Preek/Lezing

Overzicht | Zoeken | Reeksen || Vorige | Volgende
Type Datum Spreker Thema opm
preek 2004-08-15 17:00:00
ds. S.J. van der Vlies (Rotterdam)

Tekst: Schriftlezing: Geluid: Reeks:
Jon 1 Jon 1:1-17 2004-08-15.1713.mp3 (Preek, 16kPro, 3.9Mb)

Edit| EditReeks
Samenvatting:
De preek van de profeet Jona is alles behalve prettig. Wij willen toch vaak vertroost en versterkt worden in de kerk. Profeten stonden in de oudheid meestal tegenover koningen en het volk en zeiden wat ze niet goed deden. Je moet terug, naar het houden van de geboden. Ook Jezus' toespraken eindigen vaak niet zo vertroostend, ook al is het evangelie.

Het verhaal van Jona had in Koningen kunnen staan. Jona staat tegenover heidenen. De kerk tegenover de wereld, in onze eigen tijd vertaald. Missionair in de grote stad. Wij kunnen soms doen alsof er in Joh 3 staat "Alzo lief had God de kerk". Wees een zegen voor de volken rondom zegt de Heere tegen Abraham. Heb je naaste lief. Het gaat God niet om de kerk maar om deze wereld.

Wie is Jona?
`Jona` betekent duif, en de naam van zijn vader Amitthai betekent `God is trouw`. Hij is Hebreeër, een term die buitenlanders gebruikten voor hen. En Hij dient de God die de zee en het droge gemaakt heeft, dus ook heer en meester is van deze storm.
Gelooft u in de God die de zee en het droge gemaakt heeft, gelooft u in Jezus? Als u de vraag krijgt wie je bent en waar je vandaan komt? Zeg je dan ook in wie je gelooft?
Je moet er maar "op komen" om de zee en het droge te maken toen het er nog niet was. Als je zo'n machtige God dient glijdt dat niet zomaar van je schouders. God zegt dan ook: Ga naar Ninevé en predik tegen haar. Ninevé is de hoofdstad van de vijand. Nog steeds wonen er in die omgeving 2,5 miljoen Assyriërs. Het eerste volk dat na het afsluiten van de canon van de Bijbel tot het christendom overging. Er is veel slechtheid in de stad. Alsof je de krant van gisteren leest - over Rotterdam. Hun boosheid is opgeklommen voor het aangezicht van de Heere. De Heere gaat een einde maken aan de zonde in de stad (niet aan de stad zelf). En jij Jona, Jood, ga ik gebruiken om het heil aan de heidenen te brengen. Dat de vijand tot geloof komt! Wij maken van onze zaak graag Gods zaak. Jona wil niet de vernietiging van alleen de zonde.
We hebben het hier ook om een christenmens, die de Heere gebruikt om het heil aan de wereld te vertellen. Wat doet u voor de stad? Wat betekent u voor de wereld? Welke rol speelt de Maranathakerk hier in deze wijk?
U bent het zout der aarde, zegt Jezus. Het licht der wereld. Hoeveel mensen in onze stad zijn op zoek naar het licht, maar kunnen die stad op de berg niet vinden? De heidenen zijn afhankelijk van uw getuigenis! Misschien komen er maar vijf christenen met die klasgenoot in contact in zijn leven en jij bent er één van.

Maak u op en ga naar Ninevé en predik tegen haar. Veel christenen hebben daar niet zoveel zin in. Stel je voor dat je het heil moet brengen aan moslims of asociale types. Een en al begrip voor Jona. Weg uit de stad, de andere kant op. Ninevé ligt in het oosten en hij gaat naar Tarsis, weg van de Heere. Deze christen wil niet naar de grote stad. Hij gelooft in God, en weet dat Hij `berouw` heeft over het kwaad. Die heidenen zouden wel eens tot geloof kunnen komen. Daarom geen evangelie in zo'n grote stad vol ongelovigen. Hebben wij ook niet vaak moeite met heidenen die tot geloof komen?

Jona neemt de zeelui mee in zijn zonde. Christenen die niet doen wat God van ze vraagt, brengen heidenen in gevaar. Ze bidden allemaal tot hun god. Tot wie moet je bidden als je de God niet kent die hemel en aarde gemakt heeft? En dat omdat Jona slaapt… hoe vaak komt de wereld op de agenda van de kerk? De kapitein maakt Jona wakker en de heiden zegt tot de christen, je moet bidden tot je God! Dat heeft hij wellicht niet gedaan, erg moeilijk als je op de vlucht voor Hem bent. De lucht was heel rustig, dat het zo omslaat leggen de schippers uit als een bovennatuurlijk ingrijpen. Het lot valt op Jona ("Het lot wordt in den schoot geworpen; maar het gehele beleid daarvan is van den HEERE.", staat er in Spreuken 16:33).
Jona zegt dat hij gelooft in de God die de zee heeft gemaakt: m.a.w. wees niet bang, tegelijkertijd: hoe kun je vluchten? Wat moeten we met je doen? Werp me in de zee, zegt Jona eerlijk: die storm overkomt u om mij. Hij bekent schuld. Waarom springt hij echter zelf niet overboord? Die mannen willen hem eerst niet overboord zetten. En ze bidden tot de God van Jona!

Jona gaat overboord. De zee wordt stil. Ze staat stil van haar verbolgenheid. De zeelui zijn diep onder de indruk, na één keer over Hem gehoord te hebben.Als wij zwijgen, wat weten de heidenen dan van God? Ninevé zondigt door, ook dan wordt het stil. Ze weten niet dat God hun zonden kent. Rotterdam is 5x zo groot.

Het is geen vertroostend woord, maar denkt u na over de boodschap van Jona 1. Wat heeft het u persoonlijk en ons als gemeente te zeggen? Wat doen wij hier in de grote stad met de opdracht van God? Jij bent het licht van deze wereld. En predik tegen haar, de prediking die Ik tot u spreek.

Edit