Edit|
EditReeks Samenvatting:
Meten is weten en missen is gissen. Weten vraagt soms onderzoek. Geloven wij Nederlanders nog echt in de hemel. De meningen zullen ver uit een lopen. De een zal zeggen, in de hemel is geen bier en daarom drinken wij het hier; of ik geloof niet in God of een hemel. Na de dood is het over, einde oefening. Ik geloof alleen in het hier en nu.
Maar u, wat gelooft u? Wat antwoorden wij dan? Brengt Hemelvaart u in verlegenheid? Gelooft u in de ten hemel gevaren Jezus Christus? Paulus schrijft aan de gemeente in Filippi. Ook in Filippi heeft de satan een kapel gebouwd. Mensen mochten weten: het is door U alleen. Maar er waren dwaalleraren gekomen. Een doodlopende weg. Waarschijnlijk zijn het Judaïsten. Uit hun wettische apotheek halen zij een spuit met een hoge dosis judaïde. Er moet nog wel iets bij. Jullie moeten Jood worden, je laten besnijden. Houden aan riten en wetten.
Maar Paulus had gezegd dat zij hun zaligheid moesten zoeken buiten zichzelf. En dat is genoeg. Er hoeft niets van de mens bij. Niet Christus Plus, maar Christus alleen. Zou dat virus er nu ook zijn? Plus geeft meer, in de religieuze supermarkt. Remonstrantisme, evangelicalisme dat zich in wetticisme uit. Dat wil er in als koek. Ook onder reformatorische mensen. Je moet en je moet.
Aanhangers van de moetologie.. Christus plus onze nederigheid, onze vroomheid. Maar Paulus: alleen de ten hemel gevaren Jezus Christus.
Judaïsten waren vijanden van het kruis. Ze konden eigenlijk niets met rechtvaardiging uit genade. Dan wil je jezelf zalig maken.
Een levenswandel zonder God kan ook godsdienstig zijn. We willen zelf de dienst uit maken.
Ons burgerschap, Grieks 'politeima'. Ons eigenlijke thuis is in de hemel. Daar zit het regeringscentrum. Waar Christus is, daar is ons eigenlijk thuis. Zoek die dingen. En niet die op de aarde zijn. Zoek het bij de Heere Jezus Christus.
Word je dan geen pilaarheilige? Ben je dan wel geschikt voor deze samenleving? We zijn alleen op Christus georiënteerd. Dat moet. En kan: Henoch wandelde met God en had zonen en dochteren – hij stond dus met beide voeten op de grond.
Steek de pinnen maar niet te diep in de grond, de tentharingen van ons bestaan. We zijn onderweg. We zoeken de toekomstige stad. Paulus was opnieuw geboren en zo kwam hij daartoe. Als u geen vreemde bent in de christelijke gemeente kent u de geschiedenis van de apostel Paulus. God sloeg Saulus eerst neer. Hij leerde Christus kennen. Kent u die vrede ook? Is Christus uw leven?
Soms gaat het als bij Paulus, vaker van stap tot stap. Als de Heilige Geest in je leven komt, het bloed van Christus, je hart geopend wordt.
Dan krijg je levensverwachting. Een hemelvaartsgemeente is niet zweverig. En geen lijdelijk leven, maar een verwachtend leven.
Er zijn al heel wat messiassen gepresenteerd – Confusius, Buddha, Mohammed, van Johann Cruyff, werd de Messias van Barcelona genoemd en nu hebben ze Messi. “Jij bent mijn leven”, op de radio. Maar een christen zingt: Gij zijt mijn leven. Leven van mijn leven. Hij is immers de Weg en het Leven.
En de Bruid verlangt naar de Bruidegom, om hand in hand schouder aan schouder door het leven te gaan. Daarom verwachten wij die grote dag met een sterk verlangen. Doen wij dat? Is dat onze belijdenis? Waar wordt dat gevonden? In de Maranathakerk? Het is het wachtwoord: Ja, kom Heere Jezus. Vol verwachting blijf ik uitzien, tot die dag eens dagen zal.
Vroeger was ik ban voor de wederkomst van Jezus, je moet, je moet hoorde ik altijd. Als ik maar aan denk aan de wederkomst, dan duurt het nog even. Dan wordt het uitgesteld, want Hij komt als een dief in de nacht. Misschien herkent u zich in die gedachte. Ik hoop dat u Paulus bijvalt en dat ook die ballast van je afvalt. Leven met Christus, door het Woord alleen, door genade alleen.
Filippi was een Romeinse kolonie, veel veteranen. Zij hadden de keizer gediend. Na functioneel leeftijdsontslag – ze wisten: we worden onderhouden vanuit Rome. Rome is ons eigenlijke thuis. Zo leeft de christen. Wij zijn kolonisten van de hemel. We moeten het van Christus hebben, daar is ons vaderland.
Daar vanuit ontvangt Hij ons in Zijn eeuwige handen. Hij duikt onder mij als die arend, als ik denk te vallen.
Waarheen pelgrim waarheen gaat gij
Wij gaan op des konings roepstem
naar ons huis en vaderland