Preek/Lezing

Overzicht | Zoeken | Reeksen || Vorige | Volgende
Type Datum Spreker Thema opm
preek 2014-03-23 17:00:00
ds. M.M. van Campen (Rotterdam-Zuid)
Veroordeling of vrijspraak

Tekst: Schriftlezing: Geluid: Reeks:
Joh 3:17-18 Joh 3:14-21,30-36 Geloof

Edit| EditReeks
Samenvatting:
1. het voorwerp van het geloof
2. de vrucht op het geloof
3. het verzet tegen het geloof


Geloof als oog, vanmorgen geloof als hand en nu: als voet – wie naar Hem vlucht en zijn zaak aan Hem toevertouwt, doet dat niet tevergeefs.

Ik was ooit bij de Niagarawatervallen, prachtig, maar ook gevaarlijk. Twee mannen zaten in de negentiende eeuw in een boot, ze verloren de controle over de boot – steeds sneller ging hij richting de afgrond. Een van beiden werd gered, door een touw. De ander greep een boomstam vast. Hij kwam om. Geloof is als dat touw, verbonden, online, tussen jou en die Man aan de oever, met de hand van Vertrouwen grijp ik dat touw, Hij trekt me naar de kant. Je kunt je aan van alles vasthouden – aan je stille tijd of wat ook – maar niet aan Hem, dan kom je om.
Niet: wie gelooft, maar wie in HEM gelooft.

1
Zijn Zoon kwam niet om te oordelen, maar om die te redden. Messias is Redder. Niet als Veroordelaar over de heidenvolken, Nicodemus. Pas bij de wederkomst is dat.
Vers 18 is troostrijk, maar als je niet gelooft, ben je al veroordeeld. Een persoonlijk geloof in Hem is nodig. Ik moet gefocused zijn op Hem, niet op de Vader. De Vader komt er pas na. Door het bloed van Christus kom je bij de verkiezende liefde van de Vader. Ook niet de Heilige Geest dus. Hoe weet ik zeker dat ik goed zit? Niet de Heilige Geest – teer geweten, zacht hart – minder wereld gelijkvormig, je wacht op gevoelens die de Heilige Geest werkt – het staat er allemaal niet. Dat komt daarna.

De blijde boodschap – God moet de zonde straffen omdat Hij zo rechtvaardig is – Hij wil mij echter ook redden. Hij neemt de zonde van mij af en tilt het op de Heere Jezus.
Maak van je gevoel of je stille toewijding geen tweede Heiland maakt. Hij heeft het allemaal weggedaan.

Christus kwam niet als een Tweede Mozes, als je christen bent, moet je dat en dat allemaal doen, naar de Bergrede gaan leven. Het eigenlijke doel van Zijn komst was om de wereld te behouden – daarna moegen we de Bergrede e.d. in dankbaarheid volgen. Niet vooraf om het te moeten verdienen.

2
Niet veroordeeld. De Rechterstoel waar we moeten verschijnen. Als je in Hem gelooft, word je niet veroordeeld. Zo groot is de macht van het bloed van Christus. De belofte blijft altijd geldig. Van de straf ontheven.
Denk aan de Grote Verzoendag – de zondebok die de woestijn in werd gestuurd, de zonden waren weg. Ze zijn of weggedragen of ze liggen op mij, niet allebei.
Dan ben ik aangenaam in Gods ogen, ik ben niet meer die ik was. Zoals Christus stond in mijn plaats, zo ziet God mij altijd genadig aan. Ik ben de geliefde zoon of dochter geworden. Zondig in mij zelf, maar wit gewassen. Geen veroordeling. Zelfs de dood zal geen scheiding brengen. Wie zal me beschuldigen? Je kunt me niet meer aanklagen, duivel. Als je zonde doet, – uit zwakte, niet uit liefde. Op een andere manier dan voor dat je tot geloof kwam.
Als je je zonden belijdt en je vertrouwt je in een waarachtig geloof op Hem, op dat moment spreekt de Rechter van de ganse aarde je in om Christus wil vrij.
Als je dat doet, dan wordt diezelfde God in Christus jouw liefhebbende Vader. Je staat niet meer in de verhouding zondaar-Rechter. Maar in de verhouding kind – Vader.

Je bent gehoorzaam en stout als kind, maar je blijft kind. Hoe is de relatie met je aardse vader? Het kan goed zijn en de verhoudingen kunnen verstoord zijn. Zo ook met je hemelse Vader. Hij kan je wel een corrigerende tik geven,maar dat is geen vonnis van een rechter.

3
Wie niet gelooft is al veroordeeld. Ieder in uw gezin. Wat is het gevaarlijk om in ongeloof te volharden. – ook van diegenen die aan de Tafel zaten vanmorgen. Wat een waarschuwing – waarom zegt de Heere dit nu, het was zo goed vandaag..
In het paleis van de koning is brood! Terwijl er hongersnood is in de stad. Sommige geloven het niet - of zeggen: het is vergiftigd, of het is een grap. Maar weinigen gaan maar. Er komt een gezant van de koning. Jullie mogen allemaal op mijn feest komen – maar ik weet dat jullie niet komen. Als je niet komt, zal ik je mijn zwaard doen voelen. Zo goed was die koning. Hij wil niet dat je omkomt van de honger. Niet om je bang te maken, maar om je te bewegen om te komen en te eten en in leven te blijven. We bewegen u tot het geloof – houd je hand op.
De Heere weet hoe dom en dwaas wij zijn, dat wij onze eigen zaligheid in de weg staan. Ongeloof is ongehoorzaamheid aan de Zoon.

Een heiden die nog nooit het evangelie heeft gehoord, is niet ongelovig, maar onwetend. Maar als je het van je afschuift. Ryle zegt hierbij: je gaat niet verloren door een eeuwig besluit van verwerping – wat een verschrikkelijke leer. Maar de oorzaak is de onwil om in Christus te geloven, je houdt je boomstam nog vast. “Golgotha had voor mij niet gehoeven”, of “nu nog niet”. Adam zondigde tegen de Schepper, maar dit is zondigen tegen je Verlosser. De duivel heeft Jezus niet aangeboden gekregen. Nee doe maar niet – is al veroordeeld. De politie heeft je nog niet van je bed gelicht, maar de wereld is wel een dodencel, er komt een dag dat je gedaagd wordt. Het vonnis is al bekrachtigd in de hemel. Je bent al veroordeeld.

God is zo genadig dat Hij het nog uitstelt. Het is zo gebeurd, ga uit in het eeuwige vuur – al diegene die niet in de Zoon hebben geloofd; grijp het reddingstouw dan aan!

Wat heerlijk is Joh 3. Zie op Hem, maar als ik me weiger aan Hem toe te vertrouwen, dan is de oorzaak van je ellende jouw eigen keus, je kunt niet zeggen, het kon niet omdat God het niet wilde. Wat moet ik dan doen? Paulus: geloof in Hem en je wordt zalig, dat is de liefste bezigheid van Jezus, Hij is er erg goed in. Hij is er gespecialiseerd in, je zult niet worden veroordeeld.

Alles in de Bijbel is geschreven opdat je geloofd. Wie in het geloof op Jezus ziet, vreest voor dood en helle niet.
Wat doe je als je het voelt en er niet tegen verzet – ik vlucht tot Jezus, Hij heeft me gered. Ik boog mij en ik geloofde en God sprak mij vrij. Laten we daar mee naar huis gaan.
Wie in de Zoon geloofd heeft eeuwige leven. Kom laat de schrik des Heeren je vanavond bewegen tot geloof in Hem.

Edit