Preek/Lezing

Overzicht | Zoeken | Reeksen || Vorige | Volgende
Type Datum Spreker Thema opm
preek 2013-04-07 10:00:00 ds. R.R. Eisinga (Schoonrewoerd) Onderweg naar een nieuwe toekomst

Tekst: Schriftlezing: Geluid: Reeks:
Luc 24:25,26,31 Luc 24:13-35

Edit| EditReeks
Samenvatting:
We maken een wandeling vanmorgen, in gedachten mee met twee mannen – 22 kilometer. De eerste helft is beschreven in v13. Uit de anderen, dus niet de elven. De HSV geeft in een voetnoot – een stadië is 185 meter, 60 = 11 kilometer. Naar Emmaus. 2,5 uur lopen. Jeruzalem in de rug.
Maar dat is maar de eerste helft – want ze worden ook weer Jeruzalemgangers. Ze keren terug op hun schreden. Gelukkig. De neus is gericht op Jeruzalem, opnieuw 11 kilometer. Ze staan op, na de ware uitleg. Daar vonden ze de elf discipelen bijeen.

We proberen langs de rode paaltjes mee te wandelen. De eerste 11 bij de elven vandaan. Na een paar kilometer horen we waar het over gaat. Niet over de duizenden pelgrims die Jeruzalem bezocht hebben met het Pascha. Ze zijn diep teleurgesteld en zien er bedroefd uit v17. Zonder hoop lopen ze uit Jeruzalem weg.
Stel je voor – je staat er slecht voor, je moet minimaal een zes halen om over te gaan. En je leert en studeert, doet er naar jouw mening alles aan, je hebt het naar je idee ook nog aardig gemaakt en dan krijg je het cijfer, een 3. Dan is het over, zitten blijven, alle grond zakt je onder de voeten weg. Zo kun je hebben in je werk - een offerte – de klant lijkt de handtekening te zetten, je kunt het werk goed gebruiken ook, maar het gaat niet door. Een vrouw, als de man overlijd net als hij met pensioen gaat, zo naar uitgezien, naar toegewerkt. Nu gaan we alles samen doen, en toen die ziekte, en dan sta je aan het graf, ik wou wel vluchten maar kon nergens heen – Toen alle hoop mij gans ontviel – toen hoefde het voor jou niet meer. Je liep weg bij het open graf, koud, teleurgesteld. Zo lopen ook ongeveer de Emmaüsgangers bij het graf weg.
Ze bespreken wat er gebeurd is: ook al kwamen de vrouwen zeggen dat het graf leeg was en dat ze engelen hadden gezien, die zeiden dat Hij leefde – ze kunnen het niet begrijpen, ze trekken hun eigen conclusies. Wij hoopten dat Hij het was die Israel verlossen zou. Zou. Die hoop is weg. Het is de derde dag vandaag. De definitieve derde dag. Hij gaat ons niet verlossen uit de slavernij van Rome. Engel en boodschap ten spijt – wij hebben er niets aan, wij hebben Hem niet gezien, en trekken onze eigen conclusie, het hoeft niet meer. Pasen in de rug, weg van Pasen.

Herkenbaar?

Dat je het niet mee kunt maken, wat ze in de gemeente allemaal wel kunnen meemaken – de hoop verdampt. Je leefde steeds met Hem en nu is Hij weg, het is koud in het geloof, guur met Pasen. Je hebt het er over, niet roddelend, Het gemis dat Hij er niet meer is. Het is een gebod voor de Jood. Deut 6:7 als je onderweg bent, spreek je over godsdienstige zaken, ook in je huis en als je opstaat. Dan zeg je: hoor wat mij God deed ondervinden of niet deed ondervinden.

Waar gaan bij ons de gesprekken over? Met je dopjes in. Wat luister je dan? Ja, kom op, dominee - – waar het hart vol van is, stroomt de mond van over. Of straks bij de koffie, ben je een vriend van allen die Gods naam ootmoedig vrezen?

Blijf niet staan denken, loop mee. De Emmaüsgangers spreken er wel over. Wat denk jij ervan Cleopas? Tranen zorgen dat je het allemaal niet meer zo scherp ziet, want Hij loopt in eens mee. En ze herkennen Hem niet, dat is gek.
Waar hebben je het over en waarom zien jullie er zo bedroefd uit? Zomaar, eenzijdige goddelijke liefde, Hij verbind zich met dood lopende weglopers. Hij zoekt mensen op die de verkeerde kant op gaan. Hij zoekt mensen op die niet zonder Hem kunnen. Bemoedigend. Geen hoop vanwege je zonden of ongeloof, je hoop verdampt? Dat Hij ook jou kon verlossen uit die beklemming en benauwing?

Hier kantelt na een kwartier de preek. Jezus voegt zich nog steeds bij ons. Gelovige of ongelovige weglopers. D.m.v. deze woorden: ongelovigen en tragen van hart, dat je niet geloofd dat de Christus moest lijden en zo in zijn heerlijkheid in gaan. Toen legde Hij hen de Bijbel uit. Want alles wat over Hem geschreven staat, legde Hij hun uit. Belangrijk, dat oudste of eerste testament.

Alle mensen zijn weglopers. Jezus neemt een lange aanloop. Genesis – wij zijn weglopers. God noemt dat liefdeloze weglopen zonde. En door al die zonden halen we Ziin toorn op de hals. God moet ons straffen. Hij straft met tranen in de ogen, God zoekt naar een uitweg en beloofd dat daar al. Hij zend de Enige Weg. Jezus onze Redder kwam op de aarde en had wel lief. Liep niet bij God vandaan. Hij hield het vol ook al kruisigen mensen Hem weg, Hij bleef van zijn Vader houden. Het ware Paaslam stierf op Goede Vrijdag. Dit is geen noodlottig gebeuren maar het was Gods plan, het moest gebeuren. Een daad die Jezus verricht, om God de Vader recht et doen en ons te verlossen.

Alle zonden vergeven en meer – Hij stond op uit het graf, door Hem kwam er nieuw leven. Alleen achter het kruis gloort de glorie. De dood is overwonnen. Jezus komt niet terug uit de dood, maar het breekt de dood aan de achterkant open. De doorgang tot het Leven. Pasen, het is feest. Alleen voor iedereen die daar warm voor loopt. Die dit gelooft. Wat doet dit nu met je? Dat Jezus leeft en ons ook vanmorgen achterop komt, Ik ben niet dood, door Mij is er hoop.

Het hele Oude Testament heeft het erover, neem kennis van Gods woord en wees niet traag of lui van hart. Jezus wrijft het ze in. Span je in, wees eens niet zo slap – strijd de goede strijd. De Heilige Geest wil je Gods liefde en warmte laten voelen en in vuur en vlam zetten. Wat doe je nu als God met uitgestoken hand naar je toe komt?

Jezus doet alsof Hij verder wil gaan – nee blijf bij ons, de avond is gedaald en Hij blijft. Hij gaat met je mee. Mooi he? Hij blijft eten. Alles wordt uit de kast gehaald en opnieuw een wonder. Het vuur laait verder op en dan is Hij niet Gast, maar Gastheer. Hij nam het brood en zegent het. En toen Hij het gebroken had, gaf Hij het aan hen - nu zien ze het. Zijn doorboorde handen. Zij herkenden Hem, de gekruisigde is de opgestane. Jezus is sterker dan de dood, de engelen en de vrouwen hadden gelijk.
Hij leeft en wilt tot de avond bij hen blijven – het weglopen is verdwenen.

Jezus, leven van mijn leven,
Jezus, dood van mijne dood,
die voor mij U hebt gegeven,
in de bangste zielennood,
opdat ik niet hoop'loos sterven,
maar uw heerlijkheid zou erven,
duizend, duizend maal, o Heer,
zij U daarvoor dank en eer!

En dan is Jezus weg opeens verdwenen in Zijn heerlijkheid – om vaker te verschijnen – maar Hij leeft in hun hart. Was ons hart niet brandend in ons? V33. Op dat moment stonden zij op van de tafel. Ze houden het niet langer aan tafel en ze gaan op weg, wandelen opnieuw die elf kilometer, maar nu naar Jeruzalem. En hoewel het donder wordt en de koude nacht zal komen is het binnen in hen warm. Jeruzalemgangers. Emmaus in de rug. Onderweg naar een nieuwe toekomst. De Heere is werkelijk opgewekt en is aan Simon verschenen en ze vertellen wat er is gebeurd.

Zo hebben het er met elkaar over, zo heeft de gemeente het erover, hoe Jezus hen steeds wees op het geschreven woord en dat het ook steeds waar is. Welzalig is het volk, dat naar Gods klanken hoort. Vanochtend liep Hij ons ook in Rotterdam achterop, Hij voegde zich zomaar bij ons. Misschien zag je het niet. Hij straalde troost uit, ook al voelen wij ons versleten, Hij is ons toch nabij.

Augustinus zegt het zo: U was wel bij Mij maar ik was niet bij U. De ogen moeten er voor open gaan. Hij zorgt voor mij - in alle moeite en zorg. Zo trekken we, met brandend hart, verder. Hij brengt ons in de lichtstad Jeruzalem met de paarlen poorten – op de vernieuwde aarde waar geen tranen meer zijn, elke onzuiverheid weg - bent u ook al onderweg naar die nieuwe toekomst, dat hemelse Jeruzalem? Is er al geloof gekomen?

Ooit komt er een dag dat de hemel openbreekt. Ooit kijkt Hij met ogen die stralen als de zon, lopen wij in een stad waar geen pijn en geen verdriet meer is. Waar de Vader onze tranen wist, tot aan die dag wil ik weten wie U bent, mij geven in aanbidding – horen wat U zegt en Uw woorden tot mij nemen als een kostbaar geschenk. Geloof dan onderweg Zijn woord en ga op weg met brandend hart.

Edit