Edit|
EditReeks Samenvatting:
De noodzaak, de bewerker en de plaats van geloofsversterking.
In een gevangeniscel in Rome ligt Paulus geknield te bidden. Geen misdaad heeft hij begaan, maar om het evangelie is hij gevangen. De aanklacht: hij is een zendeling en wel onder de heidenen. Hij beklaagt zich niet. Hij denkt aan de gemeente. Stel u voor: uw dominee zit in de gevangenis, zijn brief wordt ademloos uitgelezen. De verdrukkingen leiden tot heerlijkheid. Dankbaar mogen ze zijn voor die vervolging.
Paulus bad. Dat was hij gewend als Farizeeƫr. Maar na Damascus bad hij met het hart. Geen hoogmoed meer. Wat wilt gij dat ik doen zal, Heere? Paulus bidt niet om de gevangenis uit te komen, maar dat de gemeente versterkt moge worden, met kracht, dynamiek. De noodzaak van geloofsversterking. Zij waren reeds gelovigen, verzegeld met het stempel van de Heilige Geest "deze gemeente is eigendom van de Heere Jezus Christus". Maar geloof moet versterkt worden. Het gevaar was het blijven steken in de wedergeboorte. Ze moeten opwassen. Opdat Hij u geve met kracht versterkt te worden. Dat gebed was nodig voor Efeze en ook voor de gemeente alhier. Wat gelukkig bent u als u ook zo de Heere Jezus hebt nodig gekregen. Vroeger was men beheerst door Diana. Maar nu worde men met kracht versterkt door de Heilige Geest. Kracht om de goede strijd van het geloof om te kunnen strijden.
Hoe kom je aan die geloofsversterking? "Opdat Hij geve door Zijn geest". Wij maken die kracht niet. Het is het werk van de Heilige Geest. Hij brengt tot geloof en versterkt en verdiept het. Christus wordt de permanente bewoner van je levenshuis. Het opwassen is een gave van de Geest. Geef dat ik de goede strijd mag strijden, en uit Jezus de levenssappen mag optrekken.
Waar vindt de geloofsversterking plaats? In de inwendige mens, zo staat er. Niet zo zeer: wedergeboren mens, maar je wezen, je identiteit. Tegenover de uitwendige verschijning. De inwendige mens heeft de oorspronkelijk bestemming terug gekregen. Dus ook: Christus in hart. Wij zeggen wel eens: de inwendige mens versterken, voor `eten`; dat is eigenlijk misplaatst. De inwendige mens is je eigen hart. Wat ben je gelukkig als de Heilige Geest je hart bewerkt heeft.
Waaraan kun je merken dat je inwendige mens versterkt werd? Wils-verandering. Geboden zijn voor je bekering een last; als de Heilige Geest in je leven gekomen is, wordt je wil verbroken. Je wilt niet langer naar het vlees leven. Je gaat steeds meer willen wat God wil en haten wat God haat.
Of aan je gedachtenwereld: verkeerde gedachten voedden je voor je bekering, je had er geen moeite mee. Maar na de bekering ontdekte je: ook mijn gedachten zijn niet tolvrij. Ook daar heeft Hij het voor het zeggen. Steeds meer worden ze gereinigd door de Heilige Geest. Heere wilt U mijn gedachten reinigen en zuiver maken?
Of ook aan je interesses. Voorheen de wereld, de zonde, verleiding. Nu de dingen van God.
Je kunt ook inzinken, ook na ontvangen genade. Achterop raken, de geloofsgroei geremd. De oude mens probeert de overhand te krijgen. Hoe houd ik het vol de komende periode? Je wordt niet teruggeworpen op jezelf: je mag alles verwachten van de Heere. Bij Hem is een overvloed te vinden. Je kunt nooit teveel verwachten van de levende God in de hemel. Bedelstand is adelstand. Kom met lege handen.
De Heere Jezus heeft het Heilig Avondmaal ingesteld om het zwakke plantje te versterken. Met het oog op de gekruisigde Christus, Hij in uw in jouw plaats. De Heilige Geest doet ons vluchten tot de wonden van de Heere Jezus. Hoe meer u mag zien op Hem des te meer bent u met Hem verbonden. Een aangewakkerd vlammetje. Zijn grote liefde voor u. Wij hebben Hem lief omdat Hij ons eerst heeft liefgehad.
Misschien wilde u niet aangaan vanmorgen, u wijst dan de Heere Jezus af, u gaat aan Golgotha voorbij. U staat buiten het heil. `Ik ging niet aan omdat ik Hem niet ken, en geen geloofsband met Hem heb`: Ga zo niet verder, ga zo niet langer door: het is levensgevaarlijk. Bidt om de Heilige Geest zodat de inwendige mens veranderd wordt. Vernieuwd wordt. Een bewogen Heiland staat voor u vanmiddag. "IK wil uw behoud, ga niet zonder Mij verder. Kom zo vuil en zondig je bent, wijs Me niet af. Laat je hart breken onder Mijn liefde". Het aanbod van de genade gaat ruim en royaal voor u uit. "Ik liet Mijn bloed vloeien". In uw smerige afzichtelijkheid bent uw welkom. Milde ogen, vriendelijk handen wachten op u. Zalig als u inziet hoe arm u bent zonder Hem.
Zie met al uw zonden op Jezus. Een blik van echt geloof op Jezus en u bent al uw zonden kwijt, dan bent u nu al zalig door Zijn bloed.
Misschien had u te weinig vrijmoedigheid, Efeze 3 gaat me te hoog. Dat hoeft u zelf niet te doen, dat doet de Heilige Geest. De vraag is niet: ziet u zichzelf als gegroeide christen? Maar: wie is Christus voor u, voor jou. Dat is de vraag. Geeft u daar eens antwoord op. Zegt u in uw hart: ik kan niet zonder Hem leven? Gaan uw ogen open voor Immanuƫl? Kom dan zo tot deze Koning. Ik geloof, Heere, kom mijn ongelovigheid te hulp. En in de tekenen van brood en wijn kwam Hij naar u toe!
Ik heb elke dag met zoveel ongeloof te kampen, maar daarom kom ik tot U. Opdat U mij geve naar de rijkdom van Uw heerlijkheid, mij met kracht versterken.
De Heilige Geest vraagt nooit aandacht voor zichzelf. Maar alle aandacht voor Christus. Opdat Christus door het geloof in uw harten wone. Wat is geloof? Dat is God vertrouwen. Uw woord is de waarheid, Heere. Op de rots van de Heere Jezus bent u veilig. Als u zo de Heere Jezus nodig hebt gekregen in het toevlucht nemende geloof. "Glaubst du? So hast du", zei Luther. Als je gelooft dan heb je het.
Laat u zo leiden door de Geest. Uw goede geest bestier' mijn schreden en leidde me in een effen land.