Preek/Lezing

Overzicht | Zoeken | Reeksen || Vorige | Volgende
Type Datum Spreker Thema opm
preek 2013-03-17 17:00:00 ds. J. Slager (Rotterdam-IJsselmonde) De kracht van genadekennis

Tekst: Schriftlezing: Geluid: Reeks:
2Cor 8:9 2Cor 8:1-9

Edit| EditReeks
Samenvatting:
Vs9, Want u kent de genade van onze Heere Jezus Christus, dat Hij omwille van u arm is geworden, terwijl Hij rijk was, opdat u door Zijn armoede rijk zou worden.

Niemand wil arm zijn. Je zult je baan kwijt raken, je hypotheek niet meer kunnen betalen, daar zit niemand op te wachten. Goede doelen merken dat, ze intensiveren hun telefoontjes - ook de kerkrentmeesters, hoe zorgen we dat de inkomsten binnen blijven komen. Je let wat beter op.
Er zijn twee dingen die onmogelijk zijn. In dit bijbelgedeelte lijkt het ook wel – wat Paulus meemaakte in Macedonië – diepe armoede toen, crises nu. En wat doen zij als ze horen dat Paulus een collecte houd voor de gemeente in Jeruzalem – misschien dacht Paulus wel – moet ik nu bij deze mensen vragen of ze wel mee doen? Ze kwam zelf naar me toe - wij willen graag geven. En niet zomaar een beetje maar overvloedig, Dat is wel heel apart, of onmogelijk. Je ziet soms - hoe minder mensen te besteden hebben, des te vrijgeviger zijn ze. Als je nu echt niets meer hebt. Mijn laatste geld, niet meer genoeg, dan is het onmogelijk dat je dat weggeeft – en dan uit eigen beweging.

Paulus weet hoe het mogelijk was. De genade van God heeft dat tot stand gebracht in die gemeente van Macedonië. De kracht van de genade van de Heere God.
De kracht van genadekennis. U kent die genade toch ook, Corinthiërs?
Er was toen ook een crises in het Romeinse Rijk. Dat merkte ze zeker in Jeruzalem. Op een andere plek in wereld is er hongersnood – wij kunnen misschien niet meer elk kaar op vakantie. Paulus is de wereld in getrokken om de volken het evangelie bekend te maken. In het begin alleen naar de synagoge, maar hij zocht ook het contact met de mensen die in een andere wereld stonden, en overal zijn mensen tot geloof gekomen. Hij wil de gemeente in Jeruzalem bemoedigen. Van Pinksterfeest naar vrucht overal.
Het is Paulus dus niet te doen om die portemonnee. Niet als een bevel, maar uit de genadekennis. Het beïnvloedt alles, hoe je op je werk bent, hoe je met je buren omgaat, zelfs je portemonnee. Hebt u daar een hekel aan? – je had over mijn hart moeten preken, dominee – maar zit je hart dan niet in je portemonnee?

1 Genade wordt inhoudelijk gekend
2 Persoonlijk gekend
3 Diep gekend

1
Paulus doet een beroep op kennis. Genade - als ik het nu niet voel, en zo niet beleef. Het evangelie is allereerst een inhoudelijk boodschap – wat er gebeurd is en wat er aan de hand is. Onderscheid het van wat het evangelie uitwerkt. Dan geeft het ook gevoelens. Maar het begint bij het horen van de boodschap. De genade van onze Heere Jezus Christus. Kurios – iedereen dacht dan onmiddellijk aan de keizer in Rome. Joodse mensen dachten bij dat woord aan HEERE. Niet iedereen kende meer Hebreeuws. Dat staat in de LXX. De goedheid van de Heere God, hoe Hij zijn gunstbewijzen uitstrooit, ook voor hen die dat niet verdienen.
Echter: U kent de genade van onze Heere, Jezus Christus. Hij heeft niet iets van Zijn goed gegeven. Hij heeft de Christus gegeven. De koning – maar waar is die vredevorst dan? Dat was het evangelie niet. Arm geworden, terwijl Hij rijk was. Dat is er aan de hand. Geen verhaal. Dat is gebeurd in onze geschiedenis. Zijn eigen Zoon gegeven. Iets onvoorstelbaars.
Ik denk aan Shakespeare, als voorbeeld. Hij kan niet zelf in zijn toneelstuk voorkomen – maar dat kan wel voor de Heere God – Hij maakt onze werkelijkheid. Hij verschijnt in onze werkelijkheid, wie Mij gezien heeft heeft de Vader gezien. In een kribbe. Wat is Hij arm.
Terwijl Hij rijk was, opdat u rijk zou worden.

Belangrijk om daarbij stil te staan. We hebben de hele Bijbel nodig om het evangelie te begrijpen.
Hij spaart Zijn eigen Zoon niet. De Heere Jezus brengt redding voor -- wie het al een beetje goed doen? Komt Hij een stukje tegemoet? Nee, voor vijanden. Voor mensen die niet met God bezig zijn. Die het geluk verachten van heel andere dingen, denk aan Adam en Eva. Ze hadden het goed en goed met God, maar ze luisteren naar het fluisteren van de slang. We zijn er allemaal nooit meer mee op gehouden – jagen naar geluk. Als ik – dan, we laten God links liggen.
En Hij geeft Zijn Zoon en Hij wordt arm. Op weg naar het kruis – wat gaf Hij al niet. Uiteindelijk Zijn lichaam en bloed. Alles wat Hij te geven heeft, geeft Hij. Zijn kleren, om ons te bekleden met Zijn gerechtigheid.
Zijn heerlijkheid die Hij bij God had, om ons daarin te brengen – Zijn kroon, om de vloek te dragen die wij over ons afgeroepen hebben en en ons te kronen tot koningskinderen. Om ons een Vader te geven die ons lief heeft. Hij geeft de Geest om ons de Heilige Geest te geven.

We moeten het evangelie leren kennen. Zo mogen we groeien in de kennis van de genade.

2
Het is ook een persoonlijke kennis. Je kunt het een heleboel keer gehoord hebben en er heel goed in thuis zijn. En morgen op je werk of thuis – werkt het niets uit in je leven. Het zit in het bureaulaatje van je religie. En morgen trek je een ander laatje open. Het geheim van opwekking en bekering, is dat het niet alleen een waarheid, zo is het, en zo niet. Zoals ze in de Kuip zeggen de wedstrijd is goed gespeeld – maar dat het over jou gaat en dat de genade werkelijkheid is. Een Heere die gisteren en heden en altijd dezelfde is. Hij ziet je en Hij kent je. Hij wil dat wij persoonlijk die genade leren kennen.
Hebben we dat nodig? Niemand wil arm zijn toch? Een stapel rekeningen, maar gewassen gordijntjes. We kunnen onze armoede verstopppen – heel netjes leven volgens je godsdienst, achter die muur zit je armoede, je onrust, je angst, de donkerte, de leegte. En daar zit het adres waar God met die genade wil komen en komt. We kunnen het mooi roepen achter een muur van trots maar: Adam waar ben je? God zoekt ons. Een heerlijke boodschap, Ik heb u op het oog vandaag. Er is een eeuwige liefde in mijn hart. Vanwege die liefde zoek ik je vandaag. Onvoorstelbaar.

Ik heb je liefgehad met een eeuwige liefde- dat je dat heel persoonlijk voor je zelf mag weten. Dat jij het adres bent – dat Hij jou dat zelf wil geven, dan krijg je iets van die Macedoniërs. Als God voor ons is, wat kan dan tegen ons zijn? Als de genade gekend wordt:

3
Dan wordt die ook diep gekend. Radicaal – een eng woord vandaag. Maar het betekent eigenlijk: 'in de wortel'. Maar waar laat je je wortel diep in gaan? Als dat in Hem is – dan kan het zijn effect niet missen. Die genade zelf is radicaal – onbegrijpelijk eigenlijk – Saulus, een verschrikkelijk mens die de gemeente vervolgt – Hem moet ik hebben, ik zal hem laten zien hoe hiep Mijn liefde is, Ik ga hem niet allen redden, maar inzetten als Mijn instrument – ik hem laat het beeld van Mijn Zoon zien. De genade zet van alles in beweging.

Wat vraagt die genade dan? Hoe ontvang ik die en hoe blijf ik daarbij? Je kunt die genade ontvangen, aannemen of verwerpen. Die genade is onwederstandelijk – dan is er geen houden meer aan. Alle muren gaan er aan, het wordt je in de schoot geworpen. Als een kind ontvangen - wie ben ik dat U dit tegen mij zegt, in geloof ontvangen.
Je kunt het evangelie op twee manieren verwerpen. Je gooit er met je pet naar, ik wil er niets van weten. Ik interesseer me er niet voor. Heeft een gebed daar geen zin meer? Denk aan Paulus.
Maar ook door te luisteren – dit is het evangelie en dit werkt het uit, aha! Je luistert en maakt een kopie van de genade. Dus dan ook de portemonnee – hoeveel moet ik dan geven? – die vraag hoort bij de kopie. Ik zal er een lijstje van maken – dan kan ik het afvinken – levensgevaarlijk om niet uit de genade te leven of uit een kopie. Denk aan Barnabas op Cyprus. Was aangeraakt – ik geef mijn akker weg. Annanias en Saffira – oh dat gaan we ook doen, kijk eens wat een applaus ze krijgen …. het verschil is niet dat kleine beetje, wat ze achter houden – het verschil is de bron. Barnabas doet het uit blijdschap. A&S zijn met andere dingen bezig, hoe kunnen we aanzien krijgen, en het doet pijn om weg te geven. Wie niet uit genade leeft, denkt: wat moet er allemaal en wat moet er allemaal nog meer - dan ben je even trots en daarna weer onzeker. Dan mis je de blijdschap.

We hebben de rechtvaardigmaking nodig. God gaat dan verder het beeld van Zijn Zoon uitwerken – heiligmaking.
Met een kopie maak je de heiligmaking de grond van je rechtvaardigmaking. Niemand zal dat zeggen – maar intussen kan het in je leven wel zo zijn. Onrustig en onzeker, als je niet goed genoeg handelt. Een muur van keurig netjes leven, maar daarachter gaat ons arme innerlijk schuil.

We hebben van genade mogen horen vandaag, het wordt je in de schoot geworpen en je mag het als een kind ontvangen – zalig ben je als je die genade kent, die genade maakt alles anders.

Edit