Dit is de tijd van Elia,begint een Opwekkingslied. In de woestijn klinkt een stem, die uitroept – bereid de weg want Hij komt. De Heere is God. Niemand is met Hem te vergelijken, er is er maar Een.
Ook nu 2014, deze eindtijd, vlak voor de wederkomst van de Heere Jezus, lijkt op de tijd van Elia. Een fascinerend hoofdstuk. Voor Hij komt zal Elia komen. Regen – altijd een beeld van zegen van boven, de Heilige Geest. Een late regen is beloofd. De vroege regen viel in oktober, Loofhuttenfeest, om de zaadjes wortel te laten schieten, de spade regen in maart, april om het graan te doen rijpen, vlak voor de oogst. De vroege regen is gevallen ten tijde van de Pinksterdagen. De spade regen verwachten we elk ogenblik. Stromen op het droge; Ik zal Mijn geest geven aan u en uw nakomelingen.
Het komt op alle 12 stammen, over alle kerkmuurtjes heen, God geeft vuur en regen. Toorn maar ook zegen. De Baäl kan dat niet.
1Kon 17 – het zal niet meer regenen. Hemel van koper, aarde van ijzer. Een preek van 30 seconden. In Jacobus 5: Elia bad een oordeelsgebed. God heeft dat verhoord. 3,5 jaar regende het niet 42 maanden, 1260 dagen. Bekende getallen uit Openbaring. Achab had zijn ziel verkocht aan de satan, een enorme geloofsafval, enorme tempel voor Baäl, een regengod – vruchtbaarheid. Als U de hemel sluit Heere, zal het volk inzien dat het een machteloze god is.
Elia bad een oordeelsgebed, een opwekkingsgebed voor de jongen van de weduwe van Sarfath, een vuurgebed op de Karmel. Hij bad om concrete dingen die hij concreet kreeg.
Wat kun wij er van leren? God gaf geen regen omdat het volk afgoden aanbad. Hebben wij afgoden? Als het niet regent is de kerk onvruchtbaar. Dan staat het door en droog. Het is magertjes, dor, de glans is er af. Hoe komt dat? Ik zou graag een regenbui willen. Heb ik dan afgoden?
Samuel zegt tegen Saul: weerspannigheid is afgoderij. “Ik laat me niet gezeggen”: door ouderlingen, overheid of ouders. 'ik zoek het zelf wel uit' – dan is dat afgoderij. Op dezelfde lijn als Achab. Farizeeën hadden geen beelden, maar ze leefden zodat anderen ze zouden zien, dat is ook een gevaar voor dominees. Hoeveel hebben niet hun eigen ik als hun afgod. Leuk en lekker gevonden worden door zoveel mogelijk jongens, gericht op je eigen genot. Ik wil zelf regeren. Dan is je eigen ik je afgod. Een groot gevaar in onze tijd.
Kindertjes, bewaar u voor de afgoden zegt Johannes. Alles wat van God afvoert en afhoudt, in plaats van Hem komt – dat kan een afgod worden – als er geen tijd meer is voor stille tijd – wat is het laatste wat je doet voor je gaat slapen – facebook of de woorden van God?
Hebzucht is afgoderij zegt Paulus. Graai cultuur; allemaal op mij zelf gericht, dat kan overal zijn, in je werk, je ambt, waar ook.
De Baäl afgoderij ging gepaard met veel onreinheid en ontucht – dat is onze tijd ook. Overspel met ogen, onreinheid met handen, met meisjes, met je verkering, dit is de tijd van Elia. Die 7.000 deden hun mond niet open. Hoe gedraag jij je op je werk, op school? Weten ze dat je christen bent? Hou je dat voor de kerk. Behoor je tot de 7000? Of durf je je mond open te doen als Elia?
Na 3,5 jaar zegt God – nu ga Ik regen geven, maar in de weg van bekering van dat volk.
Mensen sterven van de honger en Achab gaat op zoek naar gras voor zijn paarden – een graszoeker en geen Godzoeker. Als dieren belangrijker worden dan mensen is het einde van de beschaving nabij.
Elia ontbiedt Achab op de Karmel en hij gehoorzaamt – dan komt die 'wedstrijd' – hoelang hinken jullie nog op twee gedachten? Je voelt dat je een ziel hebt, het is toch wel fijn om naar de hemel te gaan – God dienen levert voordeel op voor mijn ziel – maar je leeft maar een keer, daar wil ik ook van genieten. We gaan mank.
We gaan niet meer schipperen, maar vandaag kiezen. Kies dan heden wie je dienen zult. Als je niet van Baal af kan, kies dan en kom hier niet meer. Als de Heere God is, ga je Hem dienen, maar dan helemaal. Vertrouw je aan Hem toe dan moet je eens kijken wat God met jouw leven gaat doen!
De Baalpriesters stuiteren, en dan is het 3 uur, tijd van het avondoffer. Elia gaat het altaar herstellen, op dat uur stierf de Heere Jezus. Hij bid en God geeft direct antwoord met vuur. Het treft het volk niet en zelfs de baalsprofeten niet, het valt op dat enige onschuldige beestje op het altaar. Karmel en Golgotha in elkaars verlengde. Daar vindt de verzoening plaats.
De Heere is God, de Heere is God. Wat blij is Elia als hij dat mag horen. JHWH hoe ha-elohiem.
Elia heeft dat volk in zijn hart en gaat bidden om de regen die de Heere belooft heeft in vers 1. Ik hoor de regen al met mijn geloofsoren. Dan komen ze thuis en dan? In de massa is het leuk om mee te doen – als iedereen met zijn handen in de lucht staat, doe je dat ook en thuis is het weg. Elia bidt in elk geval. En Achab stond er bij, hij zegt niets. Zou hij ook beleden hebben? Ik heb de demonen gediend? Vergeef me, Heere?
Ga maar alvast eten, zegt Elia. Wat zou het mooi geweest zijn als hij mee was gegaan om te bidden.. Achab gaat naar beneden eten en drinken, Elia gaat omhoog en bidden en smeken; buik voleten of hart uitstorten.
Elia klimt de hemel tegemoet. Oppervlakkige bekering van dat volk - niemand komt bij hem voor de afdeling nazorg.
2
Hij heeft toch al gebeden – de Heere kan toch gelijk regen geven – beloften zijn niet om op te rusten maar om op te pleiten. Hij rolt zich als het ware op, hij maakt zich zo klein... Elia gebiedt Achab en de priester en het volk, maar wordt zo klein voor God. Wij hebben het niet verdiend Heere, dat u komt met een opwekking in deze godvergeten stad. Een gebedsstrijd. Hij lijkt op de Heere Jezus. Hij bad ook op een berg alleen. Klein als een worm in Gethsemane, om een miljoenenschare te verlossen. Een opgerolde worm die God aankleeft. Jezus bad steeds opnieuw. 7 keer, Elia. Beeld van een gerijpte christen – die weet wat voorbidders zijn. Aangezicht tussen zijn knieën – hij hoort en ziet niets – in gesprek met God. Hij bad opnieuw een gebed, dat het zou gaan regenen – hij zal eerst gedankt hebben, dat de Heere zich heeft bekend de echte God te zijn.
Elia gaat niet helemaal alleen, zijn knechtje was er bij, misschein het jochie van de weduwe van Sarfath. Kijk eens uit of er al wat aankomt. Wat een beproeving is dat geweest, voor Elia – 12 zonuren, neerslagkans 0%. Elia heeft alleen een belofte en hoorde het gedruis, maar hij zag niets. Geestelijke oren horen meer – bijv de voetstappen van de Heere Jezus in 2014.
3x scheepsrecht, dan? Hoe houdt hij het vol – ook de jongen klaagt niet. Om vuur bad Elia één keer en pats – nog geen stipje. Stoppen dan maar? Hij zal zich steeds meer hebben opgerold. We hebben het niet verdiend, Heere. Zo vaak gebeden en niet verhoord, herkent u dat gemeente? Heere, antwoordt mij.... en weer niets. De satan zegt: het gaat jou net als die baalsprofeten – er kwam geen teken van leven – bij jou ook. Die god van jou is een nep god. Elia roep harder, misschien slaapt ie wel of is ie in diep gepijns. Of je eigen hart? Zouden Gods beloften... -- wij bidden al zo lang om een opwekking, dan weer leeft het op en komen er weer 20 op de gebedssamenkomst, en dan zakt het weer in, wanneer komt het nu? – heb ik het verkeerd gelezen? Geen antwoord.
Gemeente - tussen de geschonken belofte en de verkregen belofte ligt een gesloten hemel... niet te begrijpen – gebed, het lijkt of je omkomt mèt de belofte en toch kun je God niet los laten. Mensen hier in Rdam zuid moeten behouden worden en daarom pleit ik op die zegen.
De zesde keer – ga nog eens één keer kijken – God zal me horen, maar wanneer? Elia had zijn paraplu mee genomen. Je had beter een zonnenschem mee kunnen nemen, zegt de duivel. Geen druppel.
Ik hoop op Zijn onfeilbaar woord. Wat een teleurstelling na die zesde.
Ik zit met de ziel van mijn kind – ik heb zes jaar gebeden – mijn vrouw, mijn man, mijn vader, – ik zou zo'n wolkje willen ziel – al is het maar een traan – maar het is strak blauw – ik kan nog steeds niet over God praten.
Blijf bidden, ik heb het Bijbeltje al in huis, ik heb er al een tekst in geschreven..
3
en dan de zevende keer. Zullen we er zo mee stoppen – zie je wel dat God niet bestaat /moeten we er niet mee ophouden? In september vroeg ik wie wil er mee bidden? Ze waren er, een keer 25. Nu zijn we 15. Zullen we ophouden – het blijft toch hetzelfde in de Maranathakerk – het verandert toch niet.
Elia zit het al aan hem – Elia, Elia! Een wolkje als eens mans hand. Dat is ook niet veel, blijf nog maar een poosje doorbidden – maar nee, het lijkt de hand van God, en er kwam een hevige regen.
De weersverandering komt er aan, de eerste wolkjes schuiven na drie jaar. Stel je voor dat je 3,5 bent en nog nooit een wolk hebt gezien – waar is dat voor mama? Dan krijgen we weer voedsel..
Eerst de zon, en dan een klein wit wolkje en dan gaat het snel – een grote donkere zwarte wolk, Opschieten Achab, naar je zomerpaleis. Anders kom je niet meer thuis met die modder. Zo genadig is de Heere. Erbarmen met die goddeloze koning. Je moet niet omkomen onderweg.
Job 8 uw beginsel zal gering zijn, maar uw einde zal zeer vermeerderd worden. Ik ben niet pessimistisch, ik geloof dat we leven in de dag van de kleine dingene, iets. Niet niets. Motregen, hier en daar een spatje, het valt wel hier en daar, elders in de wereld plenst het.
Het is niet helemaal dor en droog. God vervuld in twee termijenn, lijkt het wel. Eerst een straaltje en dan … een stormwind.
Van niets naar iets naar alles. Elia loopt voor die wagen uit. Elia rent vooruit - bovennatuurlijk. Achab moest maar kijken.
Een hevige regen kwam er, wat moet dat geweest zijn, ook voor de dieren. Ze hebben zich kletsnat laten regenen. Geestelijk leven, overvloed in de kerk, in de gemeente. Je ruikt de regen, proeft de regen – Heere u bent er weer. U bent weer teruggekomen. Op grond van het herstelde altaar.
Eerst vuur en daarna regen. Eerst Golgotha toen Pinksteren. Het vuur van Gods oordeel dat Jezus trof, 9e uur op Goede Vrijdag. Op grond van Golgotha hebben ze 10 dagen lang gebeden om de Geest op de belofte en iedereen werd nat – van Judea en Samaria tot het einde van de aarde.
In de kerkgeschiedenis kwam het telkens weer, het begon met een enkeling en breide zich als een vlek uit.
Ik zie de ritseling: altijd maar werken, je hebt er geen voldoening meer in, altijd maar je lichaam en sport en ik zie en hoor risteling, ik hoor een snik. Een druppel, kruimel, als voorbode.
En-en doen we niet meer, vanaf vandaag. Kies heden, kom buig je voor de Heere neer. Zeg: deze God is onze God, en we zien uit naar die ene wolk waarop Hij straks terugkomt. En bid: Maranatha kom Heere Jezus. Daarvoor moet je op de hoogte zien, om die voetstappen te horen. Ik weet niet hoelang het nog gaat duren, maar Hij komt gewis. Daar is mijn Heiland, zie Hij komt.