Edit|
EditReeks Samenvatting:
Een gemeenteavond die in het teken staat van onze verbondenheid met Israel. Ds. Ben Zvi uit Jeruzalem zal die avond spreken over ‘De centrale betekenis van het Pascha in het christelijk geloof’. Sinds 1994 is Ben Zvi predikant van de onafhankelijke Messias-belijdende Gemeente "Bat Tsion" (Dochter van Sion) in Ma'aleh Adumim, een nieuwe voorstad aan de oostzijde van Jeruzalem. Sinds juni 2003 komt deze gemeente samen op Jaffastraat 17 in Jeruzalem. Ds. Ben Zvi is getrouwd met een Nederlandse vrouw, en is dus in staat om zich redelijk in het Nederlands uit te drukken. Ds. Ben Zvi wordt vanuit Nederland ondersteund door een stichting, waarvan ds. A. Jonker voorzitter is.
=================
Ds. Ben Zvi laat een bordje zien met Shalom erop in het Hebreeuws. We kunnen alvast wennen om van rechts naar links te lezen. Elk hebreeuws wordt heeft een wortel, een stam van drie medeklinkers. Het van hetzelfde woord sjaloom (vrede) komt ook sjileem (betalen) - Jezus Christus heeft betaald voor ons, daarom zijn wij heel (sjaleem) en in Jezus Christus hebben wij sjaloom, vrede, met elkaar en met onze Heere God.
In ons hoofd, hart, en lippen. Sjaloom in het Hebreeuws heeft veel betekenis.
We horen veel "sjaloom" en het is er niet. Het is alleen op de lippen en niet in het hart
Het onderwerp van vanavond is Pesach en de centrale betekenis in het christelijke geloof. Niet Sinterklaas, dat viert iedereen in Nederland - wat staat daarover in de Bijbel?
(Hebr.) Heer open mijn lippen, zodat mijn mond uw glorie verkondige in Jezus naam, amen.
Wanneer we de Heidelbergse catechismus openen, sommige gaan misschien op catechese en weten het heel goed: het centrale deel is steeds Jezus, en die gekruisigd en die opgewekt. Het lijden en verzoend werk van de Heere Jezus is het onze alsof wij ervoor betaald hadden. Als we dit eruit halen, blijft er niets van over. Dan is er geen Christelijk geloof. Geen reden om naar de kerk te komen, als uw dominee geen gekruisigde en opgestane Jezus verkondigd. Dan zijn we niet meer dan een club.
Maar we zijn hier omdat wij de gekruisigde Jezus ervaren in ons leven, met Hem gekruisigd en opgewekt. Ons geloof is een opstandingsgeloof. Het heeft te maken met ons verleden, heden en toekomst. Niet voor niets heeft de Heere Jezus voor Hij de wereld verliet het Pascha gevierd. Hij spreekt steeds verkondigd dat Hij zou worden gekruisigd en zou opstaan.De mensen in de tijd van Jezus wachtten op hun redder, zij verwachten de Messias hier en nu en het juk van de Romeinen te verbreken. Pesach is een feest van de Verlossing. In Exodus 6 en verder staat voor het eerst dat er een Verlosser zal komen. In het Oude Testament staat voor het eerst Go-el. Haal Pesach uit de Bijbel en er is geen Bijbel over; geen Verlosser. Pesach is ook een centraal feest in Israël vandaag. Een van de drie Regalim, pelgrimsfeesten, waarbij het volk wordt opgeroepen naar Jeruzalem te gaan. 200.000 mensen waren er dan vroeger in Jeruzalem. Niemand klaagde erover. Het feest was voor het volk, maar ook voor de familie.
In Exodus 12 : 43-51 staat 43 "Voorts zeide de HEERE tot Mozes en Aaron: Dit is de inzetting van het pascha: geen zoon eens vreemdelings zal daarvan eten. 44 Doch alle knecht van iedereen, die voor geld gekocht is, nadat gij hem zult besneden hebben , dan zal hij daarvan eten. 45 Geen uitlander noch huurling zal er van eten. 46 In een huis zal het gegeten worden; gij zult van het vlees niet buiten uit het huis dragen, en gij zult geen been daaraan breken. 47 De ganse vergadering van Israel zal het doen. 48 Als nu een vreemdeling bij u verkeert , en den HEERE het pascha houden zal, dat alles, wat mannelijk is, bij hem besneden worde , en dan kome hij daartoe, om dat te houden, en hij zal wezen als een ingeborene des lands; maar geen onbesnedene zal daarvan eten. 49 Enerlei wet zij voor den ingeborene , en den vreemdeling, die als vreemdeling in het midden van u verkeert. 50 En alle kinderen Israels deden het; gelijk als de HEERE Mozes en Aaron geboden had, alzo deden zij. 51 En het geschiedde even tenzelfden dage , dat de HEERE de kinderen Israels uit Egypteland leidde, naar hun heiren."
Pesach staat centraal in Israël door het machtige werk van God. Hij trad op machtige manier op in tijd en plaats. Hij raakt de natuur en de mensen aan. De tien plagen over Egypte zijn tegen de goden van Egypte; 400 goden waren er. De tien plagen waren tegen de 10 hoofd goden van Egypte. De Heere laat het volk zien wat het verschil tussen de God van Abraham Izaäk en Jakob en die van Egypte. We denken wel eens dat de 10 plagen vooral voor het Egyptische volk waren; maar nog meer voor het volk Israël. Ze woonden er al 400 jaren, ze pasten zich behoorlijk aan. Ook m.b.t. de goden van Egypte. God moest op een machtige manier laten wat het verschil was! Een moeilijke operatie. En toch waren ze maar net uit Egypte, of ze vallen weer terug in de dienst van het gouden kalf. Zo moeilijk was het om hen afscheid te laten nemen van de afgoden.
Het is ook voor ons vandaag de dag moelijk afscheid te nemen van dingen die we doen. God werkt stap voor stap om het verschil te laten zien tussen de goden en Hem.
Mozes groeide op in het huis van de Farao, misschien aanbad hij ook de afgoden, niet beter wetende. Hij moest het volk gaan leiden, maar hij is daar niet klaar voor tot hij 80 jaar is. Sommigen vinden ons te oude als je 80 bent, goed om eraan te denken, dat Mozes pas op z'n tachtigste de roeping van God begon te gehoorzamen. God kan u nog gebruiken voor nog 40 jaar.
Wanneer Mozes geroepen wordt als hij 80 is, moet er in zijn hart veel veranderen. Ik ben geen man van woorden, zegt hij. Hij moet leren om God in zijn eigen leven te ondervinden op een geweldige manier. Stap voor stap. Totdat hij klaar is om het volk de wildernis in te leiden om God te dienen. En om ze tot de Jordaan te brengen. Zodat ze naderhand het land Israël in zouden gaan. God zegt dat dit feest moet worden gevierd door het volk Israël. Niet alleen: vergeet deze zaak niet. Hij wijst zelfs één punt in het jaar aan. En de hele familie moet bijeen, en zelfs de heidenen die onder je zijn, en die mee willen vieren moet je daarin opnemen. En ook je kinderen moet je vertellen over het verlossend werk van God.
Als wij Pesach vieren zitten we aan een prachtige tafel, de moeder heeft er de handen vol aan. Ontzettend blij om aan te gaan; het huis is schoon, geen gist. Kinderen zoeken met een kaars het hele huis af om gedesemd brood te vinden. We zitten met de mooiste kleren aan. De Bijbel zegt dat we Pesach moeten vieren als ONZE verlossing, omdat wij nu door God worden verlost, niet door die verlossing in het verleden. Daarom zijn we gekleed om op weg te gaan, klaar om op weg te gaan. De deur blijft open, als symbool. Ook voor het wachten op de Messias die komt.
Aan tafel is een gevoel van heiligheid. Een wit kleed op tafel, het symbool van dood en opstanding. alle symbolen op tafel wijzen naar het paaslam wat geofferd wordt. Kinderen hebben een groot aandeel in het vieren van de liturgie van Pesach, we eren en verheerlijken God met veel gezang. We vertellen over alle wonderen die God deed.
Waarom is deze avond anders dan alle andere avonden, vraagt het jongste kind. De vader vertelt, de kinderen de oren open, van de verlossing van God. We moeten nooit de verlossing van Pesach onderschatten. Ten tijde van Pesach zitten er vier soorten kinderen rondom te tafel: de kinderen maken dan soms ruzie over wie is wie. Een heet Chacham, de wijze. Hij vraagt de vraag, waarom is deze avond…, het tweede weet niet hoe de vraag te stellen, de vader moet hem stimuleren om toch de vraag te stellen. De derde heet Tam, onschuldig, de vierde (vraag) wordt gesteld door Rasja, schuldig. Alle vragen zijn bijna hetzelfde. Op één detail na. Rasja vraagt wat heeft de Pesach-avond met u. Hij sluit zichzelf daarmee uit. En daarmee van de Verlossing van onze Heere. Hij sluit zich af van zijn volk en het verbond van de Heere. Ik hoop dat wij allen vanavond Chochem zijn, en niet de vraag stellen, waarop de schuldige de vraag stelt. We moeten de vraag stellen, wat heeft Pasach met *mij* te maken.Onze Heere Jezus Christus is gekomen om in te sluiten, niet om uit te sluiten. Het is onze taak om als kinderen van God het evanglei te verkonidigen, om in te sluiten. De Heere Jezus vierde het Pesach omdat Hij wist hoe moeilijk het was te begrijpen voor zijn discipelen wat Hij ging doen, ook aan het kruis. Uw dominee heeft de graftuin gezien en gezien dat het graf leeg was. Maar zelfs na de kruisiging, zelfs na Pesach, dat Hij vierde met Zijn discipelen. Begrijpt *u* wat Jezus op het kruis deed? Dat is een reële vraag. Dat is de centrale plek van onze geloofsbelijdenis en Pesach het centrale van de Bijbel. Maar zelfs na het Pesach en Zijn dood begrepen ze het nog steeds niet.
We hebben de Bijbel niet zo maar als mooi boek. Er waren twee discipelen op weg van Jeruzalem naar Emmaüs. Ze waren bedroefd. Waarom ? Ze waren verward. We verwachten zo lang de komst van de Messias, en er is niets gebeurd. Ze konden er niets van maken. Terwijl Jezus precies verteld had wat Hij ging doen. Hij was zo dicht bij hen… en ze begrijpen het niet. Jezus ontmoet hen. Waarom zo verdrietig? Bent u dan de enige in Israël die niet weet wat er aan de hand is? Verbazingwekkend: Zij wisten wat er gebeurd was, maar Jezus niet...! Maar wat een machtige Verlosser hebben we! Hij spreekt niet over onze hoofden heen, opdat Hij slechts een onderwerp van theologische gedachten zou zijn, niet voor verstandelijke oefeningen. Hij wist wat er heel diep in het hart van zijn discipelen was. Hij wist hoe moeilijk het voor hen was te begrijpen. Niet bij toeval heeft Hij Pesach gevierd. Toeval bestaat niet. Hij maakte het heel duidelijk: Hij neemt de matze en sprak de zegen uit (Baruch Atta…), breekt het en zegt dit is Mijn lichaam voor u gebroken. U kunt het zien, horen breken en proeven. En de matze representeert het Pascha lam, en dus Mijn lichaam. En Hij richt de beker van lofprijzen en verlossing op. En spreekt de zegen uit. Dit is de beker van het nieuwe verbond, Mijn bloed vergoten voor u. Een zeer persoonlijke manier. En iedereen aan tafel moet dit eten en drinken, om zijn plicht zo te doen.
Om met een ander te eten aan dezelfde tafel is een verbondsrelatie aangaan. Wij zitten nu samen voor de gezelligheid, maar in de Bijbelse tijd is dat het vieren van het verbond. Voor Abraham was het heel belangrijk dat de engelen met hem zouden eten; De Heere is mijn herder zegt David: een tafel wordt aangericht tegenover zijn vijanden - dat is geen gebed om wraak, of om ze jaloers te maken, maar hij vraagt om een verbond tussen hem en zijn vijand aan Zijn tafel! Niet voor niets staat er: David een man naar mijn hart. David bidt om inclusie, niet om exclusie van de vijanden. De Heere Jezus eet met zondaren, dan zijn de Farizeeën boos op de Heere Jezus: niet omdat Hij een gezellig samenzijn met hen had, maar omdat ze de Schrift kenden: de maaltijd maken met iemand is een verbond met hem opzetten. 'Wij zijn de rechtvaardigen - met ons moet u een verbond maken. Wij zouden aan de verbondstafel meten zitten". Zij geloofden in verlossing door uitsluiting en niet door insluiting. Maar ook de discipelen dachten dat. De Messias zal ONS verlossen en de andere verstrooien. Er is genoeg liefde bij God tot verlossing van Zijn volk maar ook de heidenen.
Velen van u hebben een gezin. De liefde van mama of papa is genoeg voor alle kinderen, Gods liefde is groter dan wij. Veel groter. Toen de Heere Jezus het Pascha vierde met Zijn discipelen, maakte Hij een Verbond met hen. De Emmaüsgangers zijn verward, maar hun ogen zijn geopend toen zij *aten* met onze Heere Jezus Christus.
---------------------------
Na de pauze is er gelegenheid tot vragen stellen.
Zvi: ik hoop dat u straks meer vragen heeft als u weg gaat, dan toen u kwam! Anders nodigt u mij niet meer uit…
vraag: Als we bidden om het eten, dan vraag we om een zegen over de maaltijd, maar de hebreeuwse manier is het zegenen van God. Moeten wij, de mindere de meerdere zegenen?
antw Ja wij zijn minder dan God, veel minder dan God. Weet wie je bent en weet voor wie je staat. Maar we zegenen en prijzen God voor alles wat Hij gedaan is. `Thanksgiving`, het iets moois om te zeggen gezegend zijt Gij, die het brood uit de aarde op doet gaan. De bakkerij geeft het niet, maar de Heere geeft het. Toen David Jerusalem innam op de Jebusieten kocht hij van een van hen de dorsvloer. In bijbelse tijd was de dorsvloer een plaats van aanbidding van de Kanaänieten, David koopt de dorsvloer en neemt de afgoden daarvan weg en veranderd de plaats van aanbidding. De God van Abraham Izaäk en Jakob, de levende God geeft het. We loven en prijzen God voor wat Hij is en wat Hij doet.
vraag: In de Galatenbrief gaat het over het Jeruzalem boven. Wat is de relatie tussen dat en het huidige Jeruzalem?
antw. Ik hoop dit beantwoord te hebben met mijn lezing over Pesach: dezelfde relatie. Pesach stelt verleden heden en toekomst voor. Wij zitten in de tijd maar God niet. God geeft ons de bijbelse feesten om het koninkrijk van God te begrijpen. Joden lopen met een talit (gebedskleed). Dat maakt hen niet heilig, maar God heeft ze gegeven opdat wij ons ons bewust zouden zijn dat we voor de tegenwoordigheid van God staan. Hoe zullen wij de dingen van boven verstaan, als we dingen hier om ons heen niet begrijpen?
De Bijbel kent één verbond, er is harmonie. Het gaat in al die dingen om een verbondsrelatie. We kunnen dat niet los maken van de verbondsrelatie waarin God zich stelt. Onze Heere zegt ook hoe kan je van God houden, die je niet ziet, terwijl je je broeder haat, die je wel ziet. In Daniel 9, toen Hij begreep dat de 70 jaren vervuld waren, belijdt hij zijn zonden en die van zijn volk voor God en pleit hij op de genade van God. Dat God hem de ogen zou openen. Niet vanwege ons volk, of Jerusalem, maar ik pleit erop, omdat Uw naam op deze stad is. Welke stad heeft Daniël bedoeld? Dat wat boven of boven is. Beneden, maar in de profetie wijst het naar boven.
vraag. In Exodus staat over de vreemdelingen die meedoen aan het Pascha, maar zij moeten worden besneden. Wij ook?
antw. Als je dat voor je eigen plezier wilt doen, ga je gang. Maar de Bijbel vraagt je niet het te doen. Paulus spreekt erover in de brief aan de Galaten. In Exodus staat zelfs dat de heidenen, die in het volk Israël opgenomen wilden worden - God laat de deur voor hen open. In Phil. 2 gaat het eschatologisch over de tweede komst van de Heere: alle tong zal belijden dat Jezus de Heere, de besneden en onbesnedenen: Aan Jesaja 45 denkt Paulus, en ook Ezechiël. 20: 32-33, waar Israël andere goden willen aanbieden, - niet alleen een koning wilden ze, maar zelfs hun goden. Dan spreekt God op een ernstige manier tegen het volk: als je dit zult doen, zal Ik je vernietigen met een sterke arm. We hebben geen dictator, maar een God van het verbond. Het gebruikt dezelfde woorden als bij de Verlossing uit Egypte. Ik verloste u met een sterke arm. Waarom is God zo hard: *alle knie* zal zich buigen? In Deut. aan het einde, voor het heen gaan van Mozes, zegent hij het volk en dan zegt Hij: jullie staan allemaal voor de Heere God, groot en klein. Ik maak een verbond met u en diegenen die hier vandaag niet zijn. Wij zijn ook deelgenoten aan dit verbond! We waren er bij. Abraham zal een vader zijn van vele dolken, toen had Hij ook jou in gedachten. Het is een van twee, of in Zijn liefde en in Zijn wraak. Maar we zijn er allemaal deelgenoot aan. En daarom zal elke knie zich buigen. Daarom zijn wij met Christus gekruisigd en opgewekt. Besnijdenis is aan Israël gegeven als teken aan het fysieke verbond met God. Als een Jood tot het geloof in Christus komt is de doop óók nodig. Besnijdenis opent geen deuren tot God. Het is een teken van God van de betrouwbaarheid van God.
vraag: Messiasbelijdende Joden noemen zich geen christen. Waarom niet?
antw: Wat is een christen? Er is geen christen zonder de Messias. Wij noemen ons Mesjichiet (gezalfden) en dat betekent ook gezalfden. Ik geloof in de gezalfde. Het woord christen is prima, u gelooft ook in Christus.
vraag: bent u dichter bij Christus dan ik?
antw Lieve collega, dat moet u aan Jezus vragen. Ik hoop dat we beide heel dicht bij Hem zijn. Als ik boeken lees van de Rabbijen, de Talmoed, Misnah, Midras, gaat mijn haar recht overeind staan. Omdat ze zo'n diep verstaan van het Woord hebben - ze zijn zo dicht bij Christus. Als ik dat op de juiste manier in het licht van de Messias zie, dan breekt mijn hart.
Luther was de motor achter de Reformatie. Hij herontdekte een grote waarheid, 'de rechtvaardige zal door het geloof leven'. De Joden wisten dit al duizenden jaren. Als ik met de bril van het rabbijnse denken het OT lees ben ik overweldigd. Elke knie zal zich buigen, hebben we vanavond gelezen: ieder christelijk commentaar open ik, maar ik vond niets. 1 of 2 minuten kon ik er dan over preken. Jezus is koning, OK. Maar wat nog meer dan dat? Maar ik begreep het vanuit de Rabijnen, die het plaatsten in het licht van het verbond. Het is verbazingwekkend.
vraag: In het NT worstelen de apostelen met de vraag welke geboden voor de gelovigen uit de heidenen nog gelden. Welke gelden nog voor de gelovigen uit de Joden?
antw. Soms denken we dat Jezus ons gemakkelijker regels leerde, maar in zekere zin vraagt hij zelfs meer. Overspel is zondig, maar Jezus zegt als je een vrouw aanziet en haar begeert heb je reeds gezondigd. Jezus geeft de wet in twee geboden: Messiaanse Joden en de christenen zijn gebonden aan dit dubbele gebod. Als je die houdt , dan houdt je alles. Neem ze heel erg serieus. Wij nemen ze heel serieus.