wit en zwart, goed en slecht, kosher en onrein.
Als kerkmens draag je een grote verantwoordelijkheid voor iemand die onkerkelijk is. De voetbal-hooligans bijvoorbeeld die ik vanmorgen passeerde.....Maar als ambtsdrager heb ik een enorme verantwoordelijkheid voor de gemeente. Als ik stenen voor brood verkoop, loopt de kerk leeg....
In dit hoofdstuk staan ook harde woorden., Ik zal de zegen in vloek veranderen. Ik zal mest op uw gezicht strooien. Als Levi zijn werk niet goed doet, verandert de zegen in vloek. God is zo teleurgesteld over de manier waarop jij je werk doet als ambtsdrager, oud-ambtsdrager, ex-ambtsdrager of als huisvader of als leidinggevende, dat de zegen veranderd wordt in een vloek. Dat vuil van binnen zal Ik in je gezicht smijten zodat je ook van buiten onrein wordt. Vers 3 dan zal Ik u weg dragen, met de mest van uw feesten.......Juist omdat God je liefheeft komt Hij nu zo scherp. 't Is niet meer Mijn gemeente, zegt God als het ware... Het is niet meer Mijn avondmaal, Ik sta niet meer in het centrum.....zegt God.
Gelukkig eindigt het niet met de ban, en met de vloek.
In het Nieuwe Testament zie ik dezelfde priesters in Jeruzalem. Allemaal vijandig ten opzichte van Christus. Ze hebben velen van het volk doen struikelen. Maar de Heere Jezus is de grote Hogepriester. Toen Hij stierf aan het kruis kwam er een einde aan het dienstverband van Levi. Oneervol ontslagen. Maar we hebben een andere priester, de Heere Jezus. Die als offerlam volkomen verzoening heeft aangebracht......In hoofdstuk 2 vers 6 gaat het over de Heere Jezus. Over het volmaakte offer.
Kijk vanmorgen goed in de spiegel. Neem de bedreigingen serieus. Er zitten heel wat gelovigen in de Maranathakerk, maar velen van u staan op een droogje, geestelijk bezien. Er zit iets in de weg, mensen. Dat moet beleden worden. Aan de voet van het kruis mag ik mijn persoonlijke en mijn ambtelijke zonden kwijt raken. Dan zie ik op de Heere Jezus. Ik neem de toevlucht tot Christus. Gaan in het spoor van Zijn geboden, in de tere vreze van Zijn naam. Als een boom door Hem geplant, anderen nodigend om in het spoor van God te wandelen. Beproef vrij van omhoog, mijn hart dat voor Uw oog alwetende steeds open lag. Beproef al mijn verlangen en stel mijn oogmerk in de dag....