Preek/Lezing

Overzicht | Zoeken | Reeksen || Vorige | Volgende
Type Datum Spreker Thema opm
preek 2004-05-02 17:00:00 ds. M.A. Kuit (Huizen)

Tekst: Schriftlezing: Geluid: Reeks:
Exo 17:16 Exo 14:10-16 Exo: 17:8-16 2004-05-02.1713.mp3 (Preek, 16kPro, 5.3Mb)

Edit| EditReeks
Samenvatting:
De hand op de troon des Heeren.

Wie zou dat durven? Mozes heeft zijn hand daar gelegd, toen hij bad voor het volk. Israël strijd met Amelek, uit Esau gesproten. Op laaghartige wijze in de woestijn in de achterhoede aangevallen. Israël doet een tegen aanval. Strijd de goede strijd des geloofs. In heel wat gemeenten zijn weer belijdenisdiensten geweest. Welkom in de strijd. Maar kennen wij die strijd? Of strijden we tegen elkaar en hebben stellingen tegen elkaar ingenomen? Zien wij nog wel de echte strijd?
Israël is op weg naar de Sinaï - het stuit op Amelek. Die willen niet dat Israël de wet ontvangt. Dat is de echte strijd, de strijd tegen de wetteloosheid, tegen de zonde, ook op de eerste zondag in de PKN. Staan wij in die strijd? De strijd tegen Amelek gaat voort; hij blijft aanvallen in de rug, tegen vrouwen en kinderen. Toppunt van lafheid. Een klein prikkelend plaatje in een blad, een snerende opmerking. Hoe lang zal de christelijke identiteit van scholen nog gewaarborgd worden? Een strijd tussen de demonische machten en Hem die gekomen is om die macht te breken. Denk aan de Tweede wereldoorlog, deze week 4 en 5 mei. Hitler zei in Mein Kampf dat het geweten een Joodse uitvinding was, en hij deed van alles dat volk van het geweten uit te roeien. Toen stond Amelek op in Europa. Ook Haman is Agagiet en dus Amelekiet. Bij het Purim feest wordt ook dit gedeelte uit Exodus gelezen.
Strijd de eeuwen door. Moet dat bloederige nu echt in het O.T? Het gaat niet om mensen, het is geen strijd tegen vlees en bloed maar de geestelijke boosheden in de lucht. Die strijd is er nog altijd. Het gaat om de Heere en Zijn naam, om Zijn wet, gegeven op de Sinaï. En die geldt nog steeds, voor alle volken. Wie aan Gods volk, aan Zijn wetten komt, die komt aan Zijn oogappel. Hebben wij door dat het gaat om die strijd? Er moet gestreden worden tegen de zonde, omdat God de strijd heeft aangebonden tegen alle antigoddelijke machten.

Saul nam de worden van de Heere niet serieus: roei Amelek uit, zei Hij. Maar dat deed hij niet. Daarop verwierp God Saul.
Heeft u ook zo'n last van achterhoede gevechten? Je weet van bepaalde dingen in je leven dat ze je leiden tot zonde, je neemt je voor om er geen aandacht te geven. Toch deed je het weer. Achterhoede gevechten: ze maken je moe, en je denkt: ik ga onder in de strijd. Moet ik altijd strijden? Ja, want het is de strijd van God. De geest van Pinksteren maakt plaats in de harten van de kinderen Gods en gaat het beeld van Christus weer herstellen. Maar dan komt er niets van mij terecht. Dat zal. Maar lees wat hier staat: de hand op de troon des Heeren. U mag uw hand leggen op de troon van God. Mozes geeft zelf het voorbeeld. Hij gaf Jozua bevel tot de strijd in het dal, en hijzelf verhief de handen en legde ze op de troon van God. Telkens als de handen omhoog gingen met de staf Gods erin, ervoer het volk de kracht van God. Het is geen toverstaf, maar ze doen ons denken aan de grote daden van God in het verleden. De doortocht door de zee. De Heere zal voor u strijden en gij zult stil zijn.

Waar wordt de strijd ten diepste gestreden? In het dal bij Jozua, of bij Mozes? Door de staf te leggen in de troon van God. Met onze kerk moeten wij verder, bezwaard als we zijn en nu breuken zich hebben voltrokken. Zijn er nu die de staf op de troon van God hebben en bidden: wij hebben het bedorven. Nu wij ons niet willen onttrekken aan de weg die de kerk gaat: wij kunnen niet onder die schuld vandaan lopen. Toch niet vertrouwen op mensen of prinsen. Gebalde vuisten of gevouwen handen?

Het is een mensenkind dat bidt, met de staf omhoog. Wij worden geroepen om hetzelfde te doen. Te bidden voor al die strijders die dreigen te bezwijken. Hur en Aäron ondersteunen Mozes. Wij zijn een nieuwe fase ingegaan. Hebben we een strijdbijl in handen of een staf om te bidden? We geven de kerk alleen uit handen in de handen van de Heere. Het loopt de Heere niet uit de hand. Wij zijn gedoopt in de naam van de Koning. Leef niet zorgeloos verder als u niet verzoend bent. De strijd gaat ons allen aan. Wie zal God zien en leven? De Heere is onze Koning, Hij zal ons behouden zegt Jesaja. Verslagen zondaar: zie vanavond in de troon van God het Lam Gods, staande als geslacht. Johannes op Patmos heeft Hem gezien. 24 ouderlingen zitten erom heen, de kerk is vertegenwoordigd, maar niet IN de troon, er om heen. Wat staat ons nog te wachten, het woeden van Amelek gaat voort tegen de kerk, tegen Israël. De Vader heeft tot de Zoon gezegd: zit aan Mijn rechter hand. Pasen: we gaan richting Hemelvaart. Nog even en we gedenken weer: Hij voer ten hemel op en zit in de troon van Zijn Vader. Een troon van recht en genade. Ook wij mogen door de genade de Hogepriester kennen.

Zou God Zijn genade vergeten? Het lijkt er soms op. Wat gaat er allemaal niet om in de gezinnen, huwelijksleed, de verhouding tussen ouders en kinderen, ook kerkelijk. Kwamen we gezamenlijk maar in de schuld, dan zou er gebed zijn. Waar is de verootmoediging? Die de handen vandaag gelegd hebben op de troon der genade? Het Lam weet van de strijd tegen Amelek. De Kerk blijft een strijdende kerk. Gebroken, verslagen mensen. Zondige, doemwaardige mensen, maar ze krijgen het Lam lief, in de troon. En ze gaan de hand leggen in de troon, aanvankelijk schuchter. Er is een hand die hen erbinnen zet. Kom. Hij is er. In de troon van God Zijn Vader. Wij hebben een voorspraak in de hemel en dat blijft Hij. Mozes' handen gingen naar beneden, maar bij Jezus is dat niet het geval. Hij is er voor u, voor jou en door Hem komt u tot voor de troon van God. Dan komt de vrijmoedigheid van de Heilige Geest, voorbidders ook voor onze kerk. Het Woord is niet weg. En de Heere spreekt nog steeds. De belijdenis der kerk een staf? Die staf moet zijn in biddende handen, of het baadt ons niet hoe wij er ook mee zwaaien.

Israël heeft Amelek geslagen in de woestijn, Mozes heeft een altaar gebouwd. De Heere is mijn banier, de vlag van mijn God, die de overwinning heeft behaald. Onder het vaandel van Koning Jezus gaan wij verder, ook in een kerk die het vaantje heeft moeten strijken. De goede strijd strijden voor het recht van Koning Jezus. In het teken van het Lam en daarin zullen wij overwinnen, want de strijd is des Heeren.

Edit