Edit|
EditReeks Samenvatting:
Niemand heeft ooit God gezien. Van al die miljarden. Johannes had de heerlijkheid van de Heere Jezus gezien. Alles aan Hem is gans begeerlijk, ze konden niet stoppen met kijken.
Er is geen mens in staat om God te zien. Anders hadden we dat al lang gedaan, nieuwsgierig en hoogmoedig als we zijn. We kijken in het heelal, Yuri Gagarin meldde dat hij God niet tegen gekomen was. Wat een verschil: In 1968 draaide de Apollo 8 bemanning rond de maan en ze lazen voor heel de wereld om te horen uit Gen 1 voor. Commandant Frank Borman eindigde na Gen 1:10 met 'God bless all of you on the good earth'. Twee belijdenissen.
Er is geen God zegt de dwaas, omdat Hij God nooit gezien heeft. Hij is er blind voor. Tenzij het God behaagt zich aan zo iemand te openbaren. Saulus was zo iemand.
Uw eigen zoon heeft tot Uw troon de weg ons weer ontsloten. De grote vraag is of wij die kennis hebben gekregen. Kennen van God heeft alles te maken met het zien op Jezus. “Zien is nog geen hebben” – maar dat is tegen de Schrift. Wie Mij gezien heeft, heeft de Vader gezien. God laat zich kennen door woord en geest. Buiten de Schrift om zal er nooit kennis van God zijn. We zijn God zó kwijt geraakt.
Wie is God vraagt Elia aan het volk – ze weten het niet, zo totaal vervreemd zijn ze geworden van God. Zo ook nu, hele geslachten weten niets meer van God en Zijn Zoon. Er valt een stilte na de vraag – is het Baäl, dien hem dan, is het de HEERE, dien Hem. Ze weten het niet. De Baälpriesters schreeuwen, maar hij geeft niet thuis. De HEERE antwoordt Elia onmiddellijk.
Uitzien naar de beloofde openbaring van Christus. In Joh 1 wordt dat testament geopend op een bijzondere manier. Het gordijn was dicht naar het Heilige der Heiligen. Maar Christus heeft de Vader verklaard, blootgelegd, uitgelegd. Zoals God gezien wil worden – openbaring in en door Zijn Zoon, een gelovig zien.
In de schoot van de Vader – een Oosters tafereel, Hij ligt aan het hart van de Vader. Hij is het Kind aan Wie Hij al Zijn liefde schenkt. Eeuwig aan elkaar verbonden door de Heilige Geest.
Hoe kan zich zoiets afspelen in het hart van God, dat Hij Zijn Zoon dan geeft voor zondaren? In het evangelie kunnen we in het hart van God kijken. Om met koorden van zondaarsliefde zondaren uit de wereld te trekken. De zoon verlaat de schoot van de vader. In de moederschoot ontwikkelt zich de mens zoals God hem heeft bedoeld. De zoon bleef wat Hij was en wordt wat Hij niet was. God gaat zich bloot geven in die Mens.
Jezus wacht op u, o zondaar. Alzo lief heeft God de wereld gehad. Hij heeft onder ons gewoond. Hij volbracht zijn taak. Hij zocht wat verloren is. Als Hij uw en mijn zonden voor Zijn rekening gaat nemen. In drie jaar is Hij die weg gegaan, de zoon des mensen moet veel lijden, zei Hij tevoren. Het is nu voor u dat ik wegga, want anders komt de Trooster niet. Moest de Christus niet al deze dingen lijden en zo zijn heerlijkheid in gaan? Zo verklaart zich in Christus niet alleen de eeuwige liefde maar ook de eeuwige toorn van God, – hij liet de zonde niet ongestraft maar bracht de straf op Zijn Zoon.
Je moet op Jezus zien. God is een verterend vuur voor Zijn Zoon. En zo is de zonde uitgewist en daarmee is er geen toorn meer. Alleen door Christus weten wij dat en hoe God de wereld lief heeft.
Onder ons gewoond – ons – nl die Hem hebben aangenomen, in Zijn naam geloofd, macht gekregen kinderen Gods te worden. Johannes had in de schoot van de Zoon gelegen, als de Zoon bij de Vader.
Heilige Geest, doorwaai de hof van de harten, dat uw koninkrijk mag worden uitgebreid vanavond, zondaren toegevoegd aan die schare die niemand kan tellen.
Mozes wilde meer van God kennen – Toon mij nu Uw heerlijkheid. Dat zou hij niet overleefd hebben. In een kloof legt God Zijn hand op Mozes om hem te beschermen. De Heere zelf zegt: Ik zal al mijn Goedheid voorbij uw aangezicht laten gaan – Ik zal genadig zijn aan wie Ik het ben. Dat kan alleen om Jezus wil. Genade en waarheid worden een levende werkelijkheid. Dat u behouden mag worden door het zien op dit Lam. Ik raak niet op Hem uitgekeken.
Zien met de oren – daar is het geloof uit. Ook: met het hart, daarmee geloofd men ter rechtvaardigheid, zegt Paulus.
Hier wordt de rust geschonken;
Hier 't vette van Uw huis gesmaakt;
Een volle beek van wellust maakt
Hier elk in liefde dronken.