Edit|
EditReeks Samenvatting:
Een vruchtdagende relatie
Jullie zijn wel eens op een stadhuis geweest in verband met een bruiloft. Een plechtige gelegenheid, want bruid en bruidegom geven elkaar hun ja-woord. Ze zullen er zijn voor elkaar. Ze zeggen het en ondertekenen het met hun handtekening. Verankerd in een wettig verbond. Een twee-eenheid vanaf dit moment. Een verrijking door jezelf weg te geven. Hoelang duurt zo'n relatie? `Totdat de dood hen scheidt`. Of als één van beide vreemd gaat. Dan breekt de huwelijksband ook, door opzettelijke zonde. Gij zult niet de echt verbreken. Ook al ervaart men geen schuld, en blijft men `even goede vrienden`: de schuld blijft.
Paulus spreekt over een vrouw, haar man was een hele precieze. Alles was structureel geordend. En zij leefde bij inval en toeval. Ze ging zich steeds ongelukkiger voelen. Met zo'n perfecte is het geen leven. Die man was wel goed, maar ze pasten niet bij elkaar. Maar er is geen verandering in de wet. Ze blijft wettig verbonden aan haar man. Deze eerste man staat symbool voor de Wet. Maar ze mag niet scheiden. Ze ziet wel een andere man, met wie ze dolgraag zou willen trouwen. Die kon haar wel gelukkig maken. Niet dat die man heel gemakkelijk was, maar deze zou haar helpen en liet haar niet alleen. Wat ze zou moeten zou ze door zijn bijstand ook kunnen. Dat is de Heere Jezus Christus. Scheiden kon niet, alleen al sociaal niet. Maar ook moreel was het probleem geweldig: de wet blijft je aanklagen dat je je wettige man verlaten hebt. Die vrouw staat voor de gedoopte leden van de gemeente in Rome; die geloven in Jezus Christus, dus daar vallen wij allemaal onder. Als je de geestelijkheid van de wet rekent dan dient u volmaakt te zijn; dat is het recht van de wet. Daar word je wanhopig van. Herkent u dat? U wilt het wel, maar u kunt het niet. Weg lopen van de wet en met de Heere Jezus verder gaan kan ook niet. Een geweldige worsteling.
Sommigen zeggen: toen ik Jezus aanvaarde, had ik niets meer met de wet te maken. De wet heerst echter over elk mens zolang hij leeft. Een overspelige…Dat kan niet.
Anderen zeiden: ik doe mijn best om God te dienen. Zo goed mogelijk, want daar heeft Hij recht op. Als ik met schuld kom te zitten, vlucht ik naar de Heere Jezus. En dan uit dankbaarheid toch echt je best doen om niet meer te vallen: maar je valt voortdurend. Na Golgotha pak je de wet weer op. Naar Sinaï en weer naar Golgotha. Een ongelukkig leven van vallen en opstaan. Zo is toch het leven van veel christenen. Deels wet, deels Christus. 50-50 of 70-30. Een halfslachtig geestelijk leven, vermengd met de verantwoordelijkheid van de mens. Dan sta je nooit op de grondslag van de gerechtigheid van Hem alleen. Waar wordt die vrucht gedragen. Vandaag 50% gehaald, morgen met meer bijbellezen misschien 75%. Het compromis om te kunnen slapen komt niet van God.
Hoe kom je van de wet dan wel af? De vrouw moet wachten tot de man sterft. Dat kan nog wel even duren. Dan is er één oplossing: dan moet ik dood. En dat is de oplossing die Paulus aanreikt in Romeinen 7. Hoe gaat dat dan in de praktijk.
In het verlangen om de Heere te dienen richt de vrouw zich op de nieuwe `man`, omdat ze *zelf* gestorven is, en dat geeft ze toe, beleid ze. Zo schept de Heilige Geest die nieuwe relatie met die tweede man. U begint te belijden wat Christus heeft gedaan op Golgotha. U bent verbonden met die dode Christus, door het lichaam van Christus. Daardoor heen is ook de levende aan het werk. Niet van Golgotha naar Sinaï , maar naar het open graf; vooruit, in plaats van terug. U bent reeds gestorven en al begraven. Het is voor u gedaan, u hoeft niets voor God te doen, en u kunt het niet: belachelijke pogingen. De Heere wil u dagelijks bedienen in het geloof en het hart. Hij leeft in u.
Twee zaken in het gebed elke dag: ik ben dood, maar leef door het geloof in de levende Christus, die mij helpt en ondersteunt. Dan mag je 100 keer falen per dag. Als u maar blijft geloven dat Christus leeft om u te helpen. Ik ben compleet zondaar, 100% ondeugdelijk, en voor 100% rechtvaardig gemaakt. Kunt u dat aannemen, als een openbaring van God, dat Hij in de doop verzegeld heeft? U bent een eenheid met Christus, als u dat gelooft. Dan wandelt u in de vrijheid. Daarmee doe je niet alles goed, je moet ook leren om in geloof te wandelen. Ik leef met U, ik ben opgewekt.
Dan kan die vrouw ook vruchten dragen, dan kan ze wat ze moet. Het leven van de liefde te gaan lijden. Jezelf te verloochenen, elke dag. Je zelfvertrouwen: kruis erdoor. Dat gaat velen te ver: ik heb toch mijn verantwoordelijkheden? Ik kan toch wel een preek beoordelen? Je vermengt dan wet en genade door vanuit uzelf wat te filosoferen.
De vrijheid roept in u een verlangen op om bediend te *worden*. Hij werkt het, en u werkt het uit in dankbaarheid. Je wordt verzekerd en verzegeld, keer op keer. Natuurlijk zijn er botsingen met je eigen ik, als je toch weer jezelf op de voorgrond geplaatst hebt. Blijf in Mij, dan blijf Ik in u (werken]. Een heerlijke wisselwerking. De wet wordt vanuit Christus in mij vervuld.
Wat blijft erover? Dankzeggen, en Hem aannemen van uur tot uur, en danken. Heere u hebt alles volbracht. Amen, amen.
De duivel helpt je om te zeggen: nu eens echt bijbelstudie doen, nu eens echt bidden, want hij weet dat je in de modder valt. Maar vertrouw dat Christus je voorgaat. Hij roept het leven in ons wakker. Vertrouw daar op. Dan blijft Hij u zegenen. Wij hebben een opgestane Heere. Hij alleen is onze zaligheid.
Zo zullen we voor God vrucht dragen, liefde, trouw, zelfbeheersing, enz. In Christus kan Zijn geest dit verwerken. Is het niet heerlijk om daar te vertoeven en een te zijn met Hem?