Preek/Lezing

Overzicht | Zoeken | Reeksen || Vorige | Volgende
Type Datum Spreker Thema opm
preek 2016-07-31 17:00:00 Ds. G. van Meijeren (Dirksland) De volharding in de gebeden

Tekst: Schriftlezing: Geluid: Reeks:
Han 2:42 Psa 2 Han 2:42 Han 4:23-31

Edit| EditReeks
Samenvatting:
Bidden is als ademen, als je niet ademt gaat het niet goed met je, dan sterf je. Bidden is niet alleen uitademen, uiten. Het is ook de woorden van God inademen. Heidenen bidden alleen in nood. In Israël is bidden antwoorden op wat God spreekt. Bidden bepaalt het dagritme, de rest van het leven komt erbij. Het achttien-gebed dat gebeden werd, is verwant aan het Onze Vader; dat ongetwijfeld ook gebeden is, net als de Psalmen. Het zijn woorden door God gegeven.

Volharding betekent dus dat je bij de woorden van God blijft. Bidden in eigen woorden mag zich paren aan de woorden van God, we breken met ons heidense bidden.

Petrus eindigt zijn preek in Handelingen 2 met Psalm 110: ‘Zit aan Mijn rechterhand, totdat Ik Uw vijanden gemaakt zal hebben tot een voetbank voor Uw voeten’. Drieduizend mensen horen die woorden en ze schrikken; wat moeten ze doen? Petrus zegt: keer je om in berouw tot God. Dan zal je vergeving van zonden krijgen en de gave van de Heilige Geest. De mensen ademen de woorden van God in en het gevolg is dat ze berouw tonen en vragen wat ze moeten doen (uitademen). Als Gods stem raakt, roept het Zijn echo op.
In Handelingen 4 gaat Petrus verder met zijn pinksterpreek. De joodse leiders staan handenwringend te luisteren. Ze bevelen de apostelen om te zwijgen. Prediking roept ook protest op. De woorden worden wel ingeademd, maar het ketst af. Tirannie is het begin van een moord; iemand moet voor altijd zijn mond houden over genade.
Petrus en Johannes worden niet gedood, maar losgelaten. Ze gaan naar hun eigen mensen en vertellen wat er gebeurd is. Dan gaan ze bidden en verheffen eensgezind hun stem. Ze gebruiken Psalm 2: ‘Waarom woeden de heidenvolken en bedenken de volken wat inhoudsloos is?’ En hun eigen woorden in drie vragen: Nu dan, Heere, sla acht op hun bedreigingen en geef Uw dienstknechten met alle vrijmoedigheid Uw Woord te spreken, doordat U Uw hand uitstrekt tot genezing en er tekenen en wonderen gebeuren door de Naam van Uw heilig Kind Jezus.

God geeft antwoord: ze krijgen nieuwe vrijmoedigheid om het Woord van God te spreken. Het gaat om de glorie van God, dat is bidden. Het moet gaan zoals God het wil, de kern van de Bijbel: de overwinning van de Waarheid komt tot stand in de weg van lijden. Bidden is inademen van de woorden van God: Jezus heeft de macht, Hij spreekt, Zijn genade triomfeert. Heere, heilig Uw Naam, ook in mijn leven. Bidden is al je kaarten zetten op Zijn Naam.
De plaats van samenkomst werd bewogen; ‘God is tegenwoordig, God is in ons midden’. Een aardbeving, een golf van bewogenheid? De mensen krijgen ademruimte, Gods Geest komt bij hen. Ze kunnen weer met verder met het spreken van de boodschap van genade, het breken van het brood, het volharden in het gebed. God leeft in hen, ze leven door Hem en geven Zijn boodschap door.

Onze Vader, die in de hemelen zijt;
Uw naam worde geheiligd.
Uw koninkrijk kome.
Uw wil geschiede, gelijk in den hemel, alzo ook op de aarde.
Geef ons heden ons dagelijks brood.
En vergeef ons onze schulden, gelijk ook wij vergeven onzen schuldenaren.
En leid ons niet in verzoeking, maar verlos ons van de boze.
Want van U is het koninkrijk, en de kracht, en de heerlijkheid in der eeuwigheid

Edit