Preek/Lezing

Overzicht | Zoeken | Reeksen || Vorige | Volgende
Type Datum Spreker Thema opm
preek 2015-02-15 17:00:00
ds. M.M. van Campen (Rotterdam-Zuid)
Vertrekken, maar nooit aankomen

Tekst: Schriftlezing: Geluid: Reeks:
Heb 3:14 Heb 3:7-4:2 Hebreeën

Edit| EditReeks
Samenvatting:
1 Verhard u niet!
2 Vertrouw op God!
3 Volhard in geloof!

1
Schiphol heeft een aankomst- en vertrekhal. Vertrekken, maar niet aankomen – op weg naar je werk, maar je komt terug, ziek en beroerd. Of MH17; op vakantie en je krijgt pech, of een ziek familielid. Marathon en je valt uit. Houd dit beeld vast. Zo doet Paulus, met een beeld uit het Oude Testament. Hij schrijft aan gelovigen uit de Joden. Tegengewerkt dreigen ze terug te vallen. Onze voorvaderen waren verlost uit Egypte en gingen op weg naar het beloofde land. Daar zouden ze rust krijgen. Maar wel door de wildernis. Velen hebben die rust niet bereikt. 600.000 gingen op reis. Jozua en Kaleb kwamen aan. Door hun ongeloofdie anderen niet. De dwaling, verzoeking, ongehoorzaamheid. Ongeloof.
Ze vertrouwden God niet, maar beproefden Hem. 10 jaar heeft dit volk Me getergd en nu is het afgelopen. Deze generatie gaat niet in Mijn rust in. Daarom, zie er op toe. Het is één grote waarschuwing.
Jullie zijn ook door het water gegaan (van de doop) en je moet ook door de woestijn. Een spannende route.

Er zijn drie soorten rust voor een kind van God, als je knielt voor Jezus en ziet op het kruis – rust in je geweten. Komt tot Mij en Ik zal je rust geven. Het is goed tussen God en mijn ziel. En dat kan niemand van je afnemen. Dat is je staat, zeiden ze vroeger.
Het tweede is een hele praktische rust, dat heeft te maken met je (toe)stand, elke dag door je wandel met God. Neem Mijn juk op u en u zult rust vinden voor uw zielen. Jezus: vrede geef ik u (dat is een) en Mijn vrede laat ik u – elke dag. En het derde is Rust in het hemelse Kanaän.

Je kunt verlost zijn uit Egypte en toch niet aankomen. Door het geloof uit Egypte en door het ongeloof kwamen ze nooit in Kanaän. Geen kalme reis maar wel een behouden aankomst – is dat waar? Hier is een waarschuwing – laat dat goed tot ons laten doordringen. Is er een afval van heiligen? Nee, is het kerkelijk correcte antwoord. Ik zeg het nu een beetje anders. Vers 12, kijk uit broeders(!) – die worden hier aangesproken; die kunnen afvallig worden van de levende God. Waarom zegt Paulus dat nu?
De Heere Jezus zegt in Joh 15. Wie tot Mij komt zal ik geenszins uitwerpen, troost. Maar wie in Mij niet blijft wordt buiten geworpen. Daar lezen we overheen.

Ver 17 – wij hebben deel aan Christus gekregen. Als je tenminste het begin van het geloofsvertrouwen wel tot het einde vasthoudt – poets dat niet direct weg. Als je het niet vast houdt, was het kennelijk geen waar geloof. Tijdgeloof is beginnen met geloof en je haakt af bij tegenstand. Er is een afval van naamchristenen, van schijnheiligen en tijdgelovigen. In Meriba trokken ze altijd verkeerde conclusies, schreven God ongerijmde dingen toe. Er is een limiet. Wanneer is de maat vol in Nederland? Nu zijn jullie erger dan Sodom en Gomorra? Als er eelt op je hart komt – je zit onder het woord, maar als je het niet gelovig aanneemt, wordt je hart weer een stukje harder. Steeds blinder en dover. Staar op je ogen en proppen in je oren, het zegt je niets meer – en dan zegt God nu is het genoeg, nu ga *Ik* je verharden. Na 6 plagen ging God Farao's hart verharden. Kennen wij zo'n God?
Wat een waarschuwing in het Nieuwe testament, van Paulus! Kijk uit voor ongeloof, het ongelovige hart, verharding en verzoeking.
Als jij als kind je hart aan de Heere Jezus gegeven hebt, en je leeft voor het vaderland weg. Dan bedrieg je je zelf. Als je in overspel leeft, ga je verloren. Je bent onheilig, zijn gedrag toont dat hij geen kind van God is. Als je doorwandelt op een zwarte weg, heb je geen wit hart.

God bewaart, maar hier spreekt Paulus van de andere kant. Als je onverzoenlijk bent, ook in de gemeente en je blijft maar bij je eigen punt, dan blijkt daaruit – dan kun je niet steunen op je bekering, al hang je nog zo'n verhaal op. Ongeloof.
Vers 12 Voor ongeloof moet je je schamen. Niet geloven in de waarschuwingen en omkomen in de zondvloed. Geloof je dat je verloren kunt gaan, is het zo erg met mij? Dat je niet gelooft dat je in zo'n groot gevaar bent? Om voor eeuwig verdoemd te worden.

2 vertrouw op God.
Als je het begin van de vast grond vasthoudt. Heden als u Zijn stem hoort, dat hoort u nu, niet alleen mijn stem. Heden. Wat een woord is dat. Heden, vandaag nog. Een belofte woord. De Heilige Geest verzekert ons, dat heden alles gereed is. Op dit moment, live, alles wat God de Vader belooft, is voor jou en wat de Heere Jezus heeft gedaan en wat Hij nog doet – dat is voor jou. Alles is gedaan. Heden. Maar wat een waarschuwing! Geloof je dat? Stel dat niet uit. Ik ben nog jong. Later krijg ik nog wel een kans - God zegt: Heden. Morgen is het woord van de duivel. Heere bekeer mij, maar nu nog niet, zei de jonge Augustinus.
Geloof – het is een bevel. Niet: jij mag kiezen. Buig je voor de Heere Jezus of later? Dadelijk, onmiddellijk. Om voor Hem te leven. Elke keer als je bid, als je een preek hoort – nu is het de beste tijd. Jezus gaat heden aan u voorbij. Als je niet luistert, ben je weer iets harder dan vorige week, nog iets ongevoeliger geworden. Je kan vannacht een hersenbloeding krijgen, volgende week van de steiger vallen. We hebben het meegemaakt, in één week tijd. Volgende week gestorven en begraven. De duivel zegt: te vroeg of te laat of morgen, maar nooit nu. De klok van Gods genade staat altijd op NU. Tandknarsen en tranen blijft anders over. Wat een ernstige waarschuwing geeft Paulus hier. Spurgeon had een abonnement op een blad uit de VS op de laatste bladzijde stond: als u dit blad niet wilt hebben, moet u het nu opzeggen. Als je het wilt houden, moet je nu het formulier invullen, nu, nu. Spurgeon: Als je je zonden vaarwel wil zeggen, moet je er nu mee breken. Heden, er is geen betere tijd. Is daar een hart vol verlangen? Hoor dan de wondere tijding; Jezus gaat heden aan u voorbij. Nog is de Heiland nabij.
Moody, open lucht prediker. Er was een man die aan zijn lippen hing. Hij ging terug en werd behouden, zijn vriend ging weg. De andere dag kreeg hij een ongeluk in een mijn – gisteren avond is het nog met mij in orde gekomen.
Wat geweldig zou het zijn, zoeker, twijfelaar, als je nu naar huis zou gaan – stel je voor dat je een ongeluk krijgt voor de volgende zondag – ik prijs God want het is tussen Hem en mij in orde gekomen. Heden.

3
H4: 1-4. Ze hielden vast aan het geloof in de Heere. Laten wij dan. 14X staat er, laten wij dan. Telkens die aansporende waarschuwing. Keer niet terug, laten we voortgaan, kinderen. Iemand van u – ik wil niet dat er één achterblijft. Niemand – niet: liever kwijt dan rijk. Nee we willen dat iedereen in die Rust in gaat. Ons – zegt Paulus, ik ben ook niet te goed om achter te blijven.
V2: het ging bij hen niet met geloof gepaard. Jullie hebben het evangelie gehoord. Jullie voorvaderen hadden ook gehoord van verlossing door het bloed van het Lam. Not mixed with faith zegt de KingJames. Het belangrijkste element ontbreekt. Je kunt een kerkbank verslijten.
Je moet een drankje innemen – met water. Daar moet je je aan houden. Je moet het evangelie innemen, met geloof. Hoe komt het dat er twee onder een boodschap zitten en er zo verschillend mee omgaan. Hoe komt dat? Vergeten na een half uur of geraakt en ontroerd. Twee mensen op één bed. De een aangenomen en de ander verlaten. Pas je Hem toe op jezelf.

Als je gered bent, dan... dat is het begin. Laat het geen tijdelijk geloof zijn. Een lange barre woestijnreis. Met Gods wonderlijke voorzieningen, dat ook, maarook dalen, rivieren, gigantische reuzen – God is groter dan die reuzen. Die twee zagen dat wel, die kwamen aan. Omdat ze volharden in het geloof. Houdt dit vast, je kunt nooit genoeg op de Heere vertrouwen.

Edit