Edit|
EditReeks Samenvatting:
Naäman, eindelijk bij de profeet aangekomen. Maar hij krijgt hem niet eens te zien. Woedend is hij. Zo dicht bij je redding gekomen, en dan toch op het kritieke moment alles laten schieten.. Zou dat vaak gebeuren, bij ons ook? Christelijk opgevoed, heel wat stappen gezet, maar de laatste niet. Woedend of met een koud hart, dat maakt dan niet meer uit. Red me niet!
Hij moet er toch vaak aan hebben gedacht – als mijn knechten nu de hele weg gezwegen hadden? Een machtig man, maar melaats, een Joods slavinnetje had hem op het spoor van Elisa gezet. Hij ging niet met lege handen. Immers, als je iets van de goden gedaan wilt krijgen, moet je hen voor jou proberen in te winnen. Grote tempels bouwde je.
De waarde van zijn geschenken is lastig uit te drukken. Richting een miljoen euro.
Maar het maakt kennelijk geen indruk. Hij was gewend dat alle deuren voor hem open zwaaiden. Hier is het heel anders. De God van Israël kijkt niet naar wat je meeneemt, maar naar je hart. Dat moet een grote teleurstelling geweest zijn voor Naäman. Waarom ging hij eerst naar de koning? Je meld je eerst bij de koning, langs diplomatieke wegen. Bij de heidense volken stond de koning het dichtst bij de goden. Profeten spreken de koning niet tegen. De koning zou de profeet ontbieden en daar zou hij aan het werk gaan. Dat was het beeld dat Naäman had. Echter de profeet stuurt een boodschapper, laat hem naar mij komen. Maar ook dit doet Naäman.
Zeven keer kopje onder in de Jordaan. Dan ontploft hij. Hij had zich er steeds overheen gezet; maar je kunt te ver gaan. Hij zegt ook wat hij had verwacht. De heiden in ons allemaal zoekt dat spectaculaire, de show.
En dan zeven keer wassen in dat snert riviertje. Dit is het breekpunt.
Zijn knechten voelen het aan – een ingewikkelde opdracht had hij toch ook gedaan? Als we maar hard kunnen werken om ons heil binnen te halen – dat ligt ons beter dan eenvoudig amen zeggen. Die laatste beslissende stap doe je niet. Ik laat me niet voor de gek houden!
Hoe de Heere God redt, dat kunnen wij niet bedenken. In het onbetekenende landje Israël is 2000 jaar geleden een man geboren, Hij genas mensen. Kwam op een trieste wijze aan Zijn einde. Waarom hebt Gij Mij verlaten, en er wordt van Hem verkondigd dat opgestaan is, en dat Hij de zonde van de wereld heeft gedragen. En dat het onze redding zal zijn, als wij ons aan Hem overgeven – dat is ook een wonderlijk verhaal.
Als Hij nu onze leermeester is – daar kunnen veel mensen mee uit de voeten. Laat Hij dan maar ingewikkelde opdrachten geven. Dat kan ons heidense hart prima volgen. Maar het evangelie is dwaasheid, even dwaas als de opdracht aan Naäman. Vertrouw je toe aan deze God. Alleen je wassen in de Jordaan, een kind kan het. Misschien heb je heel wat stappen gezet in je leven, heb je die laatste ook gezet?
Naäman:ik doe het niet. Een moeilijke opdracht, lang vasten, een gevaarlijke reis maken, zeg het maar. Maar dit is te gek voor woorden, hier ik pas ik voor.
Het is nog niet te laat. Met de woede van Naäman is de Heere nog niet aan het einde van Zijn Latijn. De Heere grijpt hier nergens rechtstreeks in. Zijn dienstknechten spreken hem aan. Naäman geeft zich dan over aan de God van Israël. Hij wordt als een kind. Hij legt alles af en vertrouwt als een kind. Zijn lichaam werd ook als van een kind.
Evangelie staat soms haaks op ons hart. Geen prestaties, Jezus staat naast de arme en geslagene. Aan wie is de macht van de Heere geopenbaard. Onopvallend was Zijn uiterlijk, Hij miste iedere schoonheid. Hij was het, die onze ziekte droeg.
Wat doe je? Rijd je terug naar Aram? Zo dicht bij je redding en dan er naast grijpen?
Voor ons die behouden worden is het geen dwaasheid, wij prediken een gekruiste Christus, de kracht Gods en de wijsheid Gods.
Je geld kun je aan de armen geven, bij God heb je het niet nodig, je vroomheid mag je thuis laten. Zo eenvoudig om je te wassen in het bloed van Christus.
Als het evangelie iets moeilijks van je gevraagd had, had je het gedaan, toch? Maar laat je wassen door het bloed van Christus, zo eenvoudig is het.