Preek/Lezing

Overzicht | Zoeken | Reeksen || Vorige | Volgende
Type Datum Spreker Thema opm
preek 2015-11-08 10:00:00
ds. S.J. van der Vlies (Rotterdam)

Tekst: Schriftlezing: Geluid: Reeks:
Jac 3:13-18;Jac 4:1-12 Jac 3:13-18 Jac 4:1-12

Edit| EditReeks
Samenvatting:
De kinderen van de gemeente leren al vroeg bidden, beginnend bij het woordje "amen". We bidden thuis, in de kerk en op school. We bidden voor het eten, voor het slapen en aan het begin van de dag. Door te bidden zeg je dat je God zo belangrijk vindt dat je alles tegen God wilt zeggen. Bij alles wat je meemaakt vraag je aan God of Hij er bij is. De vraag is of je ook alles mag vragen in het gebed tot God. Uit ervaring weten we soms dat niet elk gebed wordt verhoord. Weet je ook waarom zo'n gebed niet verhoord wordt? Dat komt omdat je verkeerd bidt, je het alleen maar voor je zelf doet. Zo zegt de apostel Jacobus het. Dat komt bij ons niet zo pastoraal over. De apostel Jacobus is heel fel in de eerste tien verzen van hoofdstuk 4. Het boek Jacobus wordt wel gezien als de uitwerking van Gods geboden. Hoe kan Jacobus ons leren om de weg met God te gaan in het gebed?

Jacobus kende waarschijnlijk de leden van de christelijke gemeente waaraan hij deze brief schrijft. Deze gemeente was nog maar pas gevormd, als gevolg van vervolging en verstrooiing. Het is nog niet zo eenvoudig om van begin af aan een christelijke gemeente op te bouwen. Wij kunnen ons dat niet goed voorstellen, omdat we in een bestaande kerk, met belijdenis, ethiek en dergelijke, terecht zijn gekomen.

In het eerste vers lezen we over hartstochten. Het kan gaan over sexualiteit of over de strijd tussen vlees en geest. Hartstocht heeft geen positieve klank, want het gaat om lust voor jezelf. Er staat niet precies wat deze christenen willen hebben. Wat ze ook proberen, ze krijgen het niet. We hebben allemaal van zulke verlangens naar iets of iemand waarvan we denken dat we het nodig hebben of er gelukkiger door worden. Jacobus geeft als reden voor het niet ontvangen dat je er niet voor bidt, of omdat je verkeerd bidt (vooral voor jezelf en je eigen genot). Eigenlijk wil je met zulk een bidden alleen maar je eigen hartstochten bevredigen. Het zal je maar gezegd worden als je bidt voor dingen die voor jou van belang zijn en die je graag wilt hebben. Toch zijn dit niet alleen de woorden van Jacobus, maar ook de woorden van God. Het zou goed zijn om de komende week ons gebed te onderzoeken. Wat staat er allemaal op ons lijstje en wat zouden we er mee gaan doen als deze gebeden verhoord worden? Wees daar eens eerlijk over. Luister naar wat je allemaal zegt tegen God. Durf de vraag te stellen: "wat wil ik eigenlijk en waar vraag ik eigenlijk om?"

Ons gebed heeft alles te maken met onze verhouding met God en de wereld. Er zijn mensen die dubbelhartig zijn: die proberen God en de wereld te dienen. Het is goed om te bedenken dat deze christenen waarop Jacobus zich richt heel bewust voor het geloof in God hebben gekozen. Tegen deze mensen zegt Jacobus dat ze een dubbel hart hebben. Als je dingen vraagt om ze voor jezelf te gebruiken ben je een vriend van de wereld en kan je geen vriend van God zijn. Dan pleeg je overspel met God door Hem toch niet te dienen. God eist al onze aandacht op: je kunt niet God dienen en de wereld.

Waar mag je dan wel voor bidden? Hoe kunnen we bidden en toch een vriend van God zijn? Jacobus geeft in vers 6 t/m 11 een heel aantal handreikingen, zoals:
Vers 6: aan de nederigen geeft Hij genade (citaat uit het boek Spreuken)
Vers 7: onderwerp u aan God
Vers 10: Verneder u voor de Heere

Daar gaat het dus om: onderwerpen en vernederen voor God. Dit past helemaal niet bij onze tijd en cultuur, waarin we vooral voor ons zelf op moeten komen. Toch zegt Jacobus dat je op die (wereldse) manier niet gelukkig kan worden. Gelukkig wordt je als je je hartstochten en jezelf onderwerpt aan God. Gelukkig wordt je als je gelooft dat de Heere God deze wereld regeert. Gelukkig wordt je als je erop vertrouwen kunt dat God weet wat goed voor je is. Ben je het er dan mee eens als God je gebed niet verhoort? Ben je in staat en bereid om te buigen voor God, ook als je het niet begrijpt? Dat is niet eenvoudig, maar Jacobus roept wel op om hiermee te beginnen. Dan krijg je genade van God, vlucht de duivel weg en zal God je verhogen. Veel mensen zullen dit herkennen en beamen dat het achteraf goed is geweest dat bepaalde gebeden niet verhoord zijn. Door je te onderwerpen aan God kun je dingen loslaten.

Samenvattend gaat het om drie dingen:
1. Ons gebed onderzoeken
2. Als je alleen maar bidt voor je eigen dingen ben je een vriend van de wereld en niet van God
3. Wij moeten ons onderwerpen aan en buigen voor God

Jezus zegt "wie zijn leven verliest omwille van Mij, zal het vinden"

Edit