Preek/Lezing

Overzicht | Zoeken | Reeksen || Vorige | Volgende
Type Datum Spreker Thema opm
preek 2016-09-04 17:00:00
ds. M.M. van Campen (Rotterdam-Zuid)
Velen Dankzegging H.A.

Tekst: Schriftlezing: Geluid: Reeks:
Mat 8:11-12 Luc 13:22-30 Mat 8:11-12

Edit| EditReeks
Samenvatting:
1 Wie zullen er binnen gaan? (Vers 11)
2 Waar komen ze vandaan? (Vers 11)
3 Wat treffen ze aan? (Vers 11)
4 Waarom zullen er buiten staan? (Vers 12)

Er was eens iemand die aan de Heere Jezus vroeg of het er weinigen zijn die het koninkrijk van God binnen zullen gaan. De Heere Jezus geeft een persoonlijk antwoord door te zeggen "strijdt om in te gaan" (Lucas 13).

In de tekst staat een bemoedigend woord, want er zullen velen ingaan (Mattheus 8:11). Bij het Heilig avondmaal zegt de Heere Jezus, bij het rond delen van de beker, dat Zijn bloed voor velen vergoten wordt. Daarnaast zegt Jezus "in het huis van Mijn vader zijn vele woningen". "Velen" betekent echter niet dat iedereen in het koninkrijk van God komt.

De tekst heeft twee kanten. Een mooie kant, omdat er velen ingaan. Er is ook een donkere en angstaanjagende kant, want er zullen er ook verloren gaan.

1. Wie zullen er binnen gaan? (Vers 11)

Om het koninkrijk van God binnen te kunnen gaan moet je iets kennen van berouw over je zonden, geloof en levensheiliging. Toch zijn er een heleboel die dit hebben. Maar, zullen sommigen denken, de Heere Jezus zegt toch ook dat er een smalle weg is en een enge poort waar weinigen door naar binnen gaan? Daarnaast zien we in deze wereld toch zoveel goddeloosheid en ongeloof? In het verleden was Noach toch maar de enige die rechtvaardig was? Bij Jezus waren er toch maar twaalf discipelen? Zijn het er dan toch maar weinig die zullen ingaan in het koninkrijk van God?

Als we echter verder terug kijken, komen we uit bij Abel als de eerste die ingaat. Als we alle mensen uit de geschiedenis bij elkaar op zouden kunnen tellen hebben we miljarden gelovigen die het koninkrijk binnen zullen gaan. Voor de mensen is het een grote schare die niemand tellen kan. Elia dacht dat hij de enige was, maar er waren er nog 7.000 die de knieën niet voor de baäl gebogen hadden. Het zijn er dus veel meer dan wij denken. Daarnaast moeten wij de kleine kinderen niet vergeten: dat zal ook een grote schare zijn. De Heere Jezus is ook voor de kleine baby's aan het kruis gestorven.

Voor de toekomst ligt er nog de belofte dat heel Israël zalig zal worden. Daarnaast zullen de volkeren U loven, alle volken samen zelfs (psalm 72). Er wacht dus nog een heerlijke toekomst voor Israël en de volken. Uit elk volk, taal, land en ras zullen er komen tot de Heere. In het westen neemt het aantal atheïsten toe, maar wereldwijd zijn het er maar weinig. De Romeinse hoofdman uit Mattheus 8 had een groot geloof.

Zullen er nu meer in de hemel zijn, dan in de hel? God zegt alleen over de hemel dat het een grote schare is die niemand tellen kan, over de hel niet. De oogst van God zal toch echt wel groter zijn dan de oogst van de duivel. Het is een profetie en een belofte: "er zullen er velen komen". Misschien denk je wel dat je niet kunt of wilt komen. God zegt echter "zij zullen komen". God buigt onze wil om, zodat wij gered willen worden. Als de Heere Jezus je één keer met Zijn ogen aankijkt moet een zondaar wel buigen.

2. Waar komen ze vandaan? (Vers 11)

Ze komen overal vandaan: oosten en westen, noorden en zuiden. De wijzen kwamen uit het oosten, de Romeinse hoofdman uit het westen. De farizeën dachten dat ze alleen maar uit het volk van Israël kwamen. De heidenvolken komen in de loop van de geschiedenis echter steeds meer in beeld, van veraf en van dichtbij. De gang van het evangelie begon in het oosten (Syrië), daarna het westen (Filippi), het noorden (Europa en Amerika) en later ook het zuiden (zuid Amerika, Afrika en Zuid-Azië). Hierbij horen dus ook alle kerkelijke windrichtingen. Denk hierbij ook aan de Rooms Katholieke kerk, ondanks alle verschillen en/of dwalingen. Alle soorten mensen horen erbij: wetenschappers en studenten, bazen en werknemers, moslims die in Jezus gaan geloven, mesiasbelijdende joden, misdadigers die zich bekeren, enzovoorts. Ze komen uit de heggen en de stegen. Saulus begint als een toegewijde farizeër, maar wordt een apostel van Jezus. Luther begint als een toegewijde monnik, maar wordt een grote reformator van de kerk. John Newton begint als slavenhandelaar, maar wordt een prediker die het lied "amazing graze" schrijft. We hoeven dus voor niemand te wanhopen. Er zullen erbij zijn die we niet verwachten en er niet bijzijn die we wel verwacht hadden.

3. Wat treffen ze aan? (Vers 11)

In Gods koninkrijk treffen we een tafel aan. Er is een groot feest met een maaltijd. Er mag aangezeten worden met Abram, Izaäk en Jacob. Dan zal de Heere Jezus hen een plek wijzen en bedienen. Wij vinden dan rust bij Hem. In de hemel zal geen oorlog, ruzie, pijn en ziekte meer zijn. Als een kind van God sterft zal hij eerst staan voor de rechterstoel en daarna aanzitten met alle gelovigen. Daar zullen Jesaje, David, Petrus, Thomas, enz. gezien worden. Alle gelovige zullen elkaar herkennen. Dan mogen we allen verheerlijkt om Jezus heen staan. Dan zullen alle zonden weggedaan zijn. Dan zullen we samen gaan zingen tot lof en eer van God.

4 Waarom zullen er buiten staan? (Vers 12)

Er zullen ook mensen buiten staan. Dit is huiveringwekkend, maar kan niet afgezwakt worden. Wie zijn de kinderen van het koninkrijk waar Jezus dit tegen zegt? Het gaat over degenen waar het koninkrijk voor bedoeld was. Het gaat over de joden en de heidenen die de weg wel kenden, maar geen hart hadden voor de Heere Jezus. Als je de koning verwerpt, wordt je zelf verworpen door deze koning, de Heere Jezus. Ondanks je christelijke opvoeding ben je toch niet in Jezus gaan geloven. In dit naar buiten werpen ziet verontwaardiging. De Romeinse hoofdman ging het koninkrijk binnen, maar de farizeën bleven buiten. Het zien van de mensen in de gelukzaligheid (zoals de rijke man Lazarus zag) zal de pijn in je ogen vergroten. Je had er kunnen zitten, maar nu er zitten er die 'slechter waren' en minder wisten dan jij. In de hemel wordt nooit meer gehuild. In de hel wordt altijd gehuild. Het tandengeknars wijst op wroeging.

Strijdt u om in te gaan? De Romeinse hoofdman had geloof en kwam bij Jezus terecht. "Velen" is een opbeurend woord en laat de Romeinse hoofdman een bemoediging voor u zijn. Zal de deur voor je neus of achter je rug dicht gaan? Christus is de duur waardoor we binnen kunnen gaan. Wie in Hem gelooft zal binnengaan, wie niet in Hem gelooft zal buiten blijven.

Edit