Preek/Lezing

Overzicht | Zoeken | Reeksen || Vorige | Volgende
Type Datum Spreker Thema opm
preek 2004-05-30 17:00:00
ds. E.F. Vergunst (em. te Ridderkerk)

Tekst: Schriftlezing: Geluid: Reeks:
Rom 8:1,2 Rom 8:1-17 Rom 8:33-39 2004-05-30.1713.mp3 (Preek, 16kPro, 4.9Mb)

Edit| EditReeks
Samenvatting:
Over de tekst of het hele hoofdstuk kom je niet uitgedacht. Hoe diep is de Heilige Geest neergedaald. Diepste diepten, daar vanuit wordt de discipel omhoog getrokken tot de hoogste hoogte. Uit de slavernij der verderfenis, te midden daarvan klinkt het roemen. We erven als we kinderen zijn, samen met Christus, maar dan ook samen in zijn lijden. Niet alleen roemen in wat er komt, maar ook nu al. Want wij, gerechtvaardigd door het geloof *hebben* vrede met God. Dat is Pinksteren. Niets zal mij meer scheiden van de liefde van God in Christus Jezus. Hij is opgewekt. Pasen en Pinksteren vallen `op één dag`. Zó is er geen verdoemenis. Een zwaar woord. Beangstigend ook. Alleen met diepe huiver in de mond te nemen. Bij de doop beaamd. Een heilzame schrik. Dat leer ik niet door de schilderijen van Jeroen Bosch. Maar door de Heilige Geest die Zijn licht over mijn leven laat vallen. God laat weten geen behagen in mijn dood te hebben. Overal waar ik zelf wat probeer bij te dragen staat het bordje 'Doodlopende weg'. Ik blijf slaaf.
Jezus Christus en die gekruisigd. Jood en heiden - er is niemand binnen of buiten de kerk die God zoekt. Maar God heeft Zijn gerechtigheid geopenbaard zonder de wet. Namelijk door het geloof in Christus. We roemen dus alleen in Hem waardoor we die verlossing verkregen hebben. Liefde wordt zichtbaar. In het wandelen naar de Geest.
In de worsteling tussen vlees en geest wordt de vrucht gevonden. Die Geest heeft mij bevrijd van de wet van zonde en dood. Het gekreun en gejuich gaat hand in hand. Ik ellendig mens, wie zal mij verlossen van het lichaam van deze dood, klaagt Paulus er direct bij.
Geloofstaal is echter ook met de daad. Het vindt weerklank in mijn leven, alle dagen van de week. Dat leven draagt de vruchten van het vlees. Hoe langer hoe meer ga ik op Hem lijken, alhoewel die andere macht er blijft. Zó is er geen verdoemenis. Het is een conclusie en een climax. Paulus werkt er naartoe. De zekerheid van het geloof is niet los te verkrijgen. Bent u zover? Dat is te hoog, zeggen veel mensen. Waar staat dat dan? Je gerust stellen voor de eeuwigheid zonder die zekerheid.. Dan raak je de vrede kwijt. Er is geen sprake van een waar geloof zonder dit vaste vertrouwen en zekerheid, al wordt ze nog zo aangevochten. Niemand kan een kind van God genoemd worden die zichzelf niet als hoedanig herkend, zet Calvijn. Een kind zegt toch `papa`? Abba, vader?

Er is geen veroordeling voor die in Christus Jezus zijn. Dan heeft een mens weet van het kindschap, door de geest der aanneming tot kinderen, hoe aangevochten. Binnenkort wordt 6 juni 1944 weer herdacht, D-Day. Vrijgemaakt, maar dienstbaar aan God. Het gaat nog op tot VE-day.

Ik leef niet meer, zegt Paulus. Dwz nu leef ik door het geloof want Christus leeft in mij. Dood voor de zonden - de macht van de zonde neemt me steeds te pakken; houdt het ervoor door Christus vrijgesproken te worden want ik ben aan Hem verbonden. Kun je dat zien? Nee, het is verborgen met Christus, maar de vrucht kun je wel zien. Als het dood is, brengt het geen vrucht voort. Het gaat met strijd gepaard. Het vlees blijft nawerken. Geest of vlees bepalen de weg. Het is niet één stap, je blijft onder weg. Mijn levenswandel brengt mij ergens. Vraag je eens af: lopen we wel op de goede weg? Op de brede weg kun je alle kanten uit, op de smalle weg niet. In Galaten 5 zet Paulus het tegenover elkaar. De werken van het vlees of de vruchten van de Geest. Het een komt bij mij vandaan, het ander niet. Als je kind bent dan leef je naar de wil van je Vader. Zo wordt de wet van God vervult in het wandelen naar de Geest. De wet vervuld, dus er is geen veroordeling meer.

Op welke weg wandel ik nu? Naar het vlees? Zelfs na Pinksteren? Dan is er wel veroordeling! Geen genade zonder genadevrucht. Dat komt uit in de gezindheid van de Geest. Paulus stelt oude en nieuwe Testament niet tegenover elkaar. De wet van God heeft nooit afgedaan. De gelovige is geen slaaf meer, maar kind en daarin wordt het recht der wet vervuld, in ons die niet naar het vlees wandelen maar naar het vlees. De Geest in Christus en in de Zijnen, maar ons leven is vleselijk, verkocht onder de zonden zegt Paulus. Maar in Christus woonde de Geest met blijdschap. Hij heeft de Geest nooit bedroeft; in Hem kwam de Heilige Geest tot rust. Hij neemt Zijn intrek in de zondaar om het Heilig leven van de zoon van God over te planten in de Zijnen, zodat het heerschappij gaat voeren. Wat een komende heerlijkheid!

Kom Heere Jezus roept de Geest en de bruid gaat het mee roepen. De Geest werkt en onderhoud dat nieuwe leven. Het is Zijn leven, dat laat Hij nooit los. Hij levert ze aan op de laatste dag van de bevrijding, de aanneming tot kinderen. Zó is er geen verdoemenis voor al degenen die in Christus Jezus zijn. Zegt u het ook zoals het Paulus het zegt: Want ik ben verzekerd, niets kan mij meer scheiden van de liefde van God. Ik ellendig mens, wie zal mij verlossen. In Hem bezit ik alles. Voor heden en toekomst. Rust in Christus alleen.
Wij dan hebben vrede bij God. Door onze Heere Jezus Christus, zelfs als die wet der zonde me weer gevangen neemt. De Geest rust niet tot de kinderen de erfenis ontvangen. Je ziet het niet, maar daarom verwachten we het. Niets kan mij scheiden van de liefde van mijn Vader in Christus Jezus, mijn broeder, dat is leven uit Pinksteren.

Edit