Preek/Lezing

Overzicht | Zoeken | Reeksen || Vorige | Volgende
Type Datum Spreker Thema opm
preek 2013-12-01 10:00:00
ds. M.M. van Campen (Rotterdam-Zuid)
112 daar red je leven mee.

Tekst: Schriftlezing: Geluid: Reeks:
Joh 1:12 Joh 1:1-13 Johannes 1

Edit| EditReeks
Samenvatting:
Kinderen zijn altijd welkom bij God. Je belt 112 als je in nood zit: 112, daar red je levens mee. Alles wordt in het werk gesteld om je te redden. Vandaag gaat het over Johannes 112 (1 vers 12). Soms worden hulpverleners gehinderd en bedreigd. Dat gebeurde ook bij de Heere Jezus. Je bent voor of tegen Christus.
De preek is onderverdeeld in drie punten:
1. De gekomen Zoon
2. De verworpen Zoon
3. De aangenomen Zoon

1. De gekomen Zoon
Hij kwam zelf, uit hemels zalen. Hij verliet Zijn Vader omdat de Vader Hem zond om de wereld te redden: Om te zoeken en te redden wat verloren was. De drie-enige God was hierbij betrokken: de Vader zond, de Zoon ging en de Heilige Geest verwekte het Kind. Hij kwam voor de wereld en voor de zijnen.

2. De verworpen Zoon
De wereld kende hem niet en erkende hem niet. Maar de zijnen (Zijn eigen mensen) hebben hem ook niet ontvangen. In de prediking staat de Heere Jezus op de stoep en belt aan bij ons levenshuis. Het gaat er om dat we Hem welkom heten en voor Hem open doen. De praktijk was anders: De steen is door de tempelbouwers veracht (psalm 89) en in Bethlehem was er geen bed voor Hem. Hij kwam als arts in de wereld, maar de wachtkamer bleef leeg. Vanwege hun ongeloof kon Hij geen kracht doen. Je kunt Hem accepteren of afweren.
God geeft Zijn Zoon en wat doe je ermee? Wat erg als je het Kerstcadeau niet accepteert. Hoe komt het dat wij hem niet aannemen? Door het ongeloof. Toch gaat Jezus niet terug, maar blijft om Zijn verlossingswerk te volbrengen.

3. De aangenomen Zoon
Toch zijn er velen die hem aannemen (vers 12). Er staat geen aanhoren of voor waarheid aannnemen. Aannemen kan alleen als er iets aangeboden wordt. In het evangelie biedt de Vader Zijn Zoon aan. Het is dan niet de bedoeling dat je afwijst of afwacht. Preken is smeken: neem Hem dan toch aan! Als een kind een mooi cadeau krijgt, zegt dat kind verwonderd "is dat voor mij?" Ja, het is voor jou en van jou. Het kan zijn dat je niet kunt aannemen omdat je je handen te vol hebt. Voorbeeld: bondskanselier Hemut Schmidt wierp zijn oude horloge in het publiek toen hij een nieuw horlege als geschenk kreeg. Zo wil God ook dat wij ons oude leven weggooien om het nieuwe van Hem te (kunnen) ontvangen.
Het nut van het aannemen staat verder in vers 12. Naast verlossing, vrede en rust, mag je kind van God worden. Deze status kan de duivel nooit meer afnemen. Voor David was het al zo groot om de schoonzoon van de koning te worden. Dit is echter veel groter. "ziet hoe grote liefde ons de Vader gegeven heeft, namelijk dat wij kinderen Gods genoemd zouden worden" (1 Johannes 3:1). Niets is zo begeerlijk en heerlijk als om een kind van God te zijn. Dan hebben we ook bet recht om naar het vaderhuis in de hemel te gaan.
Het kan zijn dat je niet durft te zeggen dat je een kind van God bent. Hierdoor mis je veel geestelijke vreugde. De tafel is volgende week alleen voor Gods kinderen. Hoe weet ik dan dat ik Gods kind ben, dat ik aan mag gaan? Ga dan naar 112, want door het aanbod hebben we er recht op. Er zijn ook mensen die denken dat iedereen een kind van God is. Maar in onze tekst staat dat dit alleen geldt voor degenen die Hem aangenomen hebben. Dat betekent dat we onze deur hebben opengedaan, Hem binnengelaten hebben, met Hem spreken en altijd bij Hem blijven. In ons levenshuis moet er altijd ruimte zijn voor de Heere Jezus.

Er zijn er ook die zeggen dat aannemen een Arminiaans woord is. In onze tekst staat echter dat we hem moeten aannemen. Dat is het woord van God waar geen mensenwoord tegen ingebracht kan worden.
Anderen zeggen dat we eerst wedergeboren moeten worden voordat we Hem aan kunnen nemen. In onze tekst staat echter "aannemen" in vers 12 en vervolgens "uit God geboren" in vers 13. Dit zijn twee kanten van dezelfde medaille: hier kunnen we geen scheiding of volgorde in aanbrengen.
Vers 13 benadrukt dat het niet uit ons is, maar uit Hem alleen. Een gelovige, een kind van God zal God altijd de lof, eer en dank bewijzen.
Op grond van 112 mag je jezelf kind van God noemen: abba Vader. Je doet God verdriet als je Hem geen Vader noemt. In spreken en bidden moeten we dus niet alleen Heere zeggen, maar zijn naam als Vader aanroepen.

Edit