Edit|
EditReeks Samenvatting:
Wie bent u? Hoe staat u bekend? Wij vinden het belangrijk hoe anderen over ons denken. Hoe kennen wij Jezus, de Zoon van God? Hoe kent God u? Allemaal belangrijke vragen die we onszelf kunnen en moeten stellen naar aanleiding van Jesaja 53.
Paulus schrijft aan de gemeente ven Filippi dat Jezus zich zonder reputatie heeft gemaakt. Zijn naam leed schade, imagoschade. Jezus is mens geworden en tot zonde gemaakt. Eeuwen voor Zijn komst heeft Jesaja over Jezus geprofeteerd. Jesaja schrijft het in de verleden tijd, alsof het allemaal al gebeurd is: zo vast is de vervulling van de profetie. Zowel door Jesaja als later door Paulus wordt Jezus geschilderd. Jezus, de Zoon van God die lijden en sterven zal. In het hele Oude Testament lezen we over Jezus die komen zal. Het is naar de Raad en het welbehagen van de Heere: God heeft het zo gewild van eeuwigheid af. Voordat er iets begonnen was heeft God al gedachten van vrede en verlossing gehad. Jesaja schildert de leidende Knecht uit: Hij wordt geslacht, ziek gemaakt, verwond en veroordeeld. Hierbij wordt tekens het woordje "Hij" gebruikt. Maar Jesaja noemt ook veelvuldig "wij": "wij dwaalden als schapen", "om onze overtreding", enz. Hoe staan wij bekend bij God? Als heel ons binnenste openbaar gemaakt zou worden, zouden wij wegvluchten. Wij gaan onze eigen gang zegt de profeet Jesaja. Maar nu geeft God Zijn Zoon. Hij komt naar deze wereld om ons te redden, maar wij keren ons van Hem af: we verachten Hem en voelen weerstand en ergeren ons zelfs. Het evangelie kan soms zover van ons afstaan.
In vers 10 lezen we "het behaagde de Heere om Hem te verbrijzelen". Deze woorden zijn eigenlijk niet te bevatten. Het is de Vader die Zijn eigen Zoon geeft. Voor een vriend zou je dit al nauwelijks doen, maar voor vijanden, tegenstanders en zondaars is het al helemaal ondoorgrondelijk. Het woordje "Hem" willen we hier omcirkelen. Kent u Hem, de Zoon van God? Is hij u bekend, is Hij u dierbaar, hebt u Hem lief, hoort u graag over Hem, trekt het u aan als u over Hem hoort? Of gaat u uw eigen gang en keert u zich van Hem af? We hebben hier te maken met de drie-enige God: de Vader die roept, de Zoon die gehoorzaamt en de Geest die toebereidt. De drie-enige God is zo heilig en zo goed en zo liefdevol. De Vader houdt van de Zoon en de Zoon houdt van de Vader en de Heilige Geest wordt door Beiden bemint. Die God geeft Zijn Zoon. Als wij naar onze kinderen kijken kunnen we ontroerd raken en vervuld worden met liefde voor onze kinderen. "De Zoon van God was als spelende voor het aangezicht van de Heere en was een vermaak voor de Vader": deze woorden zijn slechts een poging om de liefde tussen God en de Vader uit te drukken.
Maar de Zoon is tot zonde gemaakt, dus tot iets dat afzichtelijk, afstotend en vervloekt is. Heel ons zondige bestaan lag op Hem. Daarom spreekt Johannes de Doper uit: "zie het Lam Gods dat de zonden der wereld wegneemt". Al onze zonden zijn aan het vloekhout van het kruis gehangen. De Heere Jezus is zelfs neergedaald tot in de hel.
Jesaja noemt het verbrijzeld. Als je voet verbrijzeld is, kan zelfs een goede chirurg er weinig meer van maken. De heere Jezus is verbrijzeld in Zijn lichaam door zweepslagen, klappen in Zijn gezicht, de doornenkroon en de spijkers door Zijn handen en voeten. Maar nog erger was het geestelijke leiden van de Heere Jezus. Daarom bad hij in de Hof van Getsemané: "laat deze drinkbeker aan mij voorbijgaan". Aan het kruis werd de hemel gesloten, was het drie uur donker en riep Jezus uit "waarom hebt U mij verlaten". Het geestelijk lijden van de Heere Jezus heeft dus het hoogtepunt in de verlating door Zijn Vader. Toch had De Vader Hem lief. Jezus spreekt bij Zijn sterven: "in Uw handen beveel ik mijn Geest".
Weten wij wie we zijn? Als we dat weten hebben we deze Jezus nodig. Zonder deze Jezus moeten wij verbrijzeld worden. "Wij vergaan door Uw toorn en door uw grimmigheid worden wij verschrikt", zegt Mozes in psalm 90. "Indien u een welbehagen aan Hem hebt, hoort Hem", zegt God. Het kan zijn dat we in de greep zijn van twijfel. Deze woorden mogen dan een troost zijn, want door deze verbrijzeling is de zonde, de dood en de duivel overwonnen. Ga dan tot Hem. Jezus zegt "Ik was dood, maar ik leef nu" en "Ik heb de wereld overwonnen". In de woorden van Jesaja schuilt de Raad van vrede van de drie-enige God. Dit onwankelbare verbond zal God houden: "het welbehagen van de Heere zal gelukkig voortgaan". Als wij Hem zo gaan zien (de verachte en onwaardige) wordt Hij zeer begeerlijk en aantrekkelijk. Hij heeft een Naam ontvangen boven alle namen. Die naam prijzen wij met woord, daad, juichen en gezang. Hij heeft ons gered.