Edit|
EditReeks Samenvatting:
Dit thema houdt me nogal bezig de laatste tijd. Het begint met één basisvraag voor ieder die zich een discipel van Jezus noemt: wat zegt God tegen mij en wat doe ik daarmee? Dat lijkt zo eenvoudig, maar toch voelt het alsof ik nog maar in de kinderschoenen sta. Het is van belang om hierover het gesprek aan te gaan. Het gaat om het een Bijbelse kwaliteit van leven waarin God een gespreksrelatie aangaat met mensen, waarin Hij voortdurend communiceert met Zijn mensenkinderen en waarin God verlangt dat we op volwassen wijze met Hem communiceren en meewerken.
Dat is een hoge norm, die niet strookt met onze ervaringen. Wie zijn wij om ons te vergelijken met Elia of Paulus? Toch geloof ik wel dat dat Gods verlangen is, dat wij die kwaliteit van leven met God kennen.
Het verhaal van Elia begint (na de climax van de Karmel) in de mineur. Na de doodsbedreiging van Izebel is hij er helemaal klaar mee. Dat komt dichtbij. Wij kunnen ook onder de indruk zijn van stemmen om ons heen, zoals het nieuws over terreur. Waarom horen we zo weinig van God, waarom hoor ik Zijn stem niet? Satan wil maar al te graag dat we negatief denken over God en over onszelf. En we geloven hem maar al te vaak....
Elia gaat op reis, naar de Horeb, de Sinaïwoestijn. De plek waar God zo vertrouwelijk met Mozes had gesproken en met Zijn volk. God sprak met Mozes als met Zijn vriend. Elia zoekt die plek op. Is het een verlangen naar een nieuwe ontmoeting met God, naar een persoonlijk Woord van God voor hem bedoeld?
We lezen dan dat God aan Elia voorbij ging. Hij was er wel en Hij was er niet. Wind, storm, aardbeving, vuur. Daar zou God makkelijk in kunnen verschijnen. Maar er staat duidelijk dat Hij niet in het natuurgeweld. Hij was er wel in het suizen van een zachte stilte. God is in het gefluister van een zachte bries, zegt een andere vertaling. God was er in “a still small voice”, zegt de King James. Dat doet weldadig aan. Maar ook onopvallend. Je kunt er zo aan voorbij gaan, je zou het zo kunnen negeren. Maar dit onopvallende is een kenmerk van het spreken van God. Dit is bij uitstek de manier waarop God verkiest met Zijn mensenkinderen te spreken, ook vandaag. We kunnen dat ook uitleggen als dat God spreekt in onze gedachten. Hij heeft ons geschapen als intelligente, denkende mensen. Hij spreekt tot ons in ons denken in de menselijke geest. Daarom is het belangrijk om afgestemd te zijn op God. En dat andere stemmen tot zwijgen komen. God koos ervoor om ons aan te spreken in de stille zachte stem van Jezus. Jezus was zachtmoedig en sprak niet met stemverheffing. Hij schreeuwde niet boven het straatrumoer uit. Hij spreekt onopvallend, in die stille zachte stem.
Toch hebben wij juist in de Heere Jezus en in Zijn dood en opstanding Gods diepste woord vernomen. We hebben in Jezus als het ware Gods achterste van Zijn tong gehoord. Hij is de goede Herder. De schapen horen Zijn stem en ze volgen Hem. Ze herkennen de herder. Dat is het leven wat onze Heere voor ons heeft bedoeld. De stem waarin God tot ons spreekt neemt de vorm aan van onze gedachten, en daarom is het ook zo onopvallend, want er kan zo veel in je naar boven komen. Er dringen zich woorden aan je op die je kunt volgen of negeren. Het zou jammer zijn als je die woorden zou negeren. Het hoeft trouwens niet altijd in woorden te zijn, maar het zou mooi zijn als we gingen aanvoelen wat God van ons wil. Zoals we het ook prettig vinden als een collega aanvoelt wat er moet gebeuren zonder dat we alles hoeven te zeggen.
Christenen stellen vaak de vraag wat Gods wil is voor ons leven, voor bepaalde situaties. Het kan een goede vraag zijn, maar het kan ook een teken zijn van afstand van Gods zaak en koninkrijk. Hoe dichter we met Hem leven hoe meer we Zijn stem aanvoelen. God spreekt tot ons doormiddel van onze gedachten. Onopvallend, maar daarom niet minder echt.
Ik wil nog ingaan op twee tegenwerpingen: 1. Is dat niet gevaarlijk? Want onze gedachten zijn slecht en vaak onbetrouwbaar. Maar daarom is het ook zo belangrijk dat onze gezindheid, ons denken, wordt vernieuwd door de Heilige Geest. Daarom is het zo belangrijk dat we nederig blijven en bidden: doorgrond mij o God en ken mijn hart. Beproef mij en ken mijn gedachten. Vanuit deze nederige houding is het mogelijk om de stem van God te horen. Maar die nederigheid is van belang, want Gods stem is goed maar de ontvanger is feilbaar.
2. Maar: spreekt God eigenlijk wel altijd tegen ons? Laat Hij het soms niet langere tijd stil zijn? Dat is wel een basisvraag. Daar zit de vraag onder: kan ik wel op deze God aan. Dat is een belangrijke vraag. Maar ik vergelijk het dan met een aardse vader. Wat zou het erg zijn als kinderen zich af moesten vragen of papa wel met hen wilde praten. Het is Gods verlangen om er als een Vader voor Zijn kinderen te zijn. Hij is degene die Elia opzoekt en het zwijgen doorbreekt. Als Hij niet geeft waarom wij vragen, en onze gebeden niet beantwoordt zoals wij hopen, betekent dat niet dat Hij helemaal niet communiceert of antwoord geeft. Paulus vertelt ook ergens dat het gebed niet werd verhoord, maar dat God antwoordde: mijn genade is u genoeg.
Hij is geen onverstoorbare afgod die niet reageert zoals bij de Baälpriesters. Onze God is een God die contact zoekt met Zijn kinderen. Hij wil niets liever dan dat we in relatie met Hem leven. Deze God zoekt Elia op met Zijn stille zachte stem. Het luisteren naar Zijn stem is leven op het scherpst van de snede. Het kan ook uit de hand lopen. Er zijn mensen die -bijna sektarisch- zeggen dat ze de stem van God gehoord hebben. Maar als we ons uit angst voor misstanden afsluiten voor de stem van God, dan is het eigenlijk nog erger.
Hoe herken je dan de stem van God. Daar zijn natuurlijk geen sluitende richtlijnen voor te geven. Maar wel een paar bakens.
1. Gods stem is gezaghebbend. Hij doet een appèl op ons hart. Hoe meer je je daarin oefent hoe meer je dat gaat herkennen.
2. God stem is altijd overeenkomstig het karakter van Zijn Zoon Jezus. Vol liefde en wijsheid. Radicaal.
3. De inhoud is altijd in overeenstemming met de Bijbel met de bedoelingen van Zijn koninkrijk. Alles wat daarmee in strijd is kan niet van God zijn.
4. Als die stem ons vooral rijkdom en gemak belooft kan het de stem van God niet zijn. Het kost moeite om God te volgen.
5. Soms kunnen we de stem van God pas achteraf herkennen door dat wat het met ons doet. Zijn stem brengt ons in beweging, Hij schakelt ons in in Zijn plannen. Meewerken in Zijn koninkrijk.
6. Een ander kenmerk is dat het ook troost geeft en bemoediging en vertrouwen. Elia, je dacht dat je de enige was, maar er zijn er nog 7000 die de knie niet hebben gebogen voor Baäl.
Een klein jongetje wiens moeder was overleden, vroeg of hij bij zijn papa in bed mocht. Papa, kijk je naar me? vroeg hij. Het jongetje rustte niet voor hij bij papa was en wist dat zijn vader naar hem keek, met zijn gezicht naar hem toegedraaid. Om nu zo te leven, dat het aangezicht van de Vader naar ons is toegekeerd… In dat besef mocht Elia getroost verder gaan. Of het nu in het duister van de nacht is of in het heldere licht van de dag, dan kun je toch getroost verder gaan.