Edit|
EditReeks Samenvatting:
Christus heeft ons verlost. Zo staat het in de tekst. Niet als vraag, niet: Hij heeft Zijn volk verlost. Maar Christus heeft ons verlost. Al die mensen in de gemeente van Galatië? Versta het op de juiste wijze. *Christus* heeft ons verlost en niemand anders. Verkondiging, geen automatisme, geen kennisgeving. In Galatië vonden ze dat zó gewoon, dat men er de werken der wet bij had gevoerd.
Vinden wij het soms niet ook heel gewoon? Geen wonder meer. Zonder jubel is het een dood geloof in dode feiten. Of we halen er dingen bij. `Dat gaat zo maar niet`. O gij uitzinnige Galaten, een bijna uitzinnige uitroep, zo bezorgd als Paulus is voor het welzijn van deze gemeente. Paulus heeft toch de Heere Jezus geschilderd voor de Galaten. En nu zijn jullie afgedwaald. Christus heeft ons verlost en niemand anders. Hoe kan de kracht van de blijde boodschap zo langs ons heen kabbelen? Je raakt er aan gewend. En je valt in slaap, hebt Jezus ten diepste niet nodig.
Christus heeft ons verlost.
1. Waarom heeft Hij ons verlost?
`[vrij] gekocht` staat er in het Grieks. Zoals slaven werden vrijgekocht. We waren immers slaven in de macht van de dood. We zijn niet vrij, maar verslaafd. Iemand die verslaafd is zegt altijd: het valt wel mee. Maar Christus heeft ons verlost, omdat we daar zelf niet toe in staat zijn.
In de gemeente van de Galaten zei men: je moet geloven in Jezus, maar ook joods worden, de wet houden. De ceremoniële wetten, die juist door Jezus waren vervuld. Christus heeft ons verlost, en nu keren jullie weer terug naar het oude fundament van regels en angst, terug naar jezelf, zegt Paulus. Men was gaan denken: samen met Jezus kan ik toch nog veel doen aan mijn eigen behoud. Heeft u geleerd dat alles wat u doet en nalaat niet meetelt? Het is enkel genade.
Verlost omdat Hij het wilde. Omdat Hij de zaligmaker is van zondaren. Durft u uw eigen naam invullen? Zo breed is het.
2. Waarvan heeft Hij ons verlost?
Misschien wordt u beheerst door angst voor de dood. Nooit bang zijn is ook niet goed. Maar je kunt ook wakker liggen van de angst verloren te gaan. En met Jezus daalde de vrede van God, die alle verstand te boven gaat, in mijn hart. Een ander zat helemaal vast in een bepaalde zonde, en je probeert aan die strik te trekken en je stikt alleen maar meer. Help mij Heere, ik ben zo zwak. En de strik brak los en wij zin vrij geraakt. Zo zijn er meer voorbeelden te geven.
Paulus zegt: Hij heeft ons verlost van de wet. Als je dan weer wetten invoert is het alsof je zegt, had me maar op de slavenmarkt gelaten, dan me vrijgekocht, zo graag zijn ze onder de wet. Maar: hoef je de wet dan niet te houden? De tien geboden ook niet? Nee. Maar je gaat hem wel houden. Het is geen juk meer. Als je de wet nog moet houden dan is dat een teken van slavernij - je bent bang voor de straf òf aardig tevreden over jezelf. Christus heeft ons verlost van de wet. Niet dat de wet is vervallen, maar vervuld. Hij heeft de wet gehouden voor eenieder die in Hem geloofd.
Als je wat kunt doen voor die je vrijgekocht hebt dan doe je dat tot graag? Maar wij doen dat niet, wanneer wij zondigen.
Jezus Christus heeft ons bevrijd van de vloek van de wet. Psalm 109 is een onbekende psalm, een boet psalm - laat die vloek nu maar komen over die het op zich genomen hebben. Het volk zei amen op al de vervloekingen in Deut. 27 en daarmee laden ze het op zich zelf.
Hebben jullie wel eens gevloekt, jongelui? Onbedacht moment; God, verdoem mij maar. Dat is de vloek. Elke zonde is een vloek. Wij denken te makkelijk over de zonde. Zonder de Heere Jezus is de situatie bijzonder ernstig.
Van de vloek van de wet heeft Christus ons bevrijd. En al het volk zei `amen`. U ook? Het hoort erbij dat in gaat zien hoe de situatie werkelijk zit.
Misschien voelt u zich niet zo schuldig: vraag of de Heere je meer wil laten voelen van de verslavende realiteit van de zonde. Via de wet, het kruis. Het gaat niet om: voel ik het nu wel echt zwaar genoeg? Dan wordt het een soort werk. Het gevoel is o zo bedrieglijk. Ik heb er last van dat ik het zo gewoon vind. Het gaat niet om gevoel, maar om het instemmende geloof met het oordeel van God.
3. Waardoor heeft Christus ons bevrijd?
Doordat hij een vloek geworden is voor ons. Hij is Messias, Heere der Heeren, de Goede Herder, etc. Paulus zegt: een vloek. Omdat hij was gehangen aan het hout. Ben je vóór de doodstraf? Of voor strengere straffen: ken je eigen hart maar. Maar de doodstraf is een Bijbelse straf. Mensen kunnen zich het leven onwaardig hebben gemaakt. Opgehangen als teken: op aarde noch in de hemel is er plaats voor deze. Zo erg is de zonde. Christus hangt op Golgotha tussen hemel en aarde. De opgehangene is voor God een vloek. Verdoem Mij maar, Vader. Hij heeft de vloek op zich genomen. Laat het Hem dan maar overkomen, dat zing je met ingehouden adem.
Jezus voor mij; en al het volk zegge: amen.
4. Waartoe heeft Christus ons bevrijd?
Opdat de zegen van Abraham tot de heidenen komen zou in de Heere Jezus en wij het verkrijgen zouden door het geloof. Jullie willen toch kinderen van Abraham zijn? Dan moet je leven uit het geloof! Abraham geloofde God en het is hem tot rechtvaardigheid gerekend. In het Hebreeuws: Abraham `beaamde` God. Alle volken van de aarde zullen in u, Abraham, gezegend worden. Door het geloof van Abraham zijn jullie kinderen.
Als een vloedgolf komt de zegen van Israël over de heidenen, door het geloof.
Opdat wij de zegen ontvangen zouden. Christus, en Hij alleen heeft ons verlost van de vloek der wet, opdat wij de zegen ontvangen zouden. Een zegen werd gedaan door de priester met gespreide vingers, want de zegen komt van de Eeuwige en niet de priester.
En al het volk zei amen, u ook? Niet gevoel, maar geloof. Heere, door de zonde ben ik ten dode opgeschreven. Amen, Heer, op uw belofte. De Heere vraagt geen werk van ons. Maar dat wij onze hand leggen op het woord. En dat u Amen zegt: Christus heeft ook mij verlost.