Edit|
EditReeks Samenvatting:
Dit is de laatse preek in de serie over Johannes 1. Boven de preek staat: “Toon mij uw heerlijkheid”. Op de 1e kerstdag ging de preek over Lukas 2. Daar begint het met mensen: Augustus en herders. Johannnes begint met God. In den beginne was het Woord. Hij begint met het hart van de drieënige God. In de eeuwigheid ligt het fundament. Voor ons niet te bevatten; je kan er alleen maar over stamelen.
Johannes was een oud-leerling van Johannes de Doper die de wegbereider was. Zie het Lam Gods dat de zonde der wereld wegneemt. Johannes, de schrijver van het evangelie, was een van de intieme dicipelen van Jezus en zag de wonderlijke glorie van Christus. Wij hebben zijn heerlijkheid aanschouwd. Dat was o.a. bij de hemelvaart en op het eiland Padmos. Johannes heeft ook Zijn vernedering gezien aan het kruis.
Zijn komst tot ons
Het Woord is vlees geworden. Jezus wordt het Woord genoemd. God heeft gesproken: er zij licht en en er was licht. In Christus horen wij ook het woord. Het verlossingswoord komt in Hem tot vervulling. Tegenover spreken staat zwijgen. Zwijgen is soms een straf. Het is een vorm van negeren. God sprak en dat is een wonder. Ook na de zondeval is God blijven spreken. Wel anders. Er was soms ook een periode van zwijgen bijvoorbeeld in de periode tussen Maleachi en Mattheus. Maar dan gaat God weer spreken. Jezus zelf wordt het woord genoemd. Zelfs na zijn dood spreekt hij weer en zegt Hij: “vrede zij u”.
God wordt mens; neemt ons vlees en bloed aan. Immanuel overbrugt als het ware de kloof die er is tussen God en ons. Het Woord dat bij God was betekent niet naast God. Het is veel intiemer. Hij was naar God toegekeerd. Binnen de Godheid was Hij de geliefde. De Vader en de Zoon gingen in elkaar op door de band van de Heilige Geest. Dit Woord keert Zich naar mensen. Hij heeft deelgenomen aan ons menselijk vlees. Hij is offervlees geworden. Dat moet je goed op je in laten werken. Hij is een nederige God die klein is geworden zodat Hij toegankelijk is geworden voor vissers en tollenaren.
In de tijd van Johannes waren er Docetisten. Die geloofden dat Jezus een schijnlichaam had. Het lichaam deed Hij na 33 jaar als een jas weer uit. God kan geen stof worden met bloed zei men. Nee zegt Johannes: Hij werd volkomen mens. Hij heeft deze menselijke natuur ook nooit meer afgelegd. Nu Hij in de hemel is, is Hij nog steeds waarachtig mens. De lidtekenen heeft Hij nog steeds.
De Hervormde prof. Van Ruler zei dat de komst van Jezus een Messiaans intermezzo was. Straks legt Hij Zijn middellaarschap en mensheid weer af. Dat is een dwaling.
Het is ons tot troost dat Hij mens is geworden en nog steeds is. Jezus begrijpt mij daarom ook volkomen. Hij weet wat wij meemaken van binnenuit. Hij is bij ons komen wonen. Jezus huilde bij een gestorven vriend. Hij is geslagen geworden. Zijn hoofd zal een doornenkroon dragen. En dat alles om onze zonden. Is dat geen liefde? Door het oog van het geloof zie je door Zijn mensheid ook Zijn Goddelijkheid. Wij zien Zijn heerlijkheid.
Zijn woning onder ons
Met eerbied gesproken gaf God ons niet een paar nuttige tips vanuit de hoge. Nee, Hij is onder ons komen wonen. Niet als een toerist even gekomen. Nee, Hij heeft onder ons gewoond. Om Zich met ons te identificeren. Dat moet je proeven. Johannes kon Hem aanraken, zo dichtbij. Het is met Pinksteren nog dieper geworden. Hij kwam in ons door de Heilige Geest. Aanbiddelijk!
Dit is in het missionaire werk toe te passen. In de missiologie wordt er gesproken over het geïncarneerde christendom. Hoe kan je je nu met de medeburgers indentificeren zodat Christus zichbaar wordt in de omgeving?
Hoe kun je praktisch aankijken tegen de kerk in de stad? Sommigen hebben een vijand model. Ze zien Rotterdam als een goddeloze stinkstad. Je kunt er ook anders tegenaan kijken. Je moet er in opgaan. Er is geen tegenover meer en je hebt geen boodschap. Een derde model is zoals Tim Keller zegt: kerk zijn voor de stad. Onder de mensen wonen, broeder zijn en er voor de ander zijn.
Jezus kwam uit de reine hemelse sfeer naar de duistere aarde. Maar Hij kwam wel en woonde onder ons. Waarom gingen Sodom en Gomorra verloren? Vanwege de goddeloosheid? Omdat er te weinig rechtvaardigen waren. Daarom is het nodig om te incarneren. Om hier bezig te zijn en solidair te zijn. Om het praktisch te maken: lees de “In en Om” op pagina 18 en 19. Er worden mensen gevraagd voor Licht op Zuid. Ik hoop dat mensen zich gaan melden om zich in 2014 in te gaan zetten voor de ander. Wees er mee bezig in gebed.
Het woordje wonen: daar staat letterlijk tabernakelen. Hij heeft Zijn tent bij ons opgeslagen. Wanneer is Jezus nu geboren? In de winter? Nee, de schapen sliepen buiten. Er zijn exegeten die denken dat het in oktober was omdat het toen het loofhuttenfeest was. De herbergen waren vol. Het loofhuttenfeest was ook het feest van blijschap. De engelen gaven aan dat er nog groter blijdschap was. Ook de tent verwijst naar de loofhutten. De verwijzing naar de tabernakel is ook mooi. In de tabernakel vond de verzoening paats. Johannes was er mee opgegroeid. Van buiten was de tabernakel geen schoonheid. Ook in Hem was geen gedaante nog heerlijkheid. Maar van binnen? Alles goud. Als je Jezus van binnen mag kennen dan weidt de ziel met een verwonderend oog.
Zijn genade voor ons
In het Oude Testament zag Mozes, na de zonde met het gouden kalf, slechts een gloed van God. Maar Johannes zegt wij hebben Zijn heerlijkheid gezien. Gods luister, Zijn majesteit. Geen oogverblindende heerlijkheid. Een heerlijkheid vol van genade, die zondaars redt en rijk maakt. In een kind in een kribbe, in een naakte misdadiger aan het kruis zie je geen heerlijkheid. Alleen door de oog van het geloof mag je dat zien. Johannes heeft dat enkele keren gezien. Op de berg ging zijn gezicht blinken. Hij heeft het gezien bij de opwekking van het dochtertje van Jairus. Toen Hij de woeste golven kalm maakte en toen Hij opsteeg naar de hemel. Imponerende glorie. Heeft u het ook gezien? De Zoon van God die zijn macht toont aan u?
De allerheerlijkste glorie was Zijn lijdensheerlijkheid. Voor het oog van het geloof dan. Hij die werd vernietigd, wordt voor de gelovige kostbaar. Straks gaat Hij Zijn heerlijkheid delen met de Zijnen. Ik word ook straks verheerlijkt. Ik mag straks niet alleen aanschouwen, ik mag delen in Zijn heerlijkheid. Straks mag een verloste zondaar in de schoot van Jezus rusten. Nu grace, straks glory. Dan mogen we wonen bij Hem. Waarom heeft Hij dit beschreven? Opdat wij zouden geloven en zo het leven zouden hebben in Zijn naam. Niet te bevatten. Heere geef me een oog om te aanschouwen en mag mijn hart een altaar zijn waarop de aanbidding alleen voor U gebracht zal worden.