Edit|
EditReeks Samenvatting:
1 wie is de Zon
2 voor wie gaat die op?
3 wat die zon meebrengt
Er wordt door christenen en atheïsten nogal eens gediscussieerd over het bestaan van God. Stel je voor, er zitten twee mensen in een donkere schuur. De één is een zon-belijder en de ander is een zon-ontkenner. Kom, laten we nu eens samen naar buiten gaan en het zonlicht aanschouwen en ons koesteren in de warmte van die zon. Er zijn dan meerdere mogelijkheden. Of de atheïst blijft in de schuur. Of hij gaat naar buiten en zegt dat dat licht geen zon is maar hij laat er een andere hypothese oplos......Of: hij laat zich overtuigen en geniet ook van de zon. Dan verandert hij van visie en wordt veel gelukkiger dan hij ooit was.
Sta op, kom, laat je meenemen uit je donkere schuur waar je zit, geloofsmatig dan. Want de zon schijnt al! Of moet ik zeggen: hij schijnt nog! We leven nog in het heden der genade. Laat je meenemen!
Maleachi wordt wel eens de Avondster genoemd. Vier eeuwen lang is het donker voor het licht der wereld opgaat en het Woord vlees wordt.
Wat de zon is in de natuur, dat is de Heere Jezus in de Bijbel. Zoals de wereld niet zonder zon kan, zo kan het hart niet zonder de Heere Jezus . De Bijbel spreekt hier in Maleachi over de komst van Christus. De islam komt niet verder dan een halve maan. Maar de Heere Jezus wordt de Zon der gerechtigheid genoemd.
Door de zondeval werd het nacht. Maar bij de moeder-belofte al in Genesis 3 kwam de eerste zonnestraal. David ligt op zijn sterfbed en verlangt naar de morgen. Jesaja profeteert van dat licht zo groot zo schoon dat komen zal. Maar Maleachi spreekt over de zon der gerechtigheid. In heel veel kerstliederen zingen we over de zon die zal zegepralen. O grote Christus, eeuwig licht...
Je hebt vast wel eens een prachtige zonsopgang gezien. De opkomst van de zon is zo mooi. Eerst is alles zwart en dan wordt het wat lichter in het oosten. Dan wordt het heel donkerrood, in de morgenschemering en dan komt er aan de oosterkim een kleine gloeiende streep. En op een gegeven moment breekt het door. De zon des heils doet aan de kimmen staan. Het gaat dagen in het oosten. De Heere Jezus is de zon.
Op allerlei plekken in het Nieuwe Testament zien we dat mensen voor Hem neervallen. Matt. 17. Hij verandert van gedaante; Zijn gezicht werd stralend als de zon en Zijn gezicht werd wit en stralend. Zij zagen niemand anders dan Jezus alleen. Vervolgens zien we het in Handelingen 9 bij Saulus op weg naar Damascus. Hij ziet het gezicht van de Heere Jezus dat sterker is dan de zon in zijn kracht en hij valt op de grond. De laatste keer lezen we van Johannes op Patmos. Hij ziet de Heere Jezus met een gouden gordel en een gordel van koper en Zijn gezicht sterker dan de zon in Zijn kracht en Johannes valt op de grond neer. Al die mensen worden overweldigd door de glorie van de Heere Jezus. Dan kun je niet meer op je voeten blijven staan.
Voor wie gaat die zon op?
Voor u die mijn naam vreest. In vers 1wordt gesproken over hoogmoedigen, godvergeters. Voor hen komt er een dag die brandt als een oven. Maar: Voor u die Mijn naam vreest, zal de zon der gerechtigheid opgaan. Daar is het avondmaal voor. De Heere vrezen betekent dat je bang bent om Hem verdriet te doen. Dat je van Hem houdt en Hem hoog acht. De ware vreze des Heeren is een dochter van de liefde voor de Heere. Als je beminnaar bent van Zijn naam en je verlangt naar Zijn komst. Als je Hem liefhebt, niet om de hel te ontvluchten en de hemel te krijgen, maar gewoon om wie Hij is...
Een zonnebloem is een “tournesol” in het Frans. Een bloem die zich keert naar de zon. Die mee draait langs de loop van de hemel. Iemand die de Heere vreest, richt zijn blik op de Heere Jezus. Die zonnepit is zwart, en toch keert hij zich naar de zon. Hij gaat ook op de zon, op de Heere Jezus lijken...
Iemand die de Heere vreest is een druppel. Een druppel aan de emmer. Maar mag ik dan een dauwdruppel zijn. Waarin de Heere Jezus fonkelend weerspiegeld wordt.
Wat brengt die zon met zich mee? Gerechtigheid en genezing. Die zon straalt met 7 geweldige schitterende stralen.
1. overwinning. Overwinning op het nachtelijk duister. Een sterretje kan dat niet. Maar de zon wel. En al zou het dan ook regenen, dan zie je in elk geval de regenboog. Zonder de Heere Jezus is de toekomst een zwart gat en sterven een sprong in het donker. Maar als die zon doorbreekt, dan is het niet tegen te houden. De hele macht van de hel kan Hem niet tegenhouden. Als je in je schuur blijft zitten heb je er geen profijt van. Maar als je er uit komt, kun je er van gaan genieten. Niet ik in het middelpunt, niet een kind in het middelpunt. Maar de Heere Jezus in het middelpunt en wij om Hem heen.
2. Ontdekking Elke lichtstraal van die zon is heilig. Er komt licht over wie ik ben, over wie God is en ook zicht op wie een ander is. Hoe meer het licht valt in je ziel, hoe meer vuil je ziet. Niet alleen ontdekking, maar ook genezing. De Erskines zijn een beetje vergeten, maar zij zeggen dit: bij het licht van de sterren zie je iets, bij het licht van de zon zie je alles. Bij het licht van de natuur zie je je zonden een beetje, bij het licht van de Wet wat meer, bij het Evangelie aan de voet van het kruis zie je het helemaal. Dat licht van het Evangelie ontdekt en geneest ook.
3. Verwarming: licht en warmte. Liefde, gekoesterd door de zon. Die ijsklomp van binnen gaat smelten. Hoe langer die zon straalt op mijn hart, hoe meer het gaat ontdooien. Hoe langer die zon schijnt, hoe warmer het wordt. Dan ontdooit het niet alleen, maar dan gaat het borrelen. Wat de zon doet op je lichaam, dat doet Gods liefde nu aan je ziel en je ervaart persoonlijk Zijn liefde.
Wat zijn er vele mensen geweest die zich hebben gekoesterd in Zijn genade.
4. Vruchtbaarheid. Die zon geeft ook vrucht, leven, groei en bloei. Als de bloemen het zonlicht zien, gaan de kelkjes open. Vul me met Uw stralen Heere....Als die zon schijnt, leeft een christen op..
5. Vrolijkheid. Waar de zon is, is vrolijkheid. Soms zijn mensen gevoelig voor zonlicht. Die zijn in de winter somber. Als de zon doorbreekt wordt iedereen weer vrolijk. Op dat zonlicht knap je niet af, maar daar knap je van op. Vreugde. Een wezenlijk component in het leven met de zoon. Uw goedheid straalt ten top. Niet dat ik overschaduwd wordt door de zonde, maar ik word overstraald door Zijn zonlicht. Vandaar dat beeld van een mestkalf. Een kalf dat de hele winter in de stal gestaan heeft en dan naar buiten mag in de eerste stralen van de lentezon. Dan huppelen ze! Dan dartelen ze! Ze ruiken het gras en de vrijheid. Ze zullen uitgaan en toenemen als mestkalveren. Ze zullen ook toenemen en groeien. Als het lente wordt in je ziel en je bent voor het eerst tot geloof gekomen, die begintijd......als je in de ruimte gezet bent....wat een blijdschap was dat! Je huppelde van zielenvreugd...In de stromende regen, maar met een hart vol vreugde. Als je in de zonde hebt geleefd en je komt tot geloof, dan voel je één en al vreugde in je hart. Dat is een vreugde die de wereld niet kent.
6. Genezing. Er zal genezing zijn onder Zijn vleugelen. Een zon heeft geen vleugels. Maar in het oude Oosten werd de zon wel vereerd als god. Er zijn beelden gevonden waarin de zon altijd wordt voorgesteld als een schijf met twee vleugeltjes eraan. Een zonneschijf met stralen. Onder die stralen is genezing. De Heere Jezus geneest. Waarvan dan? Van ja maar, van ongeloof, van klein geloof, van als en indien, van twijfel en aanvechting. Een treurende geest, een angstig hart. Hij geneest. Al is mijn geloof ook zwak en zijn mijn gebeden vaak vol mankementen....ik ben nog niet volkomen genezen, ik ben onder behandeling. Straks is de genezing volkomen, waar God het licht zal zijn. Waar niemand zal zeggen: ik ben ziek.
7. Gerechtigheid. Vergevende gerechtigheid, De Heere Jezus was 33 jaar in Israël. Hij heeft goed gedaan, hij heeft genezen, en bevrijd. Hij heeft vergeving geschonken. Op Golgotha gaat die zon bloedrood onder. Drie dagenlang. Op de opstandingsmorgen begon het te lichten. Uit de diepte van graf en dodenrijk kwam die Zon weer op. En nu gaat Hij nooit meer onder! Hij is de Zon der gerechtigheid geworden. Ziende op kribbe en kruis kunnen we zingen: nu heeft Hij Zijn gerechtigheid zo vlekkeloos en ongeschonden voor 't heidendom ten toon gespreid. Nu weet ik die waarheid zo diep en gewis dat Christus alleen mijn gerechtigheid is. Het komt alles uit Hem. Zie op de zon. Dan vallen de schaduwen achter je. Voor Jakob ging de zon onder in Bethel. Na 20 jaar en die ene bange nacht in Pniël staat er: en de zon rees HEM op....
Ik lag in donkerheid en nacht,
Gij waart mijn zon, mijn luister,
de zonne, die mij vrede bracht
en redde uit het duister.
O Jezus, wil mijn zonneschijn,
mijn kracht, mijn hulp, mijn sterkte zijn:
dan heb ik niets te vrezen.